Vrijdag 01/07/2022

Het stormachtige bestaan van een financiële komeet

Cobepa verdwijnt na dertig jaar

De Parijse grootbank BNP Paribas heeft beslist dat nu ook Cobepa, de vroegere holding van Paribas in België, moet verdwijnen. De Franse moedermaatschappij Paribas liquideert dus binnenkort zijn soms wat rebelse Belgische holding, enkele jaren nadat de Generale Maatschappij eenzelfde lot te beurt viel bij Suez-Lyonnaise. Erg symbolisch is wel dat de beslissing in dezelfde salons van de Parijse haute finance genomen werd. Een terugblik op het vaak stormachtige bestaan van een financiële komeet.

De bankier Maurits Naessens, president van de Bank van Parijs en de Nederlanden (Paribas België), verkocht in 1970 de controle over het Luikse staalbedrijf Phenix Works aan Cockerill voor meer dan 1,5 miljard frank, een fors bedrag in die tijd. Met dit verse kapitaal besloot hij een half jaar later om een nieuwe holding op te richten. Die werd Cobepa genoemd. Een deel van de staf van de bank stapte over naar de nieuwe holding, onder wie Fernand Nédée. Hij werd de eerste afgevaardigde van de nieuwe holding. Een jonge economist in de bank, Pierre Scohier, briljant student aan de Ecole de Commerce Solvay van de ULB, maakte ook de overstap. Hij werd directeur-generaal. Het avontuur kon beginnen. Het trio bestaande uit de socialist Naessens, de CVP-man Nédée en de liberaal Scohier zou Cobepa in minder dan geen tijd uit de grond stampen. Het was niet de enige paradox die bankier Naessens bij Paribas heeft bedacht.

De beursholding Cobepa was als roemruchte Belgische holding van de Franse Paribas-bank dertig jaar lang niet weg te denken uit de Belgische financiële wereld. Dat kwam gewoon omdat de tandem Paribas/Cobepa met de daarrond verzamelde reeks familiale en regionale holdings - het stabiele aandeelhouderschap - niet alleen in beurs- en zakenwereld maar zelfs in de politieke wereld een behoorlijke invloed verwierf. Om te beginnen was Albert Frère van bij het begin een spilfiguur in de combinatie rond Cobepa. Zijn businessposities in België maar niet het minst ook zijn invloed bij Paribas in Parijs, waar hij lange tijd een van de grootste aandeelhouders was, waren altijd voelbaar. Al die jaren vervulde Cobepa, via de intermediaire holding Erbe, een niet te onderschatten rol in de Frans-Belgische verankering van het Frère-imperium, eerst in de staalindustrie en daarna ver daarbuiten via Power Corp in Canada en Pargesa in Genève.

Toen in 1981 François Mitterand als Franse president aantrad en in Parijs socialisten en communisten aan de macht kwamen, stortte deze hele combinazione belgo-franco-suisse zich in een gevaarlijk avontuur. Cobepa, Frère en Pargesa werden toen door een deel van de top bij Paribas in Parijs meegesleurd in een geslaagde poging om een groot deel van de activa van Paribas Parijs te onttrekken aan de controle van de Franse regering. Die stond toen op het punt om Paribas als kroonjuweel van de Parijse haute finance te nationaliseren. Het zou jaren duren vooraleer dit hachelijke avontuur, waarin ook Cobepa betrokken geraakte, op politiek en gerechtelijk vlak werd bijgelegd. De ware toedracht en de precieze rol van de Belgen in deze poker face bonanza met vele miljarden is nooit uitgelekt.

Ook al was de schaduw van de multimiljardair uit Charleroi bij Cobepa nooit ver weg, toch heeft de echte CEO van deze holding, ULB-professor Pierre Scohier, Frère in de loop der jaren ook geregeld dwarsgezeten. Dat gebeurde al in de staalcrisis. Toen slaagde de gehaaide Scohier er bijna in om, naar verluidt zonder het akkoord van Frère, een groot pakket aandelen in de Waals-Brabantse staalfabriek Clabecq binnen te rijven voor de neus van de staalbaron uit Charleroi. Scohier werd goede maatjes met de familie Bonnet-Germeau, een van de twee grote aandeelhouders bij Clabecq. In 1973 werd voor een miljard frank aan aandelen van de familie Bonnet-Germeau definitief bij Cobepa verankerd via de holding Bogerco, later omgedoopt tot Fidepa en Gerbo. Deze familieholding weegt vandaag wel 5 miljard frank. De feitelijke controle berust al bijna dertig jaar bij Scohier en Cobepa.

De Fidepa-story illustreert goed hoe Scohier in de loop der jaren niets achterwege liet om rond de Franse Cobepa-groep in België een imposante aandeelhoudersgroep te verankeren. Scohier trok inderdaad een hele reeks vermogende families aan. Namen die dertig jaar geleden al opdoken, waren, naast Albert Frère en Bonnet-Germeau, André Leysen, Pierre Salik, Laurent-Josi, Saverys en Yves du Monceau de Bergendal (Vaxelaire). Sommigen zijn inmiddels verdwenen, maar de kring werd sedertdien verder aangevuld met de familie van dokter Jansens-Arts (Kempen), Roland d'Ieteren, burggraaf de Spoelberch, Saverys (scheepvaart) en de groep Philippe Vlerick (Vobis).

Overigens wist Cobepa zijn invloed vooral via zijn regionale partnerholdings sterk uit te breiden. De meest bekende in Vlaanderen was vanaf 1973 ongetwijfeld de NV Ibel in Antwerpen met Leysen (Ahlers) en Saverys (Boelwerf) als partners en bankier Fernand Nédée als voorzitter. De eerste twee namen twee jaar later ook de failliete krantengroep De Standaard/Nieuwsblad over via de oprichting van de VUM. Maar echt naam op de beurs en in de zakenwereld maakte de toen uiterst bedrijvige Antwerpse poot van Cobepa toen Leysen (met de steun van Cobepa en het ACW in Antwerpen) kort nadien ook de controle bij Gevaert Photoproducten in Mortsel ontfutselde aan de groep Almanij/Boerenbond. Dat wekte voor het eerst sinds jaren ongeziene deining tussen de standen binnen de CVP. Het vervolg van dit verhaal was dat Gevaert later in de Duitse handen van Bayer/Agfa kwam. De Paribas-bank was trouwens toen al decennia lang prominent aanwezig in de grote Duitse chemische bedrijven in het Antwerpse. De andere regionale holdings van Cobepa in Luik en elders slaagden er nooit in spetters te maken zoals Ibel in Antwerpen.

Maar het idee om zo een regionaal goed ingeplant partnership te combineren met een middelgrote holding als Cobepa vormde wel een aantrekkingspool in een industrieel landschap dat toen nog nagenoeg volledig door hypergecentraliseerde nationale holdings werd verstikt. Het idee om de invloed van Cobepa via zowel familiale als regionale holdings uit te bouwen tot een wijd vertakt financieel netwerk, wees op nieuwe inzichten bij het management. En de groep is er in de dertig jaar van haar bestaan ook in geslaagd om in de schaduw van Paribas België een eigen invloedssfeer te creëren waardoor Cobepa niet alleen invloed op het beurs- en zakenleven kreeg maar ook op het politieke vlak.

Bij Paribas-België en bij Cobepa beschikte men inderdaad over een staf die niet alleen een financiële analyse kon maken. Toen de Vlaamse bankier van Paribas Fernand Nédée in 1971 de eerste gedelegeerd bestuurder werd van Cobepa, had hij al een rijke ervaring op het kabinet van verschillende CVP-premiers achter de rug. In zijn jonge jaren in Leuven behoorde hij tot dezelfde juristenpromotie als Robert Stouthuyzen, Daniël Cardon de Lichtbuer, René De Feyter en Frank Swaelen. Toen hij in de jaren 1970-1974 aan hoofd stond van Cobepa werd hij algemeen beschouwd als een ministeriabele CVP-senator in de dop. Bij Paribas-België en ook bij Cobepa in die jaren liepen er trouwens politici van allerlei pluimage rond. De Paribas-groep was op dat gebied uiteraard geen unicum zoals blijkt uit dit onvolledige lijstje van personen die in de groep een of andere functie hadden: ex-premier Jean Van Houtte (CVP), Dominique Collinet (Cepic en PLC), Hector De Bruyne (minister, VU), Yves du Monceau de Bergendal (Cepic, PSC, senator), Mark Eyskens (ex-premier, minister van Staat, CVP), Robert Willermain (PS, jarenlang kabinetschef van minister van Buitenlandse Handel).

In zijn dertigjarige bestaan is Cobepa erin geslaagd om niet alleen invloed op het beurs- en zakenleven te krijgen maar ook op het politieke vlak

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234