Dinsdag 04/10/2022

Aleid Truijens geeft verhaal van generatie vijftigers universele waarde

In Vriendendienst doet Aleid Truijens, literair critica en columniste voor de Volkskrant, in een heldere stijl het verhaal van een groep vrienden. Al gauw blijkt dat een herinnering uit het verleden hen bezwaart.

Door Wineke de Boer

De nieuwe roman Vriendendienst van Aleid Truijens is eigenlijk een tussendoortje. werkt al jaren aan een biografie over de door haar bewonderde schrijver en jazzmuzikant J.B. Hotz. Het boek Geen nacht zonder, waarmee Truijens in 2004 debuteerde, was ook al een vrucht van werkontwijkend gedrag.

In dit debuut beschrijft ze op nauwkeurige en lichtvoetige wijze de periode waarin haar zoon aan leukemie leed. De confrontatie met ouders van gezonde kinderen, die je zo dapper vinden, haar dochter die trots haar gebroken arm showt, blij dat ze ook eens in de belangstelling staat, de telefoonangst die je ontwikkelt uit vrees voor slecht nieuws na het zoveelste onderzoek en de kleine kleuter die springend op zijn ziekenhuisbed zijn favoriete vechtdans uitvoert, met een levenslust die de dood lijkt te tarten: alles wat een gezin doormaakt in zo'n situatie komt aan bod. Was dit boek meer een verzameling bijeengebrachte columns rond één onderwerp, Truijens' tweede roman is een echt verhaal met een kop en een staart.

Het gaat hierin over een groep vrienden, die elkaar al vanaf hun middelbare schooltijd kennen. Nu zijn ze vijftig en bij elkaar om een oude varkensboerderij in Catalonië op te knappen. De afstandelijke toon die Truijens' eerste boek de moeite waard maakt, heeft ze hier ingezet in de vorm van een hoofdpersoon die zich vaak een buitenstaander voelt in het gezelschap. Dat maakt van hem, Joris, een perfecte observator en verteller. Hij is kritisch, soms op het cynische af, maar beziet zijn vrienden toch liefdevol. In een woestijnachtig landschap, onder een zinderende zon slaan ze aan het klussen: het kinderloze stel Paula en Vincent die hun luxeleven in Amsterdam achter zich laten, de kokette, succesvolle schrijfster Reina, het zeurderige moedertje Froukje met haar altijd vreemdgaande echtgenoot Thijs, kunstschilder Mark die een kind verwacht bij de dertig jaar jongere dochter van zijn vroegere geliefde, Marthe, die ook een stuk jonger is en óók een kind van hem heeft, maar het leven opgewekt neemt zoals het komt en voor Joris, haar huidige vriend, een rots is in de branding.

De acht hebben ieder duidelijk een eigen karakter, hoewel ze niet allemaal even veel ruimte krijgen van Truijens. Maar dat hoeft ook niet. Het gaat haar meer om de groep als geheel. Die functioneert bijna als een zichzelf regulerend organisme, met zijn eigen kwaaltjes en kwaliteiten. Gekijf, jaloezie, slippertjes: alles wordt vergeven, en anders wel met grappen of grootspraak afgedekt. En zoals vaker het geval is bij langdurige vriendschappen, sluimert er ook hier iets van vroeger op de achtergrond, iets waarover niet meer wordt gesproken, maar dat altijd aanwezig is. Een van hen is er niet meer bij: hij pleegde tweeëntwintig jaar eerder zelfmoord. Iedereen zag wel dat het niet goed ging met Arend, maar, de vrije-jaren-zeventig-spirit indachtig, greep niemand in om de jongen te helpen.

Aleid Truijens heeft met Vriendendienst geen aanklacht willen schrijven tegen die flowerpowermentaliteit, daarvoor blijft ze te aardig, maar wil deze wel duidelijk aan de kaak stellen. Bij het nieuws dat zijn vrienden stoppen met werken om te emigreren denkt Joris kwaaiig: "Wij, de slome, collectief stonede 4-gymnasiumklas van 1972, wij zouden nooit, echt niet, het woord pensioen in de mond nemen. Evenmin als de woorden koopsompolis, hypotheek en alimentatie. Wij kochten geen Alpen-Kreutzer. Wij zouden niet trouwen en niet scheiden, sparen noch beleggen." Maar hij realiseert zich ook dat deze generatie van vrije geesten weinig voor elkaar heeft gekregen: "Ze wilden de wereld mooier maken, maar wel na elf uur 's ochtends en met wat te drinken erbij." Tekenend voor deze vrijblijvendheid is ook een gesprek tussen Joris en de zestienjarige zoon van Reina, Nemo. Opgegroeid bij zijn moeder, die alleen een biologische vader wilde voor haar kind, verklaart hij doodernstig gewoon te trouwen, als zijn vriendinnetje per ongeluk zwanger was geraakt tijdens hun nachtelijke uitstapje. De nieuwe generatie, wil Truijens maar zeggen, is in tegenstelling tot hun vrije, bandeloze ouders, wél bereid verantwoordelijkheid te nemen.

Over de verantwoordelijkheid voor Arends dood gaat het de laatste avond van hun werkvakantie. Gevoelens worden uitgesproken, voor het eerst sinds al die tijd durven de vrienden elkaar recht in de ogen te kijken, zich kwetsbaar op te stellen. Het is een razend spannende scène.

Vriendendienst vertelt het verhaal van een generatie, waardoor je zou kunnen denken als je niet tot die generatie behoort: dit boek is niks voor mij. Maar het is ook het verhaal over iets universeels: vriendschap. Warm en met mededogen werkt Truijens deze vriendschap uit, waardoor het boek over iedereen zou kunnen gaan. Met zulke romans als bijprodukten, mag ze nog rustig een tijdje aan haar biografie doorwerken.

Aleid Truijens

Vriendendienst

Cossee, Amsterdam, 140 p., 14,90 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234