Vrijdag 01/07/2022

'Het is niet omdat we oud zijn dat we het niet meer kunnen'

Budgetten in de maak om jeugd weer warm te maken voor leger

'Awel patron, ik hou van avontuur, buitenlucht, ik was een poos in Afrika en, tja, ik ben een forse beer.' Dat is zowat de referentie die een afzwaaiend para kan voorleggen aan een werkgever, als hij zijn contract niet verlengt bij de krijgsmacht. Magere verloning, gebrek aan begeleiding naar een baan in het burgerleven verklaren waarom weinigen zich geroepen voelen tot het grote avontuur.

Heverlee

Eigen berichtgeving

Anne de Graaf

Er resten de Belgische krijgsmacht 2.500 van de voorziene 2.962 para's. Steuneenheden, zoals de veertiende compagnie genie draaien met een bezetting van 50 procent, de Batterij Para Brasschaat haalt net 60 procent. Het gemiddelde beschikbare personeelsbestand schommelt rond 80 procent, een cijfer dat nuancering verdient: de doorsneeleeftijd van de mensen ligt rond 35 jaar. Want para's die doorgroeien, zitten op de staven, en niet meer op het terrein", zegt kapitein-commandant Ronny Verviers (45). "Wat niet betekent dat wij ons bottinnen niet meer aantrekken om mee te gaan met de jonge garde."

Een binnenkomende para (een getuigschrift van lager secundair onderwijs volstaat) verdient ongeveer 45.000 frank, de maandelijkse sprongverloning van 5.000 frank incluis. "Een fin de carrière trekt rond de 60.000 frank."

"Niet bijster veel, zeker als je bedenkt dat paracommando's snel 'slijten'. Ik ken er weinig die niet aan gewrichts- of rugklachten lijden. Een goed voorbeeld zijn de oefeningen valschermspringen: geen sprong of er is wel een die zijn voet verstuikt of een arm of been breekt. En wie reglementair wil zijn, moet minstens zes keer per jaar springen. Het blijft een droomjob." Kan het leger zonder complete elitetroepen behoorlijk evacuatieopdrachten, laat staan humanitaire missies vervullen in het buitenland? Ongetwijfeld, zegt de informatiedienst van de krijgsmacht.

"'t Is niet omdat we oud zijn dat we het het niet meer kunnen", reageerde majoor De Coninck gisteren op een bericht in De Morgen van gisteren als zou de paraatheid van de para's in het gedrang zijn. Volgens het hoofd van de persdienst maakt het leger er een erezaak van dat, in geval van evacuatie van Belgen uit het buitenland, alles naar behoren zal verlopen. Er zouden wel degelijk voldoende manschappen zijn.

Gerard Harveng, woordvoerder bij Defensie: "Het leger vormt dan een battle-groep, ongeveer duizend man, rond een bataljon. Met het huidige aantal manschappen (1.000, AdG) is dat geen probleem."

Alleen in België, waar de para's los van elkaar opereren, blijkt hoe gekortwiekt de eenheden eigenlijk zijn. "Er zijn pelotons (circa 35 man) die overblijven met vijftien. Daartussen zitten gasten die al tien jaar meesnokken. Bovendien mangelt het aan jonge officieren, zelfs onderofficieren."

Lage lonen voor loodzware fysieke inspanningen, waarvoor doen de laatsten het dan het dan nog?

Verniers: "Eens para, altijd para. Somalië, Kismayo, de evacuaties uit Kinshasa, dat schept een vriendschapsband. De langdurige buitenlandse humanitaire opdrachten staan in ons geheugen gegrift. Als moeder-de-vrouw mee wil, natuurlijk."

Alleen: de charme dringt niet door tot de jeugd. De dienstplicht roept niet meer, en wie geeft zijn studies nog op om op zijn vijftiende naar het leger te gaan?

"Je bent achttien, je tekent voor vijf jaar. Je vecht in de bush, je geeft je leven aan de staat. Wat kun je op je 23ste? In de privé gaan met de boodschap dat je het grote avontuur hebt meegemaakt, dat je je kunt verdedigen?"

Verniers: "In Afrika spelen die troeven, maar hier? Je kunt bovendien geen enkel bijkomend diploma voorleggen, omdat je de mooiste jaren van je leven aan de staat hebt gegeven. Zomaar."

In Nederland kampen de elitetroepen van het leger niet met pijnlijke tekorten. Dat is deels te danken aan de juiste marketing in de juiste (jeugd)tijdschriften en op televisie. Met indrukwekkende spotjes en blinkende advertenties werven de Nederlanders veel meer kandidaten dan België.

"Elk gezond bedrijf adverteert en haalt zo de juiste mensen binnen. Maar er is meer", verklaart Verniers. "De Nederlanders bieden ex-para's ook uitwegen in de maatschappij. Ambtenarenfuncties zijn er prioritair voor uittredende militairen weggelegd. Bij de noorderburen staan ze niet op straat als ze hun beste jaren aan de maatschappij hebben gegeven."

Wie in België zijn muts aan de haak hangt, kan bij weinig bedrijven aankloppen. Met als consequentie dat iedereen blijft en de vergrijzing in het korps toeneemt. Wie niet meer springt, bijvoorbeeld om gezondheidsredenen, schiet er op de koop toe zijn sprongpremie bij in. Kun je voorstellen wat er van je wedde overblijft."

Op het kabinet van Landsverdediging zijn budgetten in de maak om de lokroep naar de jeugd harder te doen weerklinken.

Woordvoerder Harveng: "Een jaar geleden hield de UCL/KU Leuven het imago van het leger tegen het licht in een interne audit. Daaruit bleek dat jongeren zich nauwelijks geroepen voelen om militair, laat staan para te worden, hoe avontuurlijk dat beroep ook mag lijken. Toen is beslist dat de informatiedienst van de krijgsmacht in eerste instantie aandacht moest besteden aan wervingscampagnes. Daar zijn ze nu volop mee bezig. Hoeveel geld daarvoor wordt uitgetrokken, is militair geheim."

Een gelegenheid tot kennismaking dient zich aan in de komende schoolvakanties. Jongeren kunnen dan ten velde meemaken wat het betekent om in het grote avontuur te springen. Figuurlijk dan.

'Wat heeft een baas eraan dat je komt vertellen dat je een forse beer en een goeie para geweest bent?'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234