Woensdag 05/10/2022

De kerkvaders en de moedermaagd

Karen Armstrong. 'Het evangelie volgens de vrouw'

Els Goethals

Een vrouw omhelzen is hetzelfde als een zak mest omhelzen," schreef Odo van Cluny in de twaalfde eeuw. Het is maar één fraai voorbeeld van de negatieve vrouwbeelden die de christelijke Kerken eeuwenlang hebben verspreid, en die tot vandaag zowel mannen als vrouwen diepgaand beïnvloeden. In Het evangelie volgens de vrouw onderzoekt Karen Armstrong deze sporen en ze constateert dat de hele westerse cultuur er nog altijd van doordrongen is. Zelfs de onkerkelijksten onder ons hebben ze met de moedermelk ingezogen.

Hoe komt het toch dat de zure oprispingen van een paar neurotische, door seks geobsedeerde kerkvaders uit de derde en vierde eeuw ons nog altijd parten spelen? Hoe hebben zij het westerse vrouwbeeld zo blijvend en diepgaand kunnen verwringen? Natuurlijk is het zo dat ook andere godsdiensten niet uitmunten in grote waardering voor de vrouwelijke evenmens. Maar alleen in het christendom wordt haar aanwezigheid zelf, haar lichaam en haar schoonheid, gezien als verderfelijk, slecht, des duivels en zondig.

Een selectie van teksten van kerkvaders, door Armstrong ruimschoots in haar boek geciteerd, roep het trieste beeld op van vunzige venten die hun eigen seksuele fantasie geen ogenblik kunnen intomen. Maar omdat deze heilige mannen tot elke prijs hun eigen ziel moeten redden, wordt alle vrouwen dan maar als vuige verleidsters de schuld in de schoenen geschoven.

In het evangelie zelf is deze ziekelijke afkeer van lichamelijk genot zeker niet terug te vinden. Jezus was, als goede jood, helemaal geen vrouwenhater en nergens is een aanwijzing te vinden dat hij afwijzend stond tegenover lichamelijkheid en seksualiteit.

De vroege christelijke kerk heeft er vier eeuwen over gedaan om de leer van de erfzonde officieel te maken. En ook al mag de theoretische interpretatie anders klinken, in de praktijk komt het hierop neer: de zondeval wordt voornamelijk herleid tot de seksuele daad, de vrouw tot verleidster, en de man is gedoemd om zijn eigen lichamelijkheid permanent te bestrijden.

Merkwaardig is wel dat het verhaal van Genesis, met de mythe van het aards paradijs, door drie godsdiensten als een belangrijke openbaringstekst wordt geaccepteerd maar dat alleen de christenen er een afwijzing van het lichaam in hebben gezien. De joden hebben nooit over een erfzonde gepraat en aanvaarden het lichaam en de seksualiteit als een geschenk van God. Islamitische vrouwen worden door hun mannen misschien wel van de buitenwereld afgesloten, maar dat zij zich moeten verbergen onder verhullende kleding komt doordat hun lichaam gezien wordt als een grote schat, een unieke rijkdom, die zorgvuldig moet worden bewaard. En niet als een vuile, stinkende, zuigende zak vol bloed, zoals sommige kerkvaders een vrouwenlichaam omschrijven.

The Gospel According to Woman verscheen in 1986 maar is pas onlangs in het Nederlands vertaald. Sommige uitspraken en standpunten in verband met feministische reacties op het traditioneel christelijke vrouwbeeld klinken ondertussen wel achterhaald. Dat het boek nu nog vertaald wordt, zal wel te maken hebben met het uitzonderlijke succes van het in 1995 verschenen Een geschiedenis van God. In die studie ontleedde Karen Armstrong de drie monotheïstische religies die Abraham als stamvader erkennen. Op een meesterlijke manier toonde ze in haar historische analyse aan hoe wat oorspronkelijk een jaloerse stamgod was evolueerde naar een universele god van liefde. De kern van haar betoog was dat godsbeelden door mensen en voor mensen gemaakt zijn. Samen met evoluerende wereldbeelden moeten ook de godsbeelden zich kunnen aanpassen. Zo kan elke generatie de kans krijgen zijn eigen God te creëren. Het evangelie volgens de vrouw heeft niet dezelfde allure als Een geschiedenis van God, maar dat neemt niet weg dat Armstrong ook hier een interessante analyse maakt, gebaseerd op kennis van zaken.

In de jaren vijftig groeide ze op in een katholiek gezin in het anglicaanse Engeland: een uitzonderlijke situatie, waarin godsdienst nooit een vanzelfsprekendheid kon worden. Zeven jaar lang was ze non. Ze weet uit ervaring hoe bepalend en verslindend geloofsovertuigingen voor een mens kunnen zijn. In haar boeken zet ze zich sterk af tegen iedere religieuze doctrine die denkt de waarheid in pacht te hebben. Misschien is dat wel de ergste vorm van idolatrie, schrijft ze in Een geschiedenis van God: dat we zelf een beeld van God gemaakt hebben en dat dan kritiekloos aanbidden. Terwijl we ons van het Absoluut Andere, als dat bestaat, onmogelijk een voorstelling kunnen maken. Vanuit deze open agnostische houding is godsdienst haar wel blijven boeien, als cultuurfenomeen en als spiritueel avontuur.

Vazelfsprekend is het christendom als cultuurfenomeen niet uit onze maatschappij weg te denken. In Het evangelie volgens de vrouw gaat Armstrong na hoe vrouwen in het christendom de hen opgedrongen rol gespeeld hebben, en hoe ze vandaag nog altijd worstelen met de stereotypen waaraan ze verondersteld worden te beantwoorden.

Wat kon een gelovige vrouw doen die zich uit de verpletterende cirkel van verdoemenis en schuld wilde losmaken? Ze moest haar eigen seksualiteit ontkennen en ervoor zorgen dat ze niet langer een doorn was in het oog van de mannen die zo nodig heilig moesten worden. Eeuwenlang was het alleen de status van maagd, martelares of mystica die haar enig aanzien kon bezorgen en haar het recht gaf op een eigen persoonlijkheid en enig intellectueel leven.

Voor de heilige Hiëronymus was het duidelijk: alleen wanneer een vrouw besluit geen man, en dus geen seks te hebben, wanneer ze dus ook geen kinderen krijgt maar integendeel haar lichaam 'rein' houdt, kan ze ophouden een vrouw te zijn, en mag ze zelfs een man genoemd worden. Veel alternatieven waren er niet voor de vrouwen die deze geprivilegieerde status wilden verkrijgen. Als maagd, voor wellustige mannenblikken verborgen achter kloostermuren, wordt ze aangemoedigd al haar emoties en verlangens te concentreren op haar mystieke echtgenoot. Elk fysiek lustgevoelen is schuldig, en zoals bij een typische anorexiepatiënte groeit de afkeer van het eigen lichaam. We hebben er nog altijd het ideaalbeeld van de moedermaagd aan overgehouden: een per definitie onmogelijke opgave. Nog altijd wordt van vrouwen verwacht dat ze zuiver en onschuldig zijn, maar tegelijkertijd lieve moeders en, sinds enkele decennia, ook gretige minnaressen. Geen eenvoudige klus.

In de eerste eeuwen van het christendom konden vrouwen nog op een spectaculaire manier status verwerven: martelaressen stonden zeer hoog aangeschreven. Vooral de combinatie maagd en martelares gaf stof voor talloze heiligenverhalen. Mooie jonge vrouwen die elk seksueel contact weigerden en daarom vreselijk gemarteld werden, spraken enorm tot de - mannelijke? - verbeelding. De gruwelfantasie leefde zich ongeremd uit: borsten werden afgesneden of verminkt, tongen uitgerukt, en tot slot kwam er een lot erger dan de dood: de heilige maagd werd gedwongen in een bordeel te gaan werken.

Ook de martelaressen hebben hun hedendaagse zusters wat nagelaten, vindt Armstrong. Want nog altijd voelen veel vrouwen zich thuis in de slachtofferrol. Vaak is het de meest voor de hand liggende manier om het eigen falen te verwerken, en medelijden te verkrijgen als surrogaat voor het ontbrekende respect.

Van een heel ander kaliber is de reactie van de mystica. In plaats van in de gedegen en beproefde meditatietechnieken van andere mystici heeft de christelijke mystica nogal vaak haar heil gezocht in zweverige trances. Visioenen met bloederige Jezusbeelden, hysterische stigmatatoestanden en sprekende heilige harten, het zijn extreme uitingen van devotie die sterk afsteken bij de agnostiek van de Grote Leegte die andere mystici ervaren. Huilbuien, sentimentaliteit, exhibitionistische scènes en gewone aanstellerij, het zijn jammer genoeg ook nog altijd 'vrouwelijke' middelen om uiteindelijk de eigen zin door te drijven.

Karen Armstrong baseert zich in haar studie op goed gedocumenteerde, concrete gevallen van meestal heilig verklaarde vrouwen. Ze legt de vinger op de zere plekken en toont de geschonden persoonlijkheidsstructuren, de manipulatietechnieken en de trieste ontkenning van de eigen seksualiteit. Maar nog veel scherper ziet ze de seksuele frustraties en obsessies van de mannen die, omdat ze weten dat elke vrouw hen seksueel zou kunnen opwinden, deze satanische wezens verbannen naar een wereld van schuldbesef en haat tegen het eigen lichaam.

Uit de pen van een ex-non komen die verwijten voor veel christenen behoorlijk hard aan. Zelf staat Armstrong niet achter een feminisme dat spreekt van een kruistocht tegen de mannen. Ook ontelbare mannen zijn immers het slachtoffer geweest van de verkrampte erfzondedoctrine en zagen hun leven vergald door angst en schuldbesef.

Karen Armstrong (uit het Engels vertaald door Jorien Hakvoort en Albert Witteveen), Het evangelie volgens de vrouw, Anthos, Amsterdam, 359 p., 798 frank.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234