Zaterdag 01/10/2022

Architecten van het groen

Er verschijnen in ons taalgebied zelden interessante boeken over tuinarchitectuur. De meeste boeken over dit onderwerp zijn in feite kijkboeken waarin wat mooie prentjes van tuinen worden getoond, maar die voor de rest weinig om het lijf hebben. Soms bevatten ze wel eens wat leuke ideetjes voor de inrichting van een terras, een voortuintje of iets dergelijks, maar eigenlijk gaan ze niet zozeer over tuinarchitectuur dan wel over buitenhuisdecoratie. Soms zit er toch wel eens iets interessants tussen.

De Nederlandse kweker en tuinontwerper Piet Oudolf maakt de laatste tijd enorm furore als kweker en ontwerper met zijn originele beplantingsschema's en zijn voorliefde voor 'forse' vaste planten en het overvloedig gebruik van siergrassen. Jarenlang zocht hij in kwekerijen in Engeland en vooral in Duitsland planten waarmee hij experimenteerde en die hij zelf begon verder te kweken. Vooral asters, astrantia's, monarda's, sanguisorba's, Eupatoriums en alle schermbloemigen droegen en dragen zijn voorkeur weg. Waarbij hij vooral planten heeft geselecteerd die nog vrij dicht aanleunen bij de wilde vormen en die in combinatie met de vele siergrassen aan zijn ontwerpen een sfeer van wildheid en overvloed geven.

Bij ons en in Nederland is Piet Oudolf nog relatief onbekend, ondanks het feit dat de laatste jaren al enkele smaakmakende boeken van of over hem zijn verschenen. Maar in Engeland en de Scandinavische landen is hij uitgegroeid tot een ware goeroe. In zijn nieuwe boek Ontwerpen met planten, dat vorig jaar oorspronkelijk in het Engels verscheen, wordt hij zelfs "een van 's werelds vooruitstrevendste en geïnspireerdste tuinontwerpers" genoemd. Dat is misschien wel wat overdreven, maar door de manier waarop hij aan de traditionele bloemenborder een nieuwe inhoud heeft gegeven, is hij ongetwijfeld een belangrijke vernieuwer.

In dit boek geeft Oudolf uitgebreid uitleg bij zijn beplantingsplannen: hoe hij vormen en kleuren combineert, zorgt voor een opeenvolging van bloemen en kleuren doorheen de seizoenen, hoe men moet omgaan met structuurplanten en hoe men gaten kan vullen, hoe men siergrassen kan toepassen, hoe men vaste planten kan combineren met hagen en snoeivormen, enzovoorts. Maar ook hoe men met vaste planten diverse sferen kan creëren, kan zorgen voor beweging en mystiek in de tuin. Het is geen receptenboek (al bevat het wel enkele gedetailleerde tuinplans en beplantingsschema's) maar het is vooral een boek dat inspirerend kan werken voor mensen die in hun tuin niet direct aan bloemschikken in het groot willen doen, maar die daarentegen een natuurlijk ogende bloementuin willen creëren.

Creatieve tuinideeën

Vader Rob Herwig en dochter Modeste Herwig hebben de handen in elkaar geslagen voor een totaal vernieuwde versie van het klassieke handboek van Herwig: Beter Tuinieren. "In de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw zijn de tuinen overvol geraakt met allerlei rommel in de vorm van zinken emmers, heksenbollen, overbodige potterie en smeedijzeren rekjes. Wij zijn daar nooit zo dol op geweest", zo schrijven ze in de inleiding. Een opvatting die ze vrij consequent doortrekken in dit boek. Ze zijn er immers van overtuigd dat "vanaf de 21ste eeuw een nieuwe stroming ontstaat die leidt tot strakkere, rustigere tuinen. Er zal meer aandacht zijn voor een goede vormgeving en een passende, natuurlijk ogende beplanting."

In dit boek worden voorbeelden van die 'nieuwe' stijl getoond, aan de hand van een aantal ontwerpen van hedendaagse tuinontwerpers, onder wie de Belg André Van Wassenhove. Alhoewel de ontwerpen niet allemaal even geslaagd zijn, wordt hier toch een verdienstelijke poging gedaan om de banaliteit die zoveel tuinboeken (en tuinen) kenmerkt te overstijgen. Bij elk voorbeeld hoort een plannetje en een gedetailleerd beplantingsplan.

Het boek besluit met een korte beschrijving van een aantal tuinwerkzaamheden, zoals het leggen van een tuinpad, tuinafscheidingen, de aanleg van een vijver, enzovoorts.

Moderne tuinarchitectuur

De Nederlandse uitgeverij Schuyt heeft de laatste jaren een flinke reputatie opgebouwd met een serie uitstekende monografieën over populaire tuinplanten zoals helleborus, hosta, pioenen, salvia's, tuingeraniums en bamboes. Nu hebben ze hun tuinfonds uitgebreid met een boek over moderne tuinarchitectuur: Bouwen aan buiten, van de modieuze Britse tuinontwerper Stephen Woodhams. Dit is echter een miskleun.

Wat hij met 'moderne tuinarchitectuur' bedoelt, wordt nergens duidelijk gemaakt. Tenzij dan met volgende dooddoener: "Mijn tuinontwerpen kenmerken zich door het verband dat ik leg tussen verleden en heden. Ik steek het oude als het ware in een nieuw jasje. Juist die verwevenheid van verleden en heden, dat samensmelten van het abstracte met het tastbare, is de essentie van een succesvol, hedendaags tuinontwerp." Geldt dat niet voor elke tuin, zogezegd modern of niet?

Dat gebrek aan een duidelijke definitie van wat we onder 'modern' moeten verstaan leidt tot een amalgaam waarin elke lijn ontbreekt. Er staan wel een aantal mooie plaatjes in van spectaculaire en minder spectaculaire tuinen, meestal op exotische locaties. Af en toe krijgt men de indruk dat modern gelijkstaat met exotisch. Of veel glas en metaal.

Woodhams toont ook een aantal bekende hedendaagse tuinen, zoals het Parc Citroën in Parijs en de onvermijdelijke Luis Barragan, maar hoe hij daarmee omspringt en die probeert te vertalen naar zijn eigen tuinontwerpen, is een regelrechte aanfluiting. Het toppunt is wel een tuin ergens aan de kust, waar het zicht op de zee helemaal wordt belemmerd door muurtjes waarop buxusbollen in pot zijn geplaatst. Het is niet om aan te zien. Bovendien, zo geeft hij toe, verbranden de buxusbollen elk jaar door de zilte zeelucht. Maar dat groeit er na een paar maanden weer uit, zo voegt hij eraan toe.

Zentuinen

Japanse tuinen zijn de laatste jaren in. De Britse tuinjournaliste Harte beschrijft in dit rijkelijk geïllustreerde boek de basisprincipes en de symboliek van de klassieke zentuin en overloopt de basiselementen die in haast elke zentuin terug te vinden zijn: water, rotsen en stenen, zand en grond, de planten en ornamenten. Ze geeft ook heel wat suggesties om zelf een stukje zentuin aan te leggen.

"Of u nu zen volledig omhelst of slechts de ideeën in een wat conventionelere tuincompositie toepast, uw tuin zal er een onmisbaar natuurlijk evenwicht door krijgen", zo luidt het in de flaptekst. Dat durf ik echter te betwijfelen. Een zentuin heeft mijns inziens alleen maar zin voor mensen die echt met die hele filosofie bezig zijn. Die mensen vinden in dit boek wellicht een goede introductie. Wanneer je echter zomaar lukraak wat elementen uit die traditionele zentraditie introduceert in een voor de rest totaal andere tuin, krijg je in het beste geval een smakeloze pastiche. Bovendien vraag ik mij af wat een Japanse tuin, die op een symbolische manier woeste bergen en wilde rivieren wil oproepen, in godsnaam in ons vlakke landje komt doen. Een zentuin als puur architecturaal of decoratief gegeven is in Vlaanderen meestal even grote kitsch als Sneeuwwitje en de zeven dwergen.

De spirituele tuin

Vermeng enkele oude Keltische en christelijke gebruiken met een snuifje zen en een flinke portie feng shui, voeg er nog wat weetjes uit de natuurgeneeskunde en enkele bloempjes uit de oosterse en westerse mystiek en esoterie aan toe, besprenkel het met een vinaigrette van onthaasting en dien dat alles op op een bedje van ecologische en postmodernistische dooddoeners. Het resultaat is een spirituele tuin, "speciaal ontworpen om de geest te verheffen, de zintuigen te prikkelen en een veilige, rustgevende plek te bieden die uitnodigt tot het overdenken van de diepere zin van het leven", zoals het in dit boek wordt genoemd. Ik dacht dat die omschrijving opging voor elke tuin die naam waardig, maar wellicht vergis ik mij. Om een echte spirituele tuin te bezitten moet er een indiaans medicijnwiel, een Tibetaanse windharp of een sculptuur van drijfhout à la Derek Jarman in voorkomen, moet het water volgens de principes van feng shui of de gewijde tuinen van Glastonbury worden aangelegd en moet u op gezette tijden zorgvuldig bepaalde oude en nieuwe rituelen voltrekken. U moet ook leren mediteren en u de principes van de kleurentherapie eigen maken om de juiste bloemen op de juiste plaats te planten.

Ik kan dit soort pseudo-spiritueel gedoe maar moeilijk ernstig nemen. Maar misschien ben ik wel te streng. De foto's zijn prachtig, er worden wel een paar zinnige dingen gezegd en er zitten best ook enkele leuke suggesties in dit boek. Dat een tuin meer is dan een verzameling planten of een ruimte die je moet decoreren (eigenlijk de evidentie zelve) is iets wat heel veel tuinboeken wel eens willen vergeten. In die zin belicht dit boek gelukkig eens een ander aspect. Alleen spijtig dat dat op zo'n melige manier moet gebeuren.

Kleine tuinen

"Maar al te vaak zijn we geneigd te denken dat karakter en schoonheid zijn voorbehouden aan grote tuinen", zo begint de flaptekst van het boek Kleine tuinen met allure van de Britse auteur Anthony Noel. Ik weet niet wie dat denkt, maar Noel helpt dat vermeende misverstand alleszins niet uit de wereld. In de kleine tuinen die hij toont - veel foto's zijn afkomstig uit zijn eigen Londense stadstuin - kan ik althans niet het 'karakter' en de 'schoonheid' ontdekken. Meestal gaat het om overgedecoreerde tuinen die volgepropt worden met beschilderde gieters en bloempotten, buitenmaatse bloempotten, ouderwetse tuinbanken en gesnoeide boompjes. Of, aan het andere uiterste, bijna lege tuinen met wat hightechtoestanden en futuristische watersculpturen, die dan de hedendaagse tuinstijl zouden moeten verbeelden. De tekst is al even weinig inspirerend. Dit is zelfs geen mooi koffietafelboek. Een boek dus zoals er twintig in een dozijn gaan.

Hagen en hekjes

In Over hagen en hekjes geeft de Britse tuinontwerper Richard Bird een aantal praktische en goed bruikbare tips voor het maken van afscheidingen rond en in de tuin en voor de begroeiing van die afsluitingen. Daarbij gaat het niet alleen over het laten begroeien van muren en hekwerken en diverse hagen, maar ook over rozenbogen, leibomen, trelliswerken en andere decoratieve elementen in de tuin. Van al die onderwerpen worden een aantal concrete projecten gedetailleerd toegelicht zodat u ze zo in uw eigen tuin kunt overnemen. Het boek steekt gunstig af tegen veel van dit soort praktische tuingidsen wat de stijl van de voorgestelde projecten betreft. Hier en daar zou je misschien wel wat meer uitleg willen (bijvoorbeeld welke rozen geschikt zijn voor een rozenhaag), maar het is een boek dat niet zozeer als plantengids is bedoeld maar dat bepaalde ideeën wil geven om op een creatieve manier esthetisch verantwoorde afsluitingen te maken. En aan dat opzet beantwoordt het perfect.

1. Piet Oudolf & Noël Kingsbury, Ontwerpen met planten, Uitg. Terra / Lannoo, 2000, ISBN 90 6255 889 5

2. Stephen Woodhams, Bouwen aan buiten. Moderne tuinarchitectuur, Uitg. Schuyt & Co (voor België: Denis, Mortsel), 2000, ISBN 90 6097 556 1

3. Sunniva Harte, Zentuinen, Bosch en Keuning (voor België: Tirion Uitgevers Aalst), 2000, ISBN 90-246-0525-3

4. Keith Mitchell, De spirituele tuin, Uitg. Kosmos-Z&K Utrecht / Antwerpen (voor België: Denis Mortsel), 2000, ISBN 90 215 9601 6

5. Rob Herwig & Modeste Herwig, Creatieve tuinideeën, Uitg. Kosmos-Z&K Uitgevers, Utrecht / Antwerpen, 2000, ISBN 90 215 3319 7

5. Richard Bird, Over hagen en hekjes, Uitg. Terra (voor België: Lannoo Tielt), 2000, ISBN 90 6255 878 X

6. Anthony Noel, Kleine tuinen met allure, Kosmos-Z&K Uitgevers Utrecht (voor België: Denis, Mortsel), 2000, ISBN 90 215 8819 6

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234