Maandag 04/07/2022

OpinieJane Burbank

Het doel is niets minder dan een imperium. En die lijn stopt niet bij Oekraïne

Poetin tussen zijn aanhangers. ‘De heroplevende theorie van een Euraziatisch rijk inspireert elke zet van hem’, weet Burbank.  Beeld BELGAIMAGE
Poetin tussen zijn aanhangers. ‘De heroplevende theorie van een Euraziatisch rijk inspireert elke zet van hem’, weet Burbank.Beeld BELGAIMAGE

Jane Burbank is emeritus hoogleraar geschiedenis en Russische en Slavische studies van New York University en coauteur van Empires in World History: Power and the Politics of Difference.

Jane Burbank

De bloederige aanval van de Russische president op Oekraïne lijkt nog altijd onverklaarbaar. Raketten die neervallen op appartementsgebouwen en vluchtende gezinnen zijn het gezicht dat de wereld te zien krijgt van Rusland. Wat zette Rusland ertoe aan die drastische stap te zetten, waardoor het er in se voor kiest een pariastaat te worden?

Pogingen om de invasie te begrijpen vallen grofweg uiteen in twee zienswijzen. De eerste focust op Poetin zelf – zijn gemoedsgesteldheid, zijn kijk op de geschiedenis, zijn KGB-verleden. De tweede wijst op ontwikkelingen buiten Rusland, en vooral op de uitbreiding van de NAVO in oostelijke richting na het ineenstorten van de Sovjet-Unie, als de onderliggende bron van het conflict.

Om de oorlog in Oekraïne echt te begrijpen moeten we verder gaan dan de politieke projecten van leiders in het Westen en de psyche van Poetin. De vurigheid en de inhoud van Poetins uitlatingen zijn niet nieuw en ook niet uniek voor hem. Al sinds de jaren negentig worden in Rusland plannen gesmeed om Oekraïne en andere post-Sovjet-staten te herenigen tot een transcontinentale grootmacht. De heroplevende theorie van een Euraziatisch rijk inspireert elke zet van Poetin.

Het einde van de Sovjet-Unie desoriënteerde de Russische elite, want ze verloren hun speciale status. Sommigen zochten een uitweg in het kapitalisme en vergaarden grote rijkdom, met de hulp van een inschikkelijk regime. Anderen namen geen vrede met rijkdom en een bruisende consumenteneconomie, en betreurden de teloorgang van de Russische status en invloed.

Toen het communisme zijn elan verloor, gingen intellectuelen op zoek naar een ander principe om de Russische staat rond te organiseren. Dat zoeken nam kortstondig de vorm aan van politieke partijen, waaronder ook rabiaat nationalistische en antisemitische bewegingen, en de heropleving van religie als een fundament voor het collectieve leven. Maar terwijl de staat in de jaren negentig korte metten maakte met de democratische politiek, ontstonden nieuwe interpretaties van de Russische essentie die troost en hoop boden aan mensen die ernaar streefden het prestige van hun land in de wereld te herstellen.

Nalatenschap van Dzjengis Khan

Een van de meer verleidelijke concepten was het Eurazianisme. Ontstaan na de ineenstorting van het Russische rijk in 1917 vatte dat idee Rusland op als een Euraziatisch staatsbestel gevormd door diepe historische en culturele uitwisselingen tussen mensen van Turkse, Slavische, Mongoolse en andere Aziatische origine.

In 1920 publiceerde de taalkundige Nikolaj Troebetzkoj Europa en de mensheid, een splijtende kritiek op het westerse kolonialisme en het eurocentrisme. Hij riep Russische intellectuelen op zich te bevrijden van hun fixatie op Europa en te bouwen aan de ‘nalatenschap van Dzjengis Khan’ om een grote Russisch-Euraziatische staat te creëren.

Het Eurazianisme van Troebetzkoj was een recept om opnieuw een groot rijk op te bouwen, zonder het communisme – volgens hem een schadelijk importproduct uit het Westen. Hij zag de Russisch-orthodoxe kerk als een manier om cohesie in Eurazië te creëren, met grote vrijheden voor andersgelovigen in het enorme gebied.

Het Eurazianisme werd onder het communistische bewind onderdrukt, leidde een ondergronds bestaan, en kwam opnieuw aan de oppervlakte in de periode van de perestrojka eind jaren tachtig. Lev Goemiljov, een excentrieke aardrijkskundige die dertien jaar in Sovjet-gevangenissen en dwangarbeiderskampen had gezeten, ontpopte zich in de jaren tachtig tot de goeroe van de Euraziatische revival. Goemiljov introduceerde het concept van de ‘etnogenese’: een etnische groep kon onder een charismatische leider uitgroeien tot een ‘superetnos’ – een macht verspreid over een gigantisch geografisch gebied die clasht met andere uitdijende etnische eenheden.

De theorieën van Goemiljov spraken veel mensen die hun weg zochten door de chaotische jaren negentig sterk aan. Maar het Eurazianisme werd rechtstreeks in de bloedbanen van de Russische machtscentra geïnjecteerd via een variant, ontwikkeld door de autodidactische filosoof Aleksandr Doegin. Na weinig succesvolle escapades in de partijpolitiek oefende Doegin zijn invloed uit op plekken die ertoe deden: het leger en de politieke macht. Met de publicatie in 1997 van het boek De fundamenten van de geopolitiek: de geopolitieke toekomst van Rusland verschoof het Eurazianisme naar het centrum van de politieke strategische verbeelding.

Aleksandr Doegin. In zijn aanpassing van het Eurazianisme had Rusland een nieuwe opponent: niet langer alleen Europa, maar de hele ‘Atlantische’ wereld. Beeld Patrick Post
Aleksandr Doegin. In zijn aanpassing van het Eurazianisme had Rusland een nieuwe opponent: niet langer alleen Europa, maar de hele ‘Atlantische’ wereld.Beeld Patrick Post

In Doegins aanpassing van het Eurazianisme aan de heersende omstandigheden had Rusland een nieuwe opponent: niet langer alleen Europa, maar de hele ‘Atlantische’ wereld geleid door de Verenigde Staten. En zijn Eurazianisme was niet anti-imperiaal, integendeel: Rusland was altijd een rijk geweest, het Russische volk was een ‘imperiaal volk’, en na de uitverkoop in de jaren negentig aan de ‘eeuwige vijand’ kon Rusland heropleven in de volgende fase van de internationale strijd en opnieuw een ‘wereldmacht’ worden.

Op beschavingsvlak benadrukte Doegin de lange verwevenheid van de oosters-orthodoxe kerk en het Russische rijk. Het orthodoxe gevecht tegen het westerse christendom en de westerse decadentie kon ingezet worden in de geopolitieke oorlog die er stond aan te komen.

Glorie en slachtofferschap

Euraziatische geopolitiek, Russisch-orthodoxe kerk en traditionele waarden: dat waren de doelen die het Russische zelfbeeld bepaalden onder Poetins leiderschap. Thema’s zoals de oude imperiale glorie en slachtofferschap veroorzaakt door het Westen werden uitgedragen in het land.

In 2017 werden ze breed uitgesmeerd in de tentoonstelling Rusland, mijn geschiedenis, met uitgebreid aandacht voor de Euraziatische filosofie van Goemiljov, het martelaarschap van de Romanov-familie en het kwaad dat het Westen Rusland berokkend had.

Wat is Oekraïne in die imperiale revival? Een obstakel, van het prille begin. Troebetzkoj argumenteerde in het artikel ‘Het Oekraïense probleem’ in 1927 dat de Oekraïense cultuur een “individualisering van de algemeen-Russische cultuur” was en dat de Oekraïners en Wit-Russen zich met de Russen moesten verenigen rond het organiserende principe van hun gedeeld orthodox geloof.

Doegin zei het directer in zijn boek uit 1997: Oekraïense soevereiniteit betekende een “enorm gevaar voor heel Eurazië”. Totale militaire en politieke controle van de hele noordkust aan de Zwarte Zee was een “absolute imperatief” voor de Russische geopolitiek. Oekraïne moest “een louter administratieve sector van de Russische gecentraliseerde staat” worden.

Poetin heeft die boodschap ter harte genomen. In 2013 verklaarde hij dat Eurazië een belangrijke geopolitieke zone was waar Ruslands “genetische code” en zijn vele volkeren verdedigd zouden worden tegen “extreem op westerse leest geschoeid liberalisme”.

In juli vorig jaar verklaarde hij dat “Russen en Oekraïners één volk zijn”. En tijdens zijn razende tirade aan de vooravond van de invasie beschreef hij Oekraïne als een “kolonie met een marionettenregering”, waar de Russisch-orthodoxe kerk belaagd wordt en de NAVO zich voorbereidt op een aanval op Rusland.

Dat mengsel van attitudes – klachten over westerse agressie, verheerlijking van traditionele waarden tegenover de decadentie van individuele rechten, nadruk op de plicht van Rusland om Eurazië te verenigen en Oekraïne te onderwerpen – kwam tot stand vanuit frustratie in de chaotische periode na de teloorgang van het Russische rijk. Nu voeden ze Poetins wereldbeeld en vormen ze inspiratie voor zijn gewelddadige oorlog.

Het doel is niets minder dan een imperium. En die lijn stopt niet bij Oekraïne.

© 2022 The New York Times Company

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234