Vrijdag 01/07/2022

FILM 'Lost Children' laat Oegandese kindsoldaten aan het woord

Regisseur Oliver Stoltz: 'Wat ons het meest interesseerde, was de erg verschillende manier waarop ze met hun schuldgevoel omgaan'

Hoe word je weer kind nadat je moordenaar was?

We kunnen ons weinig voorstellen bij de onwaarschijnlijke levens die twee miljoen burgers in Noord-Oeganda leiden, opeengepakt in vluchtelingenkampen, gesandwicht tussen de gruwel van de rebellen van Joseph Kony en de terreur van het Oegandese leger. Nog minder beseffen we waartoe de meer dan dertigduizend kinderen veroordeeld zijn die de voorbije jaren door Kony's leger werden gekidnapt en gedwongen tot een leven als kindsoldaat. De film Lost Children van Ali Samadi Ahadi en Oliver Stoltz, die bekroond wordt met de Unicef Film Award 2005, brengt die realiteit prangend in beeld.

Brussel

Eigen berichtgeving

Catherine Vuylsteke

Negentien jaar lang al woedt in Noord-Oeganda een grotendeels vergeten strijd. Zowel het leger als de voor 90 procent uit gekidnapte kinderen bestaande troepenmacht Lord Resistance Army van Joseph Kony terroriseren de bevolking. Die bevolking kreeg in oktober 2002 van de regering krap een dag de tijd om de dorpen te ontruimen en leeft nu opeengepakt in onveilige kampen.

Wat de oorlog betekent voor de kinderen die erin vechten, werd de voorbije jaren al min of meer geschetst in Els De Temmermans De meisjes van Aboke en China Keitetsi's autobiografie Ik was een kindsoldaat. Maar op een film over het thema bleef het wachten. Tot nu, op het Filmfestival van Gent, Lost Children wordt voorgesteld van de uit Iran afkomstige maar in Duitsland opgeleide Ali Samadi Ahadi en de Duitser Oliver Stoltz, die daarmee beiden aan hun regiedebuut toe zijn.

Ahadi en Stoltz filmden in september 2003 en in januari en mei van vorig jaar. Ze onthouden zich on screen van commentaar: ze laten Jennifer (14), Kilama (13), Opio (8), Francis (12) en hun 24-jarige sociaal assistente Grace zelf vertellen. Over de oorlog en het bevel om de rauwe hersenen van een slachtoffer op te eten en vervolgens de schedel schoon te likken. Maar evengoed over de strijd om na een bestaan als moordenaar weer burger te worden, kind, vriend en medemens. Dat kindsoldaten jarenlang getraumatiseerd blijven, bleek al uit studies van onder meer The Lancet, maar hoe het leven na zoveel dood echt voelt, vertelt niemand beter dan de kinderen zelf.

Voor de achtjarige Opio, die er niet in slaagt om met een mannenfiets te rijden maar haast als een oude man vertelt over het moorden, blijkt dat niet te lukken. Zijn vader, die hem na een verblijf in het overgangscentrum dat Caritas in Gulu runt, terug naar huis liet komen, zegt dat hij verdwenen is. Waarheen, waarom, zowel de sociaal assistente als de kijker hebben er het raden naar.

Ook voor de wees Kilama is een leven bij tante en oma geen echte oplossing. Hij wordt er voortdurend als een rebel behandeld en het enige wat hem hoopvol stemt is het vooruitzicht om in een katholiek weeshuis te worden opgenomen, waar hij zal kunnen studeren.

Jennifer en Francis zijn de enigen voor wie de reïntegratie een beetje lukt. Zij ontmoet een jongen "die het me niet kwalijk neemt dat ik ontvoerd werd en vijf jaar in hun leger zat" en raakt zwanger. Hij hervindt zijn levensvreugde in het harde maar lonende werk van zaaien en oogsten en wordt door zijn moeder met open armen ontvangen.

De sociaal assistente Grace heeft het ondertussen moeilijk om haar werk voort te zetten. Ze heeft al achthonderd 'cliënten' geholpen in drie jaar tijd. Maar liefst 80 procent van hen zijn moordenaars en hun verhalen achtervolgen haar, ook in haar dromen.

"Wat ons het meest interesseerde", aldus regisseur Oliver Stoltz, "was de erg verschillende manier waarop de kinderen met hun schuldgevoel omgaan. De achtjarige Opio, die het vreselijke hersenverhaal vertelt, heeft er schijnbaar geen moeite mee. Hij beseft niet wat men met hem heeft gedaan en wat zijn daden betekenden voor anderen. Toen we hem ontmoetten, was zijn gezondheid erg slecht, maar hoe beter hij werd, hoe sterker hij de anderen ging controleren. Het is zeer opmerkelijk om een achtjarige te zien met een mentaliteit van 'I'm the boss'.

"De dertienjarige Kilama is een heel ander kind. Hij werd verscheurd door nachtmerries waarin hij elke keer weer ziet hoe hij een vrouw vermoordde terwijl haar zoontje toekeek. Hij probeerde via zijn geloof en via een zuiveringsritueel een ander mens te worden. Dat lukt uiteindelijk ook. Jennifer daarentegen is een realist: voor haar is het verleden voorbij en moet er aan de toekomst worden gedacht. Francis ten slotte doet alsof het verleden er niet is. Hij heeft het in een lade gestopt en de sleutel veilig opgeborgen. Hij gelooft dat als je iets negeert, het uiteindelijk ook wel weggaat."

Drieënhalve maand hebben Stoltz en Samadi uiteindelijk gefilmd, met een minicamera om de aandacht van de rebellen niet te trekken. Wat ze zelf het schokkendst vonden? "Het feit, denk ik, dat de Acholi-gemeenschap zowel materieel als mentaal bankroet is. Ze zijn gereduceerd tot een volk dat in kampen wacht op hulp en veiligheid die vaak alleen in theorie bestaan, en op een toekomst die nooit lijkt aan te vatten. En ondertussen verdient het Oegandese leger, en vooral president Museveni's broer Salim Saleh, fortuinen aan die oorlog door bijvoorbeeld het met grote geldproblemen kampende Wereldvoedselprogramma fikse bedragen aan te rekenen voor de 'beveiliging van de voedselkonvooien'.

"Wat me in positieve zin het meest bijbleef, is dat de kinderen nooit de hoop verloren, hoe slecht de situatie waarin ze zich bevonden ook was. Waartoe ze ook gedwongen werden, altijd wisten ze dat er een ander leven mogelijk was, een waarin school centraal staat en volwassenen een goed leven leiden."

Lost Children gaat morgen in Sphinx in première om 14.30 uur. Andere vertoningen: zondagavond om 22.30 uur en woensdag 19 oktober om 20 uur eveneens in Sphinx.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234