Maandag 04/07/2022

Voor u uitgelegdWereldplantendag

Hoe hou ik mijn planten in leven? Tips voor plantenliefhebbers

Plantenfan Cécile Muzard: ‘Ik begon te merken hoeveel ­plezier planten me gaven.’
 Beeld Aurélie Geurts
Plantenfan Cécile Muzard: ‘Ik begon te merken hoeveel ­plezier planten me gaven.’Beeld Aurélie Geurts

Dor, geel en slap. Voor nogal wat mensen is het verre van eenvoudig om planten in leven te houden. Maar wat als je – zeker vandaag, Wereldplantendag – toch graag groen in huis haalt?

Deborah Seymus

Basil – de geëmigreerde huiskamerplant – kijkt me al dagenlang triestig aan vanuit zijn schaduwrijke plekje op het terras. Zijn voorgaande broers en zussen waren ook al geen lang leven bij ons thuis beschoren. Omdat ik geen enkele plant in leven kon houden, besloot ik een uitstap richting kruiden te maken. Mission failed. Again. Maar wat doe ik eigenlijk stelselmatig verkeerd? Hoe maak ik van mijn huiskamer een groene oase, zonder elke dag in aarde te moeten peuteren?

Cécile Muzard (35) uit Antwerpen – voormalig plantenhater, vandaag grote fan – knikt enthousiast als ik haar spreek. “Ik begrijp je helemaal. Ik kwam voor het eerst met planten in aanraking door mijn vriend en had er echt helemaal niets mee. Ik was bang om zijn planten te vermoorden en zei dat ook regelmatig tegen hem.”

Het is een emotie waar velen zich in kunnen herkennen. Vaak beginnen mensen niet aan planten omdat ze bang zijn dat ze die niet kunnen onderhouden. Dat blijkt ook uit het grote tuinonderzoek van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) in 2020. Meer dan de helft van de duizend ondervraagde Vlamingen geeft aan dat ze niet voldoende kennis hebben over planten en tuinonderhoud. Zij melden ook dat ze daarbij hulp kunnen gebruiken.

“Absoluut”, vult Muzard aan. “Plots kreeg ik van vrienden drie kamerplanten cadeau – een drakenklimop, een San Pedro-cactus en een calathea – terwijl ik geen idee had hoe ik ze moest verzorgen. En van mijn lief kreeg ik How Not to Kill Your Houseplant van Veronica Peerless. Dat boek redde mijn planten. Ik nam mezelf voor om er een paar pagina’s uit te lezen toen we een nieuw appartement kochten. De ruimte bevatte veel natuurlijk licht en ik had plots extra plaats. Het zou zonde zijn om het niet nog eens te proberen.”

Groene vingers kweken

Iris van Vliet, eigenaar van Mama Botanica Publishing en schrijfster van plantenboeken – onder meer De Kamerplantenbijbel, Stek je plant en Een huis vol planten – ziet hoe steeds meer mensen met planten bezig zijn. “Corona wakkerde dat aan.”

Van Vliet is ervan overtuigd dat iedereen van planten kan houden en ze in leven kan houden. “Niemand wordt geboren met groene vingers, dat moet je leren. Je moet leren kijken naar je planten en zien hoe ze reageren op je zorg en die zorg eventueel aanpassen. Ik denk dat het mensen heel veel voldoening kan geven om voor een plant te zorgen en te zien dat zij het goed doet. Dat werkt erg aanstekelijk. Het is goed mogelijk dat je daardoor nog enthousiaster wordt en meer planten in huis haalt. Mensen die zeggen: ‘Ik houd niet van planten en bij mij gaan ze altijd dood’, bezitten gewoon nog niet de juiste plant. Ik adviseer hen om door te gaan met zoeken en kijken wat bij hen past.”

Onlangs kreeg ik een paar kartonnen moestuinpotjes van mijn lief. Of ja, om helemaal eerlijk te zijn: hij nam ze mee van de Albert Heijn. Het was een experiment dat ik al vaker – en steevast zonder succes – had uitgeprobeerd. Toch besloot ik me er nog eens aan te wagen – nu het terras helemaal zomerklaar was, groeide het besef dat extra planten hierbij wel leuk zouden zijn. Na ze twee weken water te hebben gegeven, zag ik niets gebeuren: geen sprietje, bolletje of blaadje kwam tevoorschijn. Uit gewoonte bleef ik ze water geven, maar de hoop dat er iets uit zou groeien had ik al opgeborgen.

Tot enkele weken geleden. Pijlsnel was er een scheut uit het potje met de zonnebloempitten gegroeid en later volgden er nog twee plantjes. Eerder deze week was de grote dag aangebroken: ik zou ze gaan verpotten.

“Ik herinner me nog goed toen ik voor het eerst doorhad dat ik mijn cadeau gekregen planten niet direct vermoordde”, zegt Muzard. “Gaandeweg begon ik steeds meer in planten geïnteresseerd te raken, ook door te lezen in het boek. Ik begon te merken hoeveel plezier planten me gaven doordat ze het interieur echt opfleurden. Ik startte zelfs een studie interieurdesign en help binnenkort mensen om planten te integreren in hun decor thuis. Na een jaar leerde ik dat ik de baby’s van planten kon gebruiken om er nieuwe zelfstandige planten van te maken. Zo zijn planten een enorme verrijking geworden. Ze zijn onderdeel van mijn omgeving, maar ook van mijn decoratie en mentale gezondheid. Ik geef sommige van hen zelfs namen.”

Van Vliet herkent dit fenomeen. “Door namen aan je planten te geven, bevorder je de band met je plant, waardoor je er automatisch meer naar kijkt en er beter voor zorgt. Zo ben je er dus ook eerder bij als zij verdroogt. Als je een plant extra aandacht geeft, kan je er dus ook beter voor gaan zorgen. Sommige mensen vinden het ook fijn om muziek af te spelen voor een plant en geloven dat het de groei bevordert. Wetenschappelijk bewezen is het niet, maar als je je plant daardoor liever ziet, zou ik het zeker blijven doen.”

Geen wegwerpproduct

Maar wat als je jezelf nu als een echte professionele plantenmoordenaar ziet en het toch nog een kans wil geven? Met welke planten start je dan het best?

Van Vliet somt eerst wat handige adviezen op voordat je aan planten begint. “Begin klein: sommige mensen raken razend enthousiast en halen ineens vijftig planten in huis. Dat is te veel van het goede om te verzorgen, laat staan om ze allemaal te leren kennen. Haal een nieuwe plant in kleine stapjes in huis. Kies je plant bovendien wijs uit. Als je planten als een wegwerpproduct ziet, heeft het niet veel nut om planten te houden. Het zijn levende organismen die aandacht en tijd vragen.

“Het is leuker om een collectie uit te bouwen van planten die jaren meegaan en kennis op te doen. Kijk ook eens op het internet waar je plant origineel vandaan komt: zo kan je beter begrijpen hoe ze reageert op jouw omgeving. Wat ook handig kan zijn, is om andere plantliefhebbers op te zoeken via Facebook en Instagram: er bestaan duizenden plantengroepen waar mensen hun stekjes en tips gratis met elkaar delen.”

“Toen ik mijn huis kocht, stond er hier enkel een hortensia. Ik had geen verstand van die plant en zag dat hier groeien terwijl de tuin in een verwilderde staat verkeerde”, vertelt Wouter Broeckx (36) uit Oud-Turnhout. “Ik begon wat op te ruimen en te snoeien. De hortensia bleef groeien en de goesting om een extra plant te kopen kwam er. Ik startte met wat siergrassen en een bamboe in pot, want ik las online dat die ook kon gaan woekeren bij de buren tussen hun tegels als ik die in de grond plantte. Dat ging me zo goed af dat ik nog planten kocht. Ondertussen staat hier een Europese dwergpalm, een Japanse esdoorn en een phoenix canariensis, ofwel een Canarische dadelpalm.”

‘Ik moet er niet aan denken dat een van mijn planten doodgaat’, zegt Wouter Broeckx. ‘Ik kan me dat enorm aantrekken.’ Beeld Aurélie Geurts
‘Ik moet er niet aan denken dat een van mijn planten doodgaat’, zegt Wouter Broeckx. ‘Ik kan me dat enorm aantrekken.’Beeld Aurélie Geurts

Wortelrot

Maar het stopt natuurlijk niet bij de aanschaf van planten. Tijdens hun groeiproces liggen er allerlei gevaren op de loer, die je bovendien niet altijd in de hand hebt. Al betekent dat gelukkig niet dat je er per se machteloos tegenover staat.

“De meest voorkomende ziektes op je plant zijn wortelrot – door te veel water aan je plant te geven – en beestjes, die je makkelijk kan zien”, zegt Van Vliet. “Zulke beestjes laten meestal een spoor na, zoals webjes. Ook bladluis is goed te herkennen. In plaats van dat ongedierte met dure middelen te bestrijden, kan je thuis zelf een spray maken van water, groene zeep en spiritus. Het sprayen op de plant moet je een paar keer herhalen om er zeker van te zijn dat de eitjes die insecten leggen ook verwijderd worden.”

Als ik de doorsnee-plantmoeder ben, is dit ongeveer het moment waarop ik ongerust word of mijn gekiemde zaden het wel gaan halen. Voor hetzelfde geld heb ik er tijd, moeite en aandacht ingestoken en wordt het opnieuw een flop, wie weet wel doordat ik ze zelf ziek maak.

“Ik moet er niet aan denken dat een van mijn planten doodgaat”, zegt Broeckx. “Ik kan me dat enorm aantrekken. Veel mensen trekken planten en bomen uit en doen er maar wat mee. Zo was ik ooit eens heel boos op mijn ouders omdat de twee berken in hun tuin weggehaald moesten worden. Ik was daar als kind aan gehecht geraakt. Elk jaar dat ik ouder werd, zag ik mezelf en die bomen groeien.”

Enkele tips

• Siergrassen voor buiten
• Bamboe voor buiten
• Sansevieria voor binnen en buiten
• Drakenklimop voor binnen
• Lepelplant voor binnen

Broeckx geeft vooral om planten die jaren kunnen meegaan. “Natuurlijk kruipt daar wat tijd in. Ik doe elke dag ’s ochtends en ’s avonds een tuincheck. Ik wandel gewoon van plant naar plant en kijk of ze gegroeid zijn, bekijk de bloemen en leg de klimplant goed, zodat die de juiste richting uitgroeit.

“De tuinwandeling ’s ochtends is een zenmoment voor mij: heerlijk die ochtendgeur in de tuin bij de eerste zonnestralen. ’s Avonds doe ik dat nog eens om te kijken of een plant verzorging nodig heeft. Tijdens een groeiproces waarin een plant veel aanmaakt, kan je ze helpen door vloeibare meststoffen te gebruiken. En wat nog beter is, is gedroogde koeienmest. Die kan je in een doe-het-zelfzaak kopen. Alle ziektekiemen zijn eruitgehaald en het is veel goedkoper. Thuis heb ik ook een composthoop aangelegd. Als een soort lasagne leg je lagen groen en bruin op elkaar: groenafval vanuit je keuken en vervolgens een laag takken en bladeren. Na een paar maanden heb je onderaan compost en die kan je gebruiken voor je planten.”

Let op met verwarming

Een gedroogde koeienvlaai in de Gamma kopen, gaat momenteel nog een beetje te ver voor me, net als elke dag naar buiten draven met het keukenafval. Wat me wel begon op te vallen, is dat mijn kiemen minder goed groeien als ze in direct zonlicht staan. Dát had ik dan weer wel door.

“Veel mensen weten dit niet,” zegt Muzard, “maar planten vinden het eigenlijk helemaal niet fijn om verplaatst te worden. Hun standplaats is heel belangrijk. Pas ook op met planten bij een verwarming te zetten. Ik heb bijvoorbeeld planten die niet zo goed aan het raam gedijen omdat de verwarming daar soms opstaat. Hoe ik dat heb geleerd? Door mijn collectie van zeventig stuks nauwlettend in het oog houden.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234