Woensdag 06/07/2022

Ahmad Jamal overleeft

Er zit altijd zonneschijn in Ahmad Jamal (83). De pianist is bekend om zijn fijne, melodische jazz, die zelfs in donkere registers nooit sombert. Jamals hoge leeftijd belet hem niet om nieuw materiaal te schrijven en te concerteren, zoals morgen in Bozar.

Ahmad Jamal werd in 1951 bijna van de ene op de andere dag een ster. Zijn album The Three Strings was het verrassingssucces van het jaar. Jamal introduceerde er een nieuwe formule, een jazztrio met gitaar (Ray Crawford) en bas (Eddie Calhoun). Niet alleen de samenstelling was bijzonder, ook Jamals spel was iets nieuws, vooral wat hij met de linkerhand deed. Miles Davis vergeleek dat met het ritme van de charleston en gebruikte het idee in zijn kwintet met Red Garland. "We respecteerden elkaar," zegt Jamal. "Maar ik heb nooit met de idee gespeeld om voor Miles te werken. Ik ben een leider, net als Miles."

Hij is zijn hele leven een leider gebleven, altijd van kleine ensembles, heel vaak een trio. "Dat is nu eenmaal mijn speelterrein. Ik heb wel in bigbands gespeeld in het begin van mijn carrière, maar eens ik mijn eigen stempel wilde drukken, ging ik voor het kleine formaat. Je moet weten dat ik drie grote voorbeelden had. Eerst en vooral Errol Garner, mijn leermeester in mijn fantastische geboortestad Pittsburgh. Dan Art Tatum, nog een virtuoos maar met een eigen aanpak. En tenslotte Nat King Cole. Alle drie waren ze meesters van het kleine ensemble. Alledrie hadden ze ook een speciale benadering daarvan. Nat King Cole was de man die de combinatie basgitaar met piano introduceerde, een formule die nadien door velen is gekopieerd. Hij was nadien ook slim genoeg om het oudste instrument van de wereld te gebruiken in zijn voordeel, de menselijke stem. Hij had twee talenten, piano en zang, en hij was in beide even goed. Dat is niet mis."

In jazzkringen wordt wel eens smalend gedaan over de populaire kant van Nat King Cole. Iets gelijkaardigs heeft Jamal ook nog meegemaakt. Eind jaren 50 prijkten zijn nummer 'Poinciana' en zijn album At the Pershing: But Not for Me langdurig aan de top van de Amerikaanse charts. Zijn werk werd zo populair dat het voor sommigen niet mooi meer was. Ook zijn spel werd al eens omschreven als cocktailjazz, al kreeg hij in die tijd toch gauw de meest gerespecteerde musici én jazzcritici aan zijn kant.

"Ik kan niet klagen over mijn carrière. In mijn woonkamer hangt een affiche van een legendarische dag in Carnegie Hall in 1952, naar aanleiding van de 25ste verjaardag van Duke Ellingtons aanwezigheid in New York. Alle groten van de Amerikaans klassieke muziek stonden er: Charlie Parker, Dizzy Gillespie, Billie Holiday, Stan Getz, noem maar op. En de 22-jarige Ahmad Jamal! Ik ben de enige overlevende van alle headliners toen. Ik weet nog dat ik geweldig nerveus was, te nerveus om goed te beseffen welke historische gebeurtenis dat was. In dit leven word je te vroeg oud en te laat slim." Waarop een uitbundige lach volgt. Jamal lacht graag en luid.

Amerikaanse klassieke muziek: het woord is eruit. Al sinds jaar en dag vermijdt Jamal te spreken over jazz, hij vindt de term niet geschikt, wellicht omdat het te morsig klinkt. Jamal vindt dat de Afro-Amerikaanse muziektraditie een omschrijving verdient die minstens zo waardig klinkt als de term die we gebruiken om Europese concertmuziek te benoemen. Meer nog, hij laat niet na om te beweren dat de Amerikaanse klassieke muziek zelfs superieur is aan alle andere muziekvormen. "Het is een grote kunstvorm, de kunst die Sidney Bechet aan het begin van vorige eeuw heeft opgepikt en tot sublieme hoogten ontwikkeld. Maar het valt me op dat bij niemand Bechet nog kent. Hij is nochtans een nationaal monument. We hebben nood aan mensen die deze erfenis weer alle eer aandoen."

Dat zal nodig zijn, denkt hij, zeker nu de laatste getuigen van het grote jazztijdperk aan het uitsterven zijn. "Ik ben een overlever, ja. Niet de enige, maar een van de weinigen. Ik spreek vaak nog met de grote Randy Weston, die vriendelijke reus van bijna negentig jaar. Maar onlangs nog hebben we een andere reus verloren, Yusef Lateef. Zijn laatste concert was vorige zomer, met mij in Frankrijk."

Sprankelende ballades

Doorgaan tot hij niet meer kan, daar kiest Jamal ook voor. Twee jaar geleden vernieuwde hij nog zijn kwartet. Exit James Cammack en enter Reginald Veal op bas. Exit Idris Muhammad en enter Herlin Riley op drums. Met die nieuwe bezetting (de vierde man is Manolo Badrena op percussie) maakte hij al twee platen, Blue Moon en Saturday Morning. Het titelnummer van de laatste plaat is er zo een waarvan je denkt dat het al een eeuwigheid bestaat. De hele plaat klinkt trouwens sprankelend, zelfs de ballades hebben een vrolijkheid over zich. Maar het is geen naïeve vrolijkheid. Ahmad Jamal beheerst het vak, hij kan temporiseren en ruimte geven aan de muziek.

Er is ook plaats voor een tikkeltje ondeugendheid. Zo citeert hij in 'I Got it Bad and That Ain't Good' voortdurend het thema van 'Take the A Train'. "Het is allemaal een kwestie van discipline", vindt hij. "Je moet gedisciplineerd zijn als muzikant, nooit zomaar wat doen vanuit een oppervlakkige ingeving. En je moet nieuwsgierig blijven. Straks kruip ik weer achter de piano om te zien wat de witte en zwarte toetsen vandaag doen. Ze hebben altijd wel iets voor mij in petto. Ik wil nieuwe dingen ontdekken en maken. Om dat te kunnen moet je een filosofische houding hebben in het leven. Dat geldt trouwens niet alleen voor artiesten. Als je stopt met ontdekken ben je dood, vriend."

Ahmad Jamal, op 29/1 in Bozar, Brussel. www.bozar.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234