Donderdag 18/08/2022

Belgische staatsschuld in de aanbieding

De verkoop van de jongste staatsbon is een flop geworden en minister van Financiën Reynders heeft zijn poging om lineaire obligaties ook aan particulieren aan te bieden alweer afgeblazen. Het lijkt er sterk op dat maar bitter weinig beleggers zitten te wachten op een kans om hun spaargeld in de Belgische staatsschuld te stoppen. Er zijn nu eenmaal heel wat andere alternatieven op de markt.

Trots maakte minister Reynders woensdag bekend dat de Belgische overheidsschuld in 2004 voor het eerst sinds 1982 gedaald is tot minder dan 100 procent van het bruto binnenlands product. Alles samen moet de federale overheid nu nog 268 miljard euro aflossen, 3 miljard minder dan eind mei 2004.

Ook al heeft de Belgische staat zich de voorbije jaren een goed debiteur getoond, toch blijken steeds minder onderdanen bereid te beleggen in overheidsleningen. Bij de jongste uitgifte van de staatsbons, de 'kasbon' waarmee de overheid haar burgers wil motiveren te beleggen in een stukje staatsschuld, haalde de schatkist amper 123 miljoen euro op. Daarmee haalde de uitgifte een triest record. Nog nooit leverde een staatsbon een zo magere oogst op.

Op zich is dat geringe succes niet verwonderlijk. De lange rente dobbert rond de laagste niveaus sinds de Tweede Wereldoorlog. Zo leverde de jongste staatsbon op vijf jaar jaarlijks 2,6 procent rente op. Na aftrek van roerende voorheffing blijft daar amper een nettorendement van 2,21 procent van over. Met die lage vergoeding stond de staatsbon niet alleen, ook de rente op spaarboekjes en kasbons is bedroevend laag. Net zoals de overheid haar staatsbons maar moeilijk kwijtraakt, zo merken banken een tanende belangstelling voor kasbons - de voorbije acht jaar zou die markt gehalveerd zijn.

De staatsbon is niet het enige schuldinstrument van de overheid dat door beleggers buitenspel gezet is. Eind vorig jaar stopte de schatkist bij gebrek aan succes met de verkoop van OLOp's. Dat letterwoord staat voor 'lineaire overheidsobligatie voor particulieren'. OLO's (zonder p) zijn erg populair bij institutionele beleggers. In die gedematerialiseerde obligaties is een levendige handel, zowel op de primaire als secundaire markt. Zo leverde een tweemaandelijkse veiling van OLO's eind mei de schatkist nog 2,96 miljard euro op. Heel wat grote buitenlandse beleggers kopen op die manier Belgische overheidsschuld. België beschikt over een goede kredietwaardigheid en dankzij de OLO's is er een liquide markt in schuldpapier, twee criteria die voor hen belangrijk zijn.

Het siert minister van Financiën Reynders dat hij dacht dat het succes van de institutionele markt voor OLO's ook zou kunnen overslaan naar particuliere beleggers. Door een OLOp (mét p) te kopen zouden zij tegen dezelfde vlotte voorwaarden toegang kunnen krijgen op de markt voor langlopende overheidsobligaties als institutionelen. Zo zouden ze hun obligatie makkelijk weer kunnen verkopen op de secundaire markt.

Maar minder dan een jaar na de lancering van de OLOp's werden ze alweer afgevoerd. Ondanks een reclamecampagne brachten drie uitgiften tussen april en oktober samen slechts 30 miljoen euro op. Die apathie heeft behalve met de lage rente waarschijnlijk ook te maken met de beschikbaarheid van goede alternatieven.

Wie risico's schuwt en graag in vastrentende producten belegt, heeft nog wel wat andere keuzemogelijkheden dan het vertrouwde schuldpapier van de Belgische staat. We zetten er enkele op een rijtje.

De particuliere OLO is dood, leve de OLO. Beleggers die na het overlijden van de OLOp-markt toch overheidsobligaties wilden kopen, moesten ofwel zeer vermogend zijn (om een tranche te kopen op de primaire markt), ofwel hun geluk beproeven op de secundaire markt. Daar werd een keer per dag, op een zogenaamde fixing, de koers bepaald van 'oude' obligaties.

Sinds kort hebben heel wat OLO's een continue notering op Euronext Brussel. Dat vergemakkelijkt hun verhandelbaarheid. Wie als particulier zin heeft een stukje overheidsschuld te verhandelen, kan daartoe via internet (op www.euronext.com) de koersen raadplegen.

Omdat zelfs een OLO op tien jaar dezer dagen amper een jaarlijkse rente van 3,37 procent oplevert, kijken heel wat particuliere beleggers naar iets exotischer schuldpapier. Zo levert een tienjarige eurolening van de Mexicaanse staat een rendement op van ruim 4,3 procent en lanceerde farmareus GlaxoSmithKline in juni een twintigjarige lening met een rendement van 4,116 procent. De Belgische auto-invoerder D'Ieteren kondigde afgelopen week de lancering van een tienjarige obligatie met een brutorendement van 4,25 procent aan. D'Ieteren hoopt daarmee 100 miljoen euro op te halen.

Elke week komen er wel hoogrentende obligaties van bedrijven of groeilanden ('emerging markets') op de markt. Behalve het evidente voordeel dat ze meer rente opleveren, heeft dat soort schuldpapier een al even vanzelfsprekend nadeel: het risico op wanbetaling is er aanzienlijk groter dan de kans dat de Belgische staat de rente op haar obligaties niet langer zou betalen. Zo besliste kredietbeoordelaar Standard & Poor's (S&P) begin mei de kredietwaardigheid te verlagen van de obligaties die autobouwers Ford en GM uitgeschreven hadden. Daarmee gaf S&P het signaal dat het minder waarschijnlijk wordt dat beide bedrijven hun schulden correct zullen afbetalen. GM heeft voor bijna 300 miljard dollar schuldpapier in de markt zitten, Ford ongeveer 160 miljard dollar. Daarmee behoren beide bedrijven tot de topdrie van de grootste emittenten ter wereld van bedrijfsschuld.

De lagere kredietwaardigheid van de reuzen uit de markt voor hoogrentende obligaties zorgde voor paniek in de zaal. De risicopremie - het bedrag dat beleggers boven op een staatsobligatie eisen om in een risicovoller product te stappen - schoot met een ruk omhoog. Bedrijven die sindsdien geld op de obligatiemarkt willen ophalen, moeten daartoe extra bibbergeld betalen.

Om gevrijwaard te blijven van 'ongelukken' in een portefeuille bedrijfsobligaties, doet u er goed aan alleen te beleggen in kwalitatief sterke debiteuren. Die krijgen bij de uitgifte van hun obligatie van kredietbeoordelaars meestal een rating als AA mee. Ook de uitgiften van de meeste grote banken behoren tot die categorie. De voorbije weken hebben onder meer Fortis Bank (met een achtergestelde obligatie) en ING (ook met een achtergestelde obligatie) geld opgehaald. Dat gebeurde tegen een rendement dat heel wat aantrekkelijker is dan de staatsbon.

De zoektocht naar kwalitatieve debiteuren kan ook via beleggingsfondsen verlopen. Die blijken de jongste maanden stevig te groeien. Zo nam het vermogen van alle in België verdeelde obligatiefondsen tijdens de eerste drie maanden van dit jaar met 15 procent toe, tot 40,6 miljard euro. Uit de cijfers van Beama, de beroepsvereniging van fondsbeheerders, blijkt dat de obligatiefondsen die groei deels danken aan de lage rente. Een rentedaling maakt de 'oude' obligaties in de portefeuille van die fondsen relatief meer waard, zodat hun inventariswaarde stijgt.

De Belgische markt voor obligatiefondsen is een huis met vele kamers. Beleggers kunnen kiezen uit beveks die beleggen in obligaties met een lange of korte looptijd, in euro of andere munten noteren of gaan voor een fonds dat zich toelegt op investeringen in schuldpapier van bedrijven en 'emerging markets'. Zo is een fonds van beurshuis Petercam (Pam Bond Higher Yield) een van de grootste Europese beveks die zich toelegt op bedrijfsobligaties en groeilanden. Maar ook wie het wat voorzichtiger wil spelen, kan best een kijkje nemen op de fondsenmarkt. Zo is de waarde van de meeste beveks die in overheidspapier belegd hebben sinds begin dit jaar al zo'n 4 procent gestegen. Dat is meer dan de opbrengst van een staatsbon op acht jaar.

de staatsbons haalde de schatkist amper 123 miljoen euro op. Nog nooit leverde een uitgifte een zo magere oogst op

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234