Maandag 03/10/2022

Brussel, waar allochtonen thuis willen zijn

Eerst stemrecht voor Europese buitenlanders, dan - eventueel en misschien - voor niet-Europeanen. Zo luidde in de jaren negentig het adagium in de Wetstraat. Voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2000 in het Brusselse stuurden die Europeanen massaal hun kat. Allochtonen daarentegen liepen het vuur uit hun sloffen om deel te nemen. Het beleid bleef achter.

Brussel

Eigen berichtgeving

Filip Rogiers

Hemel en aarde hebben de Vlaamse partijen, de toenmalige CVP voorop, verzet om de Europese buitenlanders in Brussel gemeentelijk stemrecht te geven. Inzet van het debat toen was de vrees dat de eurocraten vooral op Franstalige partijen zouden stemmen, en daarmee het toch al magere aantal Vlaamse verkozenen in de negentien gemeenten van Brussel zouden marginaliseren.

De olifant baarde evenwel een muis. Van de potentieel 120.246 stemgerechtigde Europeanen in Brussel, of 18 procent, hebben slechts 11.520 kiezers of 9 procent zich aangemeld als kiezer in 2000. Slechts 2 procent van hen heeft op 8 oktober 2000 ook daadwerkelijk gestemd. Het gros van dat electoraat mag op conto worden geschreven van een Spaanse PS-kandidaat in Sint-Gillis. Hij stond op de tweeëntwintigste en dus volstrekt onverkiesbare plaats, maar hij ging veertig dagen van deur tot deur en verzamelde daarmee genoeg stemmen om verkozen te worden.

In de Brusselse gemeenten waar de eurocraten het dichtst gezaaid zijn, gingen ze paradoxaal genoeg het minste naar de stembus. Om precies te zijn: geen kat, of nul procent, in Watermaal-Bosvoorde en Sint-Pieters-Woluwe.

In fel contrast daarmee staat het enthousiasme van de niet-Europese vreemdelingen, nochtans zonder stemrecht. "Het potentiële electorale gewicht van deze groep is bij de gemeenteraadsverkiezingen ten volle gerealiseerd", zegt Dirk Jacobs, vorser aan de Katholieke Universiteiten van Brussel en Leuven. "In 1994 waren er veertien allochtone verkozenen. In 2000 waren er dat negentig, of bijna veertien procent van de in totaal 652 gemeenteraadsleden in Brussel. De meesten stonden op onverkiesbare plaatsen, maar danken hun persoonlijke score aan hun voorkeurstemmen. Het gaat voornamelijk om allochtonen van Marokkaanse origine."

Met negentig verkozenen deden de allochtonen, het leeuwendeel van hen verkozen op Franstalige lijsten, het beter dan de Vlamingen pur et dur, met vierentachtig. "De allochtone gemeenteraadsleden hebben de Vlaamse verkozenen evenwel niet verdrongen", zegt Dirk Jabocs. "Ook de Vlamingen wonnen er tussen 1994 en 2000 dertien verkozenen bij." Nog een pittig detail, er zijn - dankzij een staatshervorming, zijnde Lambermont - meer Vlaamse dan allochtone schepenen in Brussel.

Koplopers inzake allochtone verkozenen zijn de gemeenten Evere (32 procent van de verkozenen) en Sint-Agatha-Berchem (29 procent). Achterloper is Ukkel (als enige van de negentien gemeenten: nul procent).

Een onverhoopt groot succes dus wat betreft de politieke participatie van allochtonen. Zo'n groot succes zelfs dat het de partijen in Brussel zorgen baart. "Bij autochtonen in de politieke partijen gingen na de verkiezingen stemmen op om het gewicht van voorkeurstemmen, het zogenaamde 'blokstemmen', te verminderen", zegt Jacobs. Versta: die enthousiaste allochtonen die in de weken voorafgaand aan de verkiezingen dag en nacht de Haachtsesteenweg kleurden met een zeer intensieve verkiezingscampagne moeten hun ambities dimmen. Want ze sprongen vaak over menig, autochtone, kandidaat op een verkiesbare plaats.

Die terugslag is des te verwonderlijker omdat álle partijen voor de verkiezingen massaal rekruteerden in allochtone kringen. In die mate zelfs dat de allochtone zelforganisaties het niet proper vonden. "Er was heel wat onvrede", vertelt Jacobs. "Heel wat vertegenwoordigers van die zelforganisaties zeiden dat de jacht op allochtonen perverse effecten had. In de concurrentiestrijd tussen de partijen om vreemde namen werden sommige kandidaten blind op de lijst gezet. De selectie gebeurde zeer nonchalant. Gevolg: tussen de kandidaten zaten nogal wat incompetente en extremistische mensen. Al gaat het om uitzonderingen."

Andrea Rea, vorser aan de ULB, stipte gisteren op een colloquium over Brussel en zijn negentien gemeenten een tweede paradox aan. De Brusselse gemeenten blijken in strikte zin geen integratiepolitiek te hebben. Centen die de allochtone gemeenschap ten goede komen, zitten in de pot voor onderwijsuitgaven. Het daarbij gehanteerde criterium is sociale uitsluiting in het algemeen. Het onderwijs van de Franse Gemeenschap is armlastig, en de negentien gemeenten leggen daarom bij voor de schooluitgaven. "Wat nagenoeg ontbreekt", vertelt Rea, "zijn gerichte uitgaven voor de strijd tegen discriminatie inzake aanwervingen, huisvesting, toegang tot discotheken en dergelijke. Alsook investeringen in initiatieven die betrekking hebben op het interculturele of culturele leven."

Door dat Brussels gemeentelijk beleid ontstaat er een klasse van gestudeerde allochtonen, "een kleine Welfare class". Het is uit die groep dat de 'woordvoerders' van zelforganisaties én de verkozenen komen. Daarmee is de cirkel rond.

Of hoe allochtonen in Brussel popelen om politiek te participeren, maar met hun enthousiasme tegen de muur lopen van Sint-Gillis tot in Schaarbeek.

In Brusselse gemeenten waar eurocraten het dichtst gezaaid zijn, gingen ze paradoxaal genoeg het minste naar de stembus

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234