Woensdag 17/08/2022

Als genot onbetaalbaar wordt

cultuur is (g)een volkssport

vzw 'recht op' helpt mensen in armoede aan cultuur

Netwerkverbreding lijkt een duur woord uit het jargon van de vips, maar in de Antwerpse Kielwijk probeert de vzw Recht Op via netwerkverbreding de armen uit de buurt uit hun isolement te halen. In dat proces speelt cultuur een belangrijke rol. De vzw probeert daarbij zoveel mogelijk drempels weg te nemen. Drie jaar na de start van het project is cultuur voor de armen in de buurt onmisbaar geworden.

Antwerpen

Eigen berichtgeving

Wilfried Eetezonne

Nadat SP.A-voorzitter Patrick Janssens in de Toneelhuis-publicatie Wie Slaapt vangt Geen vis (DM 31/10/01) de sociale mix op de agenda zette, zijn er in het participatiedebat twee tegengestelde meningen ontstaan. De ene groep vindt dat de moeilijke doelgroepen naar de cultuurtempels gelokt moeten worden via allerlei kortingen of cheques. Anderen vinden dan weer dat de cultuurtempels naar de mensen moeten gaan. De vzw Recht Op, die iets doet aan armoedebestrijding door armen in contact te brengen met niet-armen, volgt de eerste optie.

Armen uit de wijk kunnen naar theater, bioscoop, ballet, opera of musical samen met buren die het wat beter hebben of die welstellend zijn. De vzw betaalt de kaartjes, regelt het vervoer en zorgt eventueel voor een babysit. Achteraf wordt het avondje cultuur besproken in het cultuurcafé, dat de vzw om de twee weken organiseert in het buurthuis; ook het plaatselijke cultureel centrum werkt aan het project mee.

"Eigenlijk zijn we begonnen vanuit het idee dat armen in hun kennissenkring ook enkel maar armen kennen", zegt Chris Haesendonckx, die als maatschappelijk werkster vanuit het Regionaal Instituut Samenlevingsopbouw aan het project verbonden is. "We proberen het contact tussen de wereld van de armen en niet-armen te stimuleren om het sociale netwerk van de armen te verbreden. Dat was ons basisidee. Toen kwamen we op het idee om armen en niet-armen samen te laten deelnemen aan culturele activiteiten."

Diane Moras (coördinatrice Recht Op): "We merkten ook dat de mensen die deelnamen aan wijkfeesten of buurtvergaderingen steeds bij elkaar in een groepje gingen zitten. Het lukte wel om die mensen daar naartoe te krijgen, maar ze bleven geïsoleerd in hun eigen groep."

Kwamen de mensen zelf vragen om eens naar het theater te gaan?

Haesendonckx: "Ze waren geen vragende partij, maar toen we het hen aanboden hebben ze meteen toegehapt. Het was dus wel een sluimerende behoefte. Als mensen de kans krijgen om aan cultuur te participeren, is de behoefte en de goesting bij armen net zo groot als bij andere mensen. Onze mensen zeggen nu dat ze het niet meer kunnen missen. Het is ontspanning, eens weg van de problemen. En vooral, ze komen op plaatsen waar ze anders nooit zouden komen, wat een integratie-effect geeft."

Jullie kiezen bewust voor een individuele benadering.

Haesendonckx: "Ons project is juist de vermenging van twee werelden. We laten binnen het project ook geen arme op stap gaan met een andere arme. Dat mogen ze doen in hun vrije tijd, maar het is niet onze bedoeling. Als je met armen in groep naar het theater gaat, blijven ze ook weer in diezelfde groep. Bovendien bepalen onze mensen zelf waar ze naartoe willen. In groep moet er altijd een consensus zijn."

Moras: "Of wordt er altijd gekozen voor het gekende, het vertrouwde."

Haesendonckx: "Af en toe gaan we ook wel eens in groep. Onlangs was er een leuk project van deFilharmonie en hoewel het toch om klassieke muziek gaat, waren de kaartjes zeer gegeerd. Maar er moet een goed aanbod komen vanuit de cultuursector."

Doet de sector dat te weinig? Theaters nodigen toch vaak kansarmen uit?

Haesendonckx: "Daarin moet je voorzichtig zijn. De sector zet inderdaad een aantal stappen in de goede richting en we kunnen hen daarvoor enkel dankbaar zijn, maar de uitwerking van al die goede bedoelingen kan beter. Als je de zaal openzet voor grote groepen kansarmen of migranten bied je hen wel cultuur aan, maar de integratiefactor valt weg. Bovendien bevestig je een aantal vooroordelen. Zo kregen we drie dagen op voorhand vijftig kaartjes voor de musical Kuifje, de Zonnetempel met de vraag om ze eens te verdelen. In zo'n korte tijd valt dat niet te organiseren en onze mensen krijgen het gevoel dat ze de zaal maar moeten opvullen."

Moras: "Voor een try-out zijn de sukkeltjes meestal goed..."

Haesendonckx: "Of ze geven een gratis concert voor de armen uitgerekend in de kerstperiode. Dat willen onze mensen niet omdat ze dat als heel stigmatiserend ervaren. We hebben al eens geopperd om een centraal contactpunt op te richten, waar de cultuurhuizen met al die aanbiedingen terechtkunnen en dat punt kan de kaartjes verdelen over de verschillende organisaties. Het is heel trendy om een partij kaartjes weg te geven. Maar als je in groep een zaal binnengaat, dan val je extra op en ook dat willen we vermijden."

Welzijnswerker Dominique Willaert zei al in De Morgen dat de moeilijk te bereiken doelgroepen vaak de sociale codes van het theater niet kennen...

Haesendonckx: "Dat speelt inderdaad mee. Voor een bioscoop is dat minder het geval, die is zeer toegankelijk, maar toch hebben we iemand van vijftig die nog nooit in zijn leven naar de cinema was geweest. Zodra ze die stap zetten, valt de schroom snel weg."

Moras: "Als iemand voor het eerst naar het theater gaat, zijn er ontzettend veel vragen: Wat moet ik doen? Zal ik niet alles verkeerd doen en te veel opvallen? Waar moet ik mijn jas hangen? Mag ik tijdens de voorstelling naar de wc? Zullen de mensen me aanstaren? Mensen, en zeker armen, worden altijd nagekeken. Als je met iemand van onze groep op de tram stapt, merk je hoe beklemmend dat kan zijn."

Zetten de mensen ook los van het project eens een stapje in de culturele wereld?

Haesendonckx: "Ja, naar gratis activiteiten, want doorgaans blijft de financiële drempel te hoog. Voor verenigingen geldt de 80/20-regel (waarbij de overheid het grootste deel van een kaartje subsidieert, WE), maar dat is geen individuele regeling."

Moras: "Wij werken met mensen die soms nog 2 euro hebben om de week door te komen. Vaak durven ze ook niet omdat ze worden gecontroleerd door hun omgeving, die heel hun doen en laten volgt. Op school ligt er bijvoorbeeld nog een onbetaalde rekening en dan zegt het zoontje in de klas dat ze naar de cinema zijn geweest. Ze hebben geen geld voor brood, maar wel voor plezier, klinkt het dan."

Haesendonckx: "Dat schuldgevoel van het niet mogen genieten als je schulden hebt, zit diep. Als wij alle eerste drempels wegnemen zoals de kaartjesprijs, het vervoer en de babysit hebben ze op zich geen enkel excuus meer om niet te gaan. Maar dan komen de andere drempels boven die ze moeilijker kunnen verwoorden. Dan blijkt dat ze niet durven wegens de druk uit de omgeving. Cultuur is niet voor ons soort mensen, zeggen ze dan."

Wat zijn de resultaten na drie jaar?

Haesendonckx: "Bij de 'toeleiding' naar cultuur loopt het goed. We merken dat armen veel vlotter zelf de stap zetten en met voorstellen komen. Ze gaan veel vlotter om met de brochures die we hen aanreiken. Ze zoeken zelf. Sommigen wisten eerst niet wat kiezen omdat ze nog nooit iets gezien hadden en hebben nu duidelijk hun eigen smaak ontwikkeld. Anderen gaan steevast naar de cinema omdat ze dat het einde vinden, anderen droomden al heel hun leven van opera en nog anderen zien we evolueren naar het theater. Het cliché dat armen enkel van het Echt Antwaarps Theater houden, klopt dus niet. Ook de wisselwerking met de niet-armen zorgt daarvoor, want op dat vlak doen we geen bemiddeling. Het tweewekelijkse cultuurcafé wordt ook als positief ervaren. Daar zorgen we één keer per maand voor een optreden en mensen vinden het leuk dat er in hun buurthuis ook iets cultureels te doen is."

Dan komen we terug bij de vraag of de doelgroep naar de Bourla moet of de Bourla naar de doelgroep?

Moras: "Het is de twee. Het is vaak omdat je van iets in de wijk hebt geproefd dat je naar de Bourla wil gaan. Maar dan moeten de theaters er ook wel voor openstaan en geen speciale voorstellingen organiseren voor kansarmen."

Haesendonckx: "Ik ben veeleer voorstander van het eerste. In een wijk krijg je niet het integratieaspect, want de mensen blijven in hun omgeving. Onze mensen vinden het juist goed dat ze eens naar de Bourla kunnen gaan. Ook merken we dat sommige culturele wijkprojecten hun doelen voorbijschieten. De betere klasse in de wijk vindt het wel leuk dat een zanger achter hun hoek optreedt voor een paar euro. Maar het is moeilijk om te bewaken of die projecten wel de moeilijke doelgroepen bereiken. Met de Zomer van Antwerpen is het net hetzelfde. De kaartjes zijn snel uitverkocht en dat zijn niet de kansarmen, of toch niet uit ons project, die ze hebben gekocht. Zij zijn er vaak te laat bij."

Moras: "Ook in deSingel zijn er vaak goede dingen maandenlang op voorhand uitverkocht, waar onze mensen dan naast grijpen."

Wat zijn de resultaten op het vlak van de netwerkverbreding?

Haesendonckx: "Het lukt goed en je merkt dat mensen vrienden maken buiten hun omgeving, maar of ze hierdoor werk vinden, betere huisvesting, betere gezondheidszorg? Daarvoor is het nog te vroeg. Maar het zelfbeeld van mensen verbetert er wel door. Sommigen vertellen dat ze zich voor het eerst een mens voelden omdat ze naast een gewone mens over straat konden lopen."

Moras: "Je ziet de mensen ook veranderen als ze van een avond cultuur komen. Iemand uit onze groep was naar Werchter Classic geweest. Voor het eerst in zijn leven ging hij naar een festival. Hij vond het geweldig en vond het jammer dat hij het niet in zijn jeugd had kunnen doen."

Haesendonckx: "Cultuur is een goede insteek. Het is misschien ook een cliché maar als je kunt zeggen dat je naar een musical bent geweest waar veel om te doen is en waar veel mensen naartoe gaan, dan heb je het gevoel ergens bij te horen en de kinderen kunnen erover meepraten op school. Theater is moeilijker. Het is een beslotener circuit, daar kun je niet mee uitpakken op school. Als je zegt dat je naar het theater bent geweest, weet de helft van de klas niet wat het is."

De overheid probeert allerlei kortingen uit, maar ze mogen in geen geval stigmatiserend zijn. Wat is dan de oplossing?

Haesendonckx: "Kortingen zijn zeer belangrijk omdat het toch vaak de portemonnee is die het niet toelaat, maar onze mensen willen inderdaad geen kaartje waaraan je kunt zien dat ze uit een speciale doelgroep komen. Waar we wel voor pleiten, is een elektronische cultuurkaart die gebruikt wordt voor de hele bevolking. Naargelang je inkomen zou je dan een korting kunnen krijgen of je zou er een individuele 80/20-formule op kunnen zetten. Maar je kunt zoveel kortingen bedenken, als de mensen niet weten dat cultuur bestaat, helpt het niet. De toeleiding naar cultuur en de omkadering blijven belangrijk."

'Cultuur (g-)een volkssport?' is een reeks interviews, reportages en achtergrondverhalen waarin de cultuurredactie van De Morgen wil bijdragen tot het grote cultuurdebat dat ex-cultuurminister Bert Anciaux in juni startte en dat in het najaar moet uitmonden in politieke conclusies.

'Voor een try-out zijn de 'sukkeltjes' meestal goed'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234