Donderdag 29/09/2022

Een blanke vluchteling in Sierra Leone

Fotojournalist Teun Voeten was vorig jaar enige tijd vermist in het door oorlog geteisterde Sierra Leone. Hoe hij twee weken lang voor het geweld en de moordlustige rebellen kon schuilen bij een schoolhoofd, Alfred Kanu, en zijn familie was vorig jaar in De Bijsluiter te lezen. Nu is Voeten in samenwerking met een aantal Brusselse scholieren een actie begonnen om iets terug te doen voor Alfred Kanu en zijn school.

Vorig jaar rond deze tijd raakte ik in de problemen in Sierra Leone. 'In de problemen' is voorzichtig uitgedrukt, in feite ben ik op het nippertje aan de dood ontsnapt. Ik zat in het plaatsje Makeni terwijl de West-Afrikaanse vredesmacht Ecomog bezig was de junta uit de hoofdstad Freetown te verdrijven.

Nadat de Ecomog een bombardement op Makeni had uitgevoerd, sloeg de stemming in het rustige Makeni plots om. De juntaleden begonnen te panikeren, de rebellen bleken een anarchistische bende plunderaars en moordenaars te zijn. Er zat niets anders op dan Makeni zo snel mogelijk te verlaten.

Een lokale journalist, Eddy Smith, wist transport voor me te regelen. Ik kon meerijden met de arts van het plaatselijke ziekenhuis die naar Freetown wou rijden. Het werd bijna een dodemansrit. De wegen zaten vol met rebellen die uit waren op geld en onze auto. Bij een controlepost liep ik in handen van zes opgefokte en gedrogeerde kindsoldaten die me in eerste instantie meteen als een varken wilden afknallen. Gedurende een half uur hing mijn leven aan een zijden draadje. Ik werd op de grond gesmeten, kreeg geweerlopen tegen mijn hoofd, werd bedreigd met marteling en ontvoering.

Als door een wonder liep het goed af. We werden leeggeplunderd, maar mochten de auto houden en konden doorrijden. Maar doorrijden was waanzin. We besloten in het dorpje Kalangba halt te houden. En daar ontmoette ik Alfred Kanu, de directeur van de plaatselijke school die een goede kennis was van de arts.

Het was geen probleem voor Alfred om ons een nachtje te laten slapen totdat de situatie gekalmeerd was. Maar de situatie wou niet kalmeren. Een nachtje werden er twee, drie, al snel een volle week. Voor Alfred, zijn vrouw en twee kinderen was het geen probleem. Ik was een blanke vluchteling in een Afrika en het was voor Alfred volkomen vanzelfsprekend dat hij een mens in nood hielp. "God heeft gewild dat wij elkaar helpen", was het antwoord op mijn vraag waarom ze alles voor mij overhadden.

Want ik begon een zware belasting voor Alfred en zijn familie te worden. Driemaal daags kookte mevrouw Kanu en dochter Annette heerlijke cassaveschotels en altijd werd er wel ergens een jerrycan palmwijn opgescharreld die we bij de ondergaande zon leegdronken terwijl we de situatie bespraken. En telkens zei Alfred weer dat het te gevaarlijk was om te vertrekken en dat het geen enkel probleem was om bij hem te blijven.

Alfred liet me zijn school zien. Er was niet veel van over. Een paar klaslokalen die al maanden gesloten waren. Het stof hoopte zich op, de houtwormen begonnen de schoolbanken aan te vreten. Boeken, typemachines, schriften ontbraken. Geld om de leraren een salaris te betalen was er niet. Met droevige ogen en verontwaardigde stem vervloekte hij de waanzin van de oorlog die hem de kans ontnam zijn leerlingen onderwijs en hoop op een betere toekomst te bieden.

Mijn verblijf bij de familie Kanu was inmiddels al uitgelopen tot acht dagen. Er gingen geruchten dat rebellen naar mij op zoek waren. Op een bepaald moment werd het huis van Alfred bestormd door gewapende mannen en moesten we de bush in rennen om ons te verstoppen. Het huis van Alfred werd leeggeplunderd en de spaarkas van alle vrouwen van het dorp, die mevrouw Kanu beheerde, werd leeggeroofd.

"God heeft ons bij elkaar gebracht, hij zal ook zorgen dat we het er allemaal levend van afbrengen", was het commentaar van Alfred terwijl hij zijn huilende vrouw troostte. Dat ik er misschien iets mee te maken had dat hun spaarcenten geroofd waren, kwam niet bij Alfred op.

Dagenlang verbleven we op een open plek onder de mangobomen. 's Nachts sliepen we met zijn allen op enkele matrassen in een stalletje met een dak van bananenbladeren. En nog steeds wist de familie Kanu het voor elkaar te krijgen om driemaal daags eten op te dienen. Nog ontroerender was dat ze zelfs met de bijna lege huishoudpot nog elke dag enkele sigaretten voor me wisten te kopen. En zonder de geruststellende stem van Alfred was ik helemaal gek geworden van angst.

Ik heb veel in oorlogsgebieden gereisd en overal ben ik dappere en goede mensen tegengekomen. Maar de mate van gastvrijheid en onbaatzuchtigheid van de familie Kanu had ik nog nooit gezien. Het was een ervaring die de terreur en horror van de rebellen deed verbleken.

Tijdens een van onze vele gesprekken vroeg Alfred of het niet mogelijk was om iets voor zijn school te doen. Ik heb het hem beloofd en wil me graag aan mijn belofte houden. Normaal dienen journalisten een zekere mate van afstandelijkheid te bewaren. Meestal lukt me dat ook. Maar bij Alfred kan en wil ik het niet doen.

In Saka Saka, het jongerenblad van Artsen zonder Grenzen, vertelde ik onlangs mijn relaas in Sierra Leone en deed ik een oproep aan scholieren om een actie te organiseren voor de school van Alfred. Daar hebben enkele scholieren zeer enthousiast op gereageerd, in het bijzonder Sabine Hirsch, scholiere vijfde klas op de Duitse School in Brussel. Zij organiseerde deze week een informatieavond waarop de scholieren van alle internationale scholen in Brussel waren uitgenodigd. Samen hebben Sabine en ik een actiekrant vervaardigd die op die avond - en de komende weken - verkocht werd en gaat worden. Ook Camille Noël, vierdeklasser van het Saint-Remacle College in Stavelot (Verviers), is bezig een campagne op haar school te organiseren.

Naast het inzamelen en opsturen van geld is het ook de bedoeling dat er een vriendschapsband ontstaat tussen een Belgische school en die van Alfred, zodat het geheel een meer continu karakter krijgt. Het is misschien een klein gebaar. Maar het is het minste wat ik terug kan doen.

Teun Voeten

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234