Vrijdag 07/10/2022

'Broozh blijft een vreemde plek'

Acteurs Colin Farrell

& Brendan Gleeson

over de film 'In Bruges'

Tijdens het Festival van Cannes was de linnen draagtas met als opschrift 'Where the f**k is Flanders' een opgemerkte gimmick en een felbegeerd gadget. Het was een gezamenlijk initiatief van vier steden - Antwerpen, Brugge, Gent en Oostende - om de internationale filmwereld naar Vlaanderen te lokken. En het was ook een duidelijke knipoog naar de nieuwe Britse gangsterkomedie 'In Bruges', waarin superster Colin Farrell - ooit zelf omschreven als 'Ierlands beste exportproduct sinds Guinness' - en zijn landgenoot Brendan Gleeson de hoofdrollen spelen. Zelden werd het 'Venetië van het Noorden' zo beschimpt en beledigd, maar dat het toerisme er een boost zal krijgen, staat buiten kijf.

Door Jan Temmerman

In de tragikomische gangsterfilm In Bruges, de eerste langspeler van de Britse scenarist-regisseur Martin McDonagh, die reeds een Oscar won voor zijn kortfilm Six Shooter en die als toneelmaker eerder al furore maakte als de 'Tarantino of British Theatre', spelen Colin Farrell en Brendan Gleeson de hoofdrollen als de huurmoordenaars Ray en Ken, die na een faliekant misgelopen 'hit' in Londen door hun opdrachtgever Harry (rol van Ralph Fiennes) naar Brugge worden gestuurd om daar enerzijds uit het oog van de (politie)storm te blijven en anderzijds een beetje tot rust te komen. Dat blijkt niet zo evident te zijn. Terwijl ze noodgedwongen wachten op een seintje van Harry, probeert de oudere Ken de culturele rijkdom van die voor hen zo vreemde en mysterieuze stad te appreciëren, terwijl de jongere Ray zich al meteen te pletter verveelt. Hoe is hij toch in zo'n shithole verzeild kunnen raken? Hij wil zo snel mogelijk weg uit "dit land dat toch alleen maar aan elkaar hangt met pralines." En neen, de middeleeuwse pracht en praal van Brugge kan hem absoluut niet bekoren: "Indien ik op een boerderij geboren was en achterlijk was, dan had Brugge mij misschien kunnen imponeren. Maar ik kom uit Dublin." En aan geschiedenis heeft hij sowieso geen boodschap: "Dat zijn gewoon een hoop dingen die al gebeurd zijn."

De persattaché had hen 'gewaarschuwd' dat ik een journalist uit Vlaanderen was en daarom informeert Brendan Gleeson, met gespeelde achterdocht, of ik misschien uit Brugge kom. Niet dus. Ik kom uit Gent. Meteen doen ze allebei alsof ze helemaal opgelucht en gerustgesteld zijn: "Oh, we zijn dol op Gent. Prachtige stad! Jullie zijn waarschijnlijk wel blij dat er zo de spot wordt gedreven met Brugge?"

Indien de huurmoord in Londen niet zo dramatisch verkeerd was gelopen, waren Ray en Ken nooit in Brugge verzeild geraakt. Dit is een typisch voorbeeld van een 'fish out of the water'-verhaal.

Brendan Gleeson: "Noem het gerust een 'two fishes out of the water'-film. Alhoewel, mijn personage vindt het niet eens zo vervelend dat hij daar een tijdje moet doorbrengen. Ken is blij met die rust en met het feit dat hij even weg kan uit al die rotzooi en dat geweld in Londen."

Colin Farrell: "Maar mijn personage loopt de hele tijd te zeuren en te zaniken. Zijn mond lijkt niet stil te staan. Het is vrij snel duidelijk dat Ray met zichzelf in de knoop ligt en alleen maar met zichzelf bezig is. Hij projecteert als het ware zijn eigen gemoedstoestand op de plaats waar hij terechtgekomen is. Hij is nog maar net van de trein gestapt of hij vindt het al nodig om Brugge 'a shithole' te noemen. Ray voelt zich vreselijk slecht in zijn vel. Hij heeft een vreselijke misdaad begaan, er kleeft bloed aan zijn handen en hij voelt zich enorm kwetsbaar. Je mag dit als mijn persoonlijke 'disclaimer' beschouwen, maar die uitval heeft dus niets met de stad of met zijn inwoners te maken, maar alles met Ray zelf."

Waarvan akte. Maar wat vond u zelf van Brugge?

Colin Farrell: "Oh, ik heb mij daar wel geamuseerd. Het is hoe dan ook een prachtige stad en de mensen waren erg vriendelijk. We zijn er in totaal tien weken geweest: drie weken om te repeteren en zeven weken om de film te draaien. Maar het blijft natuurlijk wel een vreemde plek, ook al zit er veel schoonheid in die vreemdheid. Maar je moet mentaal wel sterk in je schoenen staan. Het is inderdaad zoals Ken op een bepaald moment tegen Ray zegt: 'Als men niet van hier is, moet men zich toch wel goed in z'n vel voelen om hier de winter door te komen.' Om vier uur wordt het al donker en de straten zijn dan zo stil en zo verlaten. Ik heb toen weleens gedacht: 'Er is hier iets aan de hand dat ze ons niet willen vertellen! Een mysterieuze plaag of een soort epidemie!' Maar het paste wel goed bij de gemoedstoestand van Ray: moedeloos, op het randje van de wanhoop, niet alleen overhoop met de wereld om hem heen, maar vooral met zichzelf."

Was het toch niet een beetje vervelend om de burgemeester te ontmoeten van de stad die je op tijd en stond 'a shithole' moest noemen?

Colin Farrell: "Nee hoor, want hij had het scenario niet gelezen. We hebben hem gewoon verteld dat de hele film een grote liefdesverklaring aan Brugge zou worden (lacht). Ik denk zelfs dat ik de film toen vergeleken heb met Roman Holiday (Amerikaanse klassieker van William Wyler, waarin Audrey Hepburn en Gregory Peck heel romantisch op een Vespa door Rome rijden, JT)."

Brendan Gleeson: "De burgemeester was clever genoeg om te beseffen dat het verhaal eigenlijk niet zo belangrijk was voor de uitstraling van zijn stad. Hij wist dat de beelden voldoende zouden laten zien wat voor een buitengewone stad Brugge toch wel is. Het verbaast mij helemaal niet dat mensen die naar de film gaan kijken, naderhand zin hebben om die stad te bezoeken."

Colin Farrell: "Tijdens de promotietournee voor In Bruges in Amerika, was het opvallend hoeveel journalisten niet eens wisten waar Brugge precies ligt, laat staan dat ze wisten hoe die naam moet uitgesproken worden (lacht). Maar ach, ze wisten evenmin waar Ierland ligt. In Los Angeles was er zelfs een journalist die, toen hij hoorde dat ik van Dublin was, dacht dat dit ergens op de Caraïben moest zijn."

In de film zegt Ken op een bepaald moment tegen Ray: 'We shall strike a balance between culture and fun.' Als acteurs zijn jullie vaak in het buitenland aan het werk. Wordt er dan ook aan 'cultural sightseeing' gedaan of gaan jullie liever op zoek naar een of andere pub?

Brendan Gleeson: "Ik ben pas vrij laat in het buitenland beginnen werken en ik moet eerlijk toegeven dat ik in het begin weinig geïnteresseerd was in musea of kunstgaleries. Ik zag daar het nut niet van in als er toch niemand bij jou was om die ervaring te delen. Maar nu ben ik op een punt aanbeland dat ik het helemaal niet erg vind om alleen op stap te gaan, integendeel. Als je voor een of andere film gedurende een lange periode in een vreemde stad moet verblijven, is het een aangename manier om de tijd door te brengen. Ik voel mij dan soms wel een nerd, maar het is ook een prachtige therapie tegen eenzaamheid."

Colin Farrell: "Als je naar een plaats reist die cultureel verschillend is, waar de mensen een andere huidskleur hebben, waar er een andere taal gesproken wordt of waar de gedragscodes anders zijn, dan zou ik het nogal onnatuurlijk vinden om de hele tijd opgesloten te blijven in een hotelkamer. Net zoals ik het even onnatuurlijk vind om een zoo te bezoeken, naar de dieren in hun kooien te kijken en dan te denken dat je heel wat bijgeleerd hebt over de natuur. Ik reis graag. Soms vind ik dat het beste gedeelte van mijn job, maar soms toch ook het slechtste."

Brendan Gleeson: "Er is natuurlijk niets mis met het bezoeken van de pubs. Maar toen ik vroeger in het buitenland kwam, dacht ik: 'Ik ga hier zeker niet de toerist uithangen, want ik wil de échte mensen leren kennen.' En dus dook ik de kroeg in op zoek naar de échte mensen om dan uiteindelijk te ontdekken dat die overal hetzelfde zijn: goed en slecht, interessant en vervelend. Maar ondertussen had ik al wel de cool stuff van dat land of van die stad gemist (lacht). Als ik nu ergens in een stad kom, ga ik eerst en vooral op zoek naar zo'n 'hop-on hop-off'-bus om rond te rijden en alle coole plekken te ontdekken. En daarna kan ik nog altijd op zoek gaan naar de échte mensen (lacht)."

In het scenario waren Ken en Ray oorspronkelijk huurmoordenaars uit Londen. Maar toen bleek dat jullie geïnteresseerd waren in de rollen, heeft regisseur Martin McDonagh er probleemloos twee Ierse killers van gemaakt.

Colin Farrell: "Toen ik het scenario voor het eerst las, kon ik bij wijze van spreken de cockney-dialogen horen. Maar zodra ik daarna in mijn hoofd met het verhaal bezig was, hoorde ik probleemloos het Dublin-accent van Ken en Ray. Het verschil is echt niet zo groot. Het verrassende is dat Martin uiteindelijk niet meer dan tien of vijftien woorden in het scenario heeft moeten veranderen om er Ierse personages van te maken. Het was zeer interessant en ook wel fascinerend om te zien hoe je twee culturen, die inherent zo verschillend zijn, gewoon kon omwisselen om dan te constateren dat er nauwelijks sprake is van een verschil."

De laatste zin van de film is: 'Je moet trouw blijven aan je principes.' Geldt dat ook voor jullie?

Colin Farrell: "Voor mijn personage of voor mij? (lacht) Ach, ik kan daar kort over zijn. Behandel de anderen zoals je zelf behandeld wilt worden. Als je volgens dat principe kunt leven, lijkt mij dat een goede zaak. Tenzij je natuurlijk iemand bent die verteerd wordt door zelfhaat en zelfdestructie (lacht)."

Brendan Gleeson: "Ik kan het ook kort houden. Mijn motto is: Blijf nieuwsgierig."

Ken en Ray zijn huurmoordenaars, maar door hun kwetsbaarheid weet de film hen toch op een of andere manier aandoenlijk te maken.

Brendan Gleeson: "Absoluut. Die kwetsbaarheid is dé sleutel van de hele onderneming. Dat kon je al merken bij de lectuur van het scenario. We hoefden daar zelf nauwelijks moeite voor te doen. Het kwam er alleen op aan het scenario trouw te blijven."

Colin Farrell: "We hadden meer werk met de komische aspecten van het verhaal, maar om dat juist te krijgen en bijvoorbeeld komaf te maken met de fase van het gegiechel zijn die drie weken repetitie heel nuttig geweest. Op die manier konden de gesprekken en de ruzies tussen die twee kerels zowel eerlijk en kwetsbaar, zowel grappig als aandoenlijk worden. Belangrijk was ook de totale afwezigheid van zelfcensuur, die Martin aan de dag had gelegd bij het schrijven van de dialogen."

Brendan Gleeson: "Op papier mag er misschien sprake zijn van political uncorrectness', maar het past perfect bij de eerlijkheid van de personages en dat verhoogt tegelijk ook hun kwetsbaarheid, want tegenover elkaar en ook wel tegenover de andere personages hoeven ze helemaal niet te letten op wat ze allemaal uitkramen."

Colin Farrell: "Het scenario was zo hilarisch dat ik soms luidop zat te lachen en dat overkomt mij eerlijk gezegd niet zo vaak. Ik vind het trouwens zelf op het randje: zo helemaal in je eentje zitten schateren (lacht). Maar de repetitieperiode was ook nuttig om wat afstand te kunnen nemen, te objectiveren en aan te voelen hoe treurig en pijnlijk het allemaal wel is. Want geef toe, Ray zit niet in de meest opwekkende periode van zijn leven! Hij is erg moedeloos, heeft zelfs suïcidaire neigingen. Ik ben op een bepaald moment zelfs beginnen dromen over Ray en dat is zeer uitzonderlijk voor mij. Het waren trouwens niet de meest prettige dromen. Dus als je zoiets begint te doen, zit je toch wel heel diep in je personage. Het is niet zo dat ik 24 uur lang en zeven dagen per week in character ben gebleven, maar ik heb me tijdens het draaien toch nooit helemaal kunnen losmaken van de gevoelens van wanhoop, verlies en ontreddering waarvan het scenario doordrongen was. En ik wilde dat ook niet. Dit is immers het verhaal van een man die worstelt met zijn herinneringen. Dit is een verhaal over schuld en boete, over zonde en verlossing. Indien Ray in Londen was gebleven, dan had hij zich in die chaos en de drukte van die metropolis kunnen verliezen. Maar in een stad als Brugge, waar het zo stil en zo vredig is, wordt hij constant herinnerd aan het drama dat hij veroorzaakt heeft. Als Ray zich daar in een of andere kerk als een onrustig en onwillig kind gedraagt, dan kan dat wel grappig lijken, maar tegelijk is het ook in een kerk dat de moord gepleegd wordt. En dus is het niet zo abnormaal dat een kerk zowat de laatste plaats is waar Ray zich wil bevinden."

We hadden het daarnet over het 'fish out of the water'-aspect van 'In Bruges'. Is dat iets waarin u zich als Ierse acteur in tal van grote Hollywoodfilms ook wel kunt herkennen?

Colin Farrell: "Ach, uiteindelijk kan iedereen zich altijd en overal zo'n fish out of the water voelen. Je wordt alleen geboren, je sterft alleen en tussenin zijn er ook wel voldoende momenten dat men zich alleen, ontredderd en niet op z'n plaats voelt. En wat Hollywood betreft: Amerika is goed geweest voor mij. Ik heb er prachtige ervaringen gehad en ik heb er mij altijd zeer welkom gevoeld. En nu we het toch over vissen hebben: haaien vindt men overal. Ik heb er veel gezien in Los Angeles, maar ook veel in Dublin. Maar nu ik erover nadenk: eigenlijk niet zoveel in Brugge (lacht)." n

INFO In Bruges draait vanaf woensdag 2 juli in de Belgische bioscopen

Colin Farrell

Ik heb weleens gedacht: 'Er is hier in Brugge iets aan de hand dat ze ons niet willen vertellen! Een mysterieuze plaag of een soort epidemie!'

Regisseur Martin McDonagh

'Brugge is een filmische stad'

"Ik wilde een locatie die als totale tegenstelling kon fungeren van wat deze mannen, deze twee killers zijn. Ze worden weggestuurd naar een plaats die er, visueel althans, uitziet als een sprookje. Het is dus ook een locatie waar ze zichzelf totaal misplaatst voelen. Voor Ken, het personage van Brendan Gleeson, valt het nogal mee, want hij is toch zo'n beetje een cultuurfreak, zoals ik dat zelf ook ben. Maar voor Ray, het personage van Colin Farrell, is Brugge een plek waar hij, voor al de verkeerde en stupide redenen, een hartsgrondige hekel aan heeft."

Op die manier legt de Britse scenarist-regisseur Martin McDonagh uit waarom hij Brugge zo'n belangrijke rol laat spelen in zijn eerste langspeler, de tragikomische gangsterfilm In Bruges. "Toen ik zo'n vier jaar geleden voor het eerst in Brugge kwam, viel mij meteen op wat voor een 'filmische' stad dat eigenlijk is. Ik vroeg mij ook meteen af waarom die plaats nog niet vaker als filmlocatie gebruikt was. Toen dit project stilaan vorm kreeg, was het één van mijn voornaamste ambities om Brugge te laten zien op de manier dat Nicolas Roeg dat indertijd met Venetië gedaan had voor Don't Look Now (dramatische thriller uit 1973, met Donald Sutherland en Julie Christie, JT). Ik wou Brugge dus als een belangrijk personage gebruiken en niet zomaar als achtergrond."

Waarom bent u indertijd voor het eerst naar Brugge gekomen?

Martin McDonagh: "Zomaar. Ik reis graag naar plaatsen die ik niet of nauwelijks ken. Op mijn eentje, om daar dan rond te wandelen en zo een nieuwe stad te ontdekken. Ik had vanuit Londen de trein naar Brussel genomen en was toen doorgereden naar Brugge. Terwijl ik daar rondliep, doken er verschillende stemmen op in mijn hoofd, die als het ware met elkaar in de clinch gingen. Enerzijds de 'Ken'-stem: iemand die van musea houdt en die kerken wil bezoeken. En anderzijds de 'Ray'-stem: iemand die zich verveelt en die zo snel mogelijk dronken wil worden of meisjes wil ontmoeten. Zelf heb ik toen in Brugge geen meisjes ontmoet, maar het bier heb ik wél gevonden (lacht). Bij dat eerste bezoek zag ik vooral een toeristische stad, meer bepaald voor oudere toeristen. 's Avonds, en zeker in de winter, zijn de straten totaal verlaten en lijkt de stad helemaal uitgestorven. Het is pas bij mijn latere trips, onder meer tijdens de voorbereiding van In Bruges, dat ik ontdekte dat er ook jongeren wonen en dat er toch zoiets als een 'nightlife' bestaat.

Dat allereerste bezoek heeft een sterke invloed gehad op het schrijven van het scenario. Elke straat, elke brug, elk gebouw dat ik mooi had gevonden, wou ik in mijn verhaal kunnen gebruiken. Heel specifiek. Als ik voor een scène een zitbank nodig had, mocht dat niet zomaar een bank zijn, maar het moest die welbepaalde bank op het Jan Van Eyckplein zijn. Ik heb de hele film ook op storyboard uitgetekend, heel gedetailleerd. Indien we geen toestemming hadden gekregen om in Brugge te draaien, dan had ik het hele project gewoon laten schieten. Ik wou dit verhaal niet vertellen in Praag of in Venetië. Het moest Brugge zijn. De schoonheid van die stad was nodig als een soort contradictie voor het donkere en grimmige verhaal. Ik had dat conflict nodig."

Hoe is de samenwerking met het stadsbestuur van Brugge verlopen?

"Fantastisch! Zonder de medewerking van de burgemeester en van de toeristische dienst was deze film onmogelijk geweest. We mochten overal draaien, behalve in de Heilige Bloedkapel. ik vermoed dat ze die toeristische trekpleister niet nog bekender willen maken. Maar de locatie waar we in plaats daarvan gedraaid hebben, namelijk de Jeruzalemkerk, vind ik minstens even indrukwekkend."

Wisten zij op voorhand dat Brugge, bij monde van het Colin Farrell-personage, regelmatig 'a shithole' zou genoemd worden?

"We hebben hen aangeboden om vooraf het scenario te lezen, maar ze hebben dat niet zelf gevraagd. Toen de film eenmaal klaar was, was ik wel een beetje ongerust dat ze zich beledigd zouden voelen. Dat zij het gevoel zouden krijgen dat wij hen als het ware een mes in de rug hadden gestoken. En ze waren nog wel zo vriendelijk en behulpzaam geweest! Maar dat bleek niet het geval. Hun voornaamste betrachting was dat de schoonheid van Brugge uitgebreid aan bod zou komen in een grote, internationale speelfilm. Dat de naam van de stad daarbij in de titel zou staan, was natuurlijk een extra troef. Niet voor de mensen van de filmmarketing, want die vonden het raadzaam om op de affiches onder de titel ook de fonetische transcriptie van Brugge (Broozh, JT) af te drukken (lacht). Maar het stadsbestuur zelf heeft ons alle artistieke vrijheid gelaten. Ze waren ook wel slim genoeg om te begrijpen dat de 'negatieve' gevoelens in verband met Brugge niet door de film, maar door één welbepaald personage vertolkt werden. Trouwens, ik heb inmiddels al van veel Amerikaanse toeschouwers gehoord dat ze na het bekijken van de film veel zin hebben gekregen om naar Brugge te komen."

Colin Farrell

Het scenario was zo hilarisch dat ik soms luidop zat te lachen, dat overkomt mij niet zo vaak

'Bruges is a shithole'

& andere toeristische citaten

* Ken (rol van Brendan Gleeson) is van plan om de toren van het Brugse belfort te beklimmen en vraagt aan Ray (rol van Colin Farrell) of hij geen zin heeft om mee te gaan.

Ken: 'Coming up?'

Ray: 'What's up there?'

Ken: 'The view.'

Ray: 'The view of what? The view of down here? I can see that down here.'

Ken: 'Ray, you are about the worst tourist in the whole world.'

* Ray wil dat er een einde aan zijn leven komt, ook al riskeert hij daarna in de hel te belanden. Maar dan bedenkt hij zich.

Ray: 'But then, like a flash, it came to me. And I realized, fuck man, maybe that's what hell is: the entire rest of eternity spent in fuckin' Bruges.'

* Ray ontdekt dat er in Brugge een film gedraaid wordt en gaat een kijkje nemen. In de buurt van de set valt zijn oog op een meisje, Chloë (rol van Clémence Poésy), die hem vertelt dat zij daar rondloopt omdat ze de Belgische filmploeg voorziet van heroïne en cocaïne. Bij wijze van kennismaking ontspint zich het volgende gesprek:

Chloë: 'There's never been a classic movie made in Bruges until now.'

Ray: 'Of course there hasn't. It's a shithole.'

Chloë: 'Bruges is my home town, Ray.'

Ray: 'Well, it's still a shithole.'

* Even later zegt Chloë dat Ray, na het beledigen van haar stad, misschien ook nog een of andere Belgenmop kan vertellen.

Ray: 'Don't know any Belgium jokes, and if I did I think I'd have the good sense not to... hang on. Is Belgium with all those child abuse murders lately? I do know a Belgium joke. What's Belgium famous for? Chocolates and child abuse. And they only invented the chocolates to get to the kids.'

* Ken heeft Ray dan toch eindelijk zover gekregen om een boottochtje te maken op de Brugse reien.

Ray: 'Do you think this is good?'

Ken: 'Do I think what's good?'

Ray: 'You know, going around in a boat, looking at stuff?'

Ken: 'Yes, I do. It's called sight-seeing.'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234