Maandag 15/08/2022

InterviewLust & liefde

‘Het was alsof mijn vrouw zo haar toestemming gaf. We zijn nu vijf maanden samen. Niemand die het vreemd vindt’

null Beeld Sammy Slabbinck
Beeld Sammy Slabbinck

Hoe meer je van iemand houdt, hoe dieper je rouwt. Maar die vanzelfsprekendheid lijkt niet op te gaan voor Martin (63). Hoe graag hij zijn vrouw ook zag, hij verzoende zich al redelijk snel met haar dood. En keek vervolgens vooruit, recht in de ogen van de begrafenisonderneemster.

Corine Koole

“Toen mijn vrouw wist dat ze ging sterven, vroegen we een voorgesprek aan met de begrafenisonderneemster en zo gebeurde het dat Carla, een vrouw van middelbare leeftijd, met halflang grijs haar in een mooie jurk, op een dag aanbelde. Haar rode lippenstift onderscheidde haar van de meeste andere vrouwen die mijn echtgenote en ik kenden. Mondain was ze niet. Ze was zoals dat wel genoemd wordt een prettige verschijning: rustig en vastberaden, ter zake kundig en in staat zich te verplaatsen in de wensen van mijn vrouw.

“Een paar maanden later kwam ze weer. Mijn vrouw was net overleden. Ik zat met alle kinderen rond de tafel, en zoals dat gaat tijdens emotionele gebeurtenissen vlogen de gesprekken vol schril gelach en gehuil alle kanten op. Carla schoof een stoel bij alsof ze ons al jaren kende. Een van mijn zonen maakte een stuurse opmerking dat hij haast had, want zijn motorrijles begon over een uur, de andere kinderen reageerden met verontwaardiging, maar deze vrouw wist de oplaaiende vlammen met flegmatiek en kleine grapjes onmiddellijk te blussen. Ze vroeg ons wat meer te zeggen over onze vrouw en moeder, en de kinderen begonnen lachend te vertellen wat een doorzetter hun moeder was, dat ze zich had voorgenomen in een jaar tijd 10.000 kilometer te fietsen en dat ze zelfs in de laatste weken voor haar dood nog per se naar haar werk wilde op de fiets, twintig kilometer ver. Er werden die ochtend nog meer verhalen opgedist, op een of andere manier hielp de uitvaartondernemer de spanning te doorbreken. Dit moment, waarvan we allemaal wisten dat het eraan kwam, bleek nu het zover was niet alleen triest maar op een vreemde manier ook gezellig, en het viel me op dat de uitvaartondernemer een mooie, gulle lach had.

“De begrafenis zelf verliep precies zoals mijn vrouw op vijf volgeschreven vellen papier had gepland, er waren zeven sprekers en vierhonderd mensen en de uitvaartondernemer had spontaan een gedicht uitgekozen dat ze voorlas en dat mijn vrouw op het lijf geschreven leek. Na afloop viel er een last van mijn schouders, alles was goed gegaan, ik kreeg veel complimenten over de plechtigheid en bedankte Carla voor de goede zorgen. ‘Mag ik je een kus geven?’ vroeg ik. ‘Ja, graag zelfs’, schijnt ze te hebben geantwoord. Het sterven van de vrouw met wie ik al zo lang getrouwd was, had een turbulentie teweeggebracht waardoor gesprekken die er die dag en de dagen erna zijn gevoerd meteen weer uit mijn geheugen zijn gewist. Mijn aandacht was op de kinderen gericht, zelf zou ik er wel doorheen komen, want op een of andere manier is het rouwen, ook het diepe rouwen waar je anderen weleens over hoort praten, wat mij betreft geen beklijvende emotie.

“Begrijp me goed, ik hield heel veel van mijn vrouw en al die jaren hadden we het fantastisch. Als ze niet was doodgegaan, zouden we nu nog samen zijn, zou ze nu nog iedere dag fietsen, maar ik heb een natuur die me in staat stelt me te verzoenen met de dingen zoals ze zijn. Zoals we jaar in jaar uit zonder grote vragen en in opperbeste harmonie samenleefden, zo kon ik niet anders dan me erbij neerleggen dat ze er niet meer was. Het evenredige verband tussen van iemand houden en rouwen, wordt altijd als de grootste vanzelfsprekendheid gezien, maar ik moet heel eerlijk zeggen dat toen mijn lieve moeder stierf ik ook niet lang gerouwd heb, en toch denk ik aan haar terug met de diepste gevoelens.

“Toen de begrafenisonderneemster later terugkwam om de financiën af te wikkelen, gaf ik haar geen bos bloemen, maar ik zei: vind je het goed als ik je over drie maanden bel om met me te gaan eten? De woorden ontschoten me, maar eenmaal uitgesproken voelde ik allerminst schaamte. Wat was er mis mee, om iemand die mij zo goed had begeleid rond de dood van mijn vrouw mee uit eten te willen nemen? Daar stak toch niks verkeerds achter? Eerder, na de condoleance, had ik al gezegd dat het me leuk leek haar beter te leren kennen. Ze stemde toe. Dank je wel, zei ik, en voelde me opgemonterd door de werkelijke belangstelling die ze tijdens het nagesprek had getoond voor mij en de kinderen.

“Twee weken later belde ze op, ze had een man leren kennen via een datingsite en nu zat ze in dubio. Moesten we echt drie maanden wachten voor we zouden gaan eten? En voor ik het wist spraken we af om te gaan wandelen door het bos. Halver­wege vroeg ik: wat zou je ervan zeggen als ik je hand vasthoud? Ze antwoordde: als het goed voelt, dan moet je dat doen. En even later, op een zandverstuiving, gaf ik haar een kus. Dat was een apart gevoel, alsof ik weer de leeftijd van een van mijn kinderen had. Het was nog niet echt kussen, dat kwam later, bij Carla thuis in de zetel. Kan dit wel, dacht ik, zo snel van nul naar honderd op een eerste date? Maar een maand later belde ze weer, ze ging toch verder met die andere man. Over zijn bestaan was ze altijd eerlijk geweest, en ik kon niet anders dan haar alle geluk toewensen en me licht teleurgesteld op mijn moederloze gezin richten.

“Weer wat weken later scrolde ik op een avond wat door mijn contacten en ik zag dat ze een nieuwe profielfoto had. Vriendelijk beantwoordde ze mijn reactie. En daar bleef het bij, tot een paar maanden terug. Het was uit met die man, liet ze weten, wilde ik het misschien nog eens met haar proberen, zouden we nog eens gaan wandelen? Tot mijn vreugde kozen de honden van mijn vrouw tijdens die wandeling onmiddellijk Carla’s zijde. Ik ben zo spiritueel als een looien deur, maar toch was het alsof mijn vrouw op die manier haar toestemming gaf. We zijn nu vijf maanden samen. Niemand die het vreemd vindt. De kinderen zeiden: wat leuk, Carla, de begrafenisonderneemster. En wat mezelf betreft: ik voel een diepe liefde voor haar, dat kan niet anders dan goed zijn.”

(Ex-)koppels die samen over hun bijzondere vakantieliefde willen vertellen, kunnen mailen naar cjkoole@xs4all.nl, of een bericht sturen via corinekoole.nl

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234