Zaterdag 01/10/2022

De Olympische Vals Spelen

Is meedoen belangrijker dan winnen op de Olympische Spelen die deze week van start gaan? Niet zo voor valsspelers. Zij zijn dan wel oneerlijk, een gebrek aan motivatie en ambitie kan je hen niet verwijten.

Verstomde gezichten in het publiek wanneer de Amerikaan Fred Lorz tijdens de Olympische Spelen van 1904 als eerste over de eindstreep komt. Lorz is metselaar, niet eens in zo'n goede conditie, maar loopt blijkbaar zonder enige moeite een marathon in een tempo dat opvallend hoger ligt dan dat van zijn tegenstrevers. Een nieuwe held is geboren. Al is het maar voor heel even.

Hoewel Lorz de eerste vijftien kilometer op eigen kracht loopt, is het vooral de lift die hij krijgt van zijn coach die ervoor zorgt dat hij de eindmeet haalt. De motor van de bezemwagen houdt het wel al na zeventien kilometer voor bekeken - God straft onmiddellijk - maar Lorz hoeft alleen nog een wandeltempo aan te houden om de 42 kilometer als eerste uit te lopen. Sindsdien weten lopers en publiek: wie er niet uitziet alsof hij een marathon eerlijk kan winnen, doet dat waarschijnlijk ook niet. Er zat ook voor Lorz niets anders op dan toegeven dat hij niet de terechte winnaar was. Het was een grapje, probeerde hij. Over vals spelen hield hij zijn mond.

Lorz is nochtans geen uitzondering. Niet op de Olympische Spelen, niet in de sport, niet in eender welke sector in eender welk land. Valsspelers zijn van alle tijden. Hoe meer er op het spel staat, hoe groter de kans dat je een van hen tegen het lijf loopt. Maar het lijkt erop dat de neiging om vals te spelen dieper zit ingebakken. En als dat niet zo is, dan zorgen de mama's en de papa's daar tijdens de opvoeding wel voor.

Een derde van de ouders geeft namelijk aan het door de vingers te zien wanneer hun spruit vals speelt. Een tiende van de ouders moedigt hun kind zelfs aan om de regels met de voeten te treden als het de enige manier is om een spel te winnen. Dat blijkt uit onderzoek dat het Early Learning Centre recent uitvoerde bij 2.000 moeders en vaders. Het waren trouwens vooral die laatste die het vals spelen niet als erg bestempelden.

Schildpaddenbloed

Dat merken ze ook in het dopinglaboratorium van het UZ Gent. Het percentage mannen dat ze betrappen op dopinggebruik ligt er dubbel zo hoog als het percentage vrouwen. Aangezien het om percentages gaat, staat de vergelijking volgens directeur Peter Van Eenoo los van het feit dat er meer mannen dan vrouwen meedraaien in de topsport. "Je zou bijna denken dat de drang tot vals spelen wordt ingegeven door het testosterongehalte. Al vormt naast de wil om te winnen volgens mij vooral egocentrisme de basis voor oneerlijk spel. Sommige mensen staan zo graag in de belangstelling dat ze zelfs vals spelen om toch maar in de schijnwerpers te staan."

Toch kan de testosterontheorie steek houden. "In de sportwereld is er een gezegde", vertelt Jef Brouwers. "Als een vrouw echt wil winnen, doet ze alles wat een man zou doen. En misschien meer", lacht de sportpsycholoog. Zelf catalogeert hij vals spelen als een van de zovele eigenschappen die typisch zijn aan de mens. Zeker binnen een kring van sporters die zo graag willen winnen. Al kun je volgens Brouwers tot op zekere hoogte wel voorspellen wie zich gemakkelijker laat verleiden tot vals spelen. Zij die heel zeker zijn van zichzelf en zij die net heel onzeker zijn.

"De testen die sporters moeten invullen voor een club hen aanwerft, onderzoeken ook of de atleten liegen. Wie zeker is van zichzelf zal zich ergeren als je hem of haar op bedrog aanspreekt en de test onbetrouwbaar noemen. Wie onzeker is, zal erop wijzen hoe ongemakkelijk hij of zij zich voelde tijdens de test." Vaak is het ter sprake brengen van het liegen tijdens de test volgens Brouwers al voldoende om de sporters tot inkeer te brengen. De psycholoog geeft de informatie over het vals spelen daarom ook altijd mee aan de clubverantwoordelijken. "Dan kom je soms in een spanningsveld. Want iemand mag dan aanleg tot vals spelen hebben, het is misschien wel de beste atleet in jaren."

Clubs kunnen ook op andere manieren het bedroggehalte van hun sporters nagaan. Wie rijker is opgevoed, zou namelijk een grotere neiging hebben om vals te spelen. Uit onderzoek van de University of California in Berkeley blijkt dat rijkere ondervraagden tijdens een computerspel vaker logen over hun score om de kans om vijftig dollar te winnen te vergroten.

In de sportwereld willen ze er niet van horen dat geld de drijfveer is om vals te spelen. "Het gaat om controle", meent psycholoog Nathan Kahan, die zelf vier keer Belgisch kampioen werd op de 800 meter. "In de sport heb je maar weinig onder controle, maar veel atleten proberen net zoveel mogelijk factoren in hun macht te houden. Tot ze soms vals spelen." En als atleten zich niet laten meeslepen in de zoektocht naar controle, doen hun coaches het wel. Denk aan Raymond Goethals, die in 1982 als trainer van Standard samen met enkele spelers de laatste match tegen Waterschei afkocht. "Terwijl al zeker was dat Standard kampioen zou worden. Maar ze kochten controle", aldus Kahan.

Trainers of de rest van een sportersentourage zijn volgens hem regelmatig de bron van valsspelerij. Het team van Fernando Alonso dat zonder zijn medeweten een collega tegen de vangrail laat knallen. Een poging om de Formule-1-piloot te helpen door de komst van de safety car die volgde op de crash. De Chinese meisjes die atletiekprestaties verpulverden omdat ze zogezegd schildpaddenbloed dronken. Terwijl ze gewoon doping door hun strot joegen. "Als sporter zit je zo vast in het systeem", verklaart Kahan. "Als anderen je een bepaalde richting uitsturen, ga je gemakkelijk mee. Het extra pilletje dat je trainer in je vitaminenmix mengt, is snel geslikt."

Kranten in het bos

Helemaal vooraf voorspellen wie tijdens het spel uit de bocht zal gaan, is dus onmogelijk. "Het idee dat iemand een karakter bezit dat er in alle situaties voor kiest juist te handelen, is afgeserveerd", vindt ook professor sport ethiek Andreas De Block (KU Leuven). "Hoe eerlijk je bent, hangt af van de context waarin je je bevindt."

Dat ondervond sportpsycholoog Kahan al tijdens zijn carrière als atleet. "Ik nam zelf wel eens de binnenkant van de baan omdat het de enige manier was om nog vooraan te geraken. Was dat vals spelen? Ja, want het mag eigenlijk niet, maar ik deed het zo impulsief. Ik ben er later nooit door de organisatie, noch door de andere deelnemers op aangesproken. Als sporter geloof je op zo'n moment dat het echt niet anders kan. Zelfs al is dat niet zo."

Kahans grootvader ging zelfs nog een stap verder. Hij plakte als wielrenner voor de wedstrijd kranten in het bos langs het parcours. Om te weten hoe hij tussen de bomen moest zigzaggen om een deel van de wedstrijd af te snijden. Stond er letterlijk in de regels dat zoiets niet mocht? Waarschijnlijk niet. Was dat oneerlijk? Velen vinden van wel, maar evenveel mensen denken over vals spelen zoals over spieken: als je er niet wordt op aangesproken, is het niet gebeurd.

Terwijl je perfect een definitie kunt maken van wat vals spelen is. Zodra je de regels van het spel overtreedt en dat probeert te verbergen, ga je in de fout. "Alleen is de morele verontwaardiging van het publiek veel kleiner als je bij tennis bijvoorbeeld claimt dat de bal uit ging als dat niet het geval was", legt sportethicus De Block uit. "Er is ook maar zoveel dat je van een sporter mag verwachten. Het zou ook mooi zijn als een voetballer de tegenstander zou feliciteren bij een doelpunt, maar dat eist ook niemand. Meestal spreken mensen daarom pas over vals spelen als het opzettelijk is en veel voorbereiding vraagt."

Een mooi voorbeeld van zo'n voorbereiding was de stunt die het Spaanse basketbalteam uithaalde tijdens de Paralympics in 2000. De basketbalploeg won overtuigend, maar achteraf bleek dat meerdere spelers helemaal geen mentale handicap hadden. "Je kunt moeilijk zeggen dat die mensen niet ambitieus waren", reageert De Block. "Die ambitie is trouwens heel typisch voor valsspelers. Spelbrekers vinden een spel saai en werken daarom tegen. Wie vals speelt, vindt het spel net enorm belangrijk en is zo gemotiveerd dat hij zelfs het risico neemt om betrapt te worden op oneerlijk gedrag. Van dopingzondaars kan je dus niet zeggen dat ze de kantjes ervan aflopen."

Alleen is ambitie meestal te weinig om het vals spelen tot een goed einde te brengen. Er is ook een portie gezond verstand voor nodig. Vraag maar aan de Algerijnse atleet Abbes Tehami. Hij startte de marathon van Brussel in 1991 met snor, maar eindigde zonder. Zijn coach had namelijk de eerste vijftien kilometer voor hem gelopen. Zonder te beseffen dat hij opvallend meer haar op zijn bovenlip had dan de man die hij over de eindmeet hielp.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234