Zondag 26/06/2022

Gezocht: Vlaamse steun voor Congo

Ware er niet de monsterverkoop van David Van Reybroucks Congo. Een geschiedenis, dan zouden we allicht al vergeten zijn dat onze voormalige kolonie net 50 jaar onafhankelijkheid vierde. De overkill aan herdenkingen in de eerste helft van 2010, de ene al nostalgischer dan de andere, stond in schril contrast met wat erop volgde: grote stilte over wat er op dit eigenste moment in het land gebeurt. De Congolezen moesten het zelf al behoorlijk bont maken voor ze de opening van onze journaals nog eens haalden.

Zoals vorige week zondag, toen enkele tientallen zwaarbewapende commando’s op klaarlichte dag de residentie van president Kabila trachtten in te nemen. De aanval was even spectaculair als amateuristisch en Congo zou Congo niet zijn als de wildste verhalen over de ware toedracht elkaar niet beconcurreerden. Mai-mai, de oppositie, een van de vele Katangese clans uit de entourage van Kabila zelf? Het is niet gezegd dat we het ooit zullen weten, maar duidelijk is wel dat rust en stabiliteit zelfs in de hoofdstad relatieve woorden blijven. Op basis van mijn recentste verblijf, eind vorige maand, kan ik enkel zeggen: hoe kan het anders? Het leven van ongelooflijk veel gewone Congolezen, militairen en politiemensen incluis, wordt ondraaglijk duur en blijft miserabel en uitzichtloos. Daar hebben de verkiezingen, Cinquantenaire-festiviteiten en Chinezen bar weinig aan veranderd.

Perfide grondwetswijziging

Toegegeven, trop is te veel, en na 30 juni hadden zelfs verknochte Congofreaks hun buik vol van alle aandacht. Toch zijn er redenen om waakzaam te blijven. We kunnen ons niet permitteren ogen en oren te sluiten voor wat er de volgende maanden gebeurt. Allereerst is 2011 alweer een cruciaal jaar: eind november moeten er presidentsverkiezingen plaatsvinden. Dat president Kabila koste wat het kost een tweede ambtstermijn wil, is helder. Zo zou hij zich van 15 jaar presidentschap verzekeren. Daarmee komt Kabila nog niet in de buurt van de Mugabe’s en Museveni’s op het continent, maar het is een termijn die te denken geeft. Zeker omdat zich geen volwaardige politieke alternatieven aandienen, en laat het daar om draaien in een weerbare democratie.

Nog erger is dat tal van observatoren het erover eens zijn dat president Kabila er eigenlijk niets van bakt en zijn toevlucht zoek tot slechte, maar in Congo beproefde recepten: corruptie, inperking van de burgerlijke vrijheden, en steeds vaker (verdoken) geweld.

‘Kabila = Mobutu Light’ titelde het al bij al gematigde weekblad Jeune Afrique enkele weken terug op zijn cover. Kabila’s communicatieminister Lambert Mende deed wat hij kon om de hele druk van het bewuste nummer te doen verdwijnen, maar kopieën van de uiterst kritische JA-reportage circuleerden als zoete broodjes op de centrale ‘Boulevard du 30 juin’ in Kinshasa. De ras-le-bol die vele Kinois voelen tegenover de huidige machthebbers betekent jammer genoeg niet dat er zich potentiële nieuwe leiders aandienen. Tshisekedi geniet nog steeds een zekere populariteit, maar is stilaan even oud als Antoine Gizenga, de vorige premier die tijdens ministerraden meestal een dutje deed. En tot mijn verbazing had geen enkele Kinois een goed woord over voor Vital Kamerhe: hoe kan degene die Kabila groot maakte plots pretenderen dat hij komaf zal maken met diens wanbeleid?

“On est peut-être pauvre, mais pas con”, zo resumeerde mijn taxichauffeur Pablo. Kamerhe of geen Kamerhe, de perfide grondwetswijziging die Kabila eind vorig jaar door het parlement ramde en die de verkiezingen reduceert tot één ronde, maakt de kans gevoeliger kleiner dat één breedgedragen oppositiekandidaat Kabila verslaat. Om over de zo noodzakelijke lokale verkiezingen, waar veel Congolezen en ook buitenlandminister Vanackere terecht op hameren, nog te zwijgen. Geen hond die gelooft dat die er op korte termijn komen.

Intimidatie en sabotage

Wat me tijdens mijn verblijf het meest verontrustte, was de vaststelling dat op die plekken in de civiele samenleving waar wel hoopvolle nieuwe leiders en initiatieven aan het werk zijn, de ontmoediging en wanhoop toenemen. Nog eens: hoe zou het anders kunnen? Als je een getalenteerd artiest bent die overal ter wereld kan werken, maar blijft investeren in jong talent en een netwerk van kunstencentra in je eigen land, dan is het meer dan balen wanneer je om de haverklap wordt lastiggevallen door de belastingdiensten, je medewerkers geregeld zonder enige reden in de gevangenis belanden, en je ook moet afrekenen met banditisme, allicht uit militaire kringen, uitgerekend wanneer je Europese dansers en collega’s op bezoek hebt.

Toch is dat de realiteit waarin steeds meer dynamische jonge artiesten werken: niet alleen geen ondersteuning, maar afrekenen met intimidatie en sabotage. Het zou ons in Vlaanderen en België serieus aan het denken moeten zetten. Als federale overheid moet je uiteraard blijven inzetten op een werkbare relatie met het politieke establishment. Alleen stel je als klein land - dat wel een grote competentie en invloed geniet inzake Centraal-Afrika - steeds nadrukkelijker vast dat dat establishment geen resultaten boekt en dat het al wie boven de bedroevende middelmaat uitkomt, binnen of buiten de politiek, genadeloos kortwiekt. Is dat geen reden om er zeker vanuit Vlaanderen resoluut voor te kiezen die Congolese civiele samenleving veel steviger te steunen?

Filmmaker Djo Munga presenteerde zijn eerste uitstekende langspeelfilm Viva Riva net met veel success op het Filmfestival van Berlijn. Daarnaast is hij de motor achter een dynamische culturele productiestructuur in Kinshasa, die vele jonge artiesten op sleeptouw neemt, maar die geen euro op overschot heeft. En choreograaf Faustin Linyekula is binnenkort opnieuw te gast in Brussel met alweer een voorstelling die internationaal hoge ogen gooit. Daarnaast is hij de motor achter alle culturele activiteiten in zijn geboortestad Kisangani, wat op vele vlakken een lastig parcours blijft. Naast politieke leiders en processen heeft de Congolese samenleving zulke voortrekkers meer dan ooit nodig. Om te doen wat enkel zijzelf kunnen doen: het op termijn echt over een andere boeg gooien. Vlaanderen, maar ook Africalia en ngo’s, waarop wachten jullie?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234