Zaterdag 01/10/2022

Canada, het beloofde land voor gamemakers

Canada herbergt de derde grootste videogame-industrie in de wereld, en dat komt voor een groot stuk door de genereuze financiële voordelen die de overheid uitreikt: gemiddeld 35 procent van de lonen in de sector komt uit de zak van de belastingbetaler. Volgens sommige gameontwikkelaars ontwricht dat de markt: 'Een ontwikkelingsteam van honderden mensen, dat krijg je niet gedaan zonder de Canadese overheidssteun.'

In 2007 lanceerde de Franse uitgever Ubisoft Assassin's Creed. Dit najaar ligt de lang verwachte vierde aflevering Assassin's Creed: Revelations in de winkels met een volledig bewandelbaar en natuurgetrouw 3D-model van de stad Constantinopel (nu Istanbul) anno 1151. In de drie voorgaande titels uit de game werd al hetzelfde gedaan met Jeruzalem, Damas- cus, Akko, Firenze, Venetië en Rome, telkens eveneens in een welbepaald historisch tijdperk. Het is een huzarenstuk, waarvoor het bedrijf honderden mensen - programmeurs, 3D-artiesten, ontwerpers - tegelijkertijd moet inzetten. Dat maakt een game van het kaliber van Assassin's Creed behoorlijk duur om te maken: elk van die medewerkers heeft een jaarloon van 50.000 tot 150.000 dollar, wat de totale productiekost van de game naar miljoenen euro's hijst.

Het grootste deel van de productie wordt uitgevoerd in Ubisofts filiaal in het Canadese Montréal, en dat krijgt stevige financiële steun van de Canadese overheid. De meeste provincies, die een hoge bestuurlijke autonomie hebben in het land, keren bijvoorbeeld belastingvoordelen uit voor het creëren van jobs in de videogamesector. In de provincie Québec, waar het merendeel van de videogamebedrijven zitten, wordt tot 37 procent van het loon van iemand die in de game-industrie werkt door de overheid betaald via een systeem van belastingvoordelen. Hetzelfde geldt voor de provincies Ontario en British Columbia, waar een soortgelijk systeem van belastingkredieten geldt: in de eerstgenoemde provincie gaat het zelfs naar 40 procent, in de tweede blijft het bij 17 procent. Maar daar houdt het niet mee op: er zijn ook speciale subsidies voor het ontwikkelen van compleet nieuwe gametitels, er is een speciaal mediafonds van de federale overheid, en zelfs de universiteiten helpen een handje. Ubisoft begon bijvoorbeeld recentelijk aan een onderzoeksproject voor artificiële intelligentie, een belangrijke component in videogames, samen met de universiteit van Montréal. Beide partners steken jaarlijks 200.000 Canadese dollar (140.000 euro) in het project, en aan het einde van de termijn van vijf jaar moeten de resultaten publiek worden gemaakt, maar Ubisoft kan de nieuwe technologie wel als eerste gebruiken: tegen de tijd dat ze gepubliceerd wordt, is ze dus alweer verouderd.

Derde grootste

Canada heeft ondertussen de derde grootste videogame-industrie in de wereld, na de Verenigde Staten en Japan, met 1,7 miljard Canadese dollar (1,2 miljard euro) totale inbreng in het bbp van het land. Dat succes is voor een stuk te danken aan gamebedrijven die in het land zelf zijn opgericht, maar de grote doorbraak kwam toen de lokale overheden grote gamebedrijven uit de Verenigde Staten, Europa en Japan naar hun grondgebied begonnen te lokken. Daar kunnen ze ook snel groeien dankzij de belastingvoordelen op personeel. Ubisoft heeft ondertussen 1.200 werknemers in Canada, veel meer dus dan in zijn thuisland, en andere grote studio's volgden: de Japanse uitgever Square Enix maakt er bijvoorbeeld Deux Ex: Human Revolution, en Electronic Arts heeft een studio in Vancouver waar het de Fifa-voetbalspelletjes maakt.

Om die grote spelers naar het land te lokken, keren de provincies ook speciale subsidies uit die niet naar lokale gamebedrijven gaan. Ubisoft opende vorig jaar bijvoorbeeld een nieuw filiaal in Toronto, en kreeg daarvoor liefst 263 miljoen Canadese dollar (188 miljoen euro) aan subsidies van de provincie Ontario. "Die subsidies voor grote buitenlandse spelers vallen niet binnen een schalensysteem: ze zijn volledig negotieerbaar", zegt Carole Deniger van Secor, een consultancybedrijf dat de gamesector in het land observeert. "Een buitenlands videogamebedrijf zegt hoeveel het nodig heeft, en de lokale overheid kijkt wat ze kan doen. Er is ook een stevige concurrentiestrijd tussen de verschillende provincies, zowel op gebied van belastingvoordelen als op gebied van vestigingssubsidies. Het zet tenslotte een hoop mensen aan het werk."

Ongelijk speelveld

Gamestudio's in andere landen, vooral in Europa, zijn ondertussen niet meer zo opgezet met die genereuze financiële voordelen die de Canadese overheid uitkeert: ze ontwrichten de markt, zo luidt de kritiek. "Zonder die Canadese steun zou er geen enkel draagvlak zijn geweest om een game à la Assassin's Creed te maken", zegt Swen Vincke van Larian Studios, een Belgische gamestudio die de relatief succesvolle gamereeks Divinity op de markt brengt, in een kort telefoongesprek met De Morgen. "Een ontwikkelingsteam van honderden mensen, dat krijg je niet gedaan zonder de overheidssteun die in Canada wordt uitgekeerd. Tot een vijftal jaar geleden maakte iedereen games met een team tot tachtig mensen, en wie een goed product had, verdiende daar geld mee. Maar toen kwamen megagames als Assassin's Creed op de proppen, en alles veranderde: de consument verwacht nu dat iedere grote game die op de markt wordt gebracht dat soort omvang heeft. Dat geeft een wrang gevoel: wijzelf staan er gelukkig nog, maar in Groot-Brittannië hebben heel wat studio's de deuren moeten sluiten omdat ze die mallemolen gewoon niet meer konden volgen."

Ondertussen creëerden de gulle bijdragen van de Canadese overheid ook hun eigen problemen: het is steeds moeilijker om goed volk te vinden in eigen land. Heel wat Canadese studio's proberen mensen van buiten het land aan te trekken, en er is een talentoorlog begonnen voor topontwerpers. "Toen Ubisoft zich enkele jaren geleden hier kwam vestigen, was ik een van de weinigen die dat toejuichten", zegt algemeen directeur Rémi Racine van Behaviour Interactive, een 'inheemse' gamestudio uit Montréal. "Maar dat is ondertussen veranderd. Vooral 'senior' mensen, met een ervaring vanaf 5 à 7 jaar, zijn ontzettend moeilijk te vinden. De industrie groeit veel sneller dan de arbeidsmarkt, en dat schept stilaan problemen."

Bovendien beginnen studio's voor hun megaproducties ondertussen ook buiten het land te kijken: Ubisoft bouwt zijn twee recentste Assassin's Creed-games bijvoorbeeld al via een interne coproductie, waarbij ook de eigen studio's in Roemenië en Singapore een handje helpen. "Er is minder en minder ruimte voor de middenmoot", zegt gameontwerpster en universiteitsdocente Geneviève Lord. "Ofwel steek je een megaproductie in elkaar, met alle middelen die de globale economie je aanreikt, ofwel blijf je bij een iPhone- of Facebookgame."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234