Woensdag 05/10/2022

AchtergrondDe Partition

‘Beide landen moeten erkennen dat ze medeplichtig waren’: India en Pakistan al 75 jaar onafhankelijk én elkaars grootste vijand

Op deze archieffoto van 1947 staan honderden moslimvluchtelingen bovenop een trein die vanuit New Delhi naar Pakistan vertrekt. Beeld ANP / Associated Press
Op deze archieffoto van 1947 staan honderden moslimvluchtelingen bovenop een trein die vanuit New Delhi naar Pakistan vertrekt.Beeld ANP / Associated Press

De traumatische en gewelddadige scheiding tussen India en Pakistan wordt na 75 jaar nog altijd politiek uitgebuit. ‘Maar op een gegeven moment moet je als natie kritisch naar je eigen verleden kunnen kijken.’

Aletta André

Toen Nasir Dhillon (38) als jonge dertiger begon te luisteren naar de verhalen van zijn grootvader, viel hem iets bijzonders op: de liefde waarmee hij sprak over zijn hindoeïstische jeugdvriend, die in 1947 naar India vertrok om nooit meer terug te keren.

Het motiveerde Dhillon om met zijn camera door de Pakistaanse provincie Punjab te reizen om zoveel mogelijk ouderen te interviewen over hun leven voor de Partition, de opsplitsing tussen India en Pakistan. “Ik wilde op zoek naar de realiteit, en deze verhalen opnemen voordat het te laat is”, vertelt hij over de telefoon vanuit de Pakistaanse stad Lahore, nauwelijks 10 kilometer van de grens met India.

Nasir Dhillon aan het werk voor zijn YouTube-kanaal. Beeld Aletta André
Nasir Dhillon aan het werk voor zijn YouTube-kanaal.Beeld Aletta André

Het was maandag 75 jaar geleden dat de Britten uit het ‘kroonjuweel’ van hun koloniale rijk vertrokken. Maar de onafhankelijkheid kwam met een schaduwzijde: de opsplitsing van India en Pakistan. Dit bracht de grootste, meest gewelddadige volksverhuizing ooit teweeg. Zeker 15 miljoen mensen staken de grens over. In de chaos en bij wederzijdse moordpartijen kwamen naar schatting tussen de 200.000 en 4 miljoen mensen om het leven. En de vijandigheid tussen de twee landen staat de verwerking hiervan nog altijd in de weg.

In 2016 werd Dhillons zoektocht een YouTube-kanaal, Punjabi Lehar, met video’s van inmiddels honderden mensen. “Vrijwel allemaal vertellen ze hoe ze tot 1947 in harmonie samenleefden met de mensen die nu Indiaas zijn, en toen ze buren hadden van alle religies. Dus waarom is er dan nu zoveel vijandigheid?”

null Beeld De Morgen
Beeld De Morgen

Vervreemde tweeling

Het is de grote tegenstelling van India en Pakistan, een soort van elkaar vervreemde tweeling. De menselijke connecties die er nog altijd zijn, strekken zich uit over twee verschillende politieke realiteiten. Dit is ook waarom er zo weinig wordt gepraat over de opdeling, de Partition, en over het geweld dat ermee gepaard ging en alle gevolgen voor de meest uiteenlopende bevolkingsgroepen.

“Geen van beide landen wil dit herdenken”, zegt Urvashi Butalia, schrijver van het unieke boek The Other Side of Silence. Hiervoor interviewde zij overlevenden die openlijk spreken over het geweld dat zij anderen hebben aangedaan in de chaotische periode na 1947. Zo sprak zij een sikhman die, voordat hij vanuit Pakistan naar India vluchtte, 26 vrouwen van zijn eigen familie onthoofdde. Liever dat dan dat zij in handen zouden vallen van de moordlustige, verkrachtende moslims die zij vreesden.

Deze foto, genomen rond 1947/1948, toont een kamp voor ontheemde Indiase moslims naast Humayun's Tomb in New Delhi, tijdens de periode van onrust na de splitsing van India en Pakistan. Beeld ANP / AFP
Deze foto, genomen rond 1947/1948, toont een kamp voor ontheemde Indiase moslims naast Humayun's Tomb in New Delhi, tijdens de periode van onrust na de splitsing van India en Pakistan.Beeld ANP / AFP

Dit soort verhalen hebben nooit de officiële geschiedenisboeken of herdenkingen gehaald. Vorig jaar kondigde de Indiase premier Narendra Modi aan dat 14 augustus – Onafhankelijkheidsdag in Pakistan – in India voortaan Partition Horrors Remembrance Day zou worden. Hierbij sprak hij alleen over de Indiase slachtoffers van het geweld, terwijl er geen duidelijke scheidslijn was tussen daders en slachtoffers. Gewone mensen uit alle gemeenschappen deden mee, opgehitst door politici en door de ver­deel-en-heerstactieken van de Britten. “Beide landen moeten erkennen medeplichtig te zijn geweest”, zegt Butalia. “Gewone mensen erkennen dit wel. Maar op het niveau van de staat is dit nooit gebeurd.”

Op zich was dat in de eerste jaren logisch. Uit de koloniale ruïnes moesten onafhankelijke landen opgebouwd worden. In Pakistan overheerste het narratief van de geboorte van een nieuwe natie en in India de trots van het verslaan van de Britten. De trauma’s van de treinen vol bloed, de miljoenen vermisten, de angst, de onduidelijke grens dwars door familiebanden en het permanente verlies van de grond van voorvaderen werden naar de achtergrond gedrukt.

Een kamp voor ontheemde Indiase moslims naast Humayun's Tomb in New Delhi, tijdens de periode van onrust na de splitsing van India en Pakistan. Beeld ANP / AFP
Een kamp voor ontheemde Indiase moslims naast Humayun's Tomb in New Delhi, tijdens de periode van onrust na de splitsing van India en Pakistan.Beeld ANP / AFP

‘Herinner de mooie momenten’

Voor veel overlevenden is dat prima. Trilochan Singh, bijna 95 jaar oud, spreekt het liefst over de jaren voorafgaand aan de opsplitsing. Als tiener in de nu Pakistaanse stad Peshawar was hij actief in de onafhankelijkheidsstrijd. Hij organiseerde schoolstakingen, gaf toespraken in openbare parken en werd gearresteerd nog voor hij zijn middelbareschooldiploma had. “Ken je Mir Taj Mohammad Khan?”, vraagt hij, omringd door zijn vrouw, dochter en kleindochter in de Indiase hoofdstad New Delhi, waar hij in 1947 neerstreek. “Dat was de vader van Shah Rukh Khan! Een van India’s bekendste filmsterren. Ook hij kwam uit Peshawar. Wij gaven vaak samen toespraken.”

Dat de onafhankelijkheidsstrijd eindigde in het verlies van zijn thuisstad, noemt hij ‘verschrikkelijk’. Het geweld was beangstigend, vertelt hij. Maar of het belangrijk is dat dit niet vergeten wordt door de volgende generaties? “De meeste mensen weten het niet”, zegt hij enkel. Zijn vrouw Diljeet Sabharwal (85) vult in: “De mooie herinneringen van vóór de Partition moeten worden onthouden. Niet het geweld.”

Gruwelijkheden

Butalia kwam in haar onderzoek ook veel mensen tegen die niet over het geweld wilden praten. “Het kan traumatisch zijn. En gewone mensen hebben de woorden niet om zulke gruwelijkheden te beschrijven. Wij moeten hen niet dwingen. Maar er is genoeg bewijs om te erkennen dat het is gebeurd.”

Voor degenen die er wel over wilden praten, kon het een belangrijke eerste stap in het verwerken zijn. “Hoewel zij het hadden meegemaakt, had niemand, zelfs niet in hun eigen familie, er eerder naar gevraagd. Ze hadden soms wel verhalen proberen te vertellen, maar niemand luisterde echt. Helemaal wanneer het gaat om geweld dat door eigen familieleden is gepleegd, kan dit heel pijnlijk zijn om te accepteren.”

Suhavini Singh groeide op met de verhalen van haar grootvader, de 95-jarige onafhankelijkheidsstrijder Trilochan Singh. “Peshawar en de onafhankelijkheidsstrijd komen op in vrijwel elk gesprek dat we hebben”, zegt ze. “Ik voel me zo gezegend dat ik deze geschiedenis uit eerste hand heb kunnen horen.” Over de Partition zelf werd minder gesproken.

Sociale media als middel

Het duidelijkste gevolg voor haar, kleinkind van de generatie die de traumatische opsplitsing meemaakte, is de ijzige relatie tussen India en Pakistan nu. “Het is triest dat we niet zomaar naar Pakistan kunnen, terwijl we ooit hetzelfde land waren. De meeste mensen hebben vijandige gevoelens wanneer ze aan Pakistan denken. Dat moet veranderen. Godzijdank hebben we sociale media. Dat is een sterk middel waarmee we de vijandigheid kunnen aanpakken.”

Nasir Dhillon. Beeld Aletta André
Nasir Dhillon.Beeld Aletta André

Punjabi Lehar, het YouTube-kanaal van Dhillon, is een sterk voorbeeld van verbinding via sociale media. Dankzij het groeiende bereik van het kanaal kon Dhillon zelfs zo’n 200 mensen die hun verhaal vertelden herenigen met jeugdvrienden en familieleden die ze in 1947 uit het oog verloren. Een aantal van hen konden elkaar ontmoeten, bijvoorbeeld op een speciale pelgrimsplek voor sikhs op de grens die voor mensen uit zowel India als Pakistan met een dagpas te bezoeken is. Ook hielp Dhillon mensen hun geboortedorp te bezoeken. “Dat is mogelijk voor mensen die uit het buitenland komen”, zegt hij.

Daarmee bedoelt hij: niet India. Want ondanks de vele persoonlijke connecties wordt het voor mensen uit India steeds moeilijker een visum voor Pakistan te bemachtigen, en andersom.

Butalia herinnert zich hoe het in de jaren tachtig rondom de Pakistaanse ambassade in New Delhi nog een soort van festival was. “Mensen sliepen er in de lange rij voor een visum, kletsten over hun familie daar en er waren kraampjes voor snacks en hulp bij het invullen van de formuleren.”

‘Gehuild op het visumkantoor’

Hoe moeilijk het nu geworden is als Indiase een visum voor Pakistan te krijgen, heeft ze zelf vijf jaar geleden ervaren. “Een heel goede vriendin in Lahore lag op sterven. Ze had kanker en wilde me graag nog eens zien. Ik heb gehuild op het visumkantoor. Maar mijn visum werd afgewezen.”

Helemaal sinds India in 2019 de speciale autonomie van de grensregio Kasjmir introk, zijn de relaties tot een dieptepunt gezakt. Er is niet eens een rechtstreekse vlucht tussen de hoofdsteden Delhi en Islamabad meer.

Het herdenken van de gruwelijkheden vanuit enkel een slachtofferperspectief, zoals nu voorgesteld door Modi, kan de vijandige gevoelens naar Pakistan toe versterken, denkt Butalia. “Bovendien zou het herdenken van de Partition niet alleen over de gruwelijkheden moeten gaan. Het was zoveel meer dan dat. We horen bijvoorbeeld nooit iets over de nomaden in de grensstreek, die gedwongen werden te settelen. Of de inheemse stammen in het noordoosten die hun wekelijkse markt om producten te verkopen kwijtraakten door de grens. We moeten op een meer diverse manier herdenken.”

Mondelinge geschiedenisprojecten, zoals Punjabi Lehar, helpen hierbij. Het digitale 1947 Partition Archive, waarbij talloze interviews aan een plattegrond zijn gekoppeld, is een ander voorbeeld. En Project Dastaan, waarbij jongeren uit beide landen overlevenden helpen hun geboorteplek te bezoeken met virtualrealitybrillen. Net als bij Punjabi Lehar zitten er kinderen en kleinkinderen van mensen die de Partition meemaakten achter deze projecten.

Op de foto, genomen op 22 september 1947, staat Mahatma Gandhi (midden). Hij bezoekt het kamp van moslimvluchtelingen in Purana Qila in New Delhi, terwijl zij zich voorbereiden op hun vertrek naar Pakistan. Beeld ANP / AFP
Op de foto, genomen op 22 september 1947, staat Mahatma Gandhi (midden). Hij bezoekt het kamp van moslimvluchtelingen in Purana Qila in New Delhi, terwijl zij zich voorbereiden op hun vertrek naar Pakistan.Beeld ANP / AFP

Verlies van Sindh

Saaz Aggarwal is ook zo’n kind. Haar moeder groeide op in Sindh, nu een Pakistaanse provincie. Anders dan Punjab en Bengal, provincies die werden verdeeld tussen beide landen, ging de provincie Sindh volledig naar Pakistan. En dat terwijl de bevolking van Karachi, de hoofdstad van Sindh, tot 1947 grotendeels hindoe was. Ongeveer een miljoen Sindhi hindoes en sikhs vertrokken naar India. Anders dan Punjabi’s en Bengali’s konden zij aan de andere kant van de grens niet meer in hun eigen taal spreken. “Ze vochten voor vrijheid, maar verloren hun eigen land”, zegt Aggarwal.

Eerder schreef ze het boek Sindh: Stories from a Vanished Homeland, waarvoor ze ongeveer driehonderd Sindhi’s interviewde die de provincie na 1947 verlieten. De Partition was in Sindh niet zo gewelddadig als op andere plekken, zegt Aggarwal. “Voor hen zit het trauma in de pijn van ontheemding. Door het verlies van Sindh zijn ze ook hun taal, hun cultuur en hun geschiedenis verloren.”

Vriendschap

Aggarwal is daarom een online petitie begonnen tegen Modi’s Partition Horrors Remembrance Day. “Zij willen de gruwelijkheden niet herdenken. Zij willen zich hun leven zoals het was vóór Partition herinneren. En ze willen dat het erkend wordt dat politieke scheidslijnen hun trauma hebben veroorzaakt – níét de andere gemeenschap.”

Butalia verwelkomt alle mondelinge geschiedenisprojecten. “Het feit dat jonge mensen het onderwerp levend houden, betekent dat vriendschap tussen de landen misschien nog mogelijk is.”

Wel houdt zij vol dat ook het gewelddadige aspect van de opsplitsing, en de eigen rol erin, niet vergeten moeten worden. “Herinneringen aan het vreedzaam samenleven van vóór de Partition zijn veel sterker. Maar op een gegeven moment moet je als natie kritisch naar je eigen verleden kunnen kijken, en je afvragen wat je ervan kunt leren. We moeten onthouden dat wij zelf in staat zijn tot geweld, maar ook tot vrede en compassie.”

De theorie achter twee naties

In de jaren twintig en dertig van de twintigste eeuw werd India’s onafhankelijkheidsbeweging onder leiding van Mahatma Gandhi steeds groter. Tegelijkertijd groeide het idee van de twee-natietheorie onder Indiase moslims, de theorie die voorschreef dat hindoes en moslims verschillende naties waren die niet in één land konden samenleven. Al helemaal niet omdat moslims een minderheid vormden, met zo’n 24 procent van de bevolking in onverdeeld India.

In 1940 stelde Mohammad Ali Jinnah, de leider van de Muslim League en later Pakistans eerste gouverneur-generaal, voor een apart land te maken van de gebieden waar moslims een meerderheid vormden.

In de jaren daarna faalden onderhandelingen over alternatieven, bijvoorbeeld dat van een federale staat. Er brak ­geweld uit tussen religieuze groepen waarbij duizenden doden vielen.

De Britten, die inmiddels haast hadden zich uit India terug te trekken, kondigden in juni 1947 aan dat India zou worden opgesplitst in India en Pakistan, en dat 15 augustus de dag van onafhankelijkheid zou worden.

De Britse ambtenaar Cyril Radcliffe, die niets van India of cartografie wist, moest in nog geen twee maanden tijd de grens trekken. Dat was lastig, want de islamitische bevolking leefde verspreid over het land. Hij splitste Punjab en Bengalen daarom door tweeën en besloot dat Pakistan een deel ten westen en een deel ten oosten van India zou krijgen.

Toen Pakistan op 14 augustus en India op 15 augustus de onafhankelijkheid vierden, wist niemand waar de grenzen exact lagen.

Prinselijke staten kregen de keuze bij welk land ze zich wilden aansluiten. Een aantal wilde onafhankelijk blijven of twijfelden, zoals Jammu en Kasjmir. Nog geen twee maanden na hun onafhankelijkheid vochten India en Pakistan hun eerste oorlog om deze regio, die nog altijd centraal staat in hun vijandschap.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234