Dinsdag 04/10/2022

De prille Picasso

In het vierluik Pablo verbeelden Julie Birmant en Clément Oubrerie de jeugd van de toen al grillige Pablo Picasso. Het decor: Montmartre, een oord van onderdrukten, kunstenaars en prostituees. In het onlangs verschenen derde deel kunnen Picasso en Matisse elkaars bloed wel drinken.

Montmartre, het schilderachtige 18de arrondissement van Parijs. Het is een opgewekte Julie Birmant die ons door de Parijse kunstenaarswijk loodst. De scenariste spreekt honderduit over haar fascinatie voor Pablo Picasso (1881-1973) en de door toeristen zo gegeerde Parijse wijk, 134 meter hoog op een heuvel. Ze toont de grote witte Basilique du Sacré-Coeur, de wijngaard, de houten molen en een van de bekendste cabarets, Lapin Agile. Allemaal komen ze voor in haar vierluik Pablo.

Met oude foto's als belangrijkste documentatiemateriaal probeerde tekenaar Clément Oubrerie de sfeer van toen te verbeelden. "Maar dat was eerlijk gezegd niet eens zo moeilijk", zegt de scenariste. "Op sommige plaatsen lijkt het wel alsof de tijd is blijven stilstaan." Ik kan het weten, zal ze later zeggen. "Ik ben er geboren."

Het was hier waar de toen negentienjarige Picasso zich bij aankomst in Parijs vestigde, benadrukt Birmant. "In die tijd was deze wijk nog zeer landelijk. Er liepen koeien, er waren bossen." Ze wijst door het raam van Musée de Montmartre naar buiten, naar een plek waar een leger Japanse toeristen enkele authentieke huisjes voor de lens haalt. "Dat stuk van Montmartre daar, was helemaal verwilderd. Zo ver als je kunt kijken zag je struiken."

Dat net Montmartre indertijd zo'n aantrekkingskracht uitoefende op schilders en andere kunstenaars, was niet eens zo vreemd, meent ze. "Het was een aparte wereld. De sociale regels van de bourgeoisie golden er niet. Elke vrouw die dat juk van zich wilde afgooien, werd model en kwam hier schuilen." Dat was ook het geval bij Fernande. Oftewel: Picasso's eerste echte liefde. "Zij vluchtte naar Montmartre omdat haar echtgenoot haar sloeg en brutaliseerde. Ze bedacht een nieuwe naam, een nieuw verleden en waande zich vrij in deze wijk."

Fernande speelt terecht een sleutelrol in het vierluik Pablo. "Het eerste album begint wanneer Picasso negentien is en Fernande ontmoet, het vierde en laatste album eindigt bij het moment dat ze uit elkaar gaan en tegelijkertijd het kubisme wordt bedacht." Waarom Birmant haar pijlen net op 's mans vrij onbekend gebleven jeugdjaren richtte, wordt snel duidelijk: "Zijn jeugd fascineerde me precies omdat niemand er iets over wist. Toen ik toevallig de gepubliceerde memoires van Fernande Olivier ontdekte, wist ik dat dat boeiend materiaal zou opleveren en een inkijk zou bieden in de prille jaren van een jonge kunstenaar."

Neuken als schilderen

"Picasso had Fernande verboden om hun relatie en ervaring tijdens hun leven naar buiten te brengen. Naar alle waarschijnlijkheid wilde hij niet dat het grote publiek zou ervaren hoe hij zich in het leven ophield toen hij nog arm en onbekend was. Ach, weet je, in het begin van zijn Parijse leven was Picasso een jongeman die nog nooit iemand bemind had, op enkele meisjes in de bordelen na die niet eens wisten wat liefde was, maar bij wie wel alles kon en mocht. Daar leerde hij wat vrijheid betekende, niet wat liefde was. Anders verging het hem toen hij Fernande ontmoette. Zij werd niet alleen zijn geliefde, maar ook zijn favoriete model."

Het eerste album schept een vrij ontluisterend beeld van de jonge Picasso. Zijn eerste stapjes in het Parijse schildersmilieu had de Spaanse kunstschilder zich wellicht anders voorgesteld. Door zijn deelname aan een groepstentoonstelling hoopte hij snel opgenomen te worden door de artistieke gemeenschap, maar dat pakte anders uit. Zijn eerste jaar was niet bepaald met rozen bezaaid. Picasso arriveerde in Parijs samen met zijn landgenoot Carlos Casagemas, wiens familiefortuin het uitstapje naar Parijs financieel mogelijk had gemaakt. Het was zijn agent die hem in contact bracht met de zure galeriehoudster Berthe Weill die, tot haar eigen grote verbazing, in geen tijd alle tekeningen van Picasso verkocht.

Met die opsteker dacht Picasso de hele wereld aan te kunnen, maar de ontnuchtering volgde snel. De liefde bleef achterwege, de houding van zijn vriend Carlos werd steeds grilliger en Picasso's seksuele escapades waren ook niet bepaald om over naar huis te schrijven, of, zoals zijn bedpartner hem verweet in dat eerste deel: "Je neukt zoals je schildert. Oppervlakkig, nooit grondig!" Een gitzwarte periode diende zich aan toen zijn vriend Carlos zich om het leven bracht na een mislukte liefdesaffaire.

"Pas toen hij Fernande ontmoette werd hij wat zachter", zegt Birmant. "Je zou kunnen zeggen dat Fernande hem als mens vormde, maar dat gold evenzeer voor haar. Hoewel hun relatie veel ups en downs kende, was de invloed op elkaar enorm. Het lijkt er zelfs op dat Picasso zijn eigen persoonlijkheid en creativiteit voor een groot stuk te danken had aan de mensen met wie hij zich omringde."

Niet geheel toevallig dus dat Birmant elk van de vier Pablo-delen ophing aan belangrijke personen die Picasso in zijn Parijse periode rond zich heen wist te verzamelen. Een vriend, een collega, een lief of een rivaal. In Pablo trachten Oubrerie en Birmant via die directe getuigen een beeld te schetsen van Picasso's leven en carrière. In het eerste deel staan de verliefde homoseksuele dichter Max Jacob en Fernande centraal. In het tweede deel wordt Picasso's vriendschap belicht met Guillaume Apollinaire, de uitvinder van het surrealisme.

Eerste kubistische werk

Wat volgt zijn twee delen waarin enerzijds de Amerikaanse schrijfster en kunstverzamelaarster Gertrude Stein, en anderzijds het duo Georges Braque/Henri Matisse de belangrijkste bijrollen op zich nemen. De Franse schilder en beeldhouwer Braque ontwikkelde samen met Picasso de stijl die bekend zou worden als kubisme, terwijl Matisse eerder Picasso's rivaal was. Bij momenten stonden de twee als kemphanen tegenover elkaar. Maar, zo wordt duidelijk in het onlangs verschenen deel Matisse: ze irriteerden elkaar evenveel als dat ze elkaar inspireerden.

"Picasso's karakter was van die aard dat hij een op maat gemaakte kornuit om zich heen wilde", zegt Birmant. "Iemand die even sterk was als hij. Dat is Henri Matisse ten voeten uit. Er is een heel bekend schilderij van Matisse dat Le bonheur de vivre heet. Het toont naakte vrouwen die zich in een soort van paradijs bevinden. Ze spelen fluit, dansen, liggen uitgestrekt op het gras. Voor Picasso is schilderen dan weer net het tegenovergestelde. Voor hem moet een schilderij een gevecht weergeven. Geweld. De dood. De wreedheid van het verlangen. Daar gaat het hem om.

"Picasso was dol op stierenvechten. De strijd van de toreadors sprak hem net aan omdat hij schilderen vergeleek met stierenvechten. Die motivatie wilde hij etaleren en tonen met een werk dat even groot was als Matisses Le bonheur de vivre, maar net het tegenovergestelde weergaf. Ook hij schilderde naakte vrouwen, maar dan wel prostituees in een bordeel. Hij doopte het werk Les demoiselles d'Avignon. Dat werd meteen ook zijn allereerste kubistische werk.

"Die tegenstelling tussen beiden, hoe bizar bij momenten ook, heeft hen hun beste werken doen creëren. In wezen zou je kunnen beweren dat Picasso een spons was die zich liet voeden door uitzonderlijke persoonlijkheden. Maar kopiëren en imiteren was niet aan hem besteed. Zijn eigen, excentrieke persoonlijkheid behoedde hem daarvoor. Maar het feit dat hij openstond voor al die invloeden maakte hem een sterk evoluerend schilder."

Geen kat die het gelooft

Birmant deed haar research erg grondig, zegt ze zelf. Boeken, biografieën en gedichten: ze pluisde ze allemaal na op zoek naar de mens achter de schilder en zijn excentrieke vriendenkring. "Ik vind het heel boeiend om me onder te dompelen in de historische realiteit en zo te ontdekken wat er in die periode écht gebeurd is. Maar ik heb gemerkt dat het er vaak nog geschifter en extremer aan toe ging dan je zou denken of kunnen verzinnen.

"Dat geldt zeker wanneer personages als Picasso en Fernande je protagonisten zijn. Ze zijn enorm trots en buitensporig. Soms dacht ik: dan kan ik beter niet verwerken in het verhaal, want geen kat gaat het geloven. Uiteindelijk heb ik dat niet gedaan. Gelukkig. Het was een vreemde maar boeiende tijd, het waren mensen met een sterke en zotte persoonlijkheid. Ik moet niet doen alsof dat niet zo was."

Pablo 3: Matisse verscheen bij Blloan, 84 pg's, 16,95 euro. Tot 31 augustus loopt in het Musée De Montmartre de expositie Picasso à Montmartre. www.museedemonmartre.fr

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234