Zondag 02/10/2022

Als de Mossad iets belooft, dan doet ze het, ook 25 jaar later

Hoe Imad Mughniyeh, meesterbrein van de Hezbollah, werd geëxecuteerd door de Israëlische geheime dienst

De moordaanslag op Hamasleider Mahmoud al-Mabhouh in Dubai lijkt een kopie van de wijze waarop de Mossad in 2008 in Damascus z’n rekening vereffende met Hezbollahterrorist Imad Mughniyeh. Een kwarteeuw lang had Israëls gevreesde geheime dienst jacht op hem gemaakt. Een krantenfoto uit 1983 was onder handen genomen in het labo, gedragswetenschappers hadden zijn handel en wandel bestudeerd. En op een dag kwam een geheime vergadering in Tel Aviv tot een conclusie: ‘We doen het.’

Op zaterdagochtend 2 februari 2008 stapte een man uit de U-Bahn en ging wat wachten voor de uitgang van de metro op de Kurfürstendamm, de dure winkelbuurt van Berlijn. Zijn reis was begonnen in een wijk in het oosten van de stad, zijn doel zat in een koffertje. Er kwam een auto aangereden, de chauffeur zwaaide de passagiersdeur open, en samen reden ze weg. Wie de man was, wisten behalve de chauffeur alleen Meir Dagan en enkele hoge officieren van de Mossad in Tel Aviv. Ze hadden geduldig gewacht tot de passagier te pakken had gekregen wat zij wilden.Zes maanden eerder had de passagier zich voorgesteld als Reuben. Dat was niet zijn echte naam: die zat veilig opgeborgen in kluizen in het hoofdkwartier van de Mossad bij de namen van alle actieve katsas (veldagenten). Een paar dagen ervoor had de man een bericht achtergelaten in een van de overeengekomen geheime brievenbussen, die Reuben regelmatig checkte. Hij was klaar om te leveren wat er was gevraagd in ruil voor een aanzienlijke som euro’s. De helft was vooraf betaald, de andere helft volgde nu, bij levering van het koffertje. In het koffertje zat een dossier met foto’s van Imad Mughniyeh, de meest gezochte terrorist ter wereld na Osama Bin Laden.

Lang voor de Al-Qaidaleider zijn piloten in de richting van de Twin Towers en het Pentagon stuurde, had Mughniyeh zelfmoordterroristen geïntroduceerd in het Midden-Oosten. Het meesterbrein van de Hezbollahterreur had in de eigen kranten van Hezbollah, Al Sabia en Al Abd, een verhaal gelezen over de Japanse kamikazepiloten in de Tweede Wereldoorlog. Het artikel prees de piloten voor het offer dat ze brachten. In de straatjes en soeks van Beiroet had Mughniyeh families ervan overtuigd dat het erezaak was om een zoon te leveren voor zulke offerdaden. Ze groeiden uit tot de favoriete menselijke wapens tegen Israël en later in Irak en Afghanistan. In de loop der jaren werden de martelaars tijdens het vrijdaggebed herdacht in de koelte van de moskeeën, mensen die moëddzin hadden opgeroepen om alles te vernietigen wat de Hezbollah niet zon.Mughniyeh werd gezocht door de Mossad, de CIA en eigenlijk elke andere westerse geheime dienst. Telkens als ze hem bijna te pakken hadden, kon hij ontkomen en liep het spoor weer dood. Tot die ene keer dus, op die koude winterdag in februari 2008.In het dossier zat een grijs document met het stempel van een van de machtigste organisaties binnen de voormalige DDR. Het stempel gaf aan dat het document ooit eigendom was geweest van de Stasi. In het dossier zaten foto’s van Imad Mughniyeh die waren genomen nadat hij plastische chirurgie had ondergaan. Zijn gezicht oogde compleet anders dan op die ene foto in kranten en magazines na een bijeenkomst van de Hezbollah in september 1983. In 1984 was Mughniyeh in rook opgegaan, bijna een kwarteeuw lang had hij zijn belagers kunnen ontlopen. Nu, op deze ochtend in februari, had hij eindelijk weer een gezicht.Mughniyeh had in 1983 de aanslag op de Amerikaanse ambassade in Beiroet beraamd (63 doden). Een jaar later organiseerde hij de ontvoering van William Buckley, plaatsvervangend hoofd operaties van de CIA in Beiroet. Hij regelde het bombardement op de barakken van het Amerikaanse leger op de luchthaven van Beiroet (241 doden). Tussendoor had hij kapingen verricht en westerlingen doen ontvoeren. Mughniyeh werd verantwoordelijk geacht voor de moord op 400 mensen. Al sinds 1982 was de Mossad naar hem op zoek.

In 2002 nam Meir Dagan het roer over bij de Mossad. Hij deed wat al zijn voorgangers hadden gedaan: hij bestudeerde de dossiers. De zelfmoordaanslagen gingen onverminderd door. Dagan maakte er een geloofspunt van dat hij als tiende menume, de nummer 1 van de Mossad, zou afrekenen met Mughniyeh.Dagan vroeg psychiaters, gedragswetenschappers en profilers om zich te concentreren op de mogelijke verblijfplaats van Mughniyeh en op de beste manier om hem te doden. Er was consensus over dat een autobom de ideale manier was. “Dat zou poëtische gerechtigheid zijn”, zei een specialist. Maar het enige waarmee ze aan de slag konden, was die ene krantenfoto uit 1983.Op de foto heeft Mughniyeh een volle baard, een spitse kap bedekt zijn haar, een bril zonder montuur verbergt zijn ogen. Specialisten verwijderden nu met computertechnieken baard, bril en kap en verouderden hem tot een 45-jarige man. Ze vonden aanwijzingen dat zijn gezicht plastische chirurgie had ondergaan. De littekens wezen uit dat dat minstens vijf jaar eerder gebeurde.In juni 2007 kwam de doorbraak. Na het einde van de oorlog met de Hezbollah in Zuid-Libanon kon de Mossad geleidelijk Israëlische Arabieren op de Westelijke Jordaanoever rekruteren die gekant waren tegen de Hezbollah. Een van de informanten had familie in een dorp nabij de geboorteplaats van Mughniyeh. Een vrouw had van een vriend van de familie gehoord had dat Mughniyeh naar Europa was gereisd nadat hij een poosje op een geheim adres van het Syrische regime had verbleven. Hij had kaartjes gestuurd vanuit Parijs, Frankfurt, München en Berlijn. Het was weinig om mee aan de slag te gaan, maar het was een begin.Eerst trok een Mossadagent naar Zuid-Libanon om te praten met de nicht van hun informant. De nicht was er zeker van dat Mughniyeh zich opnieuw in de Syrische hoofdstad Damascus bevond, en ze wist te vertellen dat hij er helemaal anders uit zag.

Op zondag 3 februari 2008 zat Meir Dagan een vergadering voor in de vergaderzaal naast zijn bureau. Op tafel stonden kannen water en koffiepotten voor de mensen rondom hem: het hoofd van de Shin Bet, de Israëlische binnenlandse veiligheidsdienst, de nationale veiligheidsadviseur, de politiek adviseur van premier Ehud Olmert, de militaire advocaat-generaal van het Israëlische leger. Naast Dagan zat zijn hoofd operaties. In een hoek van de kamer stonden een stoel en een tafel waaraan normaal de man zat die het verslag opstelde. Maar de stoel was leeg. Er zou geen bewijs zijn dat de vergadering ooit had plaatsgevonden.Tijdens die vergadering werd het lot van Imad Mughniyeh bezegeld. Zijn executiebevel zat in een map naast Dagan op tafel. Het was ondertekend door de toenmalige premier Ariel Sharon en bevestigd door Ehud Olmert. Elke aanwezige had een kopie van het dossier van Reuben voor zich liggen. Het bevatte stilstaande beelden uit een filmpje, 34 in totaal. Ze toonden de verschillende fasen van plastische chirurgie die Mughniyeh had ondergaan. Eerst was zijn baard afgeschoren en waren de littekens verwijderd. Bij de foto waren de in het Hebreeuws vertaalde oorspronkelijke Duitse vaststellingen gevoegd, die beschreven dat de littekens op de wangen, de kin en de slapen dateerden uit 1993 en het gevolg waren van chirurgie in een kliniek in Tripoli in Libië. Close-upbeelden toonden details van het werk van de chirurg in Oost-Duitsland. De ogen hadden een andere vorm gekregen door de huid strakker te trekken. Uit zijn kin was een stukje bot verwijderd en terug ingenaaid om een dunnere kinlijn te creëren. Zijn haar was gekleurd met respectabel ogend grijs. De bril was vervangen door contactlenzen.De mensen rond de tafel oordeelden dat een autobom de aangewezen methode zou zijn. Maar er waren problemen. De kans was groot dat Mughniyeh op zijn hoede was vanwege eerdere executies met autobommen van bondgenoten. Hij gebruikte waarschijnlijk niet zijn eigen auto, maar die van zijn bodyguards. Over hen was weinig geweten. De informatie van de Mossadagent dat Mughniyeh zich opnieuw in Damascus bevond en er “heel anders” uitzag, moest gecheckt worden.Het was Meir Dagan die het gesprek onderbrak. Hij herinnerde de anderen eraan dat negen dagen later, op 12 februari 2008, een historische gebeurtenis zou plaatsvinden in Teheran en andere Arabische landen. Ze zouden de 29ste verjaardag vieren van de Iraanse Revolutie van Ayatollah Khomeini. In Syrië zou dat gebeuren met een receptie in het Iraans Cultureel Centrum, aangeboden door de pas benoemde Iraanse ambassadeur in Syrië, Hojatoleslam Ahmad Mousavi. Het zou een geschikt moment zijn voor hem om voorgesteld te worden aan Imad Mughniyeh. Volgens Dagan was er een grote kans dat Mughniyeh, als hij zich inderdaad in Damascus bevond, aanwezig zou zijn. De uitnodiging weigeren zou niet alleen zijn Syrische gastheren beledigen, maar ook de mullahs van Teheran en hun ambassadeur. Meir Dagan kwam tot een conclusie: “We doen het.”

Tegen maandag 4 februari 2008 waren de drie mensen gekozen die de executie zouden uitvoeren gebruiken. Ieder had een codenaam gekregen die overeenkwam met het paspoort dat hem overhandigd was. De documenten werden vervaardigd in het reisdepartement van de Mossad, op basis van wat voorhanden was in de voorraad paspoorten.Pierre, de Fransman, had een adres in Montpellier en was automechanicus van beroep. Manuel, houder van het Spaanse paspoort, had een huis in Malaga en werd omschreven als reisgids. Ludwigs Duitse paspoort gaf hem een adres in München, waar hij werkte als elektricien.De namen, adressen en beroepen waren echt, want ze pasten bij sayanim, Joodse vrijwillige dekmantels op wie de Mossad soms een beroep doet voor zijn operaties. Terwijl de documenten klaargemaakt werden, memoriseerden de drie agenten hun ‘legenden’, de verhalen die ze zouden opdissen als ze ondervraagd zouden worden door de Syrische douane, politie of veiligheidsdiensten. Elk verhaal was zo simpel mogelijk: Pierre kon met kennis van zaken over auto’s praten, Manuel over toeristische bezienswaardigheden in Zuid-Spanje, Ludwig over elektriciteit.Ondertussen checkte het reisdepartement de vluchten naar Damascus. De agenten moesten apart reizen in economy en op verschillende tijdstippen arriveren. Pierre moest eerst aankomen, er zou een huurauto voor hem klaarstaan. Op zondagochtend 10 februari 2010 ging Pierre op Charles de Gaulle in Frankrijk aan boord van Air France-vlucht 1519 met bestemming Damascus. Vanuit Madrid kwam Manuel met Jordanian Airways aangevlogen. Een uur later was Alitaliavlucht AZ 7353, met Ludwig aan boord, opgestegen op de luchthaven Malpensa in Milaan. Kort daarop legden de drie mannen hun tassen in de koffer de gehuurde auto en reden ze met Pierre aan het stuur de stad in.Laat die avond deden ze een geheime brievenbus aan en lokaliseerden ze een garage die voor hen was geregeld. Ze pikten de explosieven op en een kleine draagbare radio; de sleutel van de garage lag in de brievenbus. In de garage prepareerden ze de bom, die verborgen zou worden in de radio en geplaatst zou worden op de hoofdsteun van de passagierszetel. Tegen zonsopgang waren ze klaar.In de middag reden ze naar het Iraans Cultureel Centrum. Het was groter dan foto’s van de sayanim suggereerden. Het stond tegen de straat aan, vlakbij waren vluchtwegen. Het plan dat ze hadden opgesteld, zou werken. Tevreden keerde het team terug naar de garage. Niets wees erop dat iemand de deur had opengedaan: het sigarettenvloeitje dat ze eronder hadden gelegd, lag er nog.Wat ze in de 20 daaropvolgende uren deden, blijft een mysterie.

Om 19 uur dinsdagavond 12 februari stond het team opnieuw bij het Iraans Cultureel Centrum. Ludwig posteerde zich op één straathoek, Manuel op de andere. Pierre reed met de gehuurde auto wat verder de straat in, in de richting van het aankomende verkeer. Hij activeerde de bom op de hoofdsteun. Binnen in de radio begon de timer te tikken. De klok liep vier uur. Het was nu 19.30 uur.Geleidelijk aan arriveerden de gasten voor de viering van de Iraanse Revolutie. Om 20 uur kwam de Iraanse ambassadeur aan. Geen van de gasten leek op de man op de foto’s die Reuben doorgestuurd had.Om 21 uur draaide een zilverkleurige Mitsubishi Pajero de straat in, die zich dicht bij de plaats parkeerde waar Ludwig en Manuel stonden. De chauffeur en de passagier namen even de omgeving in zich op.Toen ging de passagiersdeur open en stapte Imad Mughniyeh uit. Hij droeg een donker kostuum, zijn baard was netjes getrimd. Hij begon te wandelen in de richting van de geparkeerde huurauto. Toen hij zich op gelijke hoogte bevond, was er een enorme explosie, die de auto aan flarden reet en Mughniyeh onthoofdde. Sommige lichaamsdelen van hem werden later 20 meter verder gevonden. Nog voor de eerste schreeuwende gasten het Cultureel Centrum uit kwamen gerend, waren de drie executeurs verdwenen.Later werd gesuggereerd dat in een straat in de buurt een auto klaarstond en dat Pierre met zijn team naar een vooraf afgesproken oppikpunt in het zuiden van Syrië reed, waar een helikopter van de Israëlische luchtmacht hen kwam ophalen. Ooggetuigen zeiden dat ze een helikopter in de richting van de zee zagen vliegen. Volgens een ander rapport verlieten ze Damascus op nachtvluchten naar Europa. Niemand zal het ooit zeker weten.Een paar dagen na de begrafenis van Mughniyeh kreeg zijn moeder een envelop in de bus. Hij bevatte een kopie van een van de foto’s van Mughniyeh na zijn plastische chirurgie. Hij was haar derde zoon die omkwam door een Mossadbom.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234