Vrijdag 07/10/2022

Corneille Nederlands kunstenaar van het jaar

Waarom Corneille verkozen is, is niet helemaal duidelijk

Brussel

Eigen berichtgeving

Christophe De Schauvere

Cornelis Guillaume Beverloo, beter bekend als Corneille, is in Nederland uitgeroepen tot kunstenaar van het jaar. De 81-jarige kunstenaar was een van de oprichters van de Nederlandse Experimentele Groep die in 1948 opging in de Cobra-beweging. Cobra verzamelde gelijkgestemde experimentele kunstenaars uit Kopenhagen, Brussel en Amsterdam. Het was de eerste maal dat de verkiezing van de kunstenaar van het jaar plaatshad. Na drie stemrondes haalde Corneille het onder meer van Karel Appel. Aan de titel is een bedrag van 10.000 euro verbonden.

Nadat kunstprofessionals een longlist van kunstenaars samenstelden, brachten meer dan 10.000 mensen hun stem uit, vooral via internet. Het waren de ongeveer driehonderd aanwezigen op het Nationale KunstGala die Corneille uit een lijst van acht verkozen tot kunstenaar van het jaar 2003. Als meest veelbelovend beeldend kunstenaar werd Nederlander Jacques Tange gekozen. "De verkiezing was zo'n succes dat we ze volgend jaar zeker willen herhalen", luidt het bij organisator David Polak.

Waarom Corneille precies de prijs heeft gekregen is niet helemaal duidelijk, want vorig jaar was hij nauwelijks aanwezig in de kunstscene. Ongeacht daarvan blijft het werk van Corneille populair bij onze noorderburen.

De kunstenaar van het jaar sluit met zijn verfijnde stijl en subtiel kleurengebruik immers nauw aan op de Franse art-informel. Zijn schilderijen zijn in zowat alle belangrijke museale collecties opgenomen. De Nederlander floreert als kunstenaar in verdraagzaamheid en heeft lak aan moeilijkdoenerij.

Op achttienjarige leeftijd besloot de in Luik geboren Corneille te gaan studeren aan de Kunstnijverheidsschool in Amsterdam. Zijn Hollandse ouders stonden aanvankelijk erg sceptisch tegenover zijn kunstenaars - en dus zwerversbestaan. Hoewel hij aan de Amsterdamse Rijksacademie een cursus tekenen en grafiek volgde, is Corneille als schilder eigenlijk een autodidact. "Aan de academie wordt kunst opgevat als een vak, terwijl schilderen voor mij veeleer een passie is. In wezen is de schilderkunst een verschrikkelijk individualistische bezigheid", verklaarde hij ooit. Zijn kunst kende toen een zuiver realistische inslag met stillevens, landschappen en figuren. Door een toevallige ontmoeting met een Hongaarse vrouw reisde Corneille in 1946 af naar het verwoeste Boedapest. Daar ontdekte hij onder meer het werk van Paul Klee en de geschriften van surrealisten als Breton, Aragon en Eluard. Stuk voor stuk invloeden die zijn stijl laten evolueren naar vreemdsoortige stellage-achtige wezens in felle, vrolijke kleuren en uitbundige vormen.

Na het Hongaarse avontuur verblijft Corneille samen met Karel Appel, een kennis van aan de Amsterdamse academie, in Parijs. Ze ontmoetten er de Denen Carl-Henning Pedersen en Asger Jorn, die toen school maakten met hun fantasievogels in schreeuwerige kleuren. Die impressies vertalen zich in Corneilles lossere en lichtere lijnenspel waarmee hij vogels, vissen en kinderen met enorme ballonhoofden laat zweven in imaginaire ruimtes.

Met het Cobra-manifest maakte Corneille deel uit van een belangrijk kunst- en cultuurhistorisch verschijnsel. De kunststroming met een opgerolde cobraslang als symbool werkte interdisciplinair, was politiek en literair getint en verwoordde de naoorlogse gevoelens van woede, verlangen en eenvoud. Na de laatste gezamenlijke tentoonstelling van Cobra in 1951 viel de groepering uiteen. Corneille reisde de hele wereld rond op zoek naar inspiratie. Zijn werk blijft een aaneenschakeling van lyrische transposities in een warm maar genuanceerd koloriet. Toch is alles wat hij maakt uitbundig in kleur en vorm. In 1956 kreeg hij de Guggenheim-prijs en hij nam deel aan Documenta 2 en 3 in Kassel.

In de tweede helft van de jaren zeventig schildert Corneille vooral naar levend model. "Ik werk graag naar model. Niet met professionele modellen, wel met vrouwen en meisjes die ik ken. De vrouwen komen naar mij toe, of ik ze wil schilderen", verklaarde hij vorig jaar in een interview aan het Algemeen Dagblad. Omdat hij vooral naakte vrouwen schildert en tekent, polsten Nederlandse journalisten meermaals naar zijn seksuele leven. "Vragen ze hoeveel keer per dag ik gemeenschap heb. Wat gaat ze dat aan?", zei hij. Hij gaf daarbij toe dat vrouwen misschien graag door een schilder bekeken worden omdat die scherper kijkt en meer ziet. Corneille heeft nog honderden tekeningen liggen die op vraag van de naaktmodellen nog nooit tentoongesteld werden.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234