Donderdag 06/10/2022

WonenBinnenkijken

Binnenkijken in een zeer geslaagde lowbudgetverbouwing in Brugge: ‘Ik zie een bepaalde schoonheid in spullen die andere mensen weggooien’

null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans

Elf jaar geleden waagde architect Ophélie Slimbrouck zich aan de verbouwing van haar leven. Samen met haar man Yves transformeerde ze een voormalige hoedenwinkel in Brugge tot een vintage vakantieparadijs. Met creatieve oplossingen en alternatieve materialen hielden ze ook het budget binnen de perken.

Tine Zwaenepoel

Kleine waarschuwing vooraleer je aanbelt: hier val je met de deur in huis en krijg je meteen een ongecensureerde inkijk in de leefwereld van de bewoners. Een bonte mix van vintage vondsten en reissouvenirs, planten en stekjes in elke hoek en een selectie knutselprojecten van de jongens domineren de open leef­ruimte, die rechtstreeks verbonden is met de tuin. Het uitnodigende interieur legt de ziel bloot van Ophélie en Yves, die samen met de kinderen Lewis (7) en Jack (10) in een luchtig verbouwd rijhuis in Brugge wonen. “Wij hebben geen inkomhal”, zegt architect Ophélie Slimbrouck. “Oorspronkelijk was er wel een gang voorzien, maar intussen zijn we het gewend, zodat het niet meer nodig is. Nu moeten de jongens niet in de gang staan drummen met hun boekentas als ze thuiskomen van school.”

Dat ze door die open indeling wel een stukje privacy prijsgeeft, vindt Ophélie geen probleem. “We wonen in een gezellige straat en komen supergoed overeen met de buren. De vriendjes lopen hier voortdurend binnen en buiten of we staan in het deurgat te vergaderen voor het buurtcomité. Een voortuintje zou helemaal perfect zijn. Om inkijk van voorbijgangers tegen te gaan, hangt er voorlopig nog een gordijn aan het grote raam tegen de straatkant. Maar ik denk erover om in het raamkozijn legplanken met plantjes te installeren.”

Om buitenruimte te winnen, werd de koterij afgebroken. De oude bakstenen kregen een plekje in de nieuwe achtergevel. De buitenkeuken is een ontwerp van Ophélie en werd gebouwd door Yves, met gerecupereerde materialen. Dankzij de blauweregen blijft het binnen koel. Beeld Luc Roymans
Om buitenruimte te winnen, werd de koterij afgebroken. De oude bakstenen kregen een plekje in de nieuwe achtergevel. De buitenkeuken is een ontwerp van Ophélie en werd gebouwd door Yves, met gerecupereerde materialen. Dankzij de blauweregen blijft het binnen koel.Beeld Luc Roymans
null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans

Diezelfde vrolijke vibe zet zich verder in de tuin, die wel een stukje Provence in hartje Brugge lijkt. De buitenkeuken die Yves eigenhandig bouwde met gerecupereerde materialen, de gekleurde bistrostoeltjes rond de robuuste tafel en de natuurlijke overkapping van blauweregen die deels de achtergevel bedekt, ademen het hele jaar door zomer. “Zodra het mooi weer wordt, leven we buiten”, zegt Ophélie. “De plantaar­dige parasol buffert de zon en zorgt ervoor dat het binnen niet te warm wordt. We willen geen gordijnen om het zicht naar buiten te bewaren. De koterij achteraan hebben we afgebroken om extra tuin te creëren. De oude bakstenen hebben we schoongemaakt en hergebruikt voor de ­nieuwe achtergevel.”

De inspirerende ideeën mogen dan wel voor het rapen liggen, zelf noemt Ophélie haar woning eerder atypisch voor een architect. De ­voormalige hoedenwinkel die zij en haar man Yves elf jaar geleden kochten en stap voor stap opknapten, getuigt in ieder geval van karakter en persoonlijkheid. Ophélie: “We hebben twee jaar lang verbouwd en zo veel mogelijk zelf gedaan. Alleen de precisiewerken zoals het schrijnwerk of de bepleistering lieten we over aan gespecialiseerde aannemers.”

Klein budget

Renoveren met een beperkt budget verscherpt de creativiteit. Die reflex probeert Ophélie ook toe te passen bij haar andere projecten. “Ik maak er een sport van om te zoeken naar goedkope oplossingen of alternatieve materialen. Deze verbouwing was een van mijn eerste projecten als architect. Een ideale testcase”, lacht ze. “We hadden op dat moment nog geen kinderen, maar ik probeerde me wel voor te stellen hoe we hier zouden wonen als gezin. Ruimtelijkheid, doorzicht en flexibiliteit waren cruciaal. De binnenmuren werden zoveel mogelijk opengebroken en elke verdieping kreeg een blanco ruimte die op elk moment vrij ingevuld kan worden. Ook de zolder lieten we bewust open. De jongens slapen nu nog samen, maar later kunnen er aparte kamers en een chillzone gemaakt worden.”

De oorspronkelijke plafondbalken geven de ruimte een authentiek karakter. De vensterbank is tegelijk een zitbank, daarom werd voor een extra stevig raam van gehard glas gekozen. De lange eettafel van gerecupereerd hout komt van Combitex in Amsterdam. Beeld Luc Roymans
De oorspronkelijke plafondbalken geven de ruimte een authentiek karakter. De vensterbank is tegelijk een zitbank, daarom werd voor een extra stevig raam van gehard glas gekozen. De lange eettafel van gerecupereerd hout komt van Combitex in Amsterdam.Beeld Luc Roymans
In de ruimte onder de trap zitten een gastentoilet en een opbergkast verborgen. Alle meubels verzamelde Ophélie op rommelmarkten of kocht ze tweedehands.  Beeld Luc Roymans
In de ruimte onder de trap zitten een gastentoilet en een opbergkast verborgen. Alle meubels verzamelde Ophélie op rommelmarkten of kocht ze tweedehands.Beeld Luc Roymans
De blote balkstructuur in de vide accentueert het niveauverschil. Ophélies bureau heeft toegang tot het dakterras. Beeld Luc Roymans
De blote balkstructuur in de vide accentueert het niveauverschil. Ophélies bureau heeft toegang tot het dakterras.Beeld Luc Roymans
null Beeld Luc Roymans
Beeld Luc Roymans

Beneden wordt het ruimtelijk gevoel versterkt dankzij de vide naar de eerste verdieping, waar de open balkenstructuur het hoogteverschil accentueert en verticaal doorzicht creëert. Het spannendste moment van de verbouwing was de plaatsing van het raam in de leefruimte. Ophélie: “Ik wilde brede vensterbanken die we ook konden gebruiken als zitbank. Voor de veiligheid moest het raam van gehard glas zijn. We hebben het grootst mogelijke formaat laten maken, maar bij de plaatsing bleek het raam bol te staan. Met de nodige vertraging is alles wel in orde gekomen. Het raam houdt gelukkig goed stand.”

Jack en Lewis slapen nu nog samen op zolder. Later kunnen er aparte kamers en een chillzone ingericht worden. Onder het dak zitten ingemaakte kasten voor extra bergruimte. Beeld Luc Roymans
Jack en Lewis slapen nu nog samen op zolder. Later kunnen er aparte kamers en een chillzone ingericht worden. Onder het dak zitten ingemaakte kasten voor extra bergruimte.Beeld Luc Roymans

Liefde voor afdankertjes

Het concept voor de badkamer, met de zwevende badkuip als eyecatcher, haalde Ophélie uit een boek van de Japanse SANAA-architecten. “Uitgepuurd minimalisme in de doe-het-zelfversie. We kochten het goedkoopste bad in de Hubo en maakten een dun metalen frame op maat om de afvoerbuizen bloot te laten. De porseleinen wastafel vond ik spotgoedkoop op 2dehands. Het was eigenlijk een lot van drie lavabo’s, maar de roze en de witte hebben we weggegeven. De blauwe paste het best bij het vintage kastje dat de vorige bewoners hadden laten hangen.”

Die voorliefde voor afdankertjes vormt de rode draad in het interieur, dat zorgvuldig samengesteld is met bijzondere vondsten die Ophélie sprokkelde op rommelmarkten of meebracht van op reis. Ophélie: “Ik zie een bepaalde schoonheid in spullen die andere mensen weggooien. De gekleurde formica stoeltjes die vroeger op mijn studentenkot stonden, vond ik gewoon op straat. We hebben eigenlijk geen dure dingen in huis. Het waardevolste stuk is het mid-century dressoir van het Schotse McIntosh.”

De zwevende badkuip met zichtbare afvoerbuizen is geïnspireerd op de Japanse SANAA-architecten. De porseleinen wastafel en het wandkastje zijn vintage vondsten. Beeld Luc Roymans
De zwevende badkuip met zichtbare afvoerbuizen is geïnspireerd op de Japanse SANAA-architecten. De porseleinen wastafel en het wandkastje zijn vintage vondsten.Beeld Luc Roymans

Volgende prioriteit is de keuken. “Maar dat zeg ik al een paar jaar”, lacht Ophélie. “Ik heb ondertussen al verschillende keukens ontworpen voor klanten, en het komt er maar niet van. Ik wil een keuken voor het leven, maar ik wil er ook niet te veel geld aan uitgeven. We behelpen ons met goedkope Ikea-kastjes en dat lukt perfect.”

Ook voor hun vakanties vond het gezin een origineel alternatief. Ophélie: “We doen al jaren aan huizenruil en laten onze vakantiebestemming afhangen van het beschikbare aanbod op Home Exchange. In die community heerst een groot wederzijds respect voor elkaars huizen. Sommige gasten laten een cadeautje achter en soms komen we weer thuis in een nog beter opgeruimd huis.”

BIO

Ophélie Slimbrouck (38), zelfstandig architect en Yves Neels (41), chef atelier bij Mercedes, wonen in een verbouwd rijhuis in Brugge. Ze hebben twee kinderen, Jack (7) en Lewis (10). Op Instagram: @ophelie_architect

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234