Woensdag 28/09/2022

De vuurkracht van bandido's op teenslippers

De Portugese fotograaf João de Carvalho Pina sloop mee onder dekking van speciale eenheden. Hij trok op met de traficantes, verslaafde dealertjes die het voor het zeggen hebben in de sloppen op de hellingen rond Rio. Hij zag één emotie in hun ogen: angst.

Er zijn momenten in de favela's van Rio de Janeiro geweest dat het João de Carvalho Pina (31) uit Lissabon te veel werd. Dat was met afstand de week met de navolgende gebeurtenissen. Carjackers hadden een vrouwelijke inzittende doodgeschoten. Ze was hoogzwanger. In het ziekenhuis kon haar baby nog worden gered.

Een paar dagen later zat de Portugese fotograaf 's morgens bij de eenheid van de brandweer die lijken ruimt, toen er een melding binnenkwam dat op een drukke verkeersader uit een auto het stoffelijk overschot van een jonge vrouw was gedumpt. Ze gingen kijken. 27 was ze, en zeven maanden in verwachting. Haar achterhoofd was met twee kogels doorboord.

Niemand van de omstanders twijfelde. Dit was een executie. Was het een drugsbende? De politie misschien? Het ontbrak Pina aan energie nog te proberen maar iets van de toedracht te ontrafelen. Er was niets anders geweest dan een gevoel van leegte.

In de afgelopen twintig jaar zijn er dagelijks gemiddeld achttien doden gevallen door het geweld in de sloppen op de hellingen rond Rio. Rivaliserende drugshandelaren, politieagenten, voorbijgangers die in kruisvuur zijn geraakt; de dodelijke reikwijdte van de patronen uit de loop van een M16 en AK47 bedraagt vele honderden meters. Pina was in Afghanistan, hij is nog niet zo lang terug uit Libië, maar in Rio is het in de favela's volgens hem vergelijkbaar onveilig.

Vanaf 2006 tot 2009 is de fotograaf de wijken in het noorden en oosten van de stad ingegaan, ver van de stranden van Ipanema en Copacabana; toeristen krijgen maar weinig mee van de oorlog op de heuvels.

Hij was er soms enkele dagen, dan weer een hele maand. Hij sloop mee onder dekking van de speciale eenheden die het op de drugssmokkelaars hebben voorzien. Hij trok op met de traficantes, die het in veel favela's voor het zeggen hebben.

Het was oppassen, op je hoede zijn. Eerder zijn er journalisten vermoord. Wanneer kon hij scherpstellen? Wanneer niet? Als de agenten inbeukten op een verdachte, wist hij dat hij zijn lenzen beter in de tas kon houden.

Toen een drugsbaron zich hardop afvroeg wie die Portugees eigenlijk was, en of die wel besefte dat diens leven in zijn handen lag, wist hij genoeg. Wegwezen. Het is intuïtie, vooral.

Hij zocht naar een verklaring voor het buitensporige geweld. Hij voelt als Portugees grote verwantschap met de Brazilianen, maar Portugal is een vredig landje en in Rio staan die verre verwanten elkaar naar het leven. Let wel: dat zijn dan die enkele honderden individuen te midden van de grote massa die wel op een gewone manier tussen de krotten een bestaan probeert op te bouwen. Een echt antwoord heeft hij niet gevonden, behalve de wat machteloze vaststelling dat geweld slechts meer geweld uitlokt.

Het is op het oog een ongelijke strijd, de getrainde politie met hun kogelvrije vesten tegen de jonge bandido's in hun bermuda's en op teenslippers. De schijn bedriegt: volgens Pina is de vuurkracht van de bendes groter. Hij volgde een keer een eenheid van zo'n 20 politiemensen. Iedereen uit de groep kon littekens van kogelwonden laten zien.

Cowboys

De gangs hebben het meer op elkaar gemunt dan op het officiële gezag. Ze zijn er voorzichtiger mee. Het neerschieten van een politieman lokt een enorme agressie bij diens collega's uit. Die gaan dan de wijken in als cowboys.

Vergeet voorts niet dat er sprake is van een symbiose: de corruptie is groot. Er zijn bureaus waar de handelaren wekelijks agenten uitbetalen in ruil voor de belofte dat ze met rust worden gelaten. Pina begrijpt het wel: de salarissen bij de ordehandhavers zijn laag, twee of zelfs drie banen zijn niet eens genoeg om een behoorlijk leven te leiden.

Zeker, soms is er resultaat. Vorige maand vierden de Braziliaanse autoriteiten de terugkeer van de wet in Rocinha, Vidigal en Chácara do Céu, favela's dichtbij de welvarende buurten waar zich straks de buitenlandse bezoekers zullen ophouden voor het WK voetbal en de Olympische Spelen. Met veel machtsvertoon waren politie en leger de wijken binnengetrokken. Er viel geen schot. Op een heuveltop wapperde na de operatie de nationale vlag.

Het maakte bij Pina gemengde gevoelens los. Hij ziet dat de politie soms minder gewelddadig probeert op te treden. Dat in plaats van razzia's wordt gekozen voor een langdurig verblijf. Dat het accent meer komt te liggen op ontwapening dan drugsbestrijding. Het is een begin, misschien. Maar repressie alleen is geen oplossing. De oplossing is het bieden van een toekomst. Scholing of een baan. Van zo'n benadering, daar heeft hij weinig van gemerkt.

Het zal ook niet eenvoudig zijn, denkt hij. De bandido's zijn steeds jonger, 18 jaar gemiddeld, en gewetenlozer. Ze zijn verslaafd aan cocaïne, crack en wiet. Ze leven van kinds af met de dood. Een kogel door het hoofd is van alledag. Wat ze de magnetron noemen, biedt meer opwinding. Ze gooien autobanden om hun nog levende doelwit en steken vervolgens de stapel in brand.

Pina heeft ze ook achter het tafelvoetbalspel gefotografeerd, met de wapens op de rug geschoven. Om te laten zien dat het jongens zijn die ook gewoon plezier zoeken en maken, maar die onderweg in het bestaan dat net op gang kwam een verkeerde afslag hebben genomen. En als ze uitdagend voor hem poseren, nu met het glanzend schiettuig voor de borst, ziet hij vooral één emotie in hun ogen: angst. Angst voor hem, angst voor de anderen, angst voor morgen.

Heeft hij uiteindelijk partij gekozen in de favela's? De bendeleider die er om bekend stond dat hij zijn tegenstanders onthoofdde, vond hij in zekere zin aimabel. Hij zag hoe deze de medicijnen betaalde voor zieke ouderen en voedsel uitdeelde. Koppensneller en weldoener. Hij had de status van onbenoemd burgemeester. Er zijn meer wijken waar de criminelen de plek van de staat hebben ingenomen. Sociale voorzieningen worden er betaald met drugsgeld.

Hij voelde ook sympathie voor de politieofficier die zich tegenover alle bewoners van de sloppen permanent vriendelijk en voorkomend opstelde. Zelfs toen hij werd belaagd, vroeg hij beleefd aan een oud vrouwtje of hij haar woning binnen mocht. Om van daaruit het vuur te beantwoorden.

Meedogenloos was hij ook. Hij behoorde tot de speciale troepen die geen handboeien bij zich dragen. Als die ergens naar binnen trekken, is het niet de bedoeling dat ze met gevangenen terugkeren.

Maar vrienden, nee, vrienden zijn ze niet geworden.

Rob Gollin (1958) is verslaggever van de Volkskrant.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234