Zondag 26/06/2022

De revival van Hannibal en zijn olifanten

Reusachtige legers troepen samen in het Westen. Ze hebben olifanten, paarden, zegekarren, een onager, ballista's en andere katapultachtige dingen uit het Romeinse leger bij zich. Hun vlaggen wapperen in de wind, hun helmen blinken in de zon. Stoere kerels op sandalen en in geplooide minirokjes hebben maar één doel voor ogen: je ervan overtuigen een bioscoopkaartje te kopen en toe te kijken hoe zij elkaar verrot slaan. Hollywood is in de ban van de Oudheid en wij zullen het geweten hebben.

Hollywood

The Independent

Matthew Sweet

De nieuwe opkomst van zwaard- en sandalendrama's in Hollywood was niet gepland maar toch gebeurt het. In filmland is dat door de band genomen nochtans een risicovolle operatie. De kaskrakers die in de zomer in alle grote bioscoopcomplexen vertoond worden, zijn normaal gezien gemaakt volgens een erg strak schema: de titel moet ook nog leuk klinken met 'deel twee' of 'deel drie' erachter. Dat verzekert de producers sowieso van enkele jaren inkomsten. De films moeten ook makkelijk kunnen meedraaien in het merchandisingmechanisme, aangezien een film tegenwoordig nu eenmaal het meeste opbrengt overdag in de winkels en niet zozeer 's avonds in de cinema. Speelgoedwinkels moeten uitpuilen van actiefiguren, schooljongetjes moeten ruilkaarten in hun met chocolade besmeurde handjes kunnen houden, in Cornflakes-dozen moeten hologramkaartjes zitten en wat is een film tegenwoordig nog waard als er geen deegwaren kunnen gemaakt worden in de vorm van de hoofdpersonages?

Spider-Man en Star Wars voldoen perfect aan deze eisen. Romeinse drama's zijn echter commercieel een stuk minder sexy. Dreamworks, de makers van het kassucces Gladiator, zijn weliswaar bezig aan een vervolg maar dat zou onmogelijk zijn zonder er een of andere melige stunt met tweelingbroers en een oude herder in te verwerken. Niemand haast zich naar de supermarkt om spaghetti met honing-en-relmuissmaak te kopen en McDonald's kan evenmin plastieken viaducten bij zijn Happy Meals steken. Dat is net waarom zulke films een enorm financieel risico inhouden. De kans op bankroet is even groot als die op eeuwige roem en onmetelijke rijkdom.

Toch schreeuwt elke filmstudio in Hollywood de nakende boom van dit soort films van de daken. Anderhalf jaar geleden stond elke Hollywood-producer te drummen om wat kruimels te kunnen meepikken van de 458 miljoen dollar die Gladiator wereldwijd heeft opgebracht. Alle lang vergeten scenario's met wagenrennen en leeuwengevechten werden uit stoffige archiefkasten gehaald. Hele cohorten scenaristen stortten zich op deze verhalen om er deftige scenario's van te maken. Nu heeft Hollywood het stadium bereikt waarin er stilaan namen geplakt worden op de rollen. Zou Jennifer Aniston geen prachtige Octavia zijn, en wat te denken van Freddie Prinze Jr. als de nieuwe Diocletianus?

Alle op stapel staande projecten uit het hoofd opsommen, zou zelfs het geheugen van Homerus op de proef stellen. Net zoals de opsomming van schepen op de eerste bladzijden van de Ilias neemt ook dit pagina's en pagina's in beslag. Twee grote studio's werken aan films over de slag bij de Thermopylae. In de versie van Universal zal George Clooney waarschijnlijk het opperbevel hebben over driehonderd Spartanen. Bij Warner Brothers zal Brad Pitt, alias Achilles, Eric Bana, die de rol van Hector speelt, aan zijn speer rijgen (Bana heeft trouwens net de Hulk gespeeld voor Ang Lee dus dat pakje zal hem wel als gegoten zitten). Sony Pictures brengt Hannibal - de Carthaagse veldheer die met z'n olifanten de hort opging, niet de Engelsman die fricassee maakt van menselijke hersenen - met Vin Diesel in de gelijknamige hoofdrol. Ook Columbia en Fox werken aan Hannibal-films.

James Cameron, die net zoals Alexander de Grote de titel van veroveraar van de wereld gekregen heeft, werkt aan een film over de Amazonen. Hollywoods grootste actrices (letterlijk) oefenen tegenwoordig dagelijks de verfijnde sport van het boogschieten.Of ze zover zullen gaan om in een of andere chique kliniek een borstamputatie te laten uitvoeren, blijft de vraag.

Het wordt pas echt ingewikkeld als we het hebben over de films over Alexander de Grote. Oliver Stone plant een biografische film over de grote heerser. Zijn eerste keuze voor de hoofdrol, Heath Ledger, een warrige surfboy, heeft het laten afweten maar Colin Farrell van Minority Report wil maar wat graag Ledgers plaats innemen.

De Amerikaanse televisiezender HBO brengt een tiendelig drama dat eveneens draait rond de carrière van de beroemde generaal. De serie is gebaseerd op de boeken van Mary Renault. Ook Martin Scorcese was van plan om een Alexander de Grote-film te maken. Alexander zou gespeeld worden door Leonardo Di Caprio maar geheel in de stijl van toen is er een rivaal ten tonele verschenen. Baz Luhrman, de regisseur van het bejubelde Moulin Rouge, heeft Di Caprio weten te strikken en begint in de lente in Marokko aan zijn eigen film over de Macedonische veldheer. Het script is ontleend aan de trilogie van Valerio Manfredi, een semi-academisch werk. Het is nu al duidelijk wat we in 2004 op ons bord zullen krijgen; heel veel Macedonische soldaten die ergens in Asia Minor rondhuppelen en kebab maken van de Lydiërs.

In de late jaren vijftig zouden bovenstaande films betiteld worden als peplum, een pejoratieve uitdrukking gebruikt door Franse critici. Het refereert aan de minuscule toga's die rond de strakke dijen van de filmhelden fladderen. Dat waren bodybuilders à la Steve Reeves, Reg Park en Gordon Mitchell, die vochten met technisch slecht gefabriceerde monsters en fout geklede figuranten. De films werden opgenomen in Italië maar de sterren werden rechtstreeks geïmporteerd van stranden ergens in mondaine kuststeden van de Verenigde Staten.

Vervolg op pagina 16

Mitchell was bijvoorbeeld een fitnessfreak uit Santa Monica die in 1956 een baantje aanvaardde als koorjongen in de show van Mae West. Terwijl West zich door haar liedjes worstelde, zwierde Mitchell zijn cape uit en bood haar een gespierde bovenarm aan waar ze eventjes op kon uitrusten. Eenmaal terug in Santa Monica zag hij in zijn oude vertrouwde fitnesscentrum een advertentie hangen. Er werd een Hercules gezocht. Hij kreeg de opdracht en bracht de volgende dertig jaar door in Rome, waar hij goedkope films maakte. Die films hechtten weinig belang aan mythologische accuraatheid. Goliath en Atlas konden rustig in dezelfde film opdraven. Gevechten tussen vijanden uit totaal verschillende culturen was aan de orde van de dag. In 1961 werd zo de film Hercules versus de vampieren gemaakt.

De origine van dit soort entertainment is echter veel ouder. Ouder zelfs dan de lendendoek van Steve Reeves. Het peplum was een manier om mooi gespierde en afgetrainde mannenlichamen te tonen zonder het publiek al te veel te doen blozen. Bodybuilders en attributen uit de Oudheid zijn een beproefde combinatie. In de jaren 1890 werd de bekende Victoriaanse bodybuilder Eugen Sandow zelden gefotografeerd zonder Romeinse sandalen, een Ionische zuil of een luipaardvel. Hoewel Sandow zich bij gelegenheid met marmerpoeder inwreef en de toeschouwers zijn gluteus maximus liet aanraken, was er niks verkeerds met zijn shows. Hij overtuigde zelfs Sir Arthur Conan Doyle om samen met hem een bodybuilderswedstrijd in de Royal Albert Hall te jureren. "Meneer Sandow zat op zijn handen en knieën om de onderste ledematen van de mannen te inspecteren", zo schreef een reporter. "Vijftienduizend toeschouwers keken ademloos toe." Voor de geïnteresseerden: ene William L. Murray uit Nottingham won, en kaapte het gouden beeldje weg.

Het peplum komt ook voor in de glamoureuze, populaire kunst van de late negentiende eeuw: luxueuze afbeeldingen van arena's, scènes uit badhuizen en van slavenmarkten, waar de nadruk altijd lag op naakte dijen. Gewoonlijk wordt Lawrence Alma-Tadema vernoemd als prins van het genre maar een van zijn leerlingen, met de verrukkelijke naam Herbert Schmalz, schilderde een van de invloedrijkste voorbeelden. Zijn prent, getiteld Trouw tot aan de dood (1888), is precies een Hollywood-drama maar dan samengebald op een enkel doek. Links is een groep naakte slachtoffers afgebeeld, vastgebonden aan een rij heidense totempalen. De angst is van hun gezichten af te lezen en je ziet ze gebeden prevelen. Rechts is een grote, lege ruimte die overduidelijk de komst van iets wil suggereren. Dat 'iets' zal ongetwijfeld een wreedaardig monster zijn dat christenen rauw lust. Schmalz' werk heeft een duidelijke invloed gehad op Cecil B. DeMille, de grootste regisseur in dit genre die Hollywood ooit gekend heeft. Wanneer in The Sign of the Cross (1932) christenen voor de leeuwen geworpen worden, is Schmalz niet veraf.

Vertaald en bewerkt door Kim Herbots.

Zwaard- en sandalendrama's kenden hun hoogdagen in de jaren vijftig. Nu zijn ze echter terug

Wat is een film tegenwoordig nog waard als er geen deegwaren kunnen worden gemaakt in de vorm van de hoofdpersonages?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234