Zondag 02/10/2022

Ecologisch tuinieren in de praktijk

'Eco-dynamiek is het vermogen van planten om samen te groeien zonder dat ze elkaar dood concurreren, zodat je afwisseling en variatie krijgt'

Vorige week kon u hier een uitgebreid gesprek lezen met Rosette Van Cauteren, bezielster van de Vereniging Ecologische Siertuin en Landschap. Vandaag wil ik samen met u een kleine wandeling maken door haar eigen ecologische siertuin in Kalmthout. Want woorden wekken, maar voorbeelden strekken.

Toen Rosette Van Cauteren en haar man een tiental jaren geleden het huis kochten waar ze nu wonen, aan de rand van Kalmthout, werden ze ook eigenaar van een grote, maar jarenlang verwaarloosde tuin. De oude boomgaard achter het huis was helemaal overwoekerd door manshoge brandnetels.

"Het eerste wat ik gedaan heb toen we hier kwamen, was rondkijken om te zien wat er allemaal was: weiden, akkerland, een heel landelijke sfeer. Die sfeer wilde ik ook in de tuin behouden. En ik wilde de tuin ook heel minimalistisch, onderhoudsarm. Mijn tuin is ontworpen in functie van mijn leeftijd. Wij zijn niet meer van de jongsten en nu heb ik nog wel energie, maar wat zal dat over vijf jaar zijn? Wij hebben hier bijna twee hectaren en ik kan dat bijna helemaal alleen onderhouden. Gewoon door in te spelen op de dingen die er waren en die er spontaan komen. Het zou zo moeten zijn dat ik er dan bijna niets meer in moet doen, alleen misschien iemand laten komen om het gras af en toe te maaien en de hagen wat te snoeien. De rest zou bijna vanzelf moeten gaan."

Sinds ze hier kwam wonen is er al veel veranderd. De oude fruitbomen sterven een voor een van de ouderdom. "Mijn man zegt dat we nu al nieuwe bomen moeten planten, zodat ze al een beetje groot zijn tegen dat de oude bomen verdwenen zijn. Maar dat heeft weinig zin omdat die boompjes nooit recht kunnen groeien zolang die oude bomen er nog staan. En die willen we ook niet zomaar omhakken. We maken er dus voorlopig het beste van en proberen in te spelen op die stervende bomen."

Onder, tussen en voor de bomen groeit gras, dat op sommige plaatsen één of twee keer per jaar wordt gemaaid en op andere plaatsen kort wordt gehouden. Het verschil tussen die hoge en lage grassen bepaalt eigenlijk de vormgeving van de siertuin bij het huis. Tussen die hoge grassen hebben zich in de loop der jaren allerlei bloemen en 'onkruiden' als smalle weegbree, veldzuring, ratelaar, geurgrassen enzovoort genesteld of ze werden erin gezaaid of geplant. In het voorjaar bloeien er ook allerlei bolgewassen zoals narcissen, Camassia, kievitsbloempjes... De narcissen doen het de laatste tijd wel iets minder goed omdat de grond te arm wordt, maar dat komt dan weer de vele andere bloemen ten goede.

"Wat wij geprobeerd hebben, is om met de eenvoudigste middelen en zonder er kapitalen aan te moeten besteden, toch een aangename en esthetische tuin te maken die inspeelt op de omgeving", aldus Rosette. "Want dat wil ik toch wel zeggen: de mensen geven veel geld voor allerlei vaste planten, maar ze beseffen veel te weinig dat dat oorspronkelijk allemaal wilde planten waren. Zodra ze dat beseffen en planten samen gaan zetten die van nature in dezelfde omgeving groeien, krijgt men een veel geslaagder geheel dan wanneer men zomaar wat aanmoddert met planten die van overal komen en waarvan de ene bijvoorbeeld een droge en de andere een natte standplaats vraagt."

"En dit hier noem ik mijn hofke", wijst ze naar een bijna klassiek ogende bloemenborder waar allerlei vaste planten groeien, zoals waldstenia, anthemis, sint-janskruid, onzelievevrouwebedstro, wilde wederik, veronica, scharnierbloem, margrieten, geraniums, blauwe knoop, kroonkruid, zeepkruid, krokussen in het voorjaar... en zelfs rozen, wat je misschien niet direct zou verwachten in een 'ecologische' siertuin. Maar Rosette is wat dat betreft niet sektarisch. "Waarom zouden hier geen rozen mogen staan als ik dat graag zie en als ze het hier naar hun zin hebben?" Een gesnoeide haag erachter zorgt voor rust en begrenzing en tegelijk ook voor een sterk vormelijk element.

"Dit is een eco-dynamische bloemenborder", vervolgt ze. "Eco-dynamiek is het vermogen van planten om samen te groeien zonder dat ze elkaar dood concurreren, zodat je afwisseling en variatie krijgt. Maar je kan die eco-dynamiek ook op een andere manier gebruiken door juist wel sterke, dominerende planten te zetten op plaatsen waar je iets dood wil concurreren.

"Door de planten zo te zetten dat ze elkaar opvolgen en de bodem permanent bedekt is, heb je er nauwelijks werk mee. Dat evolueert ook permanent, er komen bloemen bij, andere bloemen schuiven op omdat ze worden weggedrukt door hun buren... Ik laat dat maar doen, zie hoe het evolueert, en daar speel ik dan een beetje op in. In plaats van te vertrekken van een bepaalde kleur of een bepaalde vorm, zoals meestal bij borders gebeurt, laat ik meer aan het toeval over en daar experimenteer ik dan verder mee."

"Voorlopig is dit een 'hofke' dat er nog een beetje geciviliseerd bij ligt. Mijn idee is dat de mensen die hier komen toch iets moeten zien dat hen aan een normale tuin doet denken, zodat de schok niet te groot is", zegt ze lachend. "Maar ik ben al zo ver dat dat uiteindelijk mag evolueren naar een soort bloeiende berm. En als ik nog wat ouder ben, zal ik ook de grassen niet meer uittrekken en wordt het waarschijnlijk een echte berm, zo hoop ik. Veel oudere mensen die hier komen, vinden zoiets verschrikkelijk omdat het niet 'proper' genoeg is. Maar ik merk dat veel jongere mensen dat wél prettig vinden. Misschien is er toch wel enige evolutie."

Lopend tussen een houtkant met onder meer sporkehout, hazelaars, sneeuwbessen, een enkele weigelia, bloeiende liguster, meidoorn, lijsterbes, vlier, hier en daar een mispel en veel bijenplanten die een bevriende imker er heeft gezet, en verschillende hogere bomen als lindes en paardekastanjes, komt men bij een kleine hooiweide. "Ik vind het niet erg dat daar niet direct veel bloemen in staan. Want in een tuin moet je ook kunnen genieten van bijvoorbeeld de geluiden. Wel, dat weitje zit elk jaar vol krekels die bij mooi weer voor een schitterend concert zorgen, waardoor men meteen in vakantiestemming komt."

In de nieuwe hoogstamboomgaard heeft een buurman een paar geiten aan een ketting staan die elke dag verplaatst worden en het gras kort houden.

Langs de houtkant aan de zuidkant van de boomgaard groeien bramen. "Dat is voor de confituur. Dat kan je natuurlijk maar laten groeien als je een grote tuin hebt. Ik heb er ook geen bezwaar tegen dat er hier en daar netels tussen groeien. Want anders heb je geen vlinders. Iedereen zet wel vlinderstruiken, maar ze denken er niet aan dat er ook gastplanten voor de rupsen moeten staan."

Naast de boomgaard ligt een grote biologische moestuin, een combinatie van alle mogelijke groenten met kleinfruit, waar destijds nogal wat geëxperimenteerd werd voor het Handboek Ecologisch Tuinieren van VELT waaraan de man van Rosette meegewerkt heeft. "Hij is ingenieur", zegt ze, "wat je in de moestuin kan merken aan zijn systematische aanpak."

Rond de moestuin heeft Rosette van Cauteren een haag van eiken geplant. "Dat is een experiment, maar het valt best mee", zo zegt ze al peinzend. "Het idee was dat eiken diepe penwortels hebben en dus geen vocht en geen voedsel weghalen uit de moestuin. Daarnaast had ik gehoopt dat ze het kweekgras wat zouden tegenhouden, maar dat is nog geen succes."

Terug in de schaduw van de oude boomgaard ligt een kleine berm met ruigtekruiden, stevige planten die tegen een stootje kunnen: judaspenning, doorlevende ossetong, smeerwortel, vingerhoedskruid, stinkende gouwe, longkruid, gele dovenetel, speenkruid, hondsdraf, robertskruid, Geranium phaeum, de hoge narcis 'Peeping Tom'... Dus praktisch uitsluitend geel- en blauwbloeiende planten. "Dat is een vrij originele compositie als dat allemaal in het voorjaar bloeit, al zeg ik het zelf. En eigenlijk hebben we dat nooit echt aangelegd. Toen we de moestuin ontgonnen - want daar was vroeger een weide - hebben we alle graszoden hier gestapeld om te composteren. Die bermen waren snel helemaal begroeid met gele dovenetel. Ik heb er dan wat narcissen tussen gezet, en een paar hortensia's omdat ik dacht dat dat wel een mooie combinatie zou zijn, maar die doen het hier niet goed. Het is misschien te droog en te donker. Maar er begon spontaan van alles te groeien. Naarmate we de zodencompost weghaalden, ben ik dan de lege plekken verder beginnen aanvullen met dingen die ik elders had. Zo is dat geleidelijk aan ontstaan... Uiteindelijk is dat een gemakkelijke manier van tuinieren: wat het niet haalt verdwijnt, en wat zich goed voelt, kan zich verder uitbreiden."

Dat principe werd ook toegepast op het terras bij het huis. "Ik had hier een paar stenen weggehaald en ik heb daar onder meer rode spoorbloem (Centranthus ruber) en moederkruid gezaaid. Daar is vanzelf stinkende gouwe in gekomen, maar die verwijderde ik omdat ik liever die spoorbloemen een kans wilde geven. En nu hebben de mieren die spoorbloemen en dat moederkruid overal uitgezaaid. Ik laat dat maar gebeuren. Eigenlijk laat ik tuinieren..."

Rosette Van Cauteren houdt er ook nogal uitgesproken ideeën op na over de modieuze 'bodembedekkers', de vermeende toverformule van luie tuiniers en weinig geïnspireerde tuinontwerpers.

"Mijn ervaring is dat je om de bodem te bedekken, bijvoorbeeld onder bomen, best met combinaties werkt van verschillende planten. Dus niet alleen klimop of alleen maagdenpalm." Waarop ze me meetroont naar een schaduwplek onder een grote boom die helemaal begroeid is met kruipende hertshooi aan de buitenkant waar nog de meeste zon komt, en met klimop en maagdenpalm die met elkaar wedijveren om de bodem bedekt te houden."

"Wat de meeste mensen echter vergeten is dat grassen ook een bodembedekker zijn, de beste zelfs voor open, zonnige ruimtes. Maar neen, daar willen ze dan per se klimop planten, terwijl ze onder bomen gras willen kweken..." Om haar woorden kracht bij te zetten toont ze me een klein grasveldje op een zonnige plek voor het huis, waar in het vroege voorjaar krokussen en blauwe druifjes bloeien, in combinatie met het geel van de paardebloemen, daarna komen de hyacinten, gevolgd door de ereprijs en de grootbloemmuur, later scherpe boterbloem, wikke, klaver, ratelaar... "Als de zon schijnt en al die bloemen komen open, dan is dat een echt feest."

Langs de oprit naar het huis, waar een gracht loopt, paste ze weer een andere vorm van 'bodembedekking' toe: hier plantte ze fluitenkruid en Japans hoefblad, en in het voorjaar narcissen en speenkruid die bloeien net op het ogenblik dat de bloeiwijze van het hoefblad boven de grond uitpiept. De royale bladeren van het hoefblad zorgen de hele zomer voor een perfect gesloten bodem waaronder bijvoorbeeld brandnetels geen kans meer krijgen. "Je moet dat natuurlijk ook weer niet overal gaan gebruiken, want op de kortste keren staat uw hele tuin vol hoefblad. Maar hier kon dat."

Naast het huis ligt ook nog een bosgedeelte dat jaren geleden door de vorige eigenaars werd aangeplant. Het is nu een 'poëziebos' geworden omdat er een paar relieken zijn overgebleven van een kunstmanifestatie vorig jaar, in de vorm van haiku's die her en der werden aangebracht.

Op de open plekken in het bos probeerde Rosette aanvankelijk diverse soorten bosplanten te laten groeien. "Maar dat is dik tegengevallen omdat het buiten een ruwe humuslaag puur zand is. Nu heb ik het opgegeven en ik beperk me maar tot varens en hyacinten, en een beetje klimop. Ook Dicentra formosa doet het hier goed en tot mijn verrassing ook Consolida."

Midden in het bos groeien een paar imposante Amerikaanse eiken. Prachtige bomen met een schitterende herfstkleur, maar niet direct de favorieten van Rosette. "Ik vind ze wel mooi, maar het probleem is dat er bijna niets onder wil groeien." Alleen meiklokjes zoeken er langzaam hun weg en mogen naar hartenlust verwilderen.

"Eigenlijk is dit bos een complete mislukking, met de verkeerde bomen op de verkeerde plaatsen... alles wat men in een bos verkeerd kan doen, is hier gebeurd. Maar je kan toch niet dat hele bos omhakken om het volgens de regels van de kunst opnieuw aan te leggen? Dat zou helemaal een aberratie zijn. Dus hebben wij ermee leren leven en geprobeerd er toch zoveel mogelijk sfeer in te brengen."

Aan de rand van het bos ligt een oude betonnen vijver die door de jaren lek is geraakt. "In het begin wilde mijn man die terug waterdicht maken en dan het regenwater er naartoe leiden, en dan doen we die bomen weg zodat er terug zon kan op schijnen, en dan kunnen we er dat en dat inzetten... Het is een ingenieur hé, die zijn altijd bezig met constructies. Maar ik had daar geen zin in, laat ons maar eens afwachten en zien wat het wordt. En stilaan werd iedereen dat gewoon. Op een bepaald ogenblik zijn er dan een paar bomen uitgewaaid, berken, en die lagen over die vijver. Nu vond ik dat ook niet direct een mooi gezicht. Maar toen kwamen daar eenden op zitten... Ook verder in het bos lagen nog een paar berken. Toen kreeg ik ineens het idee om die berken over de vijver en de berken verder in het bos allemaal evenwijdig te leggen, waardoor dat ons 'strepenbos' is geworden. Meer moest dat niet zijn. Dat is onze moderne kunst."

De tuin van Rosette Van Cauteren is alleen te bezoeken in het kader van cursussen die Vesel, de Vereniging voor Ecologische Siertuin en Landschap, regelmatig organiseert. Voor info kunt u terecht op tel. 03/666.68.39 of 03/455.31.34.

'In een tuin moet je ook kunnen genieten van de geluiden. Dat weitje zit vol krekels die bij mooi weer voor een schitterend concert zorgen'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234