Dinsdag 09/08/2022

'De poëzie is niet dood. Ze is springlevend'

Naast de baard van Bartel hebben we sinds vandaag ook een bard van België. Charles Ducal mag als eerste de kroon van Dichter des Vaderlands op zijn hoofd zetten. 'Zonder dat ik het zelf wil, is dit dichterschap blijkbaar politiek geladen.'

Zijn echte voornaam is Frans. Maar dat is toeval. De ouders van Frans Dumortier (alias Charles Ducal) wisten 61 jaar geleden wellicht niet dat hun zoon vandaag de eerste Dichter des Vaderlands zou worden, en vanuit die titel de Belgische, en dus ook Franstalige, poëzie zou gaan promoten.

Bij het grote publiek bent u niet zo bekend. Was dat geen vereiste voor de Dichter des Vaderlands?

Charles Ducal: "De eerste vereiste was dat de Dichter een échte dichter is. Als je via zo'n project de kans krijgt om poëzie onder de aandacht te brengen, dan zou het een belediging zijn om te kiezen voor een bekende kop die toevallig ook wat dingen op rijm zet. De Dichter des Vaderlands moet de zaak van de poëzie dienen. Dat betekent dat zijn visie op poëzie zo ruim moet zijn dat hij niet alleen simpele, toegankelijke gedichten onder de aandacht brengt, maar dat hij ook het moeilijkere werk niet schuwt.

"Wat niet wil zeggen dat ik vanuit een ivoren toren gedichten ga schrijven. Integendeel, het is net de bedoeling om maatschappelijke betrokkenheid te tonen. Mijn eerste gedicht gaat over de taal van de media tegenover de taal van de poëzie, het tweede over 1 mei en ik plan er alvast ook een over de oorlog."

Vanuit deze functie moet u zoveel mogelijk mensen voor de poëzie winnen. Kan dat, veel mensen bereiken met kwaliteitsvolle dichtkunst?

"Als mijn eerste en enige principe was om zoveel mogelijk mensen te bereiken met wat ik schrijf, dan zou ik de poëzie oneer aandoen. Ik moet minimaal zes gedichten per jaar schrijven, en het spreekt vanzelf dat die twaalf gedichten het niveau moeten halen om in een bundel te verschijnen.

"Gedichten brengen op een populaire manier - wat niet hetzelfde is als een populistische - dat moet toch kunnen? Vanuit de neoliberale rendementslogica is poëzie onverkoopbaar, maar mijn ervaring als leraar en dichter heeft me geleerd dat het echt niet moeilijk is om kinderen die groot worden in onze consumptiemaatschappij tóch warm te maken voor goede, kwaliteitsvolle poëzie.

"Ik heb bijna veertig jaar lesgegeven, en ik heb gezien hoe poëzie via de leerplannen en de handboeken van bovenaf steeds meer is teruggeschroefd . Men heeft de diepgang en de kwaliteit van het literatuuronderwijs laten afkalven. Maar ik heb me daar altijd koppig tegen verzet. Ik besteedde minimaal een vierde van mijn lessen aan poëzie. Per jaar las ik met mijn leerlingen een twintigtal gedichten. En niet alleen gemakkelijke, ook Claus, Lucebert, Gezelle, Vondel of Van Ostaijen. Geloof mij, het is echt niet moeilijk om kinderen daarvoor warm te maken.

"De mantra in het onderwijs is dat je je moet houden aan wat leerlingen spontaan aankunnen of leuk vinden. Maar het is toch de taak van een leraar om grenzen te verleggen? Om deuren te openen en je leerlingen complexere zaken te laten ontdekken? Tegen de individuele leerkrachten zeg ik dus: blijf die bakens verzetten. En blijf vechten, verdorie."

U spreekt nog vaak over het onderwijs. Mist u het lesgeven?

"Eerlijk? Ik mis het enorm. In september ben ik met pensioen gegaan, maar ik ga nog elke week één dag terug naar school, om er leerlingen van vreemde origine te begeleiden die willen instromen in het ASO. Als ik dan voorbij mijn vaklokaal wandel en zie dat mijn collega Hooft aan het lezen is met de leerlingen, dan bloedt mijn hart. Dat is een tere plek, ja."

In uw aanvaardingsspeech wijst u het Vlaams-nationalisme uitdrukkelijk met de vinger. Sluit u zo een groot deel van de bevolking al niet uit van dit poëtische project?

"Voor alle duidelijkheid: dit is geen project tegen iets, maar voor iets. En ik heb geen belgicistische agenda. Ik ga op 21 juli dus niet de Belgische vlag uithangen om de Vlaamse te overtroeven. Maar ik vind het interessant om in een land te leven met drie taal- en cultuurgemeenschappen, en ik verwijt mezelf - en ook de politiek, de media en de culturele wereld - dat wij zo weinig contact hebben met die andere gemeenschappen. Daarom wil ik de samenwerking met de Frans- en Duitstalige poëzie uitbreiden, in de hoop dat dit andere mensen zou aansteken. Als ik de verscheidenheid in ons land koester, dan is het toch logisch dat ik dit project steun?

"Als sommigen, die liever tegenstellingen creëren, daar een politiek statement in zien, dan is dat hun probleem en niet het mijne. Zonder dat ik het zelf wil, is dit dichterschap blijkbaar politiek geladen. Maar daarover polemiseren zie ik niet als de taak van de Dichter des Vaderlands."

Wat hoopt u nu dat dit project teweeg zal brengen?

"Ik zal eerlijk zijn: ik heb ook toegezegd omdat ik daar winst voor mezelf wil uithalen. Natuurlijk hoop ik mijn eigen werk meer onder de aandacht te brengen. De brede oriëntatie van de Dichter des Vaderlands sluit ook goed aan bij mijn eigen evolutie als dichter. Ik ben begonnen met gedichten over het huwelijk, de vader en de moeder. In de loop der jaren zijn er maatschappelijke thema's bijgekomen. In mijn laatste bundel De buitendeur schrijf ik bijvoorbeeld over Congo, de Holocaust en Palestina.

"Daarnaast hoop ik dat men door het Dichterschap des Vaderlands inziet dat poëzie niet dood is, maar leeft. Als ze in het verdomhoekje zit, dan is dat niet te wijten aan de poëzie zelf, maar aan het feit dat ze te weinig een forum krijgt. Dit project kan poëzie hopelijk weer zichtbaar maken in de maatschappij.

"Gedichten in de supermarkt of in de etalage hangen op Gedichtendag is niet voldoende. Zulke evenementen zijn voor veel media ook niet meer dan een schaamlapje. Er is veel te weinig structurele aandacht voor poëzie in de literaire bijlagen van de kranten en de tijdschriften. Dat Els Moors nu een geweldige nieuwe bundel uit heeft, Liederen van een kapseizend paard, dat moet in de krant staan. Er is ook niemand die zegt dat poëziekritiek saai moet zijn. Als je spannend kunt schrijven over boeken, tentoonstellingen en theater, dan kun je dat ook over gedichten."

www.dichterdesvaderlands.be www.poezieweek.com

Charles Ducal

pseudoniem van Frans Dumortier, geboren in Leuven op 3 april 1952

studeerde Germaanse filologie aan de KU Leuven

was tijdens zijn studiejaren actief in de Marxistisch-Leninistische Beweging en bleef actief in de maoïstische partij Amada, de voorganger van de PVDA

debuteerde in 1987 met 'Het huwelijk'

publiceerde in datzelfde jaar met Erik Spinoy, Bernard Dewulf en Dirk Van Bastelaere de veelbesproken bundel Twist met ons

publiceerde in de jaren die volgden nog bundels met gedichten over Irak, Gaza en Auschwitz

kreeg in 2007 de Herman de Coninckprijs voor In inkt gewassen

kreeg in 2010 de driejaarlijkse Karel Van de Woestijneprijs voor Toegedekt met een liedje

schreef ook essays over literatuur, politiek en literatuuronderwijs

werkte 37 jaar lang als leraar Nederlands in het Sint-Albertuscollege in Heverlee

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234