Maandag 08/08/2022

Een glasfabriek in de Tanzaniaanse brousse, mastodonten van klinieken waar geen patiënt binnen mag, een sojafabriek in een land zonder soja... Tot halfweg de jaren negentig was België kampioen in het bouwen van witte olifanten: als ontwikkelingshulp voo

Infrastructuurwerken in de derde wereld kwamen vaak alleen Belgische bedrijven ten goede

De witte olifanten zijn helemaal terug

W aarom, vroeg minister van Ontwikkelingssamenwerking Charles Michel (MR) zich deze week af, "gaat men er a priori van uit dat dit voor misbruiken zal zorgen?" (DM 16/1). Hij en partijgenoot François-Xavier de Donnea zijn van mening dat de Belgische ontwikkelingssamenwerking zich opnieuw moet gaan bezighouden met infrastructuurprojecten.

Na een reeks onthullingen in De Morgen over misbruiken bij het toenmalige Algemeen Bestuur voor Ontwikkelingssamenwerking (ABOS) en een parlementaire commissie zette België in 1997 een punt achter dat soort projecten. Hoe het komt dat sommigen er inderdaad a priori van uitgaan dat dit tot misbruiken leidt? Een kleine terugblik.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:De glasfabriek

Plaats: Mbagala, Tanzania

Besteed: 30 miljoen euro

Nut: nihil

Om glas te vervaardigen heb je naast water, vuur en soda vooral zand nodig. Zand is in geen velden en wegen te bekennen als een team van Belgische ingenieurs en arbeiders in 1981 start met de bouw van een vlakglasfabriek (grote foto) in Mbagala, een troosteloos voorstadje van Dar-es-Salaam in Tanzania. Een autoweg, raadzaam als je vlakglas wilt gaan transporteren op Afrikaanse bodem, is er niet. Een waterbron evenmin. De fabriek wordt in 1985 voltooid, de Belgen vertrekken, en daarna niets meer.

Kon ook niet anders, blijkt achteraf. In Tanzania hebben maar heel weinig huizen glas. Het land importeert nauwelijks glas, er zijn vooral andere noden. Volgens een audit van de Gentse consultant DGS, die in 1987 ter plaatse ging kijken, wisten de bouwheren dat zelf heus ook wel. Ze gebruikten minderwaardige materialen, lieten na de machines te testen: "Wij vragen ons af of de constructeur ooit echt heeft kunnen geloven dat deze fabriek glas kon produceren."

De constructeur, dat was het Waalse bedrijf Basse-Sambre ERI, dat het contract had geërfd van het Luikse Sodéméca. Het ministerie van Buitenlandse Handel en ABOS trachtten het in 1981 van het faillissement te redden door het snel nog dit contract in Mbagala toe te spelen, maar tevergeefs. Een zegsman van Basse-Sambre ERI bekende in 1995 ruiterlijk dat hij ook nooit echt had geloofd dat het wat zou worden met de fabriek: "Maar het was niet ons idee om midden in de brousse een glasfabriek te bouwen."@0 KOP 4 kort conduit kopieer:De sojafabriek

Plaats: Mombassa, Kenia

Besteed: 12,5 miljoen euro

Nut: nihil

Soja, dat is de toekomst. Met die verblindende gedachte wordt eind 1990 een partnership opgezet tussen het Vlaamse bedrijf De Smet Engineers en het Keniaanse John Savage Holdings Ltd. Zij krijgen van Buitenlandse Handel een krediet van een half miljard frank voor een fabriek in Mombassa, waar olie zal worden gehaald uit sojabonen.

Vanuit de Belgische ambassade in Nairobi wordt er van meet af aan op gewezen dat John Savage zo niet de bekendste dan toch wel een van de bekendste oplichters van Kenia is. Dat kan de pret niet drukken. Dat kan wel, rijkelijk laat, een marktonderzoek waarvan de essentie samen te vatten is in één getal. Aantal in Kenia geproduceerde sojabonen: nul. Geïmporteerde sojabonen: nul. Marktbehoefte sojaolie: nul. Mogelijkheid tot het kweken van de sojaplant in de Sahel: nul.

De machineonderdelen worden eind 1992 afgeleverd in de haven van Mombassa, van waar na enkele maanden goed nieuws komt: er is na lang zoeken een stortplaats voor gevonden.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:De ertsenraffinaderij

Plaats: Karachipampa, Bolivia

Besteed: 50 miljoen euro Nut: nihil

Geen land is zo rijk als het straatarme Bolivia. Tenminste als het op bodemschatten aankomt. Alleen, het waren altijd vreemde mogendheden die de ondergrond kwamen plunderen. In 1979 komt daar verandering in. Buitenlandse Handel en ABOS schenken het land, via een lening, de tools om zelf zilver, lood, zink en tin te ontginnen. Er wordt gestart met de bouw van een raffinaderij in Karachipampa, een oud zilvermijnstadje in het departement Potosí. Het contract is toegewezen aan een consortium van Belgische bedrijven.

Als de fabriek in 1984 klaar is, blijken de ontwerpers te zijn vergeten bodemproeven uit te voeren. Dat gebeurt pas achteraf en wijst uit dat er helemaal niks nuttigs meer in de grond zit. Bij gebrek aan spoorlijn is de aanvoer van elders in Bolivia op te delven materialen geen optie. Vierentwintig jaar na de voltooiing van de raffinaderij is het nog altijd wachten op de eerste gram erts.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:De ferryboot

Plaats: Victoriameer, Tanzania

Besteed: 15 miljoen euro

Resultaat: 700 doden

Het is helemaal niet de bedoeling om in Afrika weer fabrieken te bouwen, aldus de Donnea, deze week: "Ik heb het over kleinschalige projecten." Bruggen, wegen en scheepvaart. Tja, wat kan er mislopen met een brug, een weg of een boot?

In 1977 schenkt België Tanzania de MV Bukoba, een (uiteraard) in België gebouwde veerboot waarmee het Victoriameer kan worden bevaren. Al in 1984 komen de eerste klachten over gebrekkige stabiliteit. Gebeurt het in een westers land, dan wordt de boot meteen uit de vaart genomen. Maar dit is Tanzania. Tijdens een gemengde commissie bekent België in mei 1989 schuld voor de constructiefouten aan de Bukoba. Ons land verbindt zich ertoe om het schip op eigen kosten te herstellen. Onder normale omstandigheden is de labiliteit van een passagiersschip iets extreem urgents. Maar dit is ontwikkelingssamenwerking.

Er wordt een aanbesteding uitgeschreven waarover op het ABOS wordt beslist dat de Luikse professor Marchal de beste bieder moet selecteren. De goedkoopste offerte komt van het Vlaamse SKB, maar de professor wil het contract liever toekennen aan een Waals bedrijf. Na zes jaar getalm levert de professor op 13 mei 1996 een finaal rapport af over wat moet worden hersteld aan de Bukoba en welke firma dat het best kan doen. Acht dagen later kapseist de Bukoba. Zevenhonderd mensen verdrinken.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:De draaibankenfabriek

Plaats: Cilegon, Indonesië

Besteed: 25 miljoen euro

Nut: nihil

Het gaat eind 1980 niet goed met de nv La Mondiale in Vilvoorde. De fabrikant van draaibanken staat onder curatele. Maar dan komt, als vanuit het niets, de redding met de ondertekening van een joint venture met een bedrijf in Indonesië. Bij ABOS hebben ze het zo geregeld dat ter plekke in een nieuw te bouwen fabriek 300 draaibanken van het type Celtic 14 zullen worden geproduceerd. Welke specifieke ontwikkelingsnoden daarmee worden verholpen, is niet duidelijk, maar er worden in Vilvoorde in elk geval 260 arbeiders behoed voor een C4.

Eind 1989 legt de Vilvoorde firma dan toch de boeken neer. Als de curator die bekijkt, valt het hem op dat het bedrijf acht jaar lang uitsluitend is blijven teren op dat ene Indonesische contract.

Ook na wekenlang onderzoek door een parlementaire commissie in 1996 werd nooit duidelijk wat er van de 300 Belgische draaibanken geworden is. Mogelijk zijn ze uiteindelijk gebruikt voor de productie van wapens.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:Het luxeziekenhuis

Plaats: Yaoundé, Kameroen

Kostprijs: 55 miljoen euro

Nut: zeer beperkt

Misschien moeten we in Afrika klinieken bouwen. Wat kan er mis zijn met een goed uitgeruste kliniek?

Dat is in 1984 de filosofie achter het HGRY, het Hôpital Général de Référence de Yaoundé. Het opzet is groots: een vijf verdiepingen hoog hospitaal met 600 bedden, geheel en al zoals een modern westers ziekenhuis. Er is een kankerafdeling, een afdeling cardiologie en zelfs een centrum voor nierdialyse. De mastodont wordt neergezet door een Belgisch bouwconsortium.

Het HGRY opent de deuren op 1 april 1988, en daarmee is er die dag geen behoefte meer aan andere grappen. De directie ontzegt zieke Kameroeners de toegang. Ze zijn te vies, en met malaria of aids kwam je al zeker niet verder dan de hal. Dit is een ziekenhuis voor heren van stand, Afrikaanse presidenten en hun gevolg. Die heren bleven helaas een vlucht naar Parijs verkiezen boven opname in het HGRY. En blijkens een ABOS-rapport uit 1992 is te begrijpen waarom: "Competente specialisten zijn aan de kant geschoven voor politieke vriendjes van de heersende regering. Er lopen 'specialisten' rond die geen enkel diploma op zak hebben." Het ziekenhuis is tegen die tijd al zogoed als leeggeroofd, want de bevolking heeft er zich al na korte tijd resoluut tegen gekeerd.

Het HGRY bestaat nog, maar er wordt maar een klein gedeelte van gebruikt.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:Mobiele klinieken (1)

Plaats: Djibouti, Ethiopië

Besteed: 693.000 euro

Nut: nihil

"Waanzinnig duur. Veel te gesofisticeerd. Onbruikbaar. Volkomen ongeschikt voor de derde wereld."

Op 10 september 1981 is Jean-Pierre Goyens als hoofd van de directie Gezondheidsontwikkeling bij ABOS de eerste in een eindeloos lange rij experts die de regering adviseren om vooral géén mobiele klinieken te bestellen bij het bedrijf Modulmed, dat er in die dagen overigens van wordt verdacht een verdoken financier te zijn van de neonazistische terreurgroep Westland New Post. Modulmed stouwt containers vol dure medische apparatuur, hangt die achter een jeep en produceert vervolgens mooie folders over stoere hulpverleners die niet wachten tot de zieke Afrikaan naar hen toekomt, maar zelf de noodgebieden intrekken. Tegen de adviezen van Goyens en nog een reeks andere artsen in bestelt de regering in 1983 bij Modulmed twee mobiele klinieken.

De twee klinieken worden jaren later teruggevonden in een uithoek van de haven van Addis Abeba. Ze zijn nooit gebruikt.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:Mobiele klinieken (2)

Plaats: Natitingou, Benin

Besteed: 11,3 miljoen euro

Nut: nihil

Gesterkt door het succes in Ethiopië plaatst de regering in 1983 een nieuwe bestelling voor 69 klinicontainers van Modulmed voor Benin. Ze zijn bestemd voor een ziekenhuis in Natitingou, de geboorteplaats van president Mathieu Kerekoe. Voor en na regent het opnieuw adviezen van artsen die de staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking smeken om dat vooral niet te doen. En ook wel omdat er in Natitingou al een naar lokale normen zeer performant ziekenhuis aanwezig is.

In 1988 trekt Anne-Marie Lizin (PS) als burgemeester van Hoei naar Natititingou. Hoei is gejumeleerd met het stadje. Achteraf stuurt Lizin een brief op poten: "De installaties zijn totaal verloederd en het hospitaal is compleet leeg!"

De toenmalige staatssecretaris die het tweede Modulmedcontract verdedigde en ondertekende, was François-Xavier de Donnea.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:Mobiele klinieken (3)

Plaats: Nairobi, Kenia

Besteed: 7 miljoen euro

Nut: nihil

Er zijn verschillende manieren om een kippenhok te bouwen. De meeste mensen beginnen met vier planken, maar in Kenia kon het eind jaren tachtig eenvoudiger. Het land was de derde bestemming op de grote Modulmedtournee door Afrika. Tegen, opnieuw, eindeloos veel adviezen van artsen in participeerde België in de bestelling van 15 nieuwe mobiele klinieken.

Toenmalig SP-politica Marijke Van Hemeldonck rapporteerde na een tocht door Kenia hoe achtergelaten Modulmedcontainers her en der de weg versperden en enkele waren geconverteerd tot kippenhok.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:Rangeerlocomotieven

Plaats: Lilongwe, Malawi

Besteed: 4 miljoen euro

Nut: nihil

Kennen wij het verschil tussen een locomotief en een rangeerlocomotief? Jazeker, de ene dient om de trein over een lange afstand te trekken, de ander om hem in het rangeerstation traagjes te koppelen aan de volgende trein.

"Als je een bedelaar bent, dan heb je te aanvaarden wat men je aanbiedt", zo luidt de uitleg bij Malawi Railways als speurders van het Hoog Comité van Toezicht in 1995 ter plekke gaan kijken wat er geworden is van het grote project Road Shuttle Mbeya-Chilumba. Met Belgische steun zou er spoorwegmaterieel worden aangekocht om een 350 kilometer lange spoorlijn te exploiteren. Er zijn in 1989 vijf locomotieven besteld bij het in die tijd met lege orderboekjes kampende Waalse bedrijf CMI. Maar dat bouwt alleen rangeerlocomotieven.

De speurders zijn er in Malawi getuige van hoe arbeiders twee rangeerdertjes achter elkaar koppelen, om zo de trein met een slakkengangetje toch vooruit te doen gaan. Ze doen nog onthutsender ontdekkingen. Door de rangeerders zo te belasten is er al snel nood aan wisselstukken. CMI rekent Malawi Railways het viervoudige aan van de normale prijzen, net zo lang tot de spoorwegmaatschappij bankroet is.

De locomotieven hebben maar heel even gereden. Er worden er later door CMI wel nog eens twee - twee keer zo duur - geleverd aan Zambia, met hetzelfde resultaat.@0 KOP 4 kort conduit kopieer:Machineonderdelen e.d.

Plaats: Dar-es-Salaam, Tanzania

Besteed: 1,6 miljoen euro

Nut: steun aan Italiaanse maffia

Mocht de indruk zijn ontstaan dat het er allemaal toch niet zoveel toe doet, dat die arme Afrikanen al blij mochten zijn dat ze van de grote Belgische broer tenminste toch íéts kregen, denk dan maar wat anders. Vrijwel alle hierboven beschreven projecten werden voor (meestal) 90 procent gefinancierd door zogeheten leningen van staat tot staat. Ook al zijn die leningen nagenoeg renteloos, de betrokken landen bleven wel zitten met schulden die zwaar doorwogen op de handelsbalans.

Vijftien jaar geleden werd schuldafbouw het nieuwe modewoord. Er werd een systeem uitgedokterd waarin ontwikkelingslanden hun schulden konden doen verminderen door in lokale munt kleine "infrastructuurgebonden" goederen aan te kopen in België, waarna de Belgische bedrijven door ABOS werden vergoed met inlandse cash. Het systeem, 'tegenwaardefondsen' genaamd, zou zo de lokale economieën in de arme landen steunen en de financiële schandvlek van al die witte olifanten langzaam maar zeker uitwissen. Tanzania, met zijn torenhoge schuld en als geen ander Afrikaans land bezaaid met witte olifanten, werd de eerste partner waarmee zou worden geëxperimenteerd.

In 1995 bleek dat slechts een klein aantal Tanzaniaanse bedrijfjes wegwijs was geraakt uit het systeem en dat ze nagenoeg allemaal banden hadden met een mysterieuze holding genaamd Tasia. Die had het ABOS voor 61,2 miljoen frank facturen doen betalen voor onbestaande fabrieksonderdelen. Achter Tasia ging de Italiaanse maffia schuil. Die was zich ook volop aan het ontwikkelen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234