Donderdag 18/08/2022

A la recherche du temps perdu (2)

Cadel Evans (l) en Michael Rasmussen (r) Beeld UNKNOWN
Cadel Evans (l) en Michael Rasmussen (r)Beeld UNKNOWN

Als Tourdirecteur Christian Prudhomme vorig jaar - zijn eerste jaar als grote chef maar toen nog bijgestaan door Jean-Marie Leblanc - iets leerde, was het wel dat het parcours van de Tour verantwoordelijk is voor het spektakel. Er zijn mensen die graag geloven dat het de renners zijn die bepalen of het spannend wordt of niet. Dat is niet zo. De Tour van 2006 was van een verstikkende saaiheid, met zes massasprinten in de eerste week. Geen ploegentijdrit, geen bergrit en geen gewone rit waarin zelfs de meest optimistische aanvaller gelooft dat hij voorop kon blijven: elke dag was dezelfde tot op een kilometer van de streep.

Vorig jaar werd er haast gesnakt naar de eerste tijdrit, in Rennes toen. De orde klopte ook al niet. Het waren sprinters Tom Boonen in het geel en Robbie McEwen in het groen die als laatsten de 52 kilometer afmaalden. De tijdrit, zo dacht men een jaar geleden, zou de Tour openbreken.

Die vlieger ging niet op: van de eerste tien in de stand na Rennes - met vier man van T-Mobile, en Matthias Kessler elfde - bleven er in Parijs nog vijf over: Landis stond tweede na de tijdrit en won de Tour (zoals al vaker gezegd: tot nader order), Michael Rogers tuimelde van drie naar tien, Andreas Klöden steeg van vijf naar drie, Cadel Evans van acht naar vijf en Denis Mentsjov van tien naar zes. Het kon ook niet dat die tijdrit de Tour zou openbreken. De tijdrijders kenden hun voorsprong en konden zich in de bergen beperken tot de schade zo klein mogelijk houden, om dan nog een keer uit te pakken in de tijdrit op de voorlaatste dag.

Het was dit jaar anders. Er was weliswaar geen ploegentijdrit - waarom moest die prachtige discipline sneuvelen? - maar het waren de Alpen die voor de eerste ordening van het peloton moesten zorgen. En gezien het geboden spektakel moeten we niet klagen. Het was spannend, want de verschillen tussen de favorieten bleven klein en ze stonden er, zeker op de Galibier, allemaal alleen voor in hun strijd tegen elkaar. Het zijn dit keer de tijdrijders die à la recherche du temps perdu moeten. De ritwinst zaterdag in Albi zal wel voor een specialist zijn - Fabian Cancellara bijvoorbeeld, de verrassende tweede van gisteren - maar het geel zal dit keer niet voor hem zijn, zoals na de proloog in Londen.

Tegen de klok naar geel

Het geel zal zaterdag voor Cadel Evans zijn. Dat is tenminste de mening van de ploegleiders van de favorieten. "Evans, met dertig seconden voorsprong op Klöden en een kleine minuut op Valverde", zei Johan Bruyneel.

Dat zou betekenen dat Klöden ongeveer één minuut sneller zal rijden. Vorig jaar reed de Duitser in Rennes (52 kilometer, zie ook kader) nochtans maar zes seconden sneller dan de Australiër, in Le Creusot (57 kilometer) daarentegen was het verschil veel groter: drie minuten. Bij Predictor-Lotto zijn ze voorzichtiger. "Klöden, met twintig seconden voorsprong op Evans", zegt Hendrik Redant, het tactische brein van de ploeg. Bij Astana zien ze dan weer liever Evans dan Klöden in het geel: "Evans is sterk verbeterd in het tijdrijden en Klöden is nog niet 100 procent hersteld van zijn valpartij."

En José Miguel Echavarri, de man achter de vijf Tourzeges van tijdritbeest Miguel Indurain, kent de uitkomst ook al: "Klöden is nu de grote favoriet voor de Tour. Maar hij zal pas in de laatste tijdrit het geel pakken. Nu is het voor Evans." En Alejandro Valverde, de kopman van Echavarri's Caisse d'Epargneploeg dan? "Valverde heeft hard gewerkt aan zijn tijdrit. Zijn positie is verbeterd en hij heeft een nieuwe fiets, maar het chronowerk blijft zijn zwakke punt. Maar ach, de etappe naar de Aubisque is zo verschrikkelijk zwaar dat ze even bepalend is als de twee tijdritten samen."

De voorzichtigheid van Predictor-Lotto is begrijpelijk. Het geel pakken zou immers een hypotheek op de ploeg en dus op het succes van Evans leggen. Het team is weliswaar verlost van het sprinterswerk voor Robbie McEwen, maar een stel gevleugelde klimmers is het geheel ook niet. "Pas maar op", waarschuwt Redant. "Op de Galibier zaten er tot vijf kilometer voor de top nog vier man rond Evans: Cioni, Horner, Aerts en Vansummeren. Die mannen kunnen het werk aan dat een gele trui vereist. Daar ben ik zeker van. Maar tactisch zou het inderdaad beter zijn als Klöden de trui pakt. Dan kunnen wij toekijken en toeslaan waar en wanneer het kan."

Zaterdag tijdritdag. Ligt de spannendste Tour in jaren eindelijk in een beslissende plooi? Laten we hopen van niet. (Sven Spoormakers)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234