Donderdag 11/08/2022

AnalyseDe eeuwige jeugd

Mensen worden steeds ouder, maar waar ligt de grens?

null Beeld RV
Beeld RV

Kunnen we veroudering echt afremmen, of zelfs stoppen? Wat de wetenschap kan betekenen voor de eeuwenoude zoektocht naar de eeuwige jeugd. ‘Als je ­rapamycine aan muizen geeft, dan leven ze langer.’

Maartje Bakker

Duizenden jaren voor Christus ging Gilgamesj al op zoek naar de onsterfelijkheid. Hij vond op de bodem van de zee een plant die hem de eeuwige jeugd zou kunnen schenken. Maar helaas, op weg terug naar huis viel hij in slaap en toen stal een slang de plant. Het beest wierp meteen zijn oude huid af, en Gilgamesj leeft niet meer, zoveel is zeker.

Later verhaalden de oude Grieken over de godin Hebe, die de goden een nectar schonk waardoor ze eeuwig jong konden blijven. En in de Noorse mythologie was er een godin met de naam Idun, die appels bewaarde die de goden ook daar ongrijpbaar maakten voor de dood.

De beroemde Griekse geschiedschrijver Herodotus, op zijn beurt, vertelde over een Fontein van de Eeuwige Jeugd. Het is een verhaal dat ook in recentere tijden nog de ronde deed. De Spaanse ontdekkingsreizigers gingen, niet lang nadat ze voet aan wal hadden gezet in Amerika, vol goede moed op zoek naar deze verkwikkelijke waterbron.

Zonder succes.

En wij, in het hier en nu? Tegenwoordig is de hoop van velen gevestigd op de wetenschap, voor een antwoord op de vraag die de mensheid al zo lang bezighoudt: kunnen we de veroudering en de aftakeling stoppen, of ten minste vertragen?

Preventief onderhoud

De man die het antwoord geeft dat het meest naar ‘ja’ neigt, is een Britse gerontoloog. Hij heet Aubrey de Grey. Hij voorspelt zonder blikken of blozen dat de eerste mens die duizend jaar wordt al is geboren, en dat we de veroudering binnen enkele decennia onder controle zullen hebben. Jarenlang zette hij de toon in het verouderingsonderzoek, al is hij uit de gratie geraakt, omdat hij een aantal vrouwen seksueel heeft lastiggevallen.

Een centraal punt in De Greys gedachtegoed is dat artsen altijd op een verkeerde manier naar ouderdomsziekten hebben gekeken. Ze zijn bestreden zoals infectieziekten: wanneer iemand ziek wordt, komt er een behandeling. Maar aangezien veroudering van binnenuit komt, en het gevolg is van allerlei verweringsprocessen in de cellen, is er volgens De Grey een fundamenteel andere geneeskundige benadering nodig.

“Er is periodiek, preventief onderhoud nodig aan het menselijk lichaam”, zegt hij. “Net zoals bij auto’s. Er rijden op dit moment auto’s rond die honderd jaar oud zijn. Dat komt niet doordat ze zijn gemaakt om honderd jaar mee te gaan, maar doordat preventief onderhoud werkt.”

In zijn boek Ending Aging, dat in 2007 verscheen, beschrijft De Grey dat het verouderingsonderzoek lang heeft geleden onder een misverstand. “De afgelopen decennia hebben mijn collega’s en ik veroudering onderzocht op dezelfde manier als historici de Eerste Wereldoorlog onderzoeken: als een hopeloos complexe historische tragedie”, schrijft De Grey in dat boek. Maar “om in te grijpen in veroudering hoeven we niet de talloze processen te begrijpen die bijdragen aan verouderingsschade. Om behandelingen te ontwerpen hoeven we alleen die schade zelf te begrijpen: de moleculaire en cellulaire defecten die het functioneren van de weefsels in het lichaam aantasten.”

Kenmerken van veroudering

De Grey maakt meteen een lijstje van de belangrijkste schade die de cellen oplopen bij het vorderen van de leeftijd. En hij is niet de enige. In 2013 verscheen er een belangrijk overzichtsartikel met daarin negen Hallmarks of Aging (Kenmerken van veroudering), geschreven door vijf Europese verouderingsonderzoekers.

Om een paar van die kenmerken te noemen: het erfelijk materiaal brokkelt af en verweert, waardoor de cellen niet meer de opdrachten krijgen die ze nodig hebben om goed te functioneren. De stamcellen worden steeds minder actief, waardoor bijvoorbeeld de productie van immuuncellen minder vlotjes verloopt. En eiwitten die verkeerd gevouwen zijn worden niet meer zo efficiënt opgeruimd en verwijderd, waardoor de werking van de cel wordt verstoord.

null Beeld Timon Vader
Beeld Timon Vader

Voor elk van deze kenmerken is aangetoond, meestal in dieren, dat de veroudering langzamer gaat als zo’n beschadiging in de cel experimenteel wordt verholpen. Dat biedt ook hoop voor de mens, menen de onderzoekers. Ze trekken een vergelijking met kankeronderzoek: zoals jaren eerder een artikel over de zes kenmerken van kanker een doorbraak betekende, zo kan hun artikel een sprong voorwaarts betekenen voor het verouderingsonderzoek.

“Het was voor het eerst dat er zo duidelijk een aantal belangrijke mechanismen van veroudering op een rij werd gezet”, zegt Eline Slagboom, hoogleraar moleculaire epidemiologie aan de Universiteit Leiden en voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Verouderingsonderzoek. “Nu weten we allemaal waarover we het hebben.”

Zelf vliegt Slagboom veroudering aan vanuit een andere hoek. Zij doet al jaren onderzoek naar Europese families die bovenmatig veel hoogbejaarden kennen. Bij hen vroeg ze zich bijvoorbeeld af: zijn er genen die deze mensen gemeenschappelijk hebben? Slagboom is ongeveer driehonderd van die genen op het spoor – bijvoorbeeld genen die betrokken zijn bij het opruimen van beschadigde eiwitten.

“Dat is iets wat bij oudere mensen vaak minder efficiënt gaat”, vertelt Slagboom. “Een cel gaat vooral aan de slag met het afbreken en hergebruiken van ‘foute’ eiwitten als er even geen voedsel binnenkomt. Maar oudere mensen bewegen minder en ze hebben zwakkere spieren. Ze hebben een lagere energiebehoefte en daardoor zijn de cellen minder bezig steeds eiwitten af te breken en ze opnieuw te gebruiken. Het gevolg is dat ook de beschadigde eiwitten niet worden opgeruimd. En dat veroorzaakt weer allerlei kleine ontstekingen, overal in het lichaam. Langzamerhand worden de weefsels aangetast.”

Het is een van de redenen waarom het belangrijk is te blijven bewegen als je ouder wordt. Maar er is misschien ook een medische oplossing die dit proces kan doorbreken. “Op Paaseiland is een stofje gevonden dat wordt geproduceerd door bacteriën die daar leven”, vertelt Slagboom. “Rapamycine, heet het. Als je dat aan beestjes geeft – wormen, vliegen of muizen – dan leven ze langer. Hoe dat kan? Doordat het de afbraak van beschadigde, foute eiwitten stimuleert en daardoor ontstekingen tegengaat.”

Vijftien jaar winnen

Blijkt er dan tóch een fontein van de eeuwige jeugd in Zuid-Amerika te liggen? Nee, zegt Slagboom. “Ik geloof er niets van dat de eerste mens die 1.000 jaar wordt al geboren is”, zegt ze. “Het record staat al sinds 1997 op 122 jaar en er is zelfs enige twijfel of dat wel klopt. Ik kan me niet voorstellen dat iemand plotseling 1.000 wordt. Daar is geen enkel biologisch bewijs voor.”

En trouwens, zegt ze, er is geen enkele verouderingsonderzoeker – “behalve dan Aubrey de Grey” – die zich bezighoudt met die vraag. “Mij gaat het erom mensen gezond van 60 naar 80 jaar te helpen”, zegt Slagboom. “Wist je dat 60 procent van alle 65-jarigen op dit moment al twee chronische aandoeningen heeft? Die mensen dachten lekker te gaan genieten van hun pensioen, maar ze komen vaak bedrogen uit.”

Wat Slagboom wil, is uitzoeken welke mensen biologisch het snelst verouderen en de meeste kans hebben om al op middelbare leeftijd meerdere ziekten te krijgen of te overlijden. “Die mensen moeten we eerst heel intensief begeleiden bij hun leefstijl: met voedingsadvies op maat, hulp bij bewegen. Want vergeet niet: ook dat maakt een groot verschil voor de levensverwachting. En vervolgens kunnen we in de toekomst misschien een behandeling aanbieden. Een pil of een voedingssupplement, waardoor de veroudering van cellen wordt geremd of het immuunsysteem op orde blijft. Op die manier kunnen we voor de groep die snel veroudert zomaar 10 of 15 jaar aan levensverwachting winnen.”

Veroudering stoppen? Geen sprake van, zegt Rudi Westendorp, een andere Nederlandse hoogleraar ouderengeneeskunde. “Dat kan niet. Het menselijk lichaam is niet anders dan een stenen standbeeld dat verbrokkelt, een rubberen elastiekje dat zijn elasticiteit verliest, of de Gouden Koets die steeds opnieuw onderhoud nodig heeft. Met de tijd valt alles nu eenmaal uit elkaar, volgens natuurkundige wetten.”

Wat te doen? In de negen Kenmerken van veroudering heeft Westendorp weinig vertrouwen. “Veroudering is veel complexer dan dat. Er zijn tienduizend manieren om ten onder te gaan.”

Onderdelen vervangen

Er zit niets anders op, meent hij, dan langzaam blijven doorploeteren en het ene na het andere defect te repareren. “De cardiologie is een goed voorbeeld”, zegt Westendorp. “Veertig jaar geleden gingen er nog veel mensen dood aan coronaire hartziekten. Dat is ontzettend afgenomen, door medicijnen en doordat mensen minder vet eten. Nu zijn hartritmestoornissen een grote doodsoorzaak, dus verschuiven de cardiologen hun aandacht daarnaartoe. Zo zal het verder gaan: steeds als een loodgieter de oude onderdelen vervangen en er nieuwe in zetten.”

Ondertussen kun je ook zelf het een en ander doen om de veroudering tegen te gaan. Westendorp vat bondig samen wat: het moet minder. “Minder eten, minder alcohol, minder popconcerten om niet doof te worden en sociale contacten te verliezen, minder zonvakanties. En ook minder extreme dingen doen: uit onderzoek blijkt dat atleten die uitzonderlijke prestaties leveren gemiddeld eerder doodgaan.”

Het is een bekend motto in het verouderingsonderzoek: Live fast, die early. Or, live slow and age gracefully.

Al met al, denkt Westendorp, kunnen we er elk decennium twee jaar bij krijgen. Een eeuwige jeugd? Nee, dat niet. Maar de trend is onmiskenbaar: langzaam komen we er dichterbij.

En dus is er nog een vraag die zich opdringt: moeten we dat eigenlijk wel willen? Als iedereen steeds ouder wordt, zal de omvang van de wereldbevolking ook toenemen, in elk geval een tijdje, en op een hoger niveau stabiliseren.

“Het zal in balans moeten blijven”, meent Westendorp. “Als we ouder worden, zullen ouderen langer actief moeten zijn. En we moeten minder kinderen krijgen, anders raakt de aarde nog overbevolkter. Je voortplantingsgedrag moet in balans zijn met je levensloop. Die discussie hoor ik nog te weinig.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234