Donderdag 07/07/2022

AnalyseRusland

Het machtige Russische leger kampt met een corruptieprobleem

Militairen met splinternieuw materieel tijdens een parade op het Rode Plein van Moskou in 2021. Beeld ANP / Eyevine
Militairen met splinternieuw materieel tijdens een parade op het Rode Plein van Moskou in 2021.Beeld ANP / Eyevine

Na de val van de Sovjet-Unie verkeerde het Russische leger in een staat van verval. Maar de afgelopen decennia kreeg het zijn aanzien van weleer terug dankzij talloze moderniseringen. En toch loopt de opmars in Oekraïne niet zoals gepland. Hoe zit dat?

Jarron Kamphorst

Het is 28 mei 1987 wanneer de Duitse amateurpiloot Mathias Rust in Helsinki opstijgt en even later het luchtruim van de Sovjet-Unie invliegt. In een eenmotorig propellervliegtuig vliegt de achttienjarige in vijfenhalf uur tijd naar Moskou. Eenmaal boven de Russische hoofdstad draait de vlieger meerdere rondjes boven het Kremlin, voordat hij het sportvliegtuigje op de Bolsjoj Moskvoretski-brug, grenzend aan het Rode Plein, aan de grond zet.

Na de landing taxiet Rust het toestel richting het Rode Plein, waar hij het voertuig naast de iconische Basiliuskathedraal met haar uivormige koepels en Hans-en-Grietje-kleuren tot stilstand brengt, op een parkeerplaats voor touringcars. Pal tegenover de rode muren van het Kremlin, het hart van de macht van de Sovjetpolitiek.

Met zijn actie – naar eigen zeggen bedoeld om een denkbeeldige vredesbrug tussen oost en west te slaan – verbaast de tienerpiloot de hele wereld. Niet alleen vanwege het ludieke gehalte van de onderneming, maar vooral vanwege het gemak waarmee hij erin slaagt door de beruchte Sovjetluchtverdediging te komen. In zijn eentje legt Rust met zijn landing in het hart van Moskou de kwetsbaarheid bloot van een imperium in verval. Hij brengt de politieke en legerleiding het schaamrood op de kaken.

In de nasleep van de actie ontslaat toenmalig Sovjetleider Michail Gorbatsjov dan ook tientallen kolonels en generaals en ook zijn minister van defensie Sergej Sokolov krijgt de zak. Achteraf bezien staat de Rode Plein-landing van Rust daarom ook in grote mate symbool voor het verval van de militaire macht van de Sovjet-Unie en de erbarmelijke staat van het Sovjetleger.

Werken voor een grijpstuiver

Een haveloze krijgsmacht die na de val van de Sovjet-Unie in 1991 alleen maar verder ontbindt. Van het ooit zo machtige en gevreesde Rode Leger is na de desintegratie van het communistische machtsblok nog maar weinig over. Soldaten werken voor een grijpstuiver, materieel is zwaar verouderd en belandt gedeeltelijk in de nieuwe onafhankelijke ex-Sovjetrepublieken, de financiering stort in elkaar en corruptie binnen de strijdkrachten viert hoogtij.

Wat rest is vergane glorie. Een lege huls met kernwapens. Of zoals toenmalig minister van defensie Pavel Gratsjev het in 1994 verwoordt: “Geen leger in de wereld bevindt zich in zo’n beroerde toestand als het onze”. Die aftakeling wordt eens te meer benadrukt tijdens de Eerste Tsjetsjeense Oorlog tussen 1994 en 1996. Het Russische leger druipt na ruim anderhalf jaar vechten met de staart tussen de benen af na een vernederend verlies op het slagveld. De rebellerende guerrillero’s in de opstandige deelrepubliek op de Kaukasus blijken ondanks een gigantische overmacht van het Russische leger te hardnekkig.

Een uitgebrande Russische tank in de buurt van Charkov. Beeld EPA
Een uitgebrande Russische tank in de buurt van Charkov.Beeld EPA

Daarmee is de vernedering compleet en groeit langzaam maar zeker het besef dat het tijd is voor grootschalige modernisering van de strijdkrachten. “Die noodzaak was er eerst niet omdat de leiders in Moskou andere problemen aan hun hoofd hadden na de val van de Sovjet-Unie”, vertelt Bettina Renz, hoogleraar Internationale Veiligheid aan de Universiteit van Nottingham en expert op het gebied van het Russische leger. “De jaren negentig stonden in het teken van politieke, economische en sociaal-maatschappelijke zorgen. Defensie kwam daarna pas.”

De ommekeer kwam in 1999 met de Kosovo-oorlog meent Renz. “Rusland was tegen die oorlog maar kon weinig tegenwicht bieden aan de Navo en dus groeide in Moskou het idee dat het militaire evenwicht ten opzichte van het Westen moest verbeteren.” Kort daarna kwam dan ook de echte moderniseringsslag van de grond. “Poetin prioriteerde het leger vanaf zijn aantreden in 2000 meer dan zijn voorganger Jeltsin en hij had de economische wind in de zeilen.”

Door de aantrekkende economie die dankzij een stijgende olie- en gasprijs uit het diepe dal van de jaren negentig opkrabbelde, werden de Russische defensie-ambities inderdaad een stuk betaalbaarder. En dat is terug te zien in de cijfers. Volgens gegevens van de Wereldbank stegen de defensie-uitgaven van Moskou tussen 2000 en 2013 van een kleine tien miljard dollar naar ruim 88 miljard dollar per jaar.

Economische groei

Een forse toename, die het Kremlin mede dankzij de ontluikende economie relatief weinig kostte, aangezien het bruto binnenlands product door de jaren heen met de uitgaven meegroeide. Daar waar Moskou in 2000 3,3 procent van het bbp uitgaf aan defensie, was dat dertien jaar later nog altijd ‘maar’ 3,85 procent. Simpelweg omdat het bbp in datzelfde tijdsbestek spectaculair groeide: van een kleine 280 miljard dollar naar bijna 2300 miljard dollar.

Van al het extra geld dat bij het ministerie van defensie binnenkwam, ging een groot gedeelte naar de aankoop van nieuw materieel. “Er kwam een ontzettend groot herbewapeningsprogramma op gang”, memoreert Renz. “Het Kremlin schafte nieuwe vliegtuigen, raketten, uitrustingen en wapens aan.” In het tweede decennium van deze eeuw alleen al voegde Moskou naar schatting onder meer 600 nieuwe vliegtuigen, 840 helikopters en 2300 drones toe aan het arsenaal van de strijdkrachten.

Verder gingen er miljoenen dollars aan investeringen richting de ontwikkeling van precisieraketten zoals de Iskander en Kalibr, wapensystemen die Europese hoofdsteden binnen minuten kunnen raken. Inmiddels beschikt Moskou naar schatting over ruim drie miljoen manschappen, meer dan 1500 gevechtsvliegtuigen, een kleine 550 legerhelikopters, 13.000 tanks, bijna 4500 artilleriewerktuigen en meer dan 200 oorlogsschepen.

Russische Sukhoj Su-35S straaljagers vliegen over Moskou tijdens een militaire parade in 2021.  Beeld ANP / AFP
Russische Sukhoj Su-35S straaljagers vliegen over Moskou tijdens een militaire parade in 2021.Beeld ANP / AFP

Met het geld dat tegen de plinten klotste dankzij de bloeiende economie voltrok de modernisering van het leger zich kortom in rap tempo. Het Russische leger dat eind jaren negentig enkel en alleen nog afschrikwekkend was vanwege het grote nucleaire arsenaal dat het bezat, kreeg langzaam maar zeker weer aanzien. Die militaire renaissance begon Poetin ook steeds meer te benadrukken. Zoals in 2015, toen de president aankondigde in de vijf daaropvolgende jaren nog eens vierhonderd miljard dollar extra te investeren in de krijgsmacht.

“Een sterk leger uitgerust met geavanceerde wapens garandeert Ruslands soevereiniteit en territoriale integriteit”, verkondigde hij destijds in het Kremlin ten overstaan van een groep militaire alumni. “Het garandeert ook dat miljoenen van onze landgenoten in vrede kunnen leven.” Drie jaar later verklaarde Poetin al even zelfverzekerd tijdens zijn jaarlijkse toespraak in het parlement dat Rusland nieuwe kernwapens had ontwikkeld die feitelijk elk radarsysteem te slim af konden zijn. “Nu moeten zij (het Westen, red.) een nieuwe realiteit in acht nemen en begrijpen dat alles wat ik vandaag heb gezegd geen bluf is.”

Meer politiek zelfvertrouwen

Het hernieuwde elan van de strijdkrachten vertaalde zich kortom ook in meer politiek zelfvertrouwen op het wereldtoneel. Sterker, de nieuwe militaire begeestering en structurele hervorming van het leger werden een inherent onderdeel van het Russische buitenlandbeleid, dat tot uiting kwam in diverse militaire avonturen die het Kremlin sinds Poetins aantreden ondernam.

In 2008 was er de kortstondige oorlog met Georgië waarbij Moskou de facto controle vergaarde over de twee afvallige Georgische regio’s Abchazië en Noord-Ossetië. In 2014 bezette het Kremlin nagenoeg moeiteloos de Oekraïense Krim en ontketende het tegelijkertijd een oorlog in het oosten van het buurland. En in 2015 wisten de beleidsmakers aan het Rode Plein het tij in de Syrische burgeroorlog te keren in het voordeel van de Syrische president Bashar al-Assad.

“Hoe verschrikkelijk die oorlogen ook waren, ze pasten allemaal in het bredere plaatje van de Kremlin-strategie”, zegt hoogleraar Renz. “Die beperkte militaire operaties vergrootten de invloed van Moskou als regionale macht, zonder dat ze al teveel inspanning kostten.” Anders gezegd waren de kosten van die operaties economisch, militair en humanitair relatief laag, terwijl ze het Kremlin veel opleverden in de vorm van internationaal aanzien, nieuw grondgebied of regionale macht.

Hoe anders is dat nu. De oorlog die het Kremlin ruim drie weken geleden ontketende in Oekraïne is allerminst de blitzkrieg waar de Russische legerleiding vermoedelijk op hoopte. Berichten over moeizame bevoorrading van troepen, vastlopende militaire colonnes, honderden zo niet duizenden gesneuvelde Russische militairen en het lage moreel onder militairen duiden erop dat de invasie niet volgens plan verloopt. “Deze oorlog is onzinnig, ook vanuit het perspectief van Moskou”, zegt Renz. “Het past niet binnen de doorgaans rationele en pragmatische handelwijze van het Kremlin als het op militaire operaties aankomt.”

Verkeerde aannames aan de top

Maar hoe kan het dan dat het zodanig gemoderniseerde Russische leger zich zo stukbijt op het militair veel inferieurder buurland? Vanzelfsprekend zijn er meerdere factoren die meespelen, maar intern zijn er twee belangrijke elementen te onderscheiden, meent Renz. Te beginnen met de verkeerde aannames aan de top.

“Het lijkt erop dat de kleine cirkel rondom Poetin die tot deze oorlog heeft besloten een volledig verkeerde inschatting heeft gemaakt. Ze hebben Oekraïne compleet onderschat. Daar waar het Kremlin dacht dat het een snelle walk-over zou worden, net zoals tijdens de bezetting van de Krim, verzetten de Oekraïners zich met hand en tand. De bereidheid en capaciteit om terug te vechten is veel groter dan verwacht.”

Maar er is nog een belangrijke factor die meespeelt in de verrassend trage voortgang van de Russische invasie, zo meent Renz. “Corruptie is al sinds jaar en dag een probleem binnen het Russische leger. Er verdwijnt consequent geld in de militaire commandoketen, waardoor soldaten bijvoorbeeld zonder rantsoenen, brandstof of munitie komen te zitten op het slagveld.” Zo werden er in 2018 nog 2800 militairen berecht wegens corruptie en verdampte er datzelfde jaar volgens officiële cijfers bijna 110 miljoen dollar door verduistering binnen het leger.

Russische militaire voertuigen tijdens een oefening. Beeld ANP / AFP
Russische militaire voertuigen tijdens een oefening.Beeld ANP / AFP

Berichten over tekorten doen inderdaad ook tijdens de huidige invasie de ronde. Zo waren er diverse verslagen van militairen die proviand meekregen die al in 2002 over datum was. De voedselvoorziening van het leger is sowieso al jaren een heikel punt, met name omdat de levering van rantsoenen voor militairen via schimmige miljoenendeals wordt uitbesteed aan oligarchen als Jevgeni Prigozjin, een goede vriend van Poetin die naar verluidt ook de Russische huurlingengroep Wagner bestuurt. En hoe meer geld er heimelijk in de zakken van dit soort types verdwijnt, hoe schraler de maaltijden van de soldaten aan het front.

Vastlopende logistiek

Iets soortgelijks geldt voor het brandstoftekort van tanks en andere Russische militaire voertuigen in Oekraïne. De video’s van Oekraïense passanten die Russische militairen naast tanks zonder brandstof een lift terug naar huis aanbieden, zorgden aanvankelijk voor de nodige hilariteit op internet. Maar tegelijkertijd vormen de beelden anekdotisch bewijs van de vastlopende logistiek bij de Russische strijdkrachten die mogelijk wordt veroorzaakt door corruptie.

Corruptie rondom de brandstoflevering van het leger is namelijk een ‘aloude traditie’ in Rusland, zoals defensiespecialist Polina Beljakova onlangs in een artikel op het Amerikaanse journalistieke platform Politico opmerkte. Simpelweg omdat brandstof een eenvoudige ‘mogelijkheid tot verduistering van geld’ verschaft. Niet voor niets staat brandstof binnen het Russische leger ook wel bekend als de ‘tweede valuta’. En daar waar de opbrengsten van achterovergedrukte benzine in de zakken van generaals verdwijnen, zitten militairen aan het front met lege tanks.

In het verlengde daarvan bestempelde de internationale anti-corruptieorganisatie Transparency International het corruptie­niveau binnen het Russische leger in 2020 als ‘zeer hoog’. Die endemische corruptie binnen het militaire apparaat leidde vorige week nog tot een sarcastisch bedankje van het hoofd van het Oekraïense anti-corruptieagentschap Oleksandr Novikov aan het adres van de Russische minister van defensie Sergej Sjojgoe. In een brief gericht aan Sjojgoe drukte Novikov zijn ‘oprechte dank’ uit voor de corruptie binnen het Russische militaire bestel, aangezien de verduistering van publiek geld een ‘onschatbare bijdrage levert aan de verdediging van ons land’.

Het is een ironische opmerking die desalniettemin de vinger op de zere plek legt. Want het leger kan dan nog zo gemoderniseerd zijn in de afgelopen twee decennia, als al die troepen met hun geavanceerde wapentuig door corruptie niet op de adequate manier aangestuurd en bevoorraad worden, begint de oorlogsmotor al snel te haperen. Zodoende vecht het Kremlin twee oorlogen uit: één met wapens in en tegen Oekraïne en één in Moskou tegen zichzelf.

Lees ook:

Hoe kan het dat Rusland tijdens de oorlog toch bereid is om te onderhandelen?

Hoe kan het dat Rusland, dat zulke onmogelijke eisen stelt aan Oekraïne, toch bereid is om te onderhandelen?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234