Dinsdag 16/08/2022

Background

De VS en Haïti, een lange complexe verhouding

null Beeld UNKNOWN
Beeld UNKNOWN

De massale Amerikaanse mobilisering voor hulp aan Haïti is de jongste episode in een lange, complexe verhouding tussen de supermacht en de Caraïbische republiek. Zowel militaire interventies "om recht en orde te herstellen" als steun aan dictators in de tijd van de Koude Oorlog hebben er een stempel op gedrukt. Sedert Haïti in 1804 het Amerikaanse vorbeeld volgde en zich als tweede kolonie van het Europees koloniaal juk bevrijdde, heeft Washington de Caraïbische republiek als een deel van zijn invloedssfeer beschouwd. Toch duurde het nog 58 jaar vooraleer de Verenigde Staten de Haïtiaanse regering na haar onafhankelijkheid van Frankrijk erkenden.

Ook vandaag nog hebben de Verenigde Staten invloed in het Haïtiaans parlement, of ze jaarlijks miljoenen dollar in het straatarme land pompen, druk op internationale ontwikkelingsbanken maken, op rampen reageren of in tijden van zware politieke crisissen troepen sturen. De 10.000 Amerikaanse soldaten, die zich al in Haïti of nog voor de kust bevinden en humanitaire hulp moeten brengen aan de overlevenden van de zware aardbeving met mogelijk tot 200.000 doden en tienduizenden gewonden, zijn in Haïti al te vertrouwde gezichten.

Het is van 2004 geleden dat de Amerikaanse mariniers voor het laatst in Haïti waren, toen de toenmalige president Jean-Bertrand Aristide temidden gewelddadige onlusten en beschuldigingen van corruptie tegen zijn regering uit zijn functie was verdreven. De Amerikanen kwamen samen met de VN-vredestroepen om de situatie te bekoelen en bij de politieke overdracht te helpen. De Amerikaanse aanwezigheid op Haiti dateert van midden de negentiende eeuw.

Hoewel de VS het land niet diplomatiek erkenden - ze vreesden destijds voor het overslaan van de slavenopstand, die een einde maakte aan de Franse koloniale heerschappij - patrouilleerden Amerikaanse oorlogsbodems in de Caraïben ter bescherming van de vrije handel.

In volle Amerikaanse burgeroorlog, die ook daar een eind maakte aan de slavenhandel, erkende Washington in 1862 de Haïtiaanse regering en markeerde daarmee het echte begin van een Amerikaanse rol in het Haïtiaans parlement, die nog tot vandaag voortduurt. Dat Amerikaans engagement geschiedde (mede) uit eigenbelang van Washington. Bij andere gelegenheden werd het door de politieke en economische chaos in het land teweeggebracht. Haïti werd vanaf de onafhankelijkheid tot 1915 door meer dan 70 dictators geregeerd - in de regel ongemeen brutaal. Die periode eindigde toen president Guillaume Sam in de straten van Port-au-Prince door een woedende menigte werd vermoord.

Met de opening van het Panamakanaal in 1914 werd de regio voor de VS nog belangrijker. Toen Haïti in chaos dreigde onder te gaan, beval de Amerikaanse president Woodrow Wilson in 1915 de bezetting van het land, die tot 1934 duurde. Toen de Amerikanen vertrokken, bevond Haïti zich in een betere toestand dan ooit tevoren - ondanks een grote aversie tegen de Amerikaanse soldaten onder een grote meerderheid van de bevolking. In de volgende jaren bleef het overwegend rustig, maar corruptie en incompetentie staken weer de kop op.

In 1957 begon dan de opkomst van Francois Duvalier (Papa Doc), die als een dictator regeerde. Hij riep zichzelf als president voor het leven uit en werd na zijn dood in 1971 politiek door zijn zoon Jean-Claude (Baby Doc) beërfd. De VS ondersteunden beide dictators, officieel uit vrees dat Haïti tijdens de Koude Oorlog zonder Amerikaanse hulp onder de invloed van de Sovjetunie of het nabijgelegen communistische Cuba van Fidel Castro zou geraken. Toen Jean-Claude Duvalier in 1986 van de macht werd verdreven, vaardigde het land een grondwet uit en plande verkiezingen. Die positieve ontwikkeling maakte geen eind aan de chaos. De verkiezingen werden door rellen afgelast. Pas in 1990 werd de priester Jean-Bertrand Aristide na de eerste vrije verkiezingen op Haïti tot president verkozen.

Aristide bracht hervormingen op gang, die bij het leger onpopulair waren, waardoor hij binnen het jaar van de macht werd verdrongen. Toen de politieke crisis zich verscherpte, vluchtten duizenden Haïtianen op vlotten - doorgaans richting de VS. Uit vrees voor een massale uittocht beval de toenmalige Amerikaanse president George Bush een blokkade - een politiek die door zijn opvolger Bill Clinton nog bekrachtigd werd. Maar in 1994 was de vluchtelingencrisis zo erg geworden dat Clinton genoodzaakt werd tot handelen. Hij bedreigde het militaire regime met een grootschalige Amerikaanse invasie. De militaire junta ging door de knieën, Aristide keerde terug en Amerikaanse troepen kwamen naar het land om de orde te herstellen.

In 2000 won Aristide opnieuw de verkiezingen, maar een wijdverbreide corruptie leidde tot een gewelddadige opstand, die opnieuw dreigde te ontaarden in chaos. Daarom beval de regering van George W. Bush hem in 2004 het land te verlaten. Hetzelfde jaar kwamen duizenden Haïtianen om in tropische stromen en een reeks natuurrampen, die in de zware aardbeving met een kracht van 7,0 op de schaal van Richter vorige dinsdag een voorlopig triest hoogtepunt bereikte.

De natuurramp vormt een grote terugslag voor het land, dat als de facto VN-protectoraat op weg leek naar een betere toekomst. Met hulp van de Verenigde Naties had Haïti in 2006 verkiezingen gehouden, die de huidige president René Préval aan de macht bracht.

Hij leidde neoliberale hervormingen in, waartoe de "internationale gemeenschap" lange tijd had aangespoord. Op aandringen van de VS had het Internationaal Monetair Fonds (IMF) vorig jaar 1,2 miljard dollar schuldvermindering toegestaan. Een internationale donorconferentie stelde de regering meer dan 300 miljoen dollar ter beschikking om de verschrikkelijke stormschade uit 2008 te boven te komen en om de werelwijde fiannciële crisis het hoofd te kunnen bieden.

Nu schieten de Verenigde Naties, de Verenigde Staten en tientallen andere landen Haïti ter hulp met een financiële injectie ter waarde van honderden miljoenen dollars. Maar eens de schade van de aardbeving uit de weg is geruimd, zullen de VS weer in de moeilijke situatie komen om een duurzame stabiliteit te garanderen. "Hoe meer kritiek we horen, des te vastbeslotener we zullen proberen het lot van de Haïtiaanse bevolking te verbeteren", stelde Denis McDonough, een van de topadviseurs van de Amerikaanse president Barack Obama. (belga/jv)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234