Vrijdag 30/09/2022

Expo u henri van straten: een boek en een tentoonstelling in namen

Als voltijds boh�mien woonde Van Straten tot het eind van zijn leven in de Geusenback, tussen het naaktstrand en de heide, waar hij schetsen 'naar het leven' maakte en zinkografie�n vervaardigde

De heidense cadans van zwart en wit

Namen

Van onze medewerker

Eric Min

Met een parade van meer dan honderd etsen en tekeningen is de Antwerpse graficus Henri Van Straten postuum te gast bij zijn verre voorvader Félicien Rops in Namen. Het moet zowat de eerste keer zijn dat de bescheiden en vrijwel vergeten kunstenaar de taalgrens oversteekt, maar wie de uitstekende oeuvrecatalogus kent die Ludo Raskin onlangs publiceerde, weet dat Van Straten een interessant en virtuoos vormgegeven oeuvre naliet, dat in Namen zowaar een 'ropsiaans' aura krijgt.

Henri Van Straten (1892-1944) had iets van een dandy, een zeebonk of een Argentijnse ranchero met een zwaar aangezet Antwerps accent. Hij was vrijdenker en naturist, een belezen man en een bohémien de coeur et de corps met een uitgesproken talent voor zinnelijkheid. Dat leverde drukke beelden van de nachtelijke metropool en onbeschaamd erotische scènes op, in tactiele lino's en houtsneden waarin de sporen van burijn en naald goed te zien zijn.

Het burgerlijke succes dat Rops uiteindelijk te beurt viel, heeft Van Straten nooit gekend, en daar houdt de vergelijking tussen beide kunstenaars dan ook op. Veel geld heeft de Antwerpenaar nooit gehad. Van Straten werkte alleen als hij er zin in had; een gevecht met de engel van de inspiratie was niet aan hem besteed. Na jaren op kamers of onder het ouderlijke dak, waar zijn liaison met het dertien jaar oudere naaistertje en schildersmodel Eugénie Liekens (die ook nog een kind uit een vorige relatie had) niet echt op applaus werd onthaald, sleepte hij afbraakmateriaal van de Wereldtentoonstelling in 1930 naar de Kalmthoutse Heide om er een hutje te bouwen. Als voltijds bohémien zou Van Straten tot het eind van zijn leven in de Geusenback blijven wonen, van het ene baantje naar het andere fietsend, tussen het naaktstrand en de heide, waar hij schetsen 'naar het leven' maakte en zinkografieën vervaardigde - zink was goedkoper dan steen, en bij gebrek aan hout zou linoleum ook wel goede diensten bewijzen.

In september 1944, enkele dagen na de bevrijding van Antwerpen, verdween Van Straten spoorloos. Was hij een van de laatste slachtoffers van de terugtrekkende Duitsers? Ruimde iemand hem uit de weg omdat de dromer met communistische sympathieën een onduidelijke baan bij een onderaannemer van de Nieuwe Orde had aangenomen? Speelde er zich een amoureus drama af? Voortaan stond zijn oeuvre er alleen voor. Het kon rustig vergeten worden.

Dat is niet altijd zo geweest. Van Straten hield zich jarenlang op in de Antwerpse coterieën rond het tijdschrift Lumière en de groep 'De Vijf' met Masereel en de gebroeders Cantré, die de houtgravure nieuw leven inbliezen. Hij illustreerde Verlaine en schandaalromans als La garçonne van Victor Marguerite, de onvermijdelijke Ulenspiegel van Charles De Coster maar evengoed Lijmen, Kaas en Villa des Roses van Elsschot. Hij ontwierp kostuums en briefpapier voor de dansstudio van Lea Daan en decors voor een marionettentheater. Dans was Van Straten op het blote lijf geschreven: hij hield van Isadora Duncan en ging in 1925 enthousiast in de Antwerpse Hippodroom naar Josephine Baker kijken. Dat leverde onder meer de lino Negro-canaille op, een van zijn talloze door de music-hall en het cabaret geïnspireerde tekeningen. In Van Stratens boekenkast prijkten de publicaties van De Stijl naast een boek van Marinetti met een opdracht van de opperfuturist.

Hoe was het zo ver gekomen? Na zijn opleiding in het Antwerpse atelier van Edward Pellens en de val van de havenstad in 1914 week Van Straten uit naar Nederland, waar hij op de Amsterdamse Academie in contact kwam met de kubisten en het Duitse expressionisme. In het Leidse prentenkabinet zag hij Japanse houtsneden; de typische langgerekte platen hebben zijn fraaiste lino's hun vorm gegeven (La garçonne bijvoorbeeld, die het affiche van de Naamse tentoonstelling haalde), terwijl de expliciete seks ook enkele 'liefdesparen' heeft opgeleverd - de heidense cadans van de lichamen, het volle en lege wit en zwart, de stilering van vorm en gebaar komen hier perfect tot hun recht. Van Straten keerde uit Nederland terug als een volbloed expressionist die de vinger aan de pols van de artistieke actualiteit hield. Ook daarom is deze tentoonstelling een uitstekend initiatief: we belanden volop in de literaire slipstream van Jespers en Van Ostaijen, maar ook de Europese avant-garde schemert door. Max Pechstein en Gauguin kunnen niet ver meer zijn. Van Stratens Naakt uit 1919 lijkt wel een betere Vallotton. Omstreeks 1925 is Masereels invloed tastbaar in overvolle stadstaferelen die naar de karikatuur neigen en een voorzichtig engagement doen vermoeden. Van Straten staat met beide benen in zijn tijd. Hij portretteert types als De sceptieken (revolutie!), De geraffineerden (gotische spitsbogen, een trotse penis en een fles wijn) of Le danseur nègre. Er zijn landverhuizers, hoeren, zeelieden en fabrieken. Een hamer-en-sikkel glanst als een hemellichaam in een hoekje van het blad.

De Kalmthoutse Heide moet voor Van Straten een Land van Kokanje geweest zijn, zelfs in het artistiek erg vruchtbare oorlogsjaar 1942. Hij kon er rustig in de zon liggen of zijn bijen verzorgen; hun korven zijn de achtergrond voor De zachtmoedigen. Op de aquarel Ontspannen ligt een paar nagenietend in bed; de man is nog niet helemaal over zijn hoogtepunt heen, een poesje spint. Talloze libertijnse, lichtjes ridicule strandscènes heeft Van Straten in die jaren op zijn zinken platen opgeslagen. De zon scheen, het leven was mooi. Meer dan een halve eeuw later is dat nog altijd zo.

De tentoonstelling loopt tot 15 augustus in het Félicien Ropsmuseum, rue Fumal 12 te Namen (tel. 081/22.01.10). Open elke dag van 10 tot 18 uur (in juni gesloten op maandag). Gratis toegang. De drietalige oeuvrecatalogus is een uitgave van Pandora en kost 49 euro (58 euro in de boekhandel).

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234