Maandag 24/01/2022

CIA had telefoonnummer 9/11-kaper

Ruim twee jaar voor de aanslagen van 11 september 2001 kende de Amerikaanse inlichtingendienst de identiteit van een van de kapers, Marwan al-Shehhi, een van de vier die op voorhand het hele plan voor de aanval kenden. Van de Duitse collega's hadden ze zijn voornaam en telefoonnummer gekregen maar vervolgens niets mee gedaan. Het nieuws lekte uit in The New York Times.

Brussel

Eigen berichtgeving

De Bundesnachrichtendienst (BND), zowat de Duitse tegenhanger van de CIA, had al lang voor de aanslagen op 11 september meer dan gewone interesse voor het florerende fundamentalistische milieu in Hamburg. Het was het milieu van Mohammed Atta, algemeen beschouwd als de leider van de kapers, en van Marwan al-Shehhi. Van Atta had in 1999 nog niemand gehoord maar al-Shehhi dook plots op in gesprek met Mohamed Heidar Zammar, een extremist die de Duitsers al enige tijd in de gaten hielden. Een telefoontap leverde hen al-Shehhi's voornaam en telefoonnummer in de Verenigde Arabische Emiraten op. Al-Shehhi zou meer dan twee jaar later het vliegtuig besturen dat zich in de zuidertoren van het WTC boorde.

De BND speelde de informatie meteen door aan de CIA. Volgens The New York Times kwam het agentschap tot de bevinding dat Marwan "waarschijnlijk" gelieerd was aan Osama bin Laden. "Maar we slaagden er niet in meer informatie te verzamelen", zo vertelde een anonieme medewerker van de Amerikaanse geheime dienst gisteren in de krant. "Het ging om een privé-nummer in de Verenigde Arabische Emiraten."

Er zijn nochtans aanwijzingen dat de CIA heeft willen verzwijgen dat ze over het telefoonnummer van al-Shehhi beschikten. Toen de parlementaire commissie die de gebeurtenissen van 11 september onderzocht in december 2002 haar rapport publiceerde, was daarin al sprake van al-Shehhi. Nergens echter werd vermeld dat de CIA zijn telefoonnummer had. Volgens een medewerker van de commissie voorkwam de CIA dat het hele verhaal in het rapport belandde.

Het was dan ook explosief materiaal. Een uitgebreid onderzoek naar Shehhi had de Amerikanen immers op weg kunnen zetten naar de Hamburgse cel die de aanslagen van 11 september uitvoerde. Al-Shehhi was een van de vier personen die op voorhand de hele strategie voor 11 september kenden. Hij zou er later zelfs over opscheppen tegen de eigenaar van een Hamburgse boekenwinkel. "Er zullen duizenden mensen sterven", zei hij in 2000. "En jullie zullen allemaal aan mij moeten denken."

Al-Shehhi, die tot 1996 in de Verenigde Arabische Emiraten woonde en van daar naar Hamburg verhuisde, en Atta waren in die dagen onafscheidelijk. Ze deelden een kamer, gingen zich samen bijscholen in een trainingskamp van Al-Qaeda in Afghanistan en waren ook samen op een huwelijksfeest in een Hamburgse moskee waar het gros van de kapers elkaar ontmoette en waar de plannen voor de aanslagen vaste vorm kregen.

Volgens The New York Times bood de Duitse informatie een unieke kans om in de Hamburgse cel te infiltreren en uiteindelijk zelfs de aanslagen in New York en Washington te verijdelen. Minstens had de Amerikaanse overheid kunnen verhinderen dat al-Shehhi, zestien maanden na de Duitse tip, vlieglessen ging volgen in de Verenigde Staten. Dat er zo weinig gebeurde met de informatie van de Duitsers wordt nu weer onderzocht door de parlementaire onderzoekscommissie.

Het verhaal van al-Shehhi is weliswaar het sprekendste maar niet het enige voorbeeld van blunderwerk van de CIA voor 11 september. Enkele maanden nadat de Duitsers de Amerikanen over al-Shehhi hadden getipt, had de CIA ook al informatie ontvangen over een vergadering in Maleisië van verdachte extremisten. Onder hen twee latere kapers, Khalid al-Midhar en Nawaq Alhazmi. De CIA verzuimde om beiden op een lijst van verdachte personen te plaatsen, waardoor ze ongehinderd de VS binnenraakten om er de aanslagen van 11 september voor te bereiden. (FL)

'Duizenden zullen sterven', zei al-Shehhi in 2000. 'En jullie zullen allemaal aan mij moeten denken'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234