Dinsdag 27/09/2022

Aids-lessen voor de levenden

‘Met 99 nieuwe hiv-infecties per miljoen inwoners in 2007 scoort België praktisch dubbel zoveel als het Europese gemiddelde en doen alleen Estland, Letland en het Verenigd Koninkrijk nog slechter’, zegt Yvo Nuyens op deze Wereldaidsdag. Hij ziet drie prioritaire opgaven voor een efficiënt hiv-beleid.

‘Het glas is half vol maar ook half leeg.” Op die wijze vatte enkele dagen geleden op een publiek debat in Brussel de voormalige topman van UNAIDS, de Vlaming Peter Piot, de huidige wereldsituatie inzake hiv/aids samen. We hebben inderdaad in deze titanenstrijd onmiskenbaar vooruitgang geboekt. Onder meer met de ontwikkeling van antiretrovirale geneesmiddelen, de zogenaamde aidsremmers, die van een oorspronkelijk terminale ziekte een landurige, chronische aandoening hebben gemaakt. Dankzij een daling van de jaarlijkse kostprijs van die geneesmiddelen met 10 tot 40 procent, maar evenzeer door toedoen van organisaties zoals UNAIDS, de Wereldgezondheidsorganisatie en het Global Fund, kregen steeds meer hiv-geïnfecteerden toegang tot die levensreddende drugs. Momenteel ongeveer 4 miljoen mensen slikken nu dagelijks hun veelkleurige pilletjes, wat een vertienvoudiging betekent in vergelijking met slechts vijf jaar terug. Mede daardoor blijft het aantal aids-doden bestendig dalen, tot zo’n goede 2 millioen in 2007. Daartegenover staan ongeveer 33 miljoen mensen die momenteel met hiv leven. Dat aantal blijft bestendig toenemen, ook al blijft het aantal nieuwe hiv-infecties afnemen: met een hoogste piek van 3,5 miljoen jaarlijkse nieuwe infecties in 1996 kunnen we momenteel op 2,7 miljoen aftikken. Ook inzake mensenrechten, destigmatisering en psychosociale zorg is er een meer positieve balans.So far so good maar de fles is niet alleen half vol maar ook half leeg. Tegenover de 4 miljoen hiv-geïnfecteerden met toegang tot antiretrovirale middelen staan 5 miljoen geïnfecteerden zonder de medicatie die ze wel degelijk nodig hebben. Het aantal nieuwe infecties blijft dalen in een aantal landen zoals Uganda, Thailand en Rwanda maar het aantal nieuwe infecties verdubbelde in een mum van tijd in voornamelijk Oost-Europese en Centraal-Aziatische landen. Voor elke persoon die een antiretrovirale behandeling startte in 2007 werden drie nieuwe mensen met hiv geïnfecteerd, met als resultaat een toenemend aantal geïnfecteerden zonder behandeling. Ten slotte kun je ook moeilijk naast de zesduizend aidsdoden per dag kijken, ook al valt 38 procent van die doden in zuidelijk Afrika, en dus ver buiten ons direct gezichtsveld.In het gevecht met hiv/aids blijft er dus nog een lange weg te gaan. Gelukkig zijn de ontwikkelingslanden zelf niet aan de kant blijven staan maar hebben ze ambitieuze nationale aids-beleidsplannen uitgedokterd. In de meeste gevallen door een samenspraak tussen overheid, private sector, niet-gouvernementele organisaties en verenigingen van hiv/aids-patiënten zelf. Die aids-plannen steunen meestal op drie parallelle basisinterventies. Vooreerst een reeks preventieve programma’s om nieuwe infecties te voorkomen, met vooral aandacht voor seksuele overdracht (condooms) en moeder-kindtransmissie (gezinsplanning). Vervolgens het terugdringen van morbiditeit en mortaliteit, voornamelijk via medicatie maar ook psychosociale zorg. En ten slotte het werken aan een meer leefbare leefwereld voor hiv-patiënten, onder meer door het verminderen van stigma en discriminatie, aangepaste tewerkstelling en sociale bescherming.

Wat met België?

Een aantal cijfers zijn intussen voldoende bekend geraakt. Met 1.078 nieuwe hiv-geïnfecteerden in 2008 scoorde België nog nooit zo hoog en evolueerden we van 1,9 nieuwe infecties per dag in 1985 naar 3 per dag in 2008. Ook binnen de Europese Gemeenschap slaat België een eerder belabberd figuur: met 99 nieuwe infecties per miljoen inwoners in 2007 scoren wij praktisch dubbel zoveel als het Europese gemiddelde en doen alleen Estland, Letland en het Verenigd Koninkrijk nog slechter. Inzake overdrachtswijze steeg de proportie gevallen geïnfecteerd via homo/biseksueel contact tussen 2002 en 2008 van 23,2 naar 45,9 procent, en die toename manifesteert zich zowel bij mannen van Belgische als van niet-Belgische nationaliteit. Nochtans blijft heteroseksueel contact met 48,4 procent de belangrijkste overdrachtsvorm maar neemt dat wel in betekenis af in vergelijking met homo/biseksuele contacten. De andere overdrachtsvormen - intraveneus drugsgebruik, moeder-kindtransmissie en bloedtransfusie - hebben in België een eerder marginale betekenis. Wat met ons condoomgebruik? Bij afwezigheid van recente nationale gegevens draagt alleen een Europees onderzoek van 2006 betrouwbaar materiaal aan: 67 procent van de 15-jarige meisjes in Vlaanderen en 79 procent van de jongens gebruikten een condoom bij hun laatste seksuele contact. Daarmee scoort Vlaanderen net iets lager dan het gemiddelde Europese condoomgebruik.Voorgaande cijfers baren zorgen, temeer omdat een afdoend hiv/aids-vaccin zich nog niet direct voor morgen aankondigt. In navolging van de ontwikkelingslanden zal ook België dus het best op zoek gaan naar een efficiënt aidsbeleid. We zien drie prioritaire opgaven voor zo’n beleid, meteen evenveel lessen voor levenden:1.Gemiddeld drie nieuwe besmettingen per dag, gekoppeld aan een problematisch condoomgebruik, vragen duidelijk om een meer effectief preventiebeleid. Moeten wij daarvoor niet eerst onze riskante gewoonten (condoomgebruik) en riskante groepen (onder meer maar niet uitsluitend homo’s) beter in kaart brengen? En ons daarna de vraag stellen of onze huidige voorlichtingscampagnes wel voldoende rekening houden met de variabele behoeften aan informatie bij diverse doelgroepen (onder meer jongeren/volwassenen, autochtonen/allochtonen, homo/hetero)?2.Snelle opsporing en diagnose van nieuwe infecties verhoogt uiteraard de kans op een beter indijken van de epidemie. Dat veronderstelt onder meer het stimuleren, voornamelijk bij risicogroepen, van vrijwillige en regelmatige aids-testen, waarbij niet alleen privacy maar evenzeer opvang en begeleiding voldoende gewaarborgd worden. Daarnaast zou de deskundigheid van onder meer huisartsen, gynaecologen en dermatologen kunnen worden aangescherpt in het opsporen en diagnosticeren van nieuwe infecties.3.Ten slotte blijven inspanningen nodig om hiv/aids opnieuw en verder uit de taboesfeer te halen. Het reduceren van aids tot een soort Afrikaans importproduct of een typische homoziekte betekent koren op de molen van stereotypering en stigmatisering, met nefaste gevolgen onder meer voor de preventie. Ofschoon België geen Amerikaans systeem van de green card kent die tot voor kort aan hiv-geïnfecteerden werd geweigerd, blijft het toch wel opletten geblazen voor meer subtiele vormen vam discriminatie in ons land. Uitkijken intussen of de publieke hearing over aids deze week in de Senaat de motor voor een meer doelgericht aidsbeleid op gang zal kunnen trekken en welke lessen voor levenden daarin al of niet te leren zijn.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234