Woensdag 06/07/2022

Haute cuisine in space

Voor de pioniers die in 2031 naar Mars vertrekken worden nieuwe maaltijden ontwikkeld. Want de 80 bestaande astronautenmaal-tijden volstaan niet op een missie die anderhalf jaar kan duren.

In 1962 had John Glenn de twijfelachtige eer om als eerste mens te eten in de ruimte. Tijdens zijn Mercurymissie maakte hij driemaal een baan rond de aarde. De missie duurde iets langer dan vijf uur, eten was niet levensnoodzakelijk. Maar niettemin stond het doorslikken van gevriesdroogde kalkoen, kaas en brood op zijn programma. Het onderzoeksteam van de Nasa wilde weten of eten wel fysiek mogelijk was in de ruimte. Het slikken lukte Glenn aardig, het enige vervelende waren de kruimels die bij elke hap van zijn gevriesdroogde repen afbraken. De kruimels gingen rondzweven en belandden tussen of op de instrumenten.

Ten tijde van de Geminimissies had de Nasa het kruimelprobleem opgelost. Een gelatineoplossing werd toegevoegd aan het reepje, wat voorkwam dat het kruimelde. Het maakte de droge kost ook wat sappiger. De maaltijden, die bestonden uit gevriesdroogde kip met groenten of rundsstoofvlees, zaten in plastic zakken die met een waterpistool gerehydrateerd konden worden. Als het water in de zak zat, moest je wat kneden, zodat de maaltijd in een door een mondstuk opzuigbare puree veranderde.

Bij de Apollomissies werden maaltijden bereid met warm water de grote vernieuwing, tot vreugde van de astronauten: warme puree is smakelijker dan koude smurrie. In plaats van het mondstuk kwam de maaltijd uit een kom met een lepel, zo ontworpen dat de purees en puddingen aan de lepel bleven kleven als je een hap nam. Ook koffie of thee, met oplospoeder gezet, behoorde tot de mogelijkheden

De Nasa berekende dat een astronautenmaaltijd 2.800 kilocalorieën moest bevatten. De maaltijden waren evenwichtig samengesteld, met 16 to 17 procent eiwit, 30 tot 32 procent vet en 50 tot 54 procent koolhydraten. Bij de laatste Apollomissie, die negen dagen duurde, werd 1,9 kilo voedsel per persoon voorzien, waaronder filet mignon en vanilleijs. In het totaal waren er 80 verschillende voedingsmiddelen aan boord.

Maar voor een Marsmissie, die anderhalf jaar kan duren, volstaat dat niet. "Momenteel wordt al het voedsel voor ruimtemissies op aarde bereid", legt Christophe Lasseur, bij de ESA verantwoordelijk voor water-, lucht en voedselvoorziening. "Voor langere missies naar Mars is al het te consumeren voedsel meenemen onmogelijk: waar sla je voedsel op voor anderhalf jaar? Vandaar dat we onderzoek doen naar welke planten in de ruimte te telen zijn."

Lasseur werkt aan een voedselprogramma waarbij in de ruimte geteeld voedsel voor 5 tot 10 procent van het menu kan zorgen tijden de reis, en voor veertig tot vijftig van de maaltijden tijdens het verblijf op de rode planeet. Hij gaat daarbij uit van een reistijd naar Mars van twaalf maanden (zes heen, zes terug) en een verblijf van een jaar lang.

Van tomaat tot spirulina selecteerde Lasseur negen basisplanten die in de ruimte goed kunnen gedijen. "Niet alleen moet de planten makkelijk groeien, ze moeten ook voedzaam zijn en bruikbaar in simpele bereidingen. In de ruimtekeuken zullen de astronauten gebruik kunnen maken van een beperkt aantal technieken. Daarom moeten de planten veelzijdig zijn, zodat je er verschillende gerechten mee kunt klaarmaken. Verder moeten ze ook psychologische troost bieden voor wie ver van huis is."

Vandaar dat Lasseurs negen uitverkorenen rijst, uien, tomaten, soja, spinazie, graan, aardappelen, sla en spirulina zijn. Allemaal vertrouwde ingrediënten, op spirulina na. Deze blauw-groene alg is erg voedzaam: ze bevat maar liefst 65 procent eiwit naast essentiële vitamines, calcium, vetten en koolhydraten.

Insectenlarven

Wie algen als vleesvervanger niet erg smakelijk lijkt, kan maar beter zijn maag in bedwang houden bij het voorstel van het Japanse ruimteagentschap om insectenlarven te kweken. De voordelen: ze voeden zich met afval, reproduceren zich snel en bevatten veel eiwitten en aminozuren.

Met advies van de ADF (Alain Ducasse Formation) ontwikkelde Lasseur enkele basisrecepten die wat appetijtelijker klinken. Marsbrood met groene tomatengelei, gnocchi met spirulina en millefeuille van aardappel en tomaat. "Het was een uitdaging om met maar negen basisingrediënten elf verschillende gerechten te creëren", zegt ADF-chef Armand Arnal. "We mochten ook bijzonder weinig zout toevoegen en maar een klein beetje suikers en vetten gebruiken, terwijl die essentieel zijn om de smaakbalans van een gerecht te optimaliseren."

Aangezien zout, peper, olie, boter en kruiden meegebracht moeten worden van de aarde, mogen ze niet te kwistig gebruikt worden. "Ik streef naar een 60-40-ratio in het ruimtedieet: het menu moet idealiter uit 60 procent meegebrachte elementen bestaan, en voor 40 procent uit de negen in de ruimte geteelde ingrediënten", meent Lasseur. "Als we erin slagen 40 procent van ons voedsel zelf aan te planten, dan krijgen we dankzij deze planten ook extra zuurstof en water cadeau. Dat zullen we nodig hebben om te kunnen leven."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234