Maandag 26/09/2022

De eerste punkdichter

Niet één dode dichter was zo grunge, zo vol van seks en drugs en rock-'n-roll als Arthur Rimbaud. Honderdvijftig jaar geleden is hij geboren, in 1873 publiceerde het joch zijn sleuteltekst Une Saison en enfer in Brussel, na een slaande ruzie met ex-minnaar Verlaine. Reden genoeg voor een feestelijke, uitdagende tentoonstelling in de ingewanden van het Paleis voor Schone Kunsten.

Brussel

Van onze medewerker

Eric Min

Nauwelijks vijf jaar heeft Rimbaud (1854-1891) zich aan de letteren gewijd: het vijftienjarige wonderkind stuurde zijn eerste alexandrijnen naar schrijver Théodore de Banville (maar loog dat hij zeventien was), schreef even later zijn 'laatste verzen' en zette er in 1875 een punt achter - blasé, total loss, opgebrand. Hij zou gaan reizen, in Aden en Harar aanspoelen, handel drijven, creperen. Terwijl de avant-garde zijn bundel Illuminations adoreerde, organiseerde Rimbaud/Rambo een karavaan met wapens van Tadjoura naar het Ethiopische binnenland en kon hij in die vervloekte kolonie geen postzegel vinden. In mei 1891 is Paul Verlaine, ooit minnaar en 'Dwaze Maagd' van zijn helse bruidegom Arthur, een wrak dat in de kroeg altijd twee glazen absint bestelde - één voor zichzelf, één voor zijn boze engel. In Marseille wordt Rimbauds rechterbeen geamputeerd. In november sterft hij, net 37. Meer heeft een mens niet nodig om uit te groeien tot een mythe: de bliksemflits van een kort en hevig leven. 'Boem! Paukenslag!', en dan dood.

Twee, drie boekjes die de negentiende-eeuwse literatuur op zijn grondvesten deden daveren - met naschokken tot vandaag - en vooral veel sex, drugs and rock'n'roll. De gedoemde dichter legde een foutloos parcours af. Eerst was hij nog een oppassende leerling die Latijnse verzen verzon, maar in geen tijd werd de puber een voyou, een rebel die de republiek en de Commune verkoos boven de kleinburgerlijke kliek in Charleville, een ettertje dat van huis wegliep en zich in een steengroeve verstopte om niet naar school te moeten. Hij trok zonder kaartje naar Parijs en sloot zich aan bij het langharige, werkschuwe tuig dat luizen kweekte 'om er de pastoors mee te bekogelen'. Speelde voor schandknaap die de tien jaar oudere, ongelukkig getrouwde dichter Verlaine verleidde - de mannen zullen elkaar later in Londen "als tijgers" beminnen en van de ene hysterische ruzie in de andere buitelen, altijd in voor kinky spelletjes en gore grollen. Onderwijl bedreef Rimbaud een nieuw soort poëzie: hij zou een ziener, een voyant worden door de mateloze en beredeneerde ontregeling van alle zintuigen, door alle mogelijke vormen van liefde, lijden, waanzin en gif. 'Het' denkt in hem, het schrijft zich een weg naar het papier. Ik is een ander. We zullen modern zijn, of niet zijn.

Rimbaud had een goudader aangeboord. Alles moest weg: de alexandrijn, de ernst, de Zin (en de zin, en de zinnen), een klootzak als Banville, mevrouw Verlaine (die zichzelf ooit door haar man getypeerd zag als een "ellendige fee met peenhaar, prinses muis"), de literatuur... Op uw bakkes ! Dat recept heeft generaties schrijvers, critici, bohémiens en punkers geïnspireerd.

Vandaag treffen we bijna zeventigduizend zoekresultaten aan op het internet, waden we door vuistdikke biografieën of Paul Claes' magistrale vertalingen van vrijwel het hele verzamelde werk, trekt een stoet grote namen voorbij die hun bewondering voor onze held nooit onder stoelen of banken hebben gestoken: Camus, Auden, Britten, Breton, Cocteau, Char, Ferré. Maar meer nog dan de lijnrechters van het literaire establishment heeft Rimbaud de tegencultuur ingepakt en tot een imitatio Christi verleid: Allen Ginsberg en zijn beat poets, lieden die hotelkamers slopen en zich lazarus snuiven, de gay-scene die ooit een Antwerpse homotent de naam van de dichter gaf, Bob Dylan op Blood On the Tracks. Jim Morrison zong over het wilde kind en zou volgens ingewijden na zijn begrafenis op Père Lachaise naar Ethiopië gevlucht zijn.

Voor Patti Smith, die haar carrière begon met Rock'n'Roll Rimbaud Readings en vandaag actief bij het Brusselse project is betrokken, was de schoft uit Charleville de eerste punkdichter, een rock'n'roll nigger. Rimbaud bracht haar new rhythms, new poetries, new horrors, new beauties. In Land klinkt het zo: "Life is full of pain, I'm cruisin' through my brain / And I fill my nose with snow and go Rimbaud, / Go Rimbaud, go Rimbaud, / And go Johnny go, and do the watusi, oh do the watusi." Over Van Morrison, R.E.M., Lou Reed en John Cale of Kurt Cobain zullen we het niet hebben.

In een imaginaire e-mail aan Rimbaud (in de fijne bezoekersgids van de tentoonstelling), somt Kurt De Boodt de -aars op die Rimbauds personage vorm geven: rijmelaar, handelaar, zwendelaar, smokkelaar en per ongeluk ook moordenaar. Om van het 'Sonnet van de reet' nog te zwijgen: "Donker gerimpeld als een paarse anjelier / Ligt hij te ademen in de bemoste plooien, / Nog vochtig van de liefde die het zachte glooien / Volgt van de blanke Billen tot diep in de kier". Rimbaud is één lillende brok attitude, kicks, trash, cool, drive - woorden waarin we de klinkers uit het sonnet Voyelles horen: "A zwart, E wit, I rood, U groen, O blauw: vocalen, / Eens zal ik uw verborgen oorsprong openbaren". Rimbaud verzon zelfs de kleur van de klank. Het begon als een experiment, hij schreef stiltes en nachten neer, noteerde wat niet uit te drukken was. Deze taalalchemist op speed was een alfabeet, een oraal mens - heeft iemand er al aan gedacht om zijn oeuvre op te nemen in de lijst met Meesterwerken van het Orale en Immateriële Erfgoed, naast het carnaval van Binche? Wat blijft er vandaag van hem over, naast een stapel bedrukt papier? En hoe maak je er een expositie mee?

Wie een tentoonstelling als deze bouwt, kan kiezen voor een klinische opstelling met unieke archiefstukken in vitrines, of voor een resoluut uitdagend project dat niet alleen de schriftgeleerden over de drempel moet lokken. Met Rimbauds Brusselse seizoen in het achterhoofd kon dat laatste geen probleem zijn. In het gerechtelijke dossier uit de Koninklijke Bibliotheek mogen we alles nalezen: juli 1873, de ruzie in het hotel La Ville de Courtrai, Verlaine die een pistool koopt in de Koninginnegalerij, de kogel in Rimbauds pols, de rel op het Rouppeplein, waar de flik Auguste Michel het gezelschap inrekent, Verlaines vernederende medische onderzoek en het verdict - slagen en verwondingen met werkonbekwaamheid als gevolg, verzwarende omstandigheden van pederastieke aard, twee jaar cel. Later zal Rimbaud Une Saison en enfer in de Koolstraat laten drukken en auteursexemplaren afhalen. De rest van de oplage blijft onbetaald achter. Daarmee (en met een video van Dan Graham, voetnoten over absint, mama Rimbaud of de Illuminations, filmfragmenten en muziek, dollende apen en een Afrikaans postscriptum) moeten ze het in het Paleis doen.

En dat loopt voortreffelijk. We belanden in dark rooms en een slaapzaal met eenpersoonsbedden, in boudoirs met groen, rood en wit neonlicht, tot er uiteindelijk slechts zwart woestijnzand rond een kleine vitrine met Rimbauds reisbestek overblijft - leegte, met woorden gevuld. Wie de modieuze B-architecten en hun spin-off Blitz als scenografen binnenhaalt, weet dat zij een blik dirty realism en straatcultuur zullen opentrekken. Na de recente renovatie van de Beursschouwburg (een rondje meedrijven met de tijdsgeest, waarbij foute of al te evidente oplossingen werden toegedekt onder wat de ontwerpers zelf 'een zekere pragmatische ruwheid' noemen), hield ik mijn hart vast. Onterecht, zo blijkt. De scenografie past perfect bij Rimbauds hitsige draven, terwijl de schat aan originele documenten met het gepaste respect werd benaderd. Wie hier naar buiten wandelt, moet goesting krijgen om de oorspronkelijke teksten of Claes' vertalingen te lezen. Ze zijn de kortste weg naar de roes van het razen en het ruisen van de taal. Op uw bakkes!

Tot 16 mei in het Paleis voor Schone Kunsten (ingang Koningsstraat 10). Open van dinsdag tot zondag, van 10 uur tot 18 uur, donderdag tot 21 uur. Toegangsprijs: 7 euro.

'Sex, drugs and rock'n'roll', de gedoemde dichter legde een foutloos parcours af

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234