Vrijdag 22/10/2021

AchtergrondWat doe je met je geld?

Gaan we verder sparen, of eindelijk spenderen, dat is de vraag van 1 miljoen

Niet iedereen kon premies en bonussen oppotten. Velen zagen hun buffer in de afgelopen periode juist pijlsnel slinken. Beeld Pieter Van Eenoge
Niet iedereen kon premies en bonussen oppotten. Velen zagen hun buffer in de afgelopen periode juist pijlsnel slinken.Beeld Pieter Van Eenoge

Tijdens de lockdown is er aanzienlijk meer gespaard dan in andere jaren. Politici en economen hopen daarom nu op één groot feest van de consumptie, van inhaaletentjes tot ‘wraakwinkelen’. Maar schuldgevoelens, gelddilemma’s en financiële katers loeren om de hoek.

Met een bonzend hart wandel ik over de Brusselse Louizalaan, de rekening brandend in mijn winkeltasje. Tachtig euro, zoveel gaf ik net uit aan een nieuw zomertenue. Een aankoop die ik vroeger zou hebben gevierd met nog een meeneemkoffie en een zalmbagel. Maar vandaag gieren de naweeën van de uitgave door mijn lichaam. Hangt mijn kast niet al vol jurkjes die ik vorig jaar amper droeg? Hoeveel geld draaide ik er deze week eigenlijk al door? Zou ik dat gele hemdje niet beter snel nog terugbrengen?

Het zijn dezelfde twijfels die me al sinds het begin van deze post- (maar-ook-weer-niet-helemaal-post) pandemieperiode teisteren, telkens als ik probeer vakantieplannen te smeden of als ik de afrekening van een vriendenreüniediner binnenkrijg.

En toch is er aan mijn persoonlijke financiële situatie niet veel veranderd, integendeel. Afgelopen coronajaar behoorde ik tot de gelukkigen die gewoon kon blijven doorwerken, maar dan minus de uitspattingen in de nabijgelegen koffiebar of deli. Net als bij veel Belgen resulteerde dat in een aangedikt reservepotje: gemiddeld spaarden we vorig jaar 21,7 procent van ons inkomen, flink meer dan de 12,9 procent in 2019.

‘Consumeer u uit de crisis’

Bonussen, vakantiegeld, eindejaarspremies, het werd allemaal zorgvuldig opgepot – althans, door diegenen die bonussen en eindejaarspremies krégen, en die het zich konden permittéren om geld opzij te zetten. Aan de andere kant van het spectrum zagen veel lagere inkomens hun buffer immers juist pijlsnel slinken.

In totaal werd er vorig jaar in ons land bijna 40 miljard euro gespaard, een record. Overigens was dit niet typisch Belgisch: in bijna alle Europese landen bleef de hand willens nillens op de knip.

Maar na sparen komt uitgeven, zo klinkt het ingebakken keynesiaanse adagium. Zo dus ook na deze crisis: begeesterde economen spraken al van de nieuwe roaring twenties, waarbij we ons net als na de Grote Recessie in een soort ‘fuck-it-all’-hedonisme zullen storten. De Amerikaanse krant The New York Times maakte zelfs gewag van de ‘Yolo economy’: niet sparen voor later, maar nú geluk nastreven blijkt voor heel wat overzeese millennials nu een prioriteit. Zo schopte revenge spending of wraakwinkelen het in de Verenigde Staten tot nieuwe coronatrend, met de comeback van low-budgetvluchten en een piek in de handtassenverkoop als bewijslast.

Ook in onze contreien riep premier Alexander De Croo al op om “ons met z’n allen uit deze crisis te consumeren”, al was het maar om de kleine zelfstandige te redden. Peter Vanden Houte, hoofdeconoom bij ING, is alvast erg optimistisch: “Het consumentenvertrouwen steeg in mei en juni verder en de economie zit in de lift. Met de laatste versoepelingen en vaccinaties voor de deur, denk ik dat Belgen niet zullen twijfelen om het geld weer te laten rollen voor alles wat ze zo hard hebben gemist. Zeker omdat 75 procent van de coronaspaarders niet per se geld opzijzette uit voorzorg, maar simpelweg omdat ze het niet kónden uitgeven – geforceerd sparen, zoals men zegt. Van hen verwachten we nu dus een forse inhaalbeweging.”

Toch is het maar de vraag of dat flappenfeestje even zorgeloos zal verlopen als verwacht. Dat blijkt onder meer uit cijfers van de Nationale Bank van juni 2021: hoewel de prognoses voor de zomer positief zijn, staat er ook te lezen dat ‘de gezinsconsumptie nu nog achterophinkt’ en de ‘spaarintenties, net als vorige maand, ongewijzigd blijven.’

Enerzijds valt dat te verklaren als pure voorzichtigheid. We zijn van nature risicoaverse wezens, en daarom is het nogal wiedes dat het even duurt voordat de financiële doemberichten uit ons systeem zijn gewist.

Tegelijk is er sprake van een meer diepgaande mentaliteitswijziging over ons geld, zo stelt professor consumentenpsychologie Malaika Brengman (VUB): “Tijdens het thuiszitten werden heel wat mensen geconfronteerd met de berg spullen die ze eigenlijk amper gebruiken.

Dat deed bij velen de vraag rijzen of het niet ook met minder kan. Voorts kwam er het besef dat al die kleine uitgaves bij elkaar best een mooi potje zijn. Zeker wie vroeger dacht niet te kunnen sparen, ging nu beseffen: nog even volhouden, dan kunnen we in de toekomst misschien wél dat huis kopen of die verre reis maken. Zulke inzichten zijn niet louter van tijdelijke aard. Vooral jonge mensen kunnen hun gedrag echt veranderen als ze nieuwe perspectieven zien.”

Komt daarbij dat we tijdens de lockdown massaal onze zinnen op een groter financieel project hebben gezet, zoals de aankoop van een huis (mét tuin), renovatie van de badkamer of een eerste beleggersavontuur. Vooral twintigers en dertigers – precies die millennials voor wie uit eten gaan ooit nog een speerpunt van hun levensstijl was – trokken met hun spaarpotje volop naar de vastgoedmarkt en de beurs. Die centen nu weer zien verdampen in meeneemkoffies en avocadobroodjes, is dan een letterlijke streep door de rekening.

“Laatst deelde ik op sociale media dat er nog maar 17 euro op mijn rekening stond, doordat ik mijzelf bij allerlei uitjes had laten gaan. Daarop kreeg ik ontzettend veel bijval. Iedereen leek wel te zijn vergeten hoe dúúr de buitenwereld eigenlijk is”, zegt ook Renee Lamboo (36), die met haar Instagramaccount @PorteRenee geld bespreekbaar wil maken. “Ik weet nu hoeveel het thuis kost om een lekker aperoplankje samen te stellen. Dan steekt het tegen om voor hetzelfde geld slechts een handvol kaasblokjes te krijgen.”

Uitspattingsangst

Met andere woorden: hoezeer we ook staan te popelen om ons onder te dompelen in de herwonnen vrijheid, erg happig om daarvoor onze vetgemeste spaarvarkentjes aan diggelen te slaan zijn we allerminst. Een recente enquête van de Nederlandse Rabobank illustreert dat: hoewel bijna de helft van de deelnemers verwachtte na de pandemie meer uit te geven aan vakanties en restaurants, denkt het merendeel ook nog eens evenveel te kunnen sparen als ervoor.

In het Verenigd Koninkrijk lijkt die aanhoudende spaardrang zelfs over te slaan in een nieuwe soberheid: zowel in een peiling van het onderzoeksbureau Opinium als van de krant The Guardian gaf een beduidend grote groep aan na de lockdown minder te willen impulskopen, minder geld aan kleding en uitgaan te willen besteden en zichzelf minder te willen trakteren op kleine verwennerijen.

‘Vóór corona al was geld wereldwijd de belangrijkste oorzaak van stress. Nu is dat alleen maar heftiger geworden’, zegt financieel psycholoog Anne Abbenes. Beeld Pieter Van Eenoge
‘Vóór corona al was geld wereldwijd de belangrijkste oorzaak van stress. Nu is dat alleen maar heftiger geworden’, zegt financieel psycholoog Anne Abbenes.Beeld Pieter Van Eenoge

Opvallend: het merendeel doet dat niet uit financiële noodzaak. “Ik ga nu veel bewuster met mijn uitgaves om en denk twee keer na of ik iets het geld wel waard vind. Zo kocht ik vroeger veel snacks on-the-go, tijdens de lockdown deed ik vooraf grote inkopen. Die gewoonte ga ik zeker aanhouden”, zegt een van de respondenten.

Maakt het ongebreidelde consumentisme dan geleidelijk aan plaats voor een Oom Dagobert-achtige vrekkigheid? “Er is nog steeds een groot verschil tussen de intentie en eigenlijk gedrag”, vertelt consumentenpsychologe Brengman. “De goede voornemens om te sparen zijn moeilijk vol te houden. Dat is nu juist het hele concept van impulsuitgaven.”

Oftewel: vroeg of laat toch worden we toch weer meegesleurd in de wereld van ‘nog snel iets eten voor de voetbalmatch’ of ‘brunch met de girls’, of dat nu in ons nieuw budgetplan past of niet. En dat zorgt voor mentale frictie, zo stelt financieel psycholoog Anne Abbenes (Financial Psychology Institute Europe). “Dat het hele financiële systeem tijdens de pandemie op losse schroeven stond, ontaardde ook in de disruptie van onze persoonlijke ‘geldovertuigingen’. Intense levensgebeurtenissen zoals een pandemie leiden immers tot negatieve emoties zoals financiële stress. Dat proberen we te counteren met het ontwikkelen of herstellen van een onbewuste geldovertuiging, om onszelf te beschermen.

Terrassen in Antwerpen. Baken voor jezelf een ‘fun budget’ af, luidt een van de financiële adviezen, een bedrag dat je met volledige permissie over de balk mag smijten. Beeld Benoit De Freine
Terrassen in Antwerpen. Baken voor jezelf een ‘fun budget’ af, luidt een van de financiële adviezen, een bedrag dat je met volledige permissie over de balk mag smijten.Beeld Benoit De Freine

“Nu verandert alles opnieuw en krijgen we juist een contradictorische boodschap te horen: in plaats van sparen, is het plots spenderen geblazen. Maar waar de economie zich misschien snel herstelt, duurt het voor ons brein veel langer om weer terug te schakelen en nieuwe geldovertuigingen aan te nemen.”

Potentieel gevolg: schuldgevoelens en ‘uitspattingsangst’, of in ergere mate zelfs totaal irreële financiële stress, zegt de psychologe. “Zo is er het mechanisme van de status quo bias: zelfs als bepaalde rigide geldgedragingen die we tijdens de pandemie aannamen nu geen beschermende functie meer hebben, zoals dat dwangmatige sparen, houden sommigen er wel nog aan vast omdat het een gevoel van controle geeft. Het is een vorm van een financieel trauma. Net zoals er na de beurscrash van 2008 mensen met posttraumatisch stresssyndroom kampten.”

Overigens kan ook het overdreven veel uitgeven een reactie zijn op dergelijk financieel trauma. “Vooral mensen die juist niet hebben kunnen sparen, laten nu de teugels vieren. Ze hebben al hard geleden en zijn onzeker over de toekomst, dus dan gaan ze liever nog eens extra op vakantie. Hebben ze dat toch maar gehad.”

Veel meer sparen tijdens corona

12,9 procent van onze inkomsten spaarden we in 2019. In 2020 liep dat op naar 21,7 procent.

Daarbovenop bestaat er in het psychologisch jargon iets als ‘the pain of paying’, ofte hoe een stevige rekening onze innerlijke alarmbel doet rinkelen. Hersenscans wijzen immers uit dat betalen hetzelfde gebied in ons brein stimuleert als fysieke pijn. Hoe hoger of onverwachter de facturen, hoe intenser de detecteerbare paniek. “We hebben een natuurlijke angst voor verlies, dat stamt nog uit de oertijd. Die loss aversion is zelfs groter dan het willen behalen van winst”, verklaart Abbenes.

“Vooral voor wie net een potje van pakweg 10.000 of 20.000 euro vergaarde, is het zien slinken ervan uiterst pijnlijk. “Dat proberen we dus te vermijden, zelfs al is de pijn vaak niet rationeel en zou je dat bedrag bijvoorbeeld beter investeren. Of wat van het leven genieten.”

Geldtaboe

Uit schuldgevoel een hemdje terug naar de winkel brengen is nog niet zo’n drama. Problematischer wordt het wanneer de centendilemma’s in ‘chrometophobia’ uitmonden, de vergevorderde angst om geld uit te geven. Geen vakantie durven te plannen terwijl je je die eigenlijk best kunt veroorloven, bijvoorbeeld. Jezelf ontpoppen als kluizenaar om maar niet die ‘terrastaks’ op je biertje te moeten dokken. Betaalpijn vermijden door alles met toegeknepen ogen op je creditcard te zetten. Of: urenlang naar deals speuren en prijzen vergelijken, zonder ooit je winkelmandje af te rekenen.

“Financiële stress belemmert ons normaal functioneren en kan iemand volledig verlammen, waardoor je juist minder verstandige beslissingen neemt of zelfs geen helemaal geen beslissingen neemt. Het is een beetje zoals bij diëten: soms tel je zo obsessief calorieën, dat je niets meer durft te eten. Of je je juist verliest in een vreetbui. Niet toevallig stimuleren ook geld en eten dezelfde gebieden in de hersenen”, zegt Abbenes.

“Eigenlijk is er veel te weinig aandacht voor de financiële stress die de pandemie heeft meegebracht, zelfs bij wie zich niet in precaire omstandigheden bevindt. Vóór corona al was geld wereldwijd de belangrijkste oorzaak van stress. Nu is dat alleen maar heftiger geworden.”

Opnieuw lijken twintigers en dertigers hier het vatbaarst voor. Zo blijkt uit een studie van Next Advisor (het personal-financeplatform van Time Magazine) dat vooral jonge millennials postcorona-angst over hun financiën ervaren, zelfs al werden ze gemiddeld minder geraakt dan andere generaties. Ook in een enquête van Febelfin geeft ongeveer de helft van de jongvolwassenen aan wakker te liggen over geld in de nasleep van de pandemie. Dat zou volgens de Belgische bankenfederatie vooral te maken hebben met een gebrek aan financiële geletterdheid, alsook het taboe dat nog rond geld hangt. Immers, hoe minder we praten over onze geldzorgen, des te meer ze blijven knagen en de oplossing uitblijft.

“Nu mijn vrienden weer non-stop op restaurant willen, zou ik me een enorme partypooper voelen als ik zou toegeven dat ik om financiële redenen liever thuis afspreek”, zegt freelancer Sofie (26). “Die etentjes probeer ik wel te compenseren door op andere dagen zo goedkoop mogelijk te koken, maar dan nog overloop ik elke nacht in bed mijn uitgaven. Regelmatig duikt mijn bankapp zelfs op in mijn dromen.”

Ook Renee herkent die vrees. “Eind 2014 zat ik met heel wat geldstress. Maar dat is zo’n ongezellig onderwerp, dat ik het amper durfde aan te snijden. Terwijl bekennen dat je het niet helemaal op orde hebt juist gigantisch kan opluchten.”

Leukedingenpotje

Zoals wel vaker bij dergelijke mentale beslommeringen is praten dus het codewoord, al zijn er in dit geval nog een aantal andere aanbevelingen voorhanden. Zo schuift Anne Abbenes de ‘worstcasescenario-oefening’ naar voren: “Door volledig af te pellen wat er zou kunnen gebeuren als we bijvoorbeeld al ons spaargeld kwijtraken, besef je uiteindelijk dat je er niet van doodgaat. Terwijl ons reptielenbrein bij die gedachte in eerste instantie wel pure doodsangst opwekt.”

Daarnaast is deze transitieperiode volgens de psychologe hét moment om onze geldovertuigingen opnieuw scherp te stellen, alvorens we weer in aloude automatismen worden opgeslokt. “De pandemie was voor onze portefeuille een soort reset. Dat is ook een kans. We kunnen nu met een schone lei beginnen en nadenken over wat we écht hebben gemist.”

Een klassieke tip is daarbij het opmaken van een uitgavenplan, al doet die gedachte menig levensgenieter instant huiveren. Minder beperkend is het dan om voor jezelf een ‘fun budget’ af te bakenen, dat je met volledige permissie over de balk mag smijten. “Ik werk zelf met een leukedingenpotje, wat me helpt om zonder schuldgevoelens te spenderen en tegelijk wat controle te behouden. Al gebeurt het weleens dat het halverwege de maand al leeg is”, lacht Renee.

50/30/20

Heel wat financieel adviseurs hanteren bij zo’n budget de 50/30/20-regel: 50 procent van je inkomen gaat naar noodzakelijke kosten (huisvesting, auto, internet, eten,..), 20 procent naar de toekomst en 30 procent naar de grote en kleine geneugten des levens. Binnen die laatste categorie maakt volgens onderzoek vooral het investeren in ervaringen gelukkig, al verschilt dat nog per inkomenscategorie. Tenslotte is er nog de Marie Kondo-techniek. Does it spark joy? is daarbij de vraag die je jezelf bij elke aankoop moet stellen.

Hardnekkige hamsteraars zijn dan weer gebaat bij het lezen van Die With Zero (2020) van de Amerikaanse zakenman Bill Perkins, die met zijn pleidooi de mensheid wil redden van ‘over-saving’ en ‘under-living’. Zo argumenteert hij dat het beter is te streven naar een lege bankrekening op je sterfdatum, dan je leven lang geld te accumuleren voor een onzekere toekomst. Want waarom nu al schuilen voor de regen die volgende week pas valt?

‘We zijn doordrongen van de idee dat we voor ons pensioen moeten sparen. Maar eens het zover is en je je beloning kunt opstrijken, ben je fysiek of mentaal misschien niet meer in staat alle dromen op je lijstje te vervullen. En wat heb je dan aan een berg geld?’, schrijft Perkins. ‘Er is een tijd voor elke droom. En de meesten moet je waarmaken als je nog jong bent.’

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234