Dinsdag 19/10/2021

Dantes Hel

Matthew Pearls De Dante-club speelt in het Boston van 1865, waar een illuster gezelschap wekelijks samenkomt om het hoofd te buigen over de eerste Amerikaanse vertaling van Dantes Goddelijke Komedie. Ondertussen worden er in de stad bizarre moorden ontdekt.

Matthew Pearl

De Dante-club

Oorspronkelijke titel: The Dante Club

Vertaald door Peter Abelsen

Bert Bakker, Amsterdam, 426 p.,

22,50 euro.

Het einde van de Amerikaanse burgeroorlog bracht veel noordelijken niet wat ze verwacht hadden. In plaats van welvaart en gelijkheid, bleek de oorlog vooral armoede en haat gekweekt te hebben en eens de strijd gestreden werden de steden erdoor overspoeld. In New York en Boston bleek het van de ene op de andere dag te krioelen van het menselijk ongedierte en tot ontstentenis van velen bleek dit ook nog eens gekleed te gaan in een verschoten legeruniform. Matthew Pearls De Dante-club speelt in het Boston van 1865, enerzijds een intellectueel centrum waar dichters en romanschrijvers met de professoren van de nabijgelegen Harvard-universiteit in discussie gingen over de waarde van Shakespeares toneelstukken voor de levenskwaliteit van de modale Amerikaan, maar anderzijds ook de metropool waar breedgeschouderd gespuis gestolen goederen versjacherde in duistere havenloodsen, onder meerdere lagen make-up verborgen prostituees hun klanten van de straat lokten en de drank menig vermaard kluizenkraker tot de bedelstaf bracht.

Het ongedierte dat in het begin van Pearls roman centraal staat, is echter helemaal niet van menselijke, maar wel van zuiver dierlijke aard. Achter in zijn tuin, aan de rand van een klein riviertje, wordt het lijk gevonden van opperrechter Artemus Healey. Ook al is de man nog maar vier dagen vermist, toch zit zijn lichaam al volledig onder de vliegen en de wespen, en in zijn halfverteerde vlees wriemelen honderden witte maden, alsof ze op zoek zijn naar de beste hapjes. Wanneer de meid in paniek de praktisch onherkenbare bundel voormalige mens probeert te verplaatsen, raakt ze niet alleen verschrikkelijk besmeurd, ze meent rechter Healey ook nog iets te horen zeggen en - daarvan is ze wel zeker - pas in haar armen blaast hij zijn laatste adem uit.

Dat er kwaad opzet in het spel is, is voor iedereen meteen duidelijk, er wordt immers bloed gevonden in het bureau van de rechter. Maar er zijn ook een paar mysterieuze zaken aan de hand: Healeys kleren lagen netjes opgevouwen op een stapeltje, in huis blijkt er niets gestolen en - wellicht het meest bizarre - naast het flink in ontbinding verkerende lichaam stond een witte vlag in de grond geplant.

Een week of twee later wordt in de catacomben van zijn eigen kerk het lijk gevonden van priester Elisha Talbot, het lichaam met het hoofd naar beneden in een put stekend en met de onderbenen en de voeten in lichterlaaie. Wanneer de politie na een anonieme tip de put nog wat dieper uitgraaft blijkt er een zak in te zitten met voor 1.000 dollar aan waardepapieren. Hier is duidelijk iets vreemds aan de hand en om de oorsprong ervan op het spoor te komen richten we onze aandacht nu even op de schrijver van het anonieme briefje. Dat blijkt immers afkomstig te zijn van een van de leden van de Dante-club, een illuster gezelschap bestaande uit dichter Henry Longfellow, taalkundeprofessor James Lowell, dokter en schrijver Oliver Holmes, uitgever J.T. Fields en gepensioneerd historicus en predikant George Greene, van de eerste tot de laatste historische personages trouwens, net zoals de Dante-club echt bestaan heeft.

Eens per week komt dit vijftal samen om het hoofd te buigen over de eerste Amerikaanse vertaling van Dantes Goddelijke komedie die het jaar daarop de zeshonderdste geboortedatum van deze Italiaanse dichter enige luister moet bijzetten. "Dantes Hel zegt net zoveel over onze wereld als over de onderwereld", zegt Lowell op een bepaald moment, "je kunt je er niet grondig genoeg in verdiepen." En het valt dit gezelschap op dat zowel de rechter als de priester op een manier gestorven zijn die van naaldje tot draadje in de Goddelijke komedie beschreven staat. Omdat de club Dante en daarmee zichzelf niet in opspraak wil brengen, beslissen vier van de vijf - Greene blijkt een notoire sufkop te zijn die bij iedere lezing uit de Hel pardoes in slaap valt - hun kennis voor de politie verborgen te houden en zelf op onderzoek uit te gaan. Zo moeilijk moet dat toch niet zijn, wie kent er immers Dante?

Als uitgangspunt voor een historische misdaadroman is dit natuurlijk een droom, en Pearl maakt die ook gedeeltelijk waar. Hij beseft bijvoorbeeld dat ook in de historische roman overdaad schaadt. Als lezer word je hier dus zeker niet overstelpt met historische feiten en faits divers, maar wel met een paar details die het verleden oproepen zonder het te laten overheersen. Heel mooi is bijvoorbeeld de manier waarop hij het intellectuele klimaat van die tijd schetst door Ralph Emerson even door beeld te laten lopen. Als voorstander van de literaire authenticiteit kon deze helemaal niet overweg met het gekunstelde, ouderwetse taalgebruik van een Dante of een Longfellow. Hij wou van literatuur een praktijk maken en zeker geen zweverig ideeënspel. Met deze beiden ging dan weer de Harvard-elite in de clinch, de reden waarom de grootste denker van zijn tijd - Emerson dus alweer - niet aan die universiteit doceerde, maar in Concord in een boshut woonde. Voor professor Manning, boegbeeld van de boekenverbrandende Harvard-top en ongewild bijzonder hedendaags klinkend, gaat de wereld door het losbandige leven van Emerson en het al even controversiële gedachtegoed van Dante immers naar de knoppen: "Wij zijn altijd een hoogstaand land geweest, met een eenvoudige moraal en dito wetten. De laatste wees van de grote Romeinse Republiek. Maar nu wordt onze wereld verstikt en vernield door indringers. Modieuze en o zo immorele ideeën komen hier binnen met elke nieuwe buitenlander, noties die telkens weer vloeken met de principes waarop Amerika is gegrondvest", en zo gaat het nog een tijdje door: voorwaar een speech een president waardig.

Wat intellectuele inhoud betreft is Pearl, afgestudeerd op de invloed van Dante op de negentiende-eeuwse Amerikaanse literatuur, een meester, maar een grote roman heeft hij zeker niet geschreven. Daarvoor laat hij te veel steken vallen. Zijn dialogen klinken veelal houterig en sommige passages zijn duidelijk door een academicus geschreven in plaats van door een romancier. Er klopt ook iets niet met de tijd in dit boek. In anderhalve maand tijd wordt het van schitterend zomerweer - de moord op Healey - putje winter, wat alleen te verklaren is doordat de vierde moord de vriesdood betreft. Een ander minpunt is dat de dader op een wel heel ongeloofwaardige manier binnendringt in het leven van de clubleden en iedere keer weer toevallig op het juiste moment op de juiste plaats staat, precies de goede, felbegeerde jobjes krijgt en de betekenisvolle gesprekken hoort. Neem daar nog bij dat een aantal personages driehonderd pagina's verdwijnt om vervolgens net op het goede moment een deur open te steken en je weet het wel: laat dit boek liggen en neem Dante zelf ter hand. Want wat Pearls onvolkomenheden ook mogen zijn, hij slaagt er wel in je te laten proeven van de grootmeester zelve, en dat is op zich ook niet niks.

Marnix Verplancke

Als uitgangspunt voor een historische misdaadroman is 'De Goddelijke Komedie' een droom, en Pearl maakt die ook gedeeltelijk waar

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234