Maandag 26/09/2022

Alle bewijs was er, toch kon hij blijven verkrachten

Van bij zijn eerste slachtoffer, de twaalfjarige Malika O., was het Brusselse parket in het bezit van het DNA van de metroverkrachter. Ook een volgend slachtoffer bezorgde justitie DNA. Toch kon Taufik Ahaddouch veertien keer toeslaan. Hij werd halverwege zijn reeks gearresteerd en na drie maanden weer vrijgelaten. 'Toen klom hij bij mij binnen via het raam', zegt Céline Camps, slachtoffer nummer acht.

Dinsdagochtend, zaal 01.4 van het Brusselse justitiepaleis. De dranghekken waarmee de politie een week eerder een meute cameralui in goede banen moest leiden vanwege de komst van Marc Dutroux staan er nog. De zaal was toen te klein, nu is ze te groot. Vooraan gaat het dagelijkse gerechtelijke leven van agenda's en toga's zijn routineuze gangetje. Op een bankje achteraan wachten enkele dealers en dieven beduusd hun beurt af.

Céline Camps (28), haar moeder, haar zus en enkele vrienden hebben vakantie genomen om hier te zijn. Vandaag zal Céline haar verkrachter voor het eerst terugzien. "Ik ben niet bang. Ik wil dat hij ziet dat ik er ben. Dat ik het te boven ben gekomen."

Taufik Ahaddouch (23), de Brusselse metroverkrachter, werd in juni 2010 door de Brusselse correctionele rechtbank al veroordeeld tot tien jaar cel voor tien verkrachtingen. Nu moet hij terechtstaan voor drie andere die daarna pas op de radar van het parket zijn verschenen. Behalve Céline is geen enkel slachtoffer komen opdagen. "Als je je niet burgerlijke partij stelt, laat de rechtbank niks van zich horen", zegt ze. "Je moet er wat voor doen om hier te kunnen zijn."

Niet douchen

Céline Camps werd op dinsdag 29 september 2009 verkracht in de keuken van haar huurflat, vlakbij de KVS. Het was de enige verkrachting in Ahaddouch' reeks die zich niet afspeelde in of rond een metrostation.

"Het was vijf uur 's ochtends, de bel ging. Met enkel een dekentje om me ben ik aan het raam gaan kijken. Daar stond een jongen die in het Frans zei dat mijn raam openstond. Ik zei 'dank je', maar toen greep hij me vast en klom binnen. Hij pakte me bij de keel en zei: 'Als je roept, vermoord ik je.' Hij was sterk, heel zeker van zijn stuk. Hij zei dat hij had geobserveerd, dat hij wist dat ik alleen was. Hij blokkeerde mijn arm en duwde me in de richting van de keuken, mijn rechteroorlel is toen gescheurd. Even heb ik met het idee gespeeld een mes uit de lade te trekken, maar hij was te sterk. Je schakelt over op instinct, op zo'n moment. Ik moest hem pijpen. Hij heeft me op de grond geduwd en gepenetreerd."

Céline heeft het lastig met het idee dat zij zou worden verondersteld zich ergens over te schamen. "Dat doe ik gewoon niet", zegt ze. "Hij is klaargekomen, ik heb hem weggeduwd. Hij is opgestaan en zag mijn camera staan - ik werkte aan een film - en wou die pakken. Ik ben overeind gesprongen, heb geroepen: 'Je hebt mij al gehad, daar blijf je af!' Toen is hij vertrokken."

Net als elke vrouw heeft Céline altijd gehoopt dat het nutteloze kennis zou blijven. Nu is het een dwanggedachte. Niet douchen. Ze belt een vriendin. Die zal haar naar het ziekenhuis brengen voor een vaginaal onderzoek, zodat het sperma kan worden geïsoleerd en opgestuurd naar het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC), het Belgische CSI. Bij het NICC kunnen ze in de nationale pervertendatabank zoeken naar een match.

"Bij de politie was er net een ochtendlijke wissel van shifts. Ik heb daar twee uur zitten wachten op een bankje. Rillend, in shock. Je voelt je ontzettend smerig. Maar je denkt: dit is de enige manier om iets te ondernemen tegen die klootzak.

"Verkracht worden is een dure zaak. Je zelfbeeld ligt aan diggelen, je lijkt je leven niet langer in handen te hebben. Ik ben ingetrokken bij een vriendin. Overal, elke dag, dacht ik hem te herkennen in iemands silhouet. Ik ben in die periode zwaar gaan uitgaan, ik zat een jaar lang elke nacht op café. Schulden stapelden zich op. Ik ben meerdere keren verhuisd, voor ik me weer ergens thuis kon voelen. Opnieuw gaan studeren. Die vent heeft twee jaar van mijn leven afgenomen."

De vraag bleef hangen. Wie was hij? Een fragmentair antwoord kwam na enkele maanden. Hij was opgepakt, kreeg ze te horen. Voor "gelijkaardige feiten". Ze verbeeldde zich dat dat misschien wel aan haar te danken was, en dat die twee uren op dat bankje hun zin hadden bewezen.

Maar zo is het niet gegaan. We draaien de klok anderhalf jaar terug.

Niets zeggen, doorlopen

In Molenbeek wordt de avond van 8 op 9 april 2008 Malika O. (12) door een onbekende aangesproken in station Beekkant. Ze wordt meegesleurd naar een rijtjeshuis en verkracht. Malika ondergaat een onderzoek, er wordt sperma ontdekt van de dader.

Het staal wordt door de Brusselse substitute Sonia Isbiai als Pièce à Conviction (PàC) met nummer 19064/08 over- gemaakt aan het NICC, waar men er een DNA-profiel aan zal kunnen onttrekken.

Op 1 juni stapt Vanessa L. naar de politie met een klacht over een poging tot aanranding in een metrostation. Ze kon vluchten, en geeft een heldere persoonsbeschrijving. Tussenin is een tweevoudige verkrachting gesignaleerd van een vijftienjarig meisje uit Ivoorkust in de metro.

Op 5 november wordt in Laken de zestienjarige Sari M. verkracht in metrostation Pannenhuis. Ook zij ondergaat een vaginaal onderzoek. Ook nu is er bruikbaar genetisch materiaal. Het staal wordt op 6 november door de Brusselse substitute Liesbeth Verlinden met staalnummer PàC 31399/08 overgemaakt aan het NICC. Het DNA van de serieverkrachter van de metro is nu niet één maar twee keer overgemaakt aan de beheerder van de nationale pervertendatabank.

Zaterdagochtend 13 december 2008, uitgang metrostation Troon. Naseera B. (19) heeft de jongen al opgemerkt wanneer ze op de bus wacht. Naseera is kapster in opleiding en op weg naar haar eerste werkdag als stagiaire in een kapsalon in het centrum. De jongen, van Marokkaanse origine zoals zij, is in de bus naast haar komen staan. "Hij vroeg wat ik op dit tijdstip buiten deed", zegt Naseera in het proces-verbaal van verhoor, later die dag. "Ik zei dat ik naar mijn werk ging. Hij rook naar alcohol."

Midden in de bus, in het zicht van alle reizigers, eist de jongen dat zij hem kust. Doet ze dat niet, dan zal hij "geweld gebruiken". Naseera stapt uit aan de Beurs, de jongen grijpt haar hand en lost niet, hij sleurt haar achter zich aan. "Er waren mensen op straat", zegt Naseera. "Het was ochtend, er waren mensen die op weg waren naar hun werk. Ik zei 'stop' en ik weende, maar hij zei dat het hem niks kon schelen. Hij zei dat hij niets te verliezen had, want dat hij binnenkort voor de rechter zou komen en naar de gevangenis zou gaan."

De jongen sleurt haar mee naar een parkje. "Er was een oudere mijnheer met een hond", zegt Naseera in het pv. "De mijnheer keek naar ons. De jongen trok mijn broek uit, hij zei dat ik op mijn knieën moest gaan zitten." Daar, op een zaterdagochtend, klaarlichte dag, in het centrum van Brussel, wordt Naseera anaal verkracht.

Naseera rent naar huis en blijft zo lang als ze kan onder de douche staan. De politie zal later op basis van haar beschrijving een robotfoto verspreiden van de metro-serieverkrachter.

Ongesluierde vrouwen

Op maandag 5 januari 2009 volgt de verkrachting van Olivia H. Zij is in station Simonis aangesproken door een jongen van Noord-Afrikaanse origine. Haar relaas heeft een zeker femme de la rue-gehalte. De jongen noemt haar een slet, grijpt haar bij de pols en dringt aan: "Waarom antwoord je niet als ik tegen je praat?" Hij sleurt haar de trap af naar een afgelegen plek in het metrostation en eist dat ze hem pijpt. Ze verzet zich en krijgt klappen. De jongen tracht haar broek uit te trekken, maar net op tijd is daar het geluid van een voorbijganger. Olivia H. doet aangifte.

Op 29 januari wordt Lund B. (15) op metrolijn 1 lastiggevallen door een jongen die zich eerst nog netjes voorstelde: "Ik heet Taufik." Hij sleurt haar mee naar een garagebox, maar Lund blijft vechten en komt ervan af met een vertimmerd gezicht.

Taufik Ahaddouch heeft een dossier bij de jeugdrechtbank, staat bij de politiezone Brussel-West bekend voor diefstallen en vechtpartijen. Als Lund B. bij de politie een setje van 24 foto's krijgt voorgelegd, haalt ze er hem er meteen uit. Op 31 januari wordt Ahaddouch gearresteerd. Het strafdossier beschrijft zijn reactie als hij de handboeien opmerkt: 'Betrokkene verklaart dat hij het politiecommissariaat in brand zal steken en kondigt aan dat hij na het uitzitten van zijn straf een agente zal verkrachten.'

Ahaddouch wordt onderzocht door psychiaters, die hem op 11 april 2009 in een rapport beschrijven als "agressief", "narcistisch" en "minachtend ten aanzien van ongesluierde vrouwen". Goed twee weken later, op 24 april, wordt Taufik Ahaddouch vrijgelaten onder voorwaarden.

Verkrachter op dreef

"Ik ben verkracht door een kerel die even daarvoor was aangehouden voor zeven verkrachtingen, en daarna vrijgelaten", zo moet Céline Camps nu besluiten. "En van wie het DNA in tweevoud in de databank zat."

Er zijn meer Brusselse meisjes die dat kunnen zeggen. Op 19 oktober wordt Latifa A. (15) verkracht in station Clemenceau, een week later Saïda E. (18) in Weststation, op 15 november Nawal B. (15) in Beekkant en dezelfde dag Saadia J. (16) in Veeweide. Op 16 november wordt Ahaddouch gearresteerd. Hij ontkent opnieuw bij hoog en bij laag, maar wordt op 29 juni 2010 door de correctionele rechtbank veroordeeld tot 10 jaar cel voor tienvoudige verkrachting.

"Op de zitting kwam zijn broer herrie schoppen", weet Rosetta Albelice nog, pro-Deoadvocate van het enige slachtoffer dat zich burgerlijke partij stelde. "Hijzelf bleef volhouden dat het altijd met wederzijdse toestemming was. Dat ze hem zochten. Hij is tegen alle evidentie in blijven ontkennen."

De aanklacht vermeldt alle hierboven beschreven verkrachtingen behalve vier: die van Malika O., Sari M., Naseera B. en Céline Camps. De drie slachtoffers die justitie dachten te helpen door een vaginaal onderzoek te ondergaan zijn jammerlijk over het hoofd gezien.

Op 13 augustus 2010 heeft het NICC verheugend nieuws voor het Brusselse parket. Een rapport, met als hoofding in blokletters, MATCH: 'De DNA-profielen van de weergegeven stalen zijn identiek op basis van hun gemeenschappelijke genetische systemen. Dit resultaat ondersteunt de hypothese dat éénzelfde persoon de donor is van deze stalen.'

Wat heet: knap speurwerk.

Bij het NICC trok directeur-generaal Jan De Kinder op ons verzoek alle data nog eens na. In een ziekenhuislab staat 'opsporen DNA serieverkrachter' kennelijk zelden bovenaan de todolijst. Het op Malika O. gevonden sperma wordt in het UCL-ziekenhuis onderzocht, het NICC ontvangt het DNA-profiel op 16 maart 2009. Dat is bijna een jaar nadat het meisje is verkracht.

Het op Sari M. gevonden sperma wordt onderzocht in een lab van het NICC zelf, en daar gaat het iets sneller, maar ook niet echt supersnel. Het DNA-profiel wordt doorgestuurd op 13 februari 2009, drie maanden na de verkrachting.

Toen had men toch moeten zien dat dit tweemaal dezelfde dader was?

Jan De Kinder: "U moet weten: voor ons is dit materiaal anoniem. Wij kunnen en horen niet te weten aan wat voor zaak wij meewerken. Wij kunnen enkel zeggen: kijk, dit is voor ons tweemaal hetzelfde DNA."

De verkrachter zat begin 2009 in voorarrest. Is zijn DNA dan niet vergeleken?

"Voor zover ik kan zien niet. Er is indertijd blijkbaar geen DNA-staal afgenomen van deze persoon. Als het parket het niet nodig vindt om bij een verdachte een DNA-staal te nemen, dan is dat de zaak van het parket."

Wat met het derde staal?

"Dat hebben wij ontvangen op 5 augustus 2010 (tien maanden na de verkrachting van Céline Camps, DDC). Wij hebben een standaard-antwoordtermijn van één maand, ik stel vast dat het NICC die in elk van de drie gevallen heeft gehaald."

Zitting verdaagd

Zaal 01.4, vorige dinsdag. Vooraan in de rechtszaal neuzelt de rechter iets over de procedurele onmogelijkheid om de debatten te openen omdat de beklaagde geen advocaat heeft. Dat is een probleem. Ook in Brussel zijn advocaten van mening dat iedere burger recht heeft op een advocaat, maar nadat hij toppleiter Didier de Quévy liet opdraven en niet betaalde, en zijn broers herrie kwamen schoppen, is er blijkbaar niemand meer die kostbare tijd wil besteden aan de verdediging van Taufik Ahaddouch. In afwachting van een pro-Deoadvocaat wordt de zitting verdaagd naar 30 april.

Céline Camps kan alleen zuchten: "Naar huis dan maar zeker? Mijn verkrachter, die in de gevangenis van Ittre zit, was wel vooraf op de hoogte van het uitstel. Dat is wat mij het meest irriteert, hoeveel moeite je als slachtoffer moet doen. Je moet het allemaal zelf doen, niemand doet het voor je. Dan overloop ik die lijst van aanklachten, zie ik hoe vaak deze man op zoek ging naar tienermeisjes in armere delen van Molenbeek, waar meisjes altijd de schuld krijgen, en vraag ik me af: hoeveel slachtoffers staan er achter deze dertien?"

Alle namen van minderjarige meisjes zijn vervormd.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234