Dinsdag 09/08/2022

De bommenleggers komen uit 'Bandit Country'

Brussel / Belfast

Eigen berichtgeving

Maarten Rabaey

Het Real Ira werd gisteren aangeduid als hoofdverdachte in de bomaanslag die het hart van Londen confronteerde met terreur die prompt een zwart verleden opriep. Tijdens de Noord-Ierse Troubles (1969-1998) ging het Britse vasteland gebukt onder een bloedige reeks bomaanslagen: pubs, bussen, hotels tot en met Londense kantoorwijken (zoals Canary Wharf) werden toen opgeblazen door het Iers Republikeins Leger (Ira).

Toch is de situatie niet vergelijkbaar. Sinn Féin, de politieke vleugel van de Ira, begon in de jaren negentig in te zien dat zijn strijd voor meer burgerrechten voor de Ierse minderheid niet gewonnen kon worden met wapens. De meer dan 3.600 doden die aan beide zijden vielen hadden de bevolking oorlogsmoe gemaakt. Toen de Ira zich in 1997 tot een wapenstilstand bekeerde en de militaire plunjes werden geruild voor maatpakken, (voormalig Ira-chef Martin McGuinness is nu minister van Onderwijs), scheurden verschillende dissidente paramilitairen zich af van de doorsnee beweging. Aan republikeinse zijde verzamelden ze zich in het Real IRA; aan protestantse zijde in schimmige groeperingen zoals de Red Hand Defenders.

Met aanslagen richtten ze zich tegen het vredesproces. Een paar maanden na de ondertekening van het Goede Vrijdag-akkoord in 1998 pleegde het Real IRA zelfs de bloedigste aanslag uit de geschiedenis van de Troubles: in het dorp Omagh explodeerde een autobom waarbij negenentwintig mensen omkwamen en honderden anderen gewond raakten. Korte tijd respecteerden ze een staakt-het-vuren, maar sinds vorig jaar is de groep weer zeer actief.

De groepering pleegde aanslagen op Britse doelwitten in Noord-Ierland, en pakte daarna uit met twee spectaculaire 'coups' in Londen: het hoofdkwartier van de Britse buitenlandse spionagedienst MI6 werd vorig jaar in september bestookt met een raket en voor de Britse omroep BBC ontplofte eerder dit jaar (zonder erg) een bomauto. Afgelopen woensdag nog werd een van hun bomauto's onklaar gemaakt voor de luchthaven van Belfast.

De bommenleggers van het Real IRA streven officieel naar de vereniging van Noord-Ierland met de Ierse Republiek. Officieel zijn het diehard-volunteers die slechts willen rusten als beide republieken onder de Ierse vlag verenigd zijn. De werkelijkheid is wellicht veel minder prozaïsch. Na het Goede Vrijdag-akkoord besliste de Ierse Republiek immers om zijn aanspraak op Noord-Ierland uit de grondwet te schrappen. Veel meer dan een holle doos zijn de leuzen van het Real IRA dus niet. Evenzeer achterhaald is trouwens de strijdkreet van dissidente protestantse milities om 'Ulster', zoals ze Noord-Ierland noemen, onder compleet Brits bestuur te blijven houden.

Een pragmatischer realiteit is dat dissidente milities hun politieke terreur gebruiken om de georganiseerde misdaad te controleren. Het Real IRA heeft zijn basis in radicale republikeinse gebieden als South Armagh en County Louth, die niet toevallig luisteren naar de bijnaam 'Bandit Country'. Voor paramilitairen daar is de terreur veeleer een doel op zich dan het nastreven van een politiek ideaal. Door gewelddadige controle uit te oefenen op gemeenschappen (door afpersing) en de misdaad (drugshandel) verzekeren ze zich van financiële macht. Er zijn overigens sterke aanwijzingen dat ook de traditionele republikeinse en loyalistische paramilitairen zich daar nog steeds aan bezondigen. Nog niet zo lang geleden vochten de loyalistische milities in Belfast een regelrechte bendeoorlog uit om de controle over Shankill-road.

Het zijn net die groepen die geen baat hebben bij een politiek akkoord zoals dat nu op tafel ligt. Dat voorziet onder meer in een politiehervorming waarbij in de plaats van gehelmde oproeragenten meer middelen worden ingezet voor het bestrijden van maffiapraktijken.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234