Maandag 04/07/2022

'De werkelijkheid is bijna altijd ongeloofwaardig'

Het gaat goed met Griet Op de Beeck (41), heel goed zelfs. Haar debuut 'Vele hemels boven de zevende' heeft net zijn twintigste druk gehaald, de verfilming is in de maak en vandaag verschijnt haar tweede roman 'Kom hier dat ik u kus'. 'Vroeger dacht ik altijd dat je moest kiezen tussen het leven en de kunst.' Jana Antonissen

Het is een miezerige, grijze ochtend aan de vooravond van de herfst. De stad Gent gaat gehuld in een dikke laag nevel. "Mensen die te vroeg komen, daar is mijn brein niet op ingesteld", lacht Griet Op de Beeck in de deuropening van haar werkplek. Ze draagt een sobere, stijlvolle zwarte outfit. Op hoge laarsjes met een stevige plateauhak struint ze vrijuit vertellend door naar de keuken: koffie, thee?

Haar stulpje is met zorg ingericht. Oude ansichtkaarten in het toilet, polaroidportretten op het prikbord in de keuken en de obligate uitpuilende boekenkast die een hele muur in beslag neemt. Een andere muur hangt helemaal vol met post-its die schematisch het scenario van Vele hemels boven de zevende, Jan Matthys' verfilming van haar debuutroman, vormen.

Vanop de sofa, Op de Beecks vaste schrijfplek, kijk je uit over het water. Maar de grootste blikvanger is toch die racefiets in de gang. "Ik ben terug aan het koersen, elke ochtend lekker buiten op de fiets al even nadenken over wat ik zal schrijven.

"Sporten verloopt bij mij altijd in golven. Ik heb periodes dat ik geen fluit doe en periodes dat ik er fanatiek invlieg. Mijn leven kent in het algemeen weinig tussenwegen." Dat laatste zegt ze haast achteloos, maar het koersen doet haar goed, dat zie je. Griet Op de Beeck straalt, vanbuiten én vanbinnen."Ik geniet ontzettend van het leven als schrijver. Vroeger dacht ik altijd dat je moest kiezen tussen het leven en de kunst. Nu weet ik dat je juist heel hard moet leven om een boek te kunnen schrijven."

Na het overdonderende succes van haar debuut Vele hemels boven de zevende komt nu Kom hier dat ik u kus uit. Het is spannend, die 'gevaarlijke tweede'. Afwachten met een klein hartje, meer kan Op de Beeck op dit moment niet doen. "Succes betekent niks in het licht van een nieuw boek. Ik wil nu natuurlijk bewijzen dat ik een even goed en bij voorkeur zelfs beter boek heb geschreven. Dat zou toch een pak van mijn hart zijn."

Liever eigen brol

Voor ze op haar 38ste debuteerde, had Op de Beeck al een bewogen, maar rijkgevuld leven achter de rug. In dat vorige leven was ze behalve dramaturge ook nog journaliste bij Humo en bij deze krant. Mist ze die 'veiligere vorm van schrijven', zoals ze de journalistiek eens noemde, soms niet? "Voorlopig vertel ik liever mijn eigen brol dan die van een ander beter op te schrijven", grijnst Op de Beeck. Toch heeft ze de kneepjes van het vak duidelijk nog niet verleerd. Ze wikt en weegt haar uitspraken, neemt af en toe iets terug - al te bewust als ze zich is van het onvermurwbare karakter van het gedrukte woord.

"Het heeft lang geduurd vooraleer ik genoeg in mezelf geloofde om te beginnen schrijven", zegt ze over die hoge debutantenleeftijd. Het gebrek aan zelfvertrouwen wortelde in haar jeugd, in de kwetsuren die ze daar opliep. "Ik groeide op met een zekere alertheid. Ik was me constant bewust van de noden en gemoedstoestanden van anderen."

Het vormde haar tot de persoon die ze nu is, maar daar stond ze vroeger liefst niet bij stil. Vooral niet teveel klagen in het leven: Griet Op de Beeck relativeerde de zaken liever. "Maar er is een groot verschil tussen stilstaan bij de persoon die je bent en in de slachtofferrol kruipen. Dat moest ik nog ontdekken."

Langzaamaan leerde Op de Beeck om niet bang te zijn voor haar verdriet. "We hebben de neiging alles voortdurend onder de mat te vegen. Maar juist door eens diep in de drek te duiken, krijgt je miserie perspectief. Door je vragen te stellen over wie je bent en waarom je zo bent geworden, kan je ingrijpen."

Heftige lezers

Haar scheiding in 2011 was een eerste stap in die richting. "Ik was getrouwd met iemand die een appel deed op mijn eeuwige neiging om mezelf weg te cijferen. Ik deed alles om hem tevreden te stellen, en liet mijn eigen verlangens en dromen ondersneeuwen. Tot ik dat niet meer kon. Weggaan was moeilijk, maar onontkoombaar."

De eerste poging om een roman te schrijven deed Op de Beeck in die eerste weken na de scheiding. Dat betekent niet dat haar debuutroman een staaltje therapeutisch schrijven is, benadrukt ze. Het was eerder omgekeerd: "Mijn debuut kon er enkel komen doordat ik eindelijk eens tot mijn eigen bodem was gegaan. Pas toen ik bestaansrecht durfde innemen, was ik klaar om eindelijk te schrijven wat al zo lang klaar zat. Dat is ook de boodschap die uit dat boek spreekt: je moet niet bang zijn om voor die grote dromen in uw kop te gaan."

Vele hemels boven de zevende raakte daarmee duidelijk een gevoelige snaar. Niet alleen werd het boek vrijwel meteen de bestsellerlijstjes ingekatapulteerd, ook de lezers reageerden buitengewoon heftig.

Een bloemlezing van de vele bedankmailtjes die Op de Beeck toegestuurd kreeg (keurig terug te vinden op haar website) leert dat bijna niemand het droog hield tijdens het lezen van Vele hemels boven de zevende. Reacties als 'Normaal ben ik niet zo dweperig, maar nu moet het echt van mijn hart. Uw boek is echt FANTASTISCH. Ben er gewoon niet goed van, zo mooi. Kijk al uit naar uw volgende meesterwerk!', leggen de lat voor haar tweede boek wel erg hoog.

Schaamteloos

Maar welke snaar is dat dan juist, die ze zo hard geraakt heeft bij haar lezers? Is het de herkenbaarheid van de personages en de dialogen? "Ik geloof dat de mensen vooral voelen dat het geen bang boek is. Ze worden misschien wel aangesproken door de schaamteloze eerlijkheid. Geen autobiografische eerlijkheid, maar eerlijke emotionaliteit: het durven benoemen van moeilijke gedachten en gevoelens."

Bij sommige lezers leeft inderdaad het idee dat het haar eigen zielenroerselen zijn die Op de Beeck in haar boeken beschrijft. Maar haar werk is absoluut niet autobiografisch, benadrukt ze nog eens. "Alle gebeurtenissen en anekdotes uit mijn boeken zijn fictief. De werkelijkheid is bijna altijd ongeloofwaardig - veel te toevallig of te heftig, dus onbruikbaar voor een boek."

Toch zijn er duidelijke parallellen. Zo is hoofdpersonage Mona uit Kom hier dat ik u kus een dramaturge die als kind het een en ander te verduren kreeg en daar in haar volwassen leven de gevolgen van draagt. "Ik ken de theaterwereld goed, en met al haar kwetsuren past Mona perfect in het beroep van dramaturge. Het is nu eenmaal lekker schrijven over wat je kent. Maar dat betekent niet dat Mona en ik exact hetzelfde hebben meegemaakt."

Geheime kamers

Komt die vereenzelviging tussen de schrijfster en haar personages misschien voort uit het feit dat Op de Beeck haar eigen worstelingen nooit onder stoelen of banken heeft gestoken? Zo heeft ze er als columniste een handje van weg om in de bespreking van pakweg een televisieprogramma over tieners met overgewicht op MTV plots met een paar scherpe stellingen over de verwoestende rol van scheefgetrokken ouder-kindverhoudingen op de proppen te komen.

Toen Op de Beeck merkte dat de lezers die persoonlijke stem wel wisten te smaken, besloot ze daar verder in te gaan. "Waarom zou je jezelf van alles afschermen? Uiteindelijk lijken we allemaal op elkaar, in onze diepste ellende en onze grootste vreugdes."

Zo kwetsbaar als ze zich opstelde, zo eerlijk sprak Op de Beeck over de eetstoornissen waar ze rond haar 26ste mee worstelde - live op de radio. Oorspronkelijk was ze niet van plan geweest dat stukje van haar ziel bloot te leggen, maar een minutieus goed voorbereide interviewer zette haar met de rug tegen de muur. "Ik ben daar toen en later altijd eerlijk over geweest. Ik ben open, waardoor al eens de indruk kan ontstaan van n'importe quoi; Griet Op De Beeck zegt het allemaal. Maar er zijn nog steeds geheime kamers die ik enkel met bepaalde mensen deel."

Uiteindelijk vond ze het niet eens zo erg om openhartig over haar eetstoornisverleden te praten. "Veel mensen zien eetstoornissen nog altijd als een esthetische kwestie, maar dat klopt helemaal niet. Het gaat over zelfdestructie, een schrijnend gebrek aan alle vormen van zelfvertrouwen, dat je omzet in iets meet- en zogezegd draagbaar.

"Toen ik heel diep zat - ik woog nog 39 kilo - beschreef een vrijwel volslagen onbekende exact hoe ik mij voelde. Het afschuwelijke besef dat ik een geval geworden was, heeft mij toen voor het leven doen kiezen, zij het onhandig en moeizaam. Pas veel later heb ik voor het goede leven gekozen, één waar ik mezelf eer mee aandoe. Ik geloof ontzettend in de maakbaarheid van het leven."

Writer's block

Blijven strijden met het kloteleven: Griet Op de Beeck heeft het al die jaren gedaan. Ook haar personages hebben er hun handen mee vol. "Hoe dat precies moet, leven, daar ben ik nog niet helemaal achter, maar ik kan redelijk goed doen alsof", zo klinkt het uit de mond van Eva, een personage uit Vele hemels boven de zevende. Het is een zin die zowel de schrijfster als haar boeken mooi samenvat, hoewel die schrijfster de laatste tijd steeds minder moet doen alsof.

Maar wat gebeurt er als ze haar leven eigenlijk wel op orde heeft, zoals het er nu naar uitziet? Waar zal ze dan over schrijven? Griet Op de Beeck moet lachen om de vraag, daar maakt ze zich duidelijk geen zorgen over. Nog nooit last gehad van een writer's block, zij. "Om een interessante artiest te zijn moet je niet altijd lijden, maar wel intens léven en blijven evolueren. Je bent nooit helemaal 'klaar' in het leven." Stof genoeg dus om over te schrijven.

Griet Op de Beeck

1973 geboren in Turnhout

1996 dramaturge bij onder andere het Toneelhuis

2002 journaliste bij Humo

2008 journaliste bij De Morgen, heeft nog steeds een wekelijkse column in deze krant

2013 debuteert met Vele hemels boven de zevende

2014 brengt tweede roman uit, Kom hier dat ik u kus. Haar debuut is toe aan zijn twintigste druk

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234