Donderdag 06/10/2022

'Het klinkt luguber, maar je moet weten hoeveel mensen je kan begraven'

Een hand dempt een kuch, grist wat nootjes weg. Als het potje nootjes achterblijft, gaan in je hoofd alarmbelletjes rinkelen. Drie dagen later overlijden wereldwijd mensen aan een nieuwe ziekte en houdt het crisiscentrum in de film Contagion rekening met een terroristische aanslag. Het is maar film. Toch niet, zegt griepcommissaris Marc Van Ranst, die mee ging kijken. 'Bij het begin van de Mexicaanse griep werd een aanslag ook besproken. Maar de natuur is de grootste bioterrorist.'

"Vanaf nu zijn we verkleefd via onze gsm", klinkt het in de crisiscel. Dag zes na de virusuitbraak, in Contagion wordt het menens. "Dat is zo herkenbaar", lacht Van Ranst als hij de scène ziet. "Tijdens de Mexicaanse griep liep ik rond met drie gsm-batterijen. Ik moest altijd bereikbaar zijn."

Dat was enkele 'viruscrisissen' eerder - toen we de vogelgriep H5N1, SARS of de Mexicaanse griep nog niet kenden - nog wel even anders. Van Ranst: "Toen virologen, epidemiologen en voedselveiligheidsexperts voor SARS verzamelden op het kabinet, kenden veel mensen elkaar nog niet eens. We vulden ons telefoonnummer in op een lijst en dachten dat we goed bezig waren. Bij de uitbraak van vogelgriep was dat al handig, maar echte crisisplannen waren er nog niet. Die zijn toen geconcretiseerd."

In 2005 was deze film nog onrealistisch geweest, nu niet meer. "De filmcrew heeft zich prima laten adviseren. Over geen enkel punt kan je zeggen: dit kan niet. Alleen tonen ze wel het worst case scenario. Na een maand zijn er in de film al meer dan 2,5 miljoen doden. Dat is vijf à tien keer erger dan de Spaanse griep uit 1918. Daar zijn we nooit klaar voor geweest bij de Mexicaanse griep. Voor de Spaanse griep wel. Dat vertel je niet, maar die plannen maak je wel."

Hoe dan?

"In 2009 hadden we plannen klaar voor grootscheepse vaccinatiecampagnes per gemeente. Om je voor te bereiden op het ergste moet je met iedereen praten. Ook met begrafenisondernemers. Het klinkt luguber, maar je moet weten hoeveel begraafcapaciteit je hebt. En altijd moet je je gezond verstand blijven gebruiken. Toen de Mexicaanse griep niet erger bleek dan de gewone seizoensgriep, moesten we onze aanpak daar op afstemmen. Je mag nooit verliefd worden op je crisisplannen."

Uw gezond verstand zei iets anders dan de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO).

"We hebben in 2009 bewust gekozen om de WGO niet te volgen. Toen ze discussieerden om over te schakelen naar de hoogste alarmfase, meldden wij dat al vooraf in de media. Toen het later echt gebeurde, was dat hier al een non-event geworden. Wat het ook was. Die hogere fase gaf enkel aan dat het virus meer verspreid raakte. Meldde je die verhoging pas op de dag zelf, dan leek het plots of de uitbraak in hevigheid toenam. Die fasering van de WGO was erg contraproductief om een bevolking gerust te stellen."

Is de WGO dan geen geschikt orgaan meer voor zo'n crisis?

"Toch wel, maar hun crisiscommunicatie was in het begin gewoon barslecht."

Op welke kennis baseerde u zich om vol te houden: dit is een banale seizoensgriep als je nog maar amper informatie hebt?

"Ik startte mijn dag met het lezen van alle blogs, websites en nieuwsmedia. Door een gespecialiseerde blog wist ik voor de media al wat er speelde in Mexico. Toen het daar incontournable werd, heb ik mijn voorsprong gebruikt om hier meteen het griepcommissariaat bijeen te roepen. In een crisis tellen de eerste uren en dagen. Dan moet je de unieke informatiebron zijn. Dat lukte."

"Je mag ook niet voortgaan op de eerste cijfers. Vaak is het ook een overschatting. Er vallen elke dag doden. Je moet wachten tot de echte case reports. Hoe ziek zijn ze, hoe snel gaat het, hoeveel overleven er in een groep. Vier mensen die sterven in een familie van zeven is veel belangrijker dan tien mensen in één stad. En je moet je afvragen: wat betekenen doden in Mexico voor België. Dan stem je je plan af op die realiteit. Maar oh, politici krijgen grijs haar als je improviseert of beslist een plan niet te volgen."

Vertel.

(aarzelt) "Over de isolatie van patiënten waren er spanningen. De eersten werden afgezonderd in de lagedrukkamer van het Brusselse Sint-Pietersziekenhuis. Daar kon ik nog inkomen. We kenden het risico niet volledig. En vooral: wat als je het niet deed? De media zocht als gek naar die eerste zieken. Wat als die eerste patiënt gefilmd werd terwijl die boodschappen deed in de Delhaize? Dat beeld zou haaks staan op het beleid dat je wil voeren. Dus isoleer je die."

Dus die quarantaine was eigenlijk onnodig en diende enkel het imago?

"Er waren een aantal argumenten pro. Maar niet voor lang. Toen een kleutertje ziek werd, heb ik het been stijf gehouden. Een uitbraak in een school wil je ten allen prijze vermijden, maar toen ik dat kindje 's nachts zag, was het ergste al geweken. Medisch was er geen reden voor quarantaine. Er was zelfs een reden om het niet te doen: dat kind was autistisch. In zo'n kamer met mensen in enge pakken en maskers zou het totaal panikeren. Toen heb ik geweigerd."

Zo'n uitbraak beheersen lijkt ook op detectivewerk. In de film pluizen ze uit of mensen dezelfde beker hebben aangeraakt als de eerste zieke.

"Contacttracing deden wij vooral ook in het begin. Om 'contacten' van de eerste zieken antivirale middelen te geven en zo de keten te doorbreken." (zichtbaar genietend) "Uit Mexico kwamen maar een paar vluchten toe. Al die passagiers kregen een flyertje en artsen moesten ons verwittigen bij een verdacht geval. Dan reden we er met taxi's heen om stalen te nemen. En vervolgens weer terug naar het labo in Brussel. Intussen zat al een epidemioloog bij die zieke om te vragen naar zijn laatste contacten. Was de labotest negatief, dan werd alles afgeblazen. Was het positief, dan rukte een auto uit met antivirale middelen. Desnoods om elf uur 's avonds, dat was ongezien. En ja, we hebben ook passagierslijsten van vliegtuigen uitgevlooid."

Best spannend.

"Voor dat soort werk moet je mensen niet motiveren. Echt speurwerk soms. Amerikaanse vliegtuigmaatschappijen houden gedetailleerde informatie bij van passagiers, anderen niet. Begin maar te zoeken als je enkel weet dat naast de zieke een zekere Dirk Peeters zat. Gelukkig hadden we slimmeriken die 'Dirk Peeters + Mexico' intikten en zo op facebookpagina's terecht kwamen met reisverslagen. De bedoeling was om het aantal besmette mensen in ons land zo lang mogelijk laag te houden. Ik wou de grote vakantie halen, dan waren de scholen dicht."

Vanaf eind mei waren er meerdere zieken. Niet gelukt dus?

"De eerste zieken werden geïmporteerd uit het buitenland, daar kon je niets aan doen. Tot eind juni bleef het aantal gevallen hier laag. Maar in juli had je duizenden Britten die naar Werchter kwamen, terwijl de epidemie daar net op het hoogtepunt was. Dan kom je in een andere fase."

Verandert je gevoel als de ziekte dichterbij komt?

"Natuurlijk. Een van de eerste patiënten was familie van mijn schoonzus die zelf arts is. Dan denk je: dit is echt."

In de film weigert medisch personeel dienst als het te dichtbij komt.

"In de VS hielden ze bij de Mexicaanse griep ernstig rekening met ondercapaciteit door vaandelvlucht. Hier speelde dat amper. Het verantwoordelijkheidsgevoel is hier groter, maar artsen zijn ook nog ingebed zijn in een gemeenschap. In de VS is het anoniemer. Als een arts hier zijn boeltje pakt zijn tijdens zo'n epidemie, zal dat hem na terugkeer kwalijk genomen worden. Veel mensen gingen ervan uit dat het eerste vaccin wel voor mij zou zijn. Terwijl ik voor mezelf juist had uitgemaakt dat ik laatst aan de beurt zou zijn. Anders kan je je patiënten niet meer in de ogen kijken."

Als er een vaccin is, heb je ook 'stoorzenders' die roepen dat het gevaarlijk is. Hoe ga je daarmee om?

"Niet. Vaak zijn het mensen die vinden dat iedereen is omgekocht door de farma-industrie. Je meest rabiate tegenstanders overtuigen, lukt toch niet. Dus probeer je mensen die er wel voor openstaan te overtuigen van inenting. Het is wel nuttig te weten hoe wijdverspreid dat anti-gevoel is. Daarom las ik voor het slapengaan de lezersreacties op HLN.be nog. Ontnuchterend, maar zo weet je wel wat er leeft."

Sommige landen hadden in 2007 wel al aankoopcontracten voor vaccins gesloten met de farma-industrie, twee jaar voor de echte uitbraak.

"Wij niet, he. Ik begrijp best dat firma's ook winst moeten maken, maar die advanced purchasing agreements leken mij een kat in een zak. Bij goede contractonderhandelingen zijn beide partijen achteraf doorgaans wat ontevreden. Er stonden nog onaangename clausules in. Zo hou ik niet van geheimhouding. Ik had het er ook moeilijk mee dat ons land verantwoordelijkheid nam voor de nevenwerkingen. Als er rechtszaken kwamen over ernstige bijwerkingen door de vaccins, dan zou niet de firma die betalen, maar de Belgische staat. Maar als je het zo niet deed, ging de firma failliet en zou er ook niet betaald worden. Die staatsborg zou dat overstijgen. Al blijft dat wel knagen. Een troost: geen enkel land is erin geslaagd daaraan te tornen. Het was te nemen of te laten. Geen clausule, geen vaccin. Dat aanvaard je dan. Je kiest de strijdpunten die je kan binnen halen."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234