Zaterdag 28/05/2022

‘Het folteren gaat gewoon door’

De zaak-Belliraj:twee dagen na het eerste interview, was er een nieuwe getuige. Met schrammen en builen

Twee dagen voor in Marokkaanse Salé het grote terreurproces Belliraj-bis moest beginnen, dook opeens een nieuwe kroongetuige op. Een tien jaar lang door Brussel dolende Algerijnse sans-papier. De getuige had wel een paar vreselijke bulten op zijn gezicht.

Toen u maandagochtend deze krant opensloeg en daarin het eerste interview aantrof met de vermeende Belgische superterrorist Abdelkader Belliraj, zat de man zelf al niet meer in de gevangenis van het Marokkaanse Salé, maar in een boevenwagen. Die hield later die dag halt voor een politiekantoor in Casablanca. De vader van drie uit Evergem werd naar een tafeltje geleid en voorgesteld aan de man die daar zat en aan hem werd voorgesteld als zijnde Ben Rabeh Benyetou, Algerijn.“De man had een bebloed gezicht”, zegt Abderrahim Lahlali, de Belgische advocaat van de man over wie sinds begin 2008 wordt beweerd dat hij aan de Marokkaanse autoriteiten zes Brusselse moorden bekende. “Berichten over foltering lopen inmiddels als een rode raad door dit dossier. En nu, op maandagochtend, als hij na al die tijd eindelijk een kans ziet om het te woord te nemen en zich ten aanzien van de Belgische publieke opinie te verdedigen, gebeurt dit.”Belliraj zegt dat hij in de maand na zijn arrestatie, in januari 2008, een maand lang is gefolterd in een strafkamp in Temira. Als hij bekentenissen aflegde, dan zou dat zijn gebeurd met een blinddoek om, geboeide handen en een balpen die hem werd aangereikt als enig middel waarmee hij de folteringen kon doen stoppen.

Benyetou Ben Rabeh, zo kreeg Belliraj tijdens de confrontatie te horen, heeft een verklaring afgelegd waarin hij aanvoert dat hij deel heeft uitgemaakt van het ‘netwerk rond Belliraj’ en kan beamen dat het 1. de Marokkaanse staat omver wou werpen, 2. wapens het land binnen smokkelde en 3. een reeks moorden pleegde in België. “Het is eigenlijk niet te vatten dat de wereld achteloos toekijkt”, vindt Lahlali. “Het Marokkaanse strafonderzoek is afgerond eind 2008. Er is een proces in eerste aanleg geweest (waar Belliraj zich veroordeeld zag tot levenslang, DDC) en deze week had het proces in beroep van start moeten gaan. Juist nu, terwijl het onderzoek is afgerond, komt men opeens met een nieuwe getuige.”Tijdens de confrontatie bracht Benyetou Ben Rabeh amper een zinnig woord uit, volgens Belliraj was het meer een soort gekreun. “De man is in ernstige mate gefolterd”, zegt Lahlali. “Het folteren gaat gewoon door. Als het de bedoeling is geweest om te martelen zonder sporen na te laten, dan is dat niet goed gelukt. Mijn cliënt is zelf al geruime tijd niet meer mishandeld. Dat kan ook moeilijk, want het proces in beroep moet van start gaan en dus verschijnt hij af en toe in het openbaar.”Het is niet helemaal duidelijk wie Ben Rabeh was, en nog minder hoe hij in Marokko is beland. Zeker is alleen dat Marokko in de marge van het onderzoek tegen Belliraj en zijn 33 Marokkaanse medebeklaagden een reeks internationale arrestatiebevelen uitvaardigde tegen vermeende verdachten. Op een van de lijsten staat ook de naam van Benyetou Ben Rabeh. Hij is een Algerijn en zou de afgelopen tien jaar als sans-papier in België hebben rondgedoold. De man heeft voor zover bekend geen familie die zich zijn lot wil aantrekken, en ook geen advocaat. Hij was ook niet de eerste in België residerende medeverdachte van wie Marokko de uitlevering eiste.Op 27 november 2008 werden op verschillende plaatsen in ons land huiszoekingen verricht en mensen opgepakt. Dat gebeurde allemaal op vraag van het Marokkaanse gerecht, dat de uitlevering vroeg van in totaal elf mensen. Het ging stuk voor stuk om mensen die in de ogen van Marokko dienden te worden beschouwd als terrorist. Alle elf vochten ze de uitlevering aan voor de rechtbank en alle elf haalden ze voor de Brusselse kamer van inbeschuldigingstelling hun gelijk. Niet alleen achtte de KI het door Marokko aangereikte bewijsmateriaal te mager, het sprak in een arrest ook van “politieke misdrijven” die de elf verdachten werden aangewreven. Er werd uiteindelijk helemaal niemand uitgeleverd. Benyetou Ben Rabeh lijkt als enige visje door het net te zijn geglipt. “En zie, als zo’n man dan in handen valt van de Marokkaanse politie, begint hij opeens te bekennen”, zegt Lahlali. “Hij uitte niet alleen zware beschuldigingen tegen mijn cliënt, maar ook tegen een zekere Ali Arras.”Ali Arras is net als Belliraj iemand met de dubbele, Belgisch-Marokkaanse nationaliteit. Hij was lange tijd uitbater van een kruidenierswinkeltje in Molenbeek en woonde sinds 2005 in Spanje. Hij werd in april 2008 gearresteerd op basis van een Marokkaans arrestatiebevel. Ook over hem werd gemeld dat hij een kopstuk was van de moorddadige bende-Belliraj. Hij werd eerst overgebracht naar Madrid, transfereerde daarna naar de gevangenis van Badajoz en van daaruit naar die van Botafuegos in Algeciras. De man ging blijkbaar in hongerstaking en raakte op twee maanden tijd 35 kilo kwijt, maar trok wel voldoende aandacht van de Spaanse justitie. Die liet de zaak onderzoeken door de bekende onderzoeksrechter Baltasar Garzón. Die kwam tot het besluit dat geen enkele van de tegen Arras geuite beschuldigingen enige grond heeft.“Het is duidelijk dat, telkens als de inhoud van de door Marokko uitgevaardigde arrestatiebevelen tegen het licht wordt gehouden, er weinig overblijft”, zegt Lahlali. “Het wordt interessant om na te gaan hoe Benyetou Ben Rabeh in Marokko is beland.”

Dat vindt ook Belliraj zelf, die deze week kans zag een korte brief de wereld in te sturen. Dat gebeurde naar aanleiding van zijn proces in beroep, dat donderdag pro forma begon en direct weer werd opgeschort tot maandag. Er is onduidelijkheid over het aantal dossierstukken dat moet worden vertaald.De hoofdmoot van de in Marokko geuite aanklacht tegen Belliraj gaat over de zes zogeheten Brusselse moorden, waaronder die op de Joodse leider Joseph Wybran en op de imam van Brussel in 1989. De hele bundel Belgische strafdossiers uit die tijd behelst zo’n 80.000 pagina’s. Justitieminister Stefaan De Clerck bevestigde donderdag in de Kamer dat een kopie van het volledige dossier werd overgemaakt aan de Marokkaanse gerechtelijke overheden.Het is onder meer dat dossier waarover de discussie woensdag in de rechtszaal ging, zo schrijft Belliraj: “Het Marokkaanse dossier gaat over de zaken die in België gebeurd zijn. Het is niet conform aan het Belgische dossier. Er zijn slechts vijfhonderd pagina’s, uit een totaal van ongeveer 80.000. Het aantal pagina’s dat uit het Frans is vertaald naar het Arabisch beperkt zich tot 128. De rechtbank heeft woensdag geweigerd om de rest te vertalen en deed opmerken dat, indien nodig, de rest verbaal kan worden vertaald (...) Ik mag geen bezoek ontvangen van een Belgische advocaat, ik mag er ook geen consulteren. Terwijl men mij vervolgt voor feiten die zijn gepleegd op Belgisch grondgebied.”

Er is ook navraag gedaan naar de mogelijkheid dat een advocaat met de dubbele Belgisch-Marokkaanse nationaliteit zou kunnen aantreden in de rechtszaal. “Dat kan”, zo kan Belliraj nu melden. “De advocaat moet zich inschrijven aan een balie in Marokko. Hij moet zijn ontslag indienen aan de balie in het land van herkomst en daarna kan hij zich inschrijven in Marokko en het recht verwerven om er te pleiten. Het kan dus, in theorie. Maar in de praktijk helemaal niet.”Belliraj gaf eerder al te kennen de hem in Rabat toegewezen advocaten voor geen haar te vertrouwen zijn. België stuurt voor 80.000 pagina’s dossier door, maar zijn actuele raadslui lijken ermee te kunnen leven dat daarvan slechts 128 pagina’s in aanmerking worden genomen.Het proces-Belliraj wordt maandag voor de terreurrechtbank in Salé hervat. Behalve mondelinge bekentenissen, waarover de betrokkenen beweren dat die werden verkregen na folteringen, is er geen enkel materieel bewijs dat er ooit iets heeft bestaan als een terreurnetwerk rond Abdelkader Belliraj.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234