Maandag 26/09/2022

Als de perfecte storm

Raf Simons was de man die in de jaren 90 de straatcultuur naar de catwalk bracht. Een groot contrast met de Parijse chic van Dior, maar een jaar na zijn aanstelling verbaast de Belgische ontwerper vriend en vijand met zijn talent. Modeautoriteit Vanessa Friedman gaat op zoek naar de sleutel van zijn succes.

Als je een personeelsadvertentie zou opmaken voor de ideale creatieve directeur van het Franse modehuis Christian Dior, dan zou de Belgische ontwerper Raf Simons wellicht niet eens in aanmerking komen. Hij kan niet de onwaarschijnlijke verhalen voorleggen die je associeert met de beroemdste modeontwerpers. Hij maakte als kind geen kleertjes voor zijn teddybeer. Hij verzwolg niet stiekem de modemagazines van zijn moeder. Hij droomde niet van een wereld van jurken en fantasie. Hij volgde zelfs geen kunstonderwijs. Toen hij zijn eigen merk stichtte, was dat een kledinglijn voor mannen geïnspireerd op straatkinderen. Toen hij uiteindelijk ook kleren voor vrouwen ging maken, was dat voor Jil Sander, die bekendstaat om haar strak minimalisme - zelf draagt hij ook bijna alleen zwart en marineblauw.

En toch, toen Dior in april vorig jaar - iets meer dan een jaar na het publieke ontslag van de vorige artistieke directeur, John Galliano, die in een drugs- en alcoholroes een antisemitische tirade had afgestoken - meldde dat de nieuwe creatieve baas de 45-jarige Simons zou zijn, was de reactie binnen en buiten het huis extatisch. Deels omdat hij het tegendeel lijkt van Galliano, die bekendstond om zijn wilde grillen op en buiten de catwalk. En ook een beetje omdat Simons net ontslagen was bij Jil Sander - onterecht, vonden de meesten in de modewereld - omdat hij plaats moest ruimen voor de terugkeer van de stichtster van het merk. Maar vooral omdat, zoals Pamela Golbin, hoofdcurator mode en textiel aan het Musée des Arts Décoratifs, zegt "het de luxestatus van vandaag herdefinieerde. In tijden van economische en politieke voorzichtigheid kozen ze iemand met spectaculair veel talent, die niettemin terughoudend is."

Volgens Sidney Toledano, voorzitter en CEO van Dior, belde zelfs Franco Pene, voorzitter van Jil Sander, hem toen zijn benoeming bevestigd was op "om te zeggen dat we de juiste keuze hadden gemaakt".

"Raf is zoals de perfecte storm", zegt een oude vriend en collega, die liever anoniem wenst te blijven omdat Simons zijn privéleven wil beschermen. "Je ziet hem niet aankomen, en dan blaast hij je gewoon van je sokken."

Dat een modemaker zoals hij de top van de modewereld bereikt - "In Frankrijk is Dior een cultureel monument, geen merk", zegt Golbin - is de ultieme bevestiging dat de sector een nieuwe fase is ingegaan. "Er was een tijd", zegt Toledano, "dat nieuwe ontwerpers een huis wilden binnenkomen om het met de grond gelijk te maken. Nu beseffen ze: je past Dior niet aan aan de ontwerper, je past de ontwerper aan aan Dior."

Mode als dialoog

Wat is de essentie dan van het merk? Volgens Simons is dat 'vrouwelijkheid', het blijvende stempel van Dior sinds de gelijknamige ontwerper in 1947 zijn New Look introduceerde in New York. Zoals de ontwerper graag benadrukt draait alles in de mode om conversatie - tussen ontwerper en merk, verleden en heden, merk en vrouwen. "Mode is een dialoog met de buitenwereld", zegt Simons in een poging om uit te leggen waarom hij er gek op is. "Het is niet altijd gemakkelijk, maar het is continu."

Wat zijn eigen werk typeert werd duidelijk in zijn eerste collectie voor Dior, die gebaseerd was op de klassieke Bar-tailleur uit 1947 - met een golvend, gemodelleerd silhouet - en zijn feestjapons uit de jaren vijftig. Raf Simons stroomlijnde en moderniseerde.

Die geest bleek ook uit het borduurwerk dat de haute-couturecollectie van januari kenmerkte. Op het eerste gezicht zag het eruit als 3D-bloemen, maar van dichtbij zag je dat het gedompeld was in een neongroene harsachtige was om te lijken op elektrische bedrading.

Het was ook duidelijk in de manier van werken van Simons voor de show, waarbij zowat het hele atelier stond toe te kijken terwijl modellen paradeerden in een kleine kamer en hij met de verzamelde petits mains fluistert en peinst over aanpassingen. Vervolgens applaudisseerden ze voor elkaar, bij wijze van wederzijdse waardering.

"Hij is constant aan het observeren en aan het bijleren", zegt modist Stephen Jones, die al jaren met Simons en Dior werkt. "Raf praat met iedereen", zegt ook Toledano. "Hij slaat een babbeltje in de lift, in het atelier..." En hoewel die dialoog vaak aangehaald wordt als iets nieuws, wijst Simons zelf erop dat dat in het geval van Dior eigenlijk een bouwsteen van het huis is. In 1956 schreef Dior zijn autobiografie Christian Dior et moi, over zijn eigen voortdurende debat tussen zichzelf als merk en zichzelf als individu. Simons heeft die discussie gewoonweg uitgebreid om ontwerper en directie, en ontwerper en atelier te betrekken. "Hoe ga je vooruit?", vraagt Simons. "Het commerciële team kan het niet alleen doen, de financieel directeur kan het niet alleen doen - je moet een dialoog hebben."

Dat is vooral het geval als dat 'het' een merk is zoals Christian Dior, dat volgens Golbin onder zijn stichter goed was voor 50 procent van alle Franse mode-export en later de hoeksteen werd van LVMH, het luxe-imperium van Bernard Arnault. In januari meldde Dior dat het in 2012 een omzet van 1,24 miljard had geboekt (de kledingverkoop steeg met 24 procent in 2011), 200 winkels had en 4.000 mensen tewerkstelde - en dat ondanks een beladen recent verleden.

Toen Galliano van zijn voetstuk tuimelde, voelden het atelier en het concern zich verraden. Maar in de sector was er wel liefde en respect voor de ontwerper - een erkenning van zijn talent en wat hij had bijgedragen aan Dior, en het gevoel dat de modecyclus, met zijn meedogenloze eisen, misschien ten dele verantwoordelijk was. Het was een delicate situatie voor opvolgers, en velen schrokken terug voor de verantwoordelijkheid.

"Een huis van deze omvang is niet weggelegd voor veel ontwerpers", zegt Robert Burke, een consultant inzake luxegoederen en vroeger vicevoorzitter van Bergdorf Goodman. "Dior nam de tijd die ze nodig hadden om de beste persoon voor de job te selecteren. Maar natuurlijk, Galliano en Simons zijn heel anders als ontwerpers en als persoonlijkheden."

"Hij was niet ons eerste idee, dat klopt", zegt Toledano. Dior overwoog volgens hem vijf tot tien kandidaten. "Maar het was duidelijk dat we nood hadden aan een nieuwe richting."

Grote modeopenbaring

Simons groeide op als enig kind in Neerpelt. Zijn vader was militair, zijn moeder poetsvrouw. Hij ging naar een katholieke school, "die alleen maar ging over wiskunde en Latijn en dokter of advocaat worden". Op zijn achttiende kwam hij erachter dat je ook architectuur en design kunt studeren. Hij nam de bus om een kijkje te nemen in de hogeschool waar je dat kon doen, en "daar hingen al die gasten rond, te roken", herinnert hij zich, "en dat was het".

Hij studeerde industrieel design: "Hoe je een bak voor 24 flesjes maakt." Tussen zijn derde en vierde jaar kwamen de zes van Antwerpen op - een groep ontwerpers met onder anderen Ann Demeulemeester en Dries Van Noten - die voor een schokgolf in de modewereld zorgden, en Raf Simons kreeg dat in de gaten. Hij deed stage bij nog iemand van de zes, Walter Van Beirendonck, en werkte aan de presentatie en decoratie van zijn toonzalen en collecties.

Simons kreeg zijn grote modeopenbaring in 1991 tijdens een show van Martin Margiela. "Ik ging er met een bepaald idee over kleren binnen en kwam buiten met een totaal andere opvatting", zegt hij.

Hij lanceerde zijn eigen mannenmerk in 1995 en dat is hij sindsdien blijven doen (hij nam wel ooit zes maanden vrij toen hij vond dat het te groot geworden was). Het is gevestigd in Antwerpen, heeft een omzet van 3 miljoen euro en acht werknemers. Hij doceerde onder meer aan de Universiteit voor Toegepaste Kunsten in Wenen en hield zich bezig met tal van zijprojecten. In 2005 trok Prada, dat toen eigenaar was van Jil Sander, hem aan de arm. Jil Sander had net voor de tweede keer haar eigen merk verlaten - ze ging een eerste keer weg in 2000, keerde terug in 2003 en nam achttien maanden later alweer ontslag. Ook al had hij nooit eerder vrouwenkleren gemaakt, toch nam Simons de uitdaging aan. Zeven jaar lang zou hij het label alsmaar meer roem bezorgen en het strenge minimalisme van Jil Sander bijschaven tot het ook een zachtere, sexyer uitstraling kreeg.

In die jaren veranderde het merk twee keer van eigenaar - in 2006 verkocht Prada het aan het private-equitybedrijf Change Capital Partners, dat het in 2008 verkocht aan Onward Holdings, een Japanse modegroep. Simons voelde zich alsmaar meer geïsoleerd. Vorig jaar kwam Sander nog eens terug, en verloor Simons zijn baan.

Hij had in de loop van de jaren al een paar keer met Toledano gesproken, en die gesprekken werden hervat. "Ik denk dat het normaal is dat je die gesprekken hebt", zegt Simons. "Slimme bedrijven plannen voor de toekomst en dat houdt in dat je weet wie voorhanden is. Het hoeft daarom niets te betekenen. Ik heb in de voorbije jaren minstens acht van zulke gesprekken gehad met verschillende huizen."

"Ik zat in Marrakech toen ik besloot hem op te bellen", zegt Toledano. Simons had een ontmoeting met Delphine Arnault, de dochter van Dioreigenaar Bernard Arnault en de adjunct-managing director van Dior, en daarna met Toledano - en toen met Arnault zelf. "Raf kwam niet met een paar advocaten in zijn zog", zegt Toledano. "Sommige ontwerpers hebben een entourage, maar hij kwam alleen. En hij stelde een hoop vragen over wat iedereen deed. Vooral ongebruikelijk was dat hij als hij iets niet begreep, vroeg: 'Wat bedoel je daar precies mee?'"

Eind maart werd hem de job aangeboden. "Ik wist dat hij een sterk gevoel voor architectuur deelde met Christian Dior", zegt Toledano. Burke beaamt: "Dior had een groot instinct voor structuur en snit, wat Raf opnieuw versterkte door zijn expertise met mannenkleding, en overbracht op vrouwencollecties."

"Van alle ontwerpers die we zagen, deed hij het hardst moeite om Dior persoonlijk te begrijpen", zegt Toledano. Simons flirtte inderdaad even met Dior-de-man tijdens zijn laatste jaar bij Sander, toen hij de geschiedenis van de couture onderzocht. "De ontwerper met wie ik de grootste affiniteit voelde, was Dior. Dat verraste me. Ik had me altijd meer aangetrokken gevoeld door ontwerpen die conceptueel, heel intellectueel en complex waren. Maar er was iets bevrijdends aan het idee dat je je kon concentreren op vrouwen en schoonheid."

Of ze zich dan geen zorgen maakten omdat ze iemand in dienst namen die nooit haute-couture had gedaan? "Wie heeft tegenwoordig nog ervaring met haute-couture?", vraagt Toledano. "Er is Karl Lagerfeld, Gaultier en nog een paar, en die hebben allemaal een baan. We moesten een risico nemen. Maar we wisten dat Raf begreep hoe je een kledingstuk bouwt."

De grootste aandeelhouder van Dior, Bernard Arnault, wordt vaak afgeschilderd als een 'wolf in een kasjmierjas', maar Simons ontmoette een man die het merk altijd aan zijn hart heeft gedrukt sinds hij zich inkocht in 1985. Voor de ontwerper "leken ze als een familie: ze gingen ervoor op de lange termijn". Hij voelde zich ook aangesproken door de omvang van het bedrijf en de implicatie dat hij kleren zou moeten maken die veel mensen aantrekkelijk vinden. "Ik wil niet in een niche zitten", zegt hij. "Dat had ik bij Jil, en ook al wil de wereld je in een hokje steken, toch is dat te beperkend."

In het begin verzaakte hij nog aan de glamour van Dior en opteerde hij er bijvoorbeeld voor om zelf naar Antwerpen te rijden, tot hij naar eigen zeggen in slaap begon te vallen achter het stuur en Toledano erop aandrong dat hij een chauffeur zou nemen. (Hij zit om de week in Antwerpen om te werken aan zijn eigen merk, waardoor hij een privéleven kan uitbouwen, wat misschien niet mogelijk zou zijn als hij constant in Parijs verbleef.)

Hij past zich aan. Nu vindt hij het fijn om een chauffeur te hebben, zodat hij kan lezen, bellen en slapen. Simons is een nachtmens. Hij zegt dat hij pas begint te functioneren rond de middag, en ook al doet hij zijn best om voor tien uur bij Dior te zijn, toch weten de meesten van zijn collega's dat hij "zowat een half uur een zombie is". Hij vindt het moeilijk om voor één uur zijn bed in te duiken. Vaak krijgt hij zijn beste ideeën om drie uur 's nachts, en dan krabbelt hij die neer op een gele post-it of sms't hij ze naar zichzelf. "Ik sms veel", zegt hij, op een verschrikkelijk oude gsm. Hij werkt heel hard en is daarbuiten gepassioneerd door kunst.

Slapend drinken

Simons' enige 'zonde' is roken - ongeveer een pak Marlboro's per dag - maar hij wil stoppen. In januari maakte hij een einde aan zijn verslaving aan Coca-Cola Zero. Hij dronk twee grote flessen per dag, had er altijd één naast zijn bed staan en moest vaak vaststellen dat die leeg was wanneer hij ontwaakte - "Ik moet dus gedronken hebben in mijn slaap". Hij begon zich echter zorgen te maken over het aspartaam erin en drinkt nu water. Hij kookt niet vaak in Parijs, maar wel in Antwerpen. En hij hield er jaren geleden mee op uit te gaan in clubs. "Een deel van hem is heel analytisch", zegt Jones. "Maar een ander deel van hem is heel passioneel."

Het typeert Simons dat hij alleen zijn trouwe assistent Pieter Mulier - de huidige hoofdontwerper van accessoires, die hij net na diens afstuderen in dienst nam en die ook geen traditionele modeachtergrond heeft - en één andere voormalige medewerker mee naar Dior nam. Verder heeft hij niets veranderd aan de personeelsbezetting.

"De eerste dag dat een ontwerper arriveert, hebben we een ritueel", zegt Toledano. "We halen iedereen uit het atelier naar de grote zaal en stellen hem voor. Maar daarna ging Raf terug naar boven om nog wat meer te praten. Dat had ik nooit eerder gezien."

Insiders zeggen dat de manier van werken van Simons een verrassing was voor velen bij Dior. Anders dan Galliano, die vooral communiceerde via zijn assistent Steven Robinson - wiens dood in 2007 wellicht mee verantwoordelijk was voor de neergang van de ontwerper - beperkt Simons de communicatie niet tot Mulier, maar betrekt hij het hele team. Simons zegt dat Dior ondanks zijn grootte gemakkelijker is dan zijn eigen merk, omdat hij er niet de ultieme verantwoordelijkheid voor draagt; hij beschouwt zichzelf als één deeltje van een grote organisatie.

"Mijn meest nerveuze moment", zegt hij, "is als het kledingstuk in mijn hoofd zit maar nog niet in zijn vorm. Dan ben ik er niet zeker van dat het zal werken." As hij het eenmaal gezien heeft, zegt hij, kan hij beoordelen of het interessant is of niet, en hoeveel wijzigingen er nog moeten gebeuren.

Nieuwe klanten

De kledingverkoop is gestegen sinds de eerste collectie van Simons en - belangrijker - de leeftijd van klanten daalt. "We hebben nieuwe klanten uit Brazilië, Rusland, Azië...", zegt Toledano. De warenhuizen zijn het eens: in Londen wijdt Harrods momenteel alle vitrines aan het merk. Daarnaast creëerde het een pop-up shop voor de producten en biedt het Diorthee en -cupcakes aan in een speciaal 'Dior Café'.

"Er was een periode in de jaren tachtig en negentig", zegt Simons, "dat het allemaal om de ontwerper draaide. Toen kwamen er stylisten en ineens liep alles door elkaar; het was onmogelijk om vrouwen een look op te dringen. Maar ik vind dat fantastisch - vrouwen de mogelijkheid geven om voor zichzelf te denken." Hij pauzeert even en kijkt rond in de kamer, strekt zijn in het zwart geklede benen voor zich, richt zijn diepblauwe ogen op mij en vraagt: "Wat denk je?"

Lovende recensies

"Raf Simons heeft bewezen dat hij meer is dan een creatief directeur. (...) Mr. Simons speelt met de bekendste silhouetten van Christian Dior, maar de algemene indruk van het hele defilé is iets radicaal nieuws."

The New York Times

"Alle twijfelaars werden het zwijgen opgelegd door zijn spectaculaire debuutcollectie, die algemeen werd onthaald als niets minder dan een triomf." Vanity Fair

"Zijn defilé voor de Dior-zomercollectie 2013 was een hoogstandje van 21ste eeuws modernisme, waarin alle codes van zuiverheid en eenvoud werden uitgedaagd."

International Herald Tribune

"In veertien overweldigende minuten - en de maanden werk die eraan vooraf gingen - heeft hij Dior een plek gegeven die het lang niet meer heeft gehad. Een plek waar kleren meer zijn dan glossy omhulsels die enkel dienen om dure handtassen en cosmetica te doen verkopen."

Womens Wear Daily

"De Belgische ontwerper heeft zich bevrijd van elk dictaat dat de mode oplegt, voor een boeiend spel tussen traditie en moderniteit"

ELLE France

Raf Simons tussen drie Dior-modellen die zijn haute- coutereontwerpen dragen.

Links en rechts: drie ensembles uit de prêt-à-portercollectie van Simons voor Dior. De witte jas is geïnspireerd op de BAR-tailleur van Dior uit 1947 (onder).

De haute-coutureshow van Simons tijdens de modeweek in Parijs in januari.

Raf Simons na zijn laatste Jil Sandershow op de modeweek van Milaan in 2012.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234