Zondag 02/10/2022

InterviewKatrien Coolen

‘Het is normaal dat er na kinderen weinig ruimte voor seksualiteit is’: relatietherapeut over koppels met kinderen

null Beeld Joris Casaer
Beeld Joris Casaer

Een chronisch gebrek aan slaap, een huis dat altijd overhoop staat en nog weinig ruimte voor intimiteit: het blijkt voor koppels met kinderen niet makkelijk om het vuur brandend te houden. Gezins- en relatietherapeute Katrien Koolen (31) raadt aan om elkaar niet te vergeten: ‘Intimiteit is niet iets dat je even op pauze zet, om daarna gewoon weer op ‘play’ te drukken.’

Lotte Beckers

“Je zou alle boeken over het ouderschap eens op een stapel moeten leggen, en daarnaast de boeken die je vertellen hoe je naast dat ouderschap ook je relatie vasthoudt: die laatste zal je amper vinden. Er is geen informatie, geen stem die koppels zegt: hé, jullie zijn er ook nog, en voor jullie is het ook zoeken.”

Al tijdens haar opleiding tot gezins- en relatietherapeut viel het psychologe Katrien Koolen op hoe de begeleiding van koppels vaak mank loopt. Tijdens het consult wordt óf over de opvoeding gepraat, óf over de relatie. “Dat klopte niet voor mij. En toen ik zelf moeder werd, merkte ik hoe het ouderschap alles op scherp zet én voortdurend met je relatie interfereert. Als je net ruzie hebt gemaakt over je kind – laat je de baby die niet wil slapen huilen of niet? – dan kruip je daarna niet gezellig samen in de zetel.

“We praten daar ook niet zo makkelijk over, niet met onze partner en niet met onze vrienden. Maar wie aan kinderen begint, doet dat niet met de intentie om vijf jaar later weer uit elkaar te gaan. En toch gebeurt het vaak. Net omdat we het ouderschap zo centraal stellen, maar vergeten om ook het koppel te belichten.”

En zo ging Koolen zich steeds meer specialiseren in koppels die, tussen de pampers, zwemlessen en boterhamdozen door, de liefde levendig willen houden. Ze geeft therapie en onder de vlag ‘Lovers with Kids’ maakt ze podcasts en organiseert ze onlinecursussen. De recentste gaat over intimiteit en seksualiteit na kinderen: “Ik merk dat het koppels deugd doet om te horen dat er met hen niets mis is. Het is normaal dat er na de komst van kinderen bijna geen ruimte voor seksualiteit is en dat ze niet weten hoe ze dat weer op gang moeten trekken.”

Studies stellen dat koppels minder tevreden zijn over hun relatie nadat ze kinderen kregen. Klopt dat?

“De literatuur is daar niet sluitend over, maar in de praktijk zie ik dat voor koppels de moeilijkste periode aanbreekt wanneer het kind geboren wordt tot de kleutertijd. Tijdens de lagereschoolleeftijd gaat het weer beter en bereikt de tevredenheid een plateau, maar tijdens de puberteit neemt het relatiegeluk weer een duik. Hoe ouder onze kinderen, hoe groter onze zorgen. Maar er is meer: we worden zelf ook ouder. Ons lichaam verandert, net als onze levenskeuzes. Dat zijn verschillende processen die elkaar beïnvloeden en die dus ook een impact hebben op onze relatie.”

‘Onze creativiteit, speelsheid, begrip, appreciatie en fysiek contact gaan richting de kinderen. En onze partners, daar managen we het dagelijkse leven mee. Die aandacht moeten we beter verdelen’ Beeld Joris Casaer
‘Onze creativiteit, speelsheid, begrip, appreciatie en fysiek contact gaan richting de kinderen. En onze partners, daar managen we het dagelijkse leven mee. Die aandacht moeten we beter verdelen’Beeld Joris Casaer

Waarom belanden relaties na de komst van kinderen in woelig vaarwater? Het zijn meestal toch gewenste, heugelijke gebeurtenissen?

“Er is de vermoeidheid. Jonge ouders teren op minimale reserves en dat kan tot meer spanningen leiden. Maar als we een kind verwachten, praten we ook over het slaapgebrek dat ons te wachten staat, of de keuze tussen kunst- en borstvoeding. De vraag die we elkaar niet stellen, is hoe we er als koppel voor staan en wat onze verwachtingen zijn.

“Recent vroeg ik twee jonge ouders wat hun beeld van een gezin is. Samen met een baby, hoe zagen ze dat? De vrouw zag hen met z’n drieën spelend op de mat, fijn thuis, niets moest. En hij stelde zich voor hoe hij overdag met zijn vrienden op café zou gaan, de baby slapend in de kinderwagen. Dat zijn heel andere voorstellingen, en daarachter schuilen veel van onze verlangens en angsten – hij is trots op zijn kind en wil het tonen aan de wereld, zij is wat bang om met de baby buiten te komen en vindt gezelligheid eerder in het samenzijn met drie. Helaas spreken we die vaak niet uit. Het zou helpen als we dat wat meer zouden doen. ‘Ah, dus voor jou is het belangrijk om naar buiten te kunnen gaan met je kind? Dan snap ik waarom het voor jou niet even belangrijk is om bij mij op de mat te zitten: niet omdat je mij niet graag ziet, maar omdat je andere verlangens hebt over ons gezin.’

“Om kloven te dichten, moet je naar elkaar luisteren. De man die wil dat de baby eindelijk in zijn eigen kamer slaapt, die wil misschien de slaapkamer terug en verbinding voelen met zijn vrouw, terwijl zij bang is dat ze een slechte moeder is die haar kind tekortdoet als ze het niet bij haar houdt. En vaak hoeft het geen 0-1-oplossing te zijn: het kan een optie zijn om een kind in het begin van de nacht in zijn eigen bed te leggen, en als het ’s nachts wakker wordt, naar de ouderlijke kamer te halen. Het gaat erom dat je als koppel samen een antwoord hebt gezocht.”

Maar, zo stelt u, we kiezen te snel voor het belang van het kind?

“Het idee is dat het bijna niet mag, de kinderen even opzijzetten om tijd te maken voor elkaar. De bekende relatietherapeute Esther Perel zegt dat kinderen het grote avontuur zijn geworden. Onze creativiteit, speelsheid, begrip, ­appreciatie en fysiek contact gaan richting de kinderen. En onze partners, daar managen we het dagelijkse leven mee. Die aandacht, liefde en zorg moeten we beter verdelen. Ik noem dat de schuifknop: nu ben ik bezig met mijn partner en niet met de kinderen, en dat is oké. En daarna schuiven we terug naar onze kinderen. Kunnen schuiven, al is het maar even, is belangrijk.”

Wat is het grootste risico? Dat koppels elkaar wat uit het oog verliezen, om dan na een paar jaar te denken: wie ís die man of vrouw in mijn zetel eigenlijk?

“Precies dat. Ik zie koppels meestal als hun kinderen al naar de lagere school gaan of net aan het middelbaar beginnen. Dat is het moment waarop er wat meer ruimte is. Mentaal maar ook fysiek, want de kinderen zitten niet meer op of tussen jullie in de zetel. Maar wat blijft er tegen dan nog over? Een relatie beweegt en de vraag is hoe veerkrachtig je bent om daarin mee te gaan. Kan je elkaar, in die momenten dat het niet meer is wat je wilt, nog bereiken en samen zoeken naar een oplossing?

“Nog een courant probleem is de boodschap dat een vrouw na de bevalling zes weken moet wachten, en daarna weer seks mag hebben. Maar er wordt nooit bij vermeld dat de seksuele verlangens niet hetzelfde zullen zijn als voorheen. Intimiteit is niet iets dat je even op pauze zet, om daarna gewoon op ‘play’ te drukken: het is zoeken, omgaan met pijn soms en met andere gevoelens die het verlangen afremmen. Ook daar wordt amper over gepraat en zo ontstaan gevoelens van schuld en schaamte, en discussies over wiens schuld het is. Dat is zonde: het zou koppels veel rust geven als ze zouden beseffen dat die fase heel normaal is en leren stilstaan bij de vraag hoe ze daar, op een manier die voor beiden goed voelt, weer wat beweging in kunnen krijgen.”

Een beproefd recept is date night.

(blaast) “Natuurlijk sta ik achter het idee dat je tijd moet maken voor elkaar. Maar als je dat zegt tegen jonge ouders, zullen ze je vragen waar ze die tijd moeten halen. Er komt ook zoveel kijken bij een avondje uit: wat gaan we doen en waar? Wie komt op de kinderen letten? Je moet zoveel regelen dat je er al bijna geen zin meer in hebt, waardoor het vaak geen realistische oplossing is.

“We weten ook dat de eerste jaren de vrouw of barende partner zich vooral ontfermt over het kind, en de andere partner de relatie en de rest van het leven probeert vast te houden. Het is daar dat een splitsing ontstaat: de ene stelt voor om eens met z’n tweetjes ergens naartoe te gaan, terwijl de moeder zich afvraagt waar hij in godsnaam mee afkomt, want het kind is nog zo klein. Vaak zie je dat dat als een bedreiging wordt ervaren, maar alweer zonder dat het zo wordt uitgesproken. De één voelt zich afgewezen, de ander voelt zich niet erkend in haar rol als zorgende ouder.

“Maar het gaat niet om wie dan gelijk heeft, je hebt beiden nodig om elkaar in evenwicht te houden: de ene die zich over het kind ontfermt en de partner die haar helpt om op haar eigen tempo weer de wereld in te gaan. En het is mooi om elkaar daarin te erkennen en samen te zoeken. Misschien zijn jullie nog niet toe aan een babysit, maar kunnen jullie ’s avonds wel takeaway bestellen en de tafel mooi dekken.

“Ik zie date night als een proces: je begint met tien minuten met z’n tweeën en evolueert naar een avondje uit. En uiteindelijk date day of weekend. Het is oké als je nog niet klaar bent om je kind een hele avond bij iemand anders achter te laten, maar op een gegeven moment moet je wel aan dat proces beginnen. Takeaway kan een goed begin zijn. En als je ouders nog eens op bezoek zijn, kan je misschien een kwartiertje met z’n tweeën gaan wandelen terwijl zij op het kind letten.”

‘Onze creativiteit, speelsheid, begrip, appreciatie en fysiek contact gaan richting de kinderen. En onze partners, daar managen we het dagelijkse leven mee. Die aandacht moeten we beter verdelen’ Beeld Joris Casaer
‘Onze creativiteit, speelsheid, begrip, appreciatie en fysiek contact gaan richting de kinderen. En onze partners, daar managen we het dagelijkse leven mee. Die aandacht moeten we beter verdelen’Beeld Joris Casaer

Is het probleem met date night ook niet de veronder­stelling dat elke maand samen uit eten gaan volstaat om de relatie gezond te houden?

“Ja, én dat je ’s avonds iets moet gaan doen, terwijl dat dat het minst ideale moment is. De meeste ouders zijn dan moe, ze willen gewoon in de zetel ploffen en snel gaan slapen. (lacht) De kunst is om micromomenten te vinden waarop je kan verbinden.

“Waarom begin je ’s ochtends, als de kinderen naar de crèche of school zijn, niet eens een halfuurtje later met werken zodat je samen een koffie kan drinken aan de keukentafel? Of ga even in de zetel liggen en raak elkaar aan, op een moment dat je nog niet de hele dag door je kind bent aangeraakt. Stuur elkaar een fijn berichtje of wandel eens samen naar de bakker, je moet toch brood gaan halen. Dat zijn kleine momenten van verbinding op een tijdstip dat je nog de energie hebt om te geven, in plaats van te wachten tot het einde van de dag en je dan schuldig te voelen omdat je energie op is.

“En als je dan uit eten gaat, kies je dan voor het restaurant waar je altijd naartoe gaat, of voor die ene plek waar je altijd eens naartoe wou, zodat jullie geprikkeld worden door iets nieuws? Dat zijn kleine manieren om een reserve aan te leggen voor de momenten waarop het moeilijker is.

“Zo werkt het ook met intimiteit. Er is het idee dat je dat pakweg één keer per week inplant, de zogenaamde Samson-seks. Opnieuw een goed principe: we parkeren even de kinderen voor de tv, omdat we onszelf belangrijk vinden. Maar ik ben eerder een voorstander van ruimte creëren. Zondagvoormiddag, de kleine ligt in bed met wat speelgoed, wij liggen in bed, babbelen en knuffelen. Daar kan seks van komen, maar het is vooral ons moment. Ik merk dat het voor vrouwen ook fijn is om zich daar wat op voor te bereiden. Ze kunnen zich bijvoorbeeld de avond ervoor al even scheren, maar er is geen druk. Het moet niet gebeuren. Mannen vinden dat vaak ook prima, als ze weten dat er een moment is voor elkaar.”

U zegt dat veel koppels na kinderen moeite hebben met intimiteit. Hoe komt dat?

“Mensen zeggen vaak dat ze een laag libido hebben. Ze bedoelen daarmee dat ze geen spontane zin in seks ervaren als ze hun partner zien. Maar zo werkt verlangen zelden. Het enige dat bestaat is responsief verlangen: er komt een prikkel – je partner raakt je bijvoorbeeld aan – en daarvan krijg je goesting. Zo’n prikkel in de juiste context, bijvoorbeeld op zondagvoormiddag, kan je lichaam en hoofd in de juiste stemming krijgen.

“Maar ons ‘sekssysteem’ lijkt op ons zenuwstelsel: er zijn twee parallelle systemen die op zo’n moment ons verlangen afremmen of net gas bijgeven. En na de komst van kinderen is alles anders. Er is om te beginnen de interne context: ik ben moe, ik heb stress, ik voel me overweldigd. En ook de externe context speelt: de kinderen lopen rond, daar staat nog een volle wasmand en mijn partner is slechtgezind. Dat zijn heel veel elementen die ons afremmen en belemmeren om het gaspedaal in te duwen zodat het verlangen weer kan opborrelen. Er is trouwens een boek dat dat principe heel goed uitlegt: Kom als jezelf van Emily Nagoski.”

Hoe moet een koppel daar dan mee omgaan?

“Voor een betere intimiteit moeten we op zoek naar onze remmen en gaspedalen. Als we met onze partners over seks praten, gaat het vaak over wat we wel en niet leuk vinden. Maar een belangrijke vraag is ook: wat leidt je af? Wat belemmert je, in je hoofd en in de kamer? Als je daarover kan praten, kan je samen manieren zoeken om die remmingen te beperken. Zo’n wekelijks moment in bed kan daarbij helpen: jullie zijn uitgeslapen en hebben tijd.

“Ik hielp ooit een koppel dat worstelde met intimiteit, en de vrouw vertelde dat haar man altijd dezelfde casual T-shirts droeg. Tot hij eens een mooi hemd aantrok en ze voelde hoeveel dat deed voor haar. Ze had hem dat nooit verteld, tot ze bij mij in praktijk zaten. Toen ik ze daarna terugzag, waren ze samen gaan winkelen en hadden ze mooie hemden gekocht. Je moet er als koppel wat mee spelen en samen een manier zoeken om er weer wat beweging in te krijgen.”

Het is een open deur, maar eigenlijk benadrukt u het belang van communicatie.

“Ja, die dingen expliciet benoemen. Ook wat je fijn vindt, trouwens. Als je partner elke week de vuilniszakken buitenzet, zijn we niet geneigd om hem of haar daarvoor te bedanken. Maar je vindt het zelf toch leuk om geapprecieerd te worden om wat je doet voor je gezin? Er gebeuren heel veel fijne, goede dingen in onze gedachten, maar we spreken ze te weinig uit. We zeggen vooral wat we niet fijn vinden of wat anders moet. Al kan verbinding ook in de lastigheid zitten.

’s Avonds samen doodmoe in de zetel ploffen en zeggen ‘het is echt heel lastig nu’, dat geeft zoveel erkenning: het is nu eenmaal een moeilijke en intense periode. Of uitspreken dat je soms bang bent dat je een slechte mama bent, zonder dat je partner met allerlei oplossingen komt aandraven. Als je daarmee alleen blijft zitten, dan leidt dat tot paniek en zorgen.”

3 TIPS OM SAMEN DE TROPENJAREN DOOR TE KOMEN

“Zoek verbinding in de kleine momenten en wees expliciet. Zo bouwen jullie als koppel een positieve reserve op waardoor jullie er bij het volgende conflict misschien wat beter tegen kunnen.”

“Communiceren hoeft niet enkel verbaal. Een hand op de schouder van je partner die achter zijn laptop zit, elkaar even aanraken tijdens het voorbijkomen of kietelen: ook dat zijn krachtige momenten van verbinding.”

“Blijf samen dromen: als jullie met z’n tweeën op vakantie konden, waarheen zouden jullie gaan? Wat willen jullie samen doen als het weer kan? Zo erkennen jullie dat dit niet de makkelijkste periode is, maar ook dat jullie hoop koesteren en elkaar nog steeds fijn en belangrijk vinden.”

Meer info over de cursussen, maandbrieven en podcasts van Katrien Coolen via loverswithkids.com

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234