Dinsdag 09/08/2022

Hoogtepunten uit zes eeuwen grafiek

Picasso, Kokoschka of Goya zijn namen die we begrijpelijkerwijs meteen associëren met schilder- of beeldhouwkunst. Nochtans toonden zij zich eveneens grote meesters in de grafiek. Kunstverzamelaar Eugène Rouir was sinds zijn kindertijd gefascineerd door grafische kunst. In 1995 droeg hij zijn uit 1.700 prenten bestaande levenswerk over aan het Musée de Louvain-la-Neuve. Het is uit die collectie dat curator Filip Le Roy voor De Markten de schitterende tentoonstelling Meesterprenten, zes eeuwen grafische kunst samenstelde.

Brussel

Eigen berichtgeving

Catherine Vuylsteke

Grafiek is het vaak in de schaduw overlevende kleine broertje van schilder- en beeldhouwkunst, dat nochtans op een lange geschiedenis kan bogen. Zelfs lang voor er van het schrift sprake was, bediende de mens zich van graveertechnieken. Met steen, been, en later metaal kraste hij in de wanden van rotsen en grotten dieren om ze te koesteren als jachttrofeeën. En aldus begon het verhaal van de graveerkunst.

De ware gloriedagen zouden evenwel nog geruime tijd op zich laten wachten. Ze hebben hun wortels omstreeks 1400, toen in harde, houten planken hele bladzijden tekst werden uitgesneden: wat na het snijden overbleef, waren de letters van de tekst die men wilde drukken. Analoog werden ook de illustratie uitgesneden en blad per blad gedrukt.

Het is evenwel pas in de loop van de zestiende eeuw dat de houtsnede absolute hoogtepunten bereikt, in het werk van bijvoorbeeld Albrecht Dürer, die zich eveneens toelegt op de kopersnede. De stijl daarvan evolueert al snel naar een veel vrijere, spontanere en efficiëntere lijnvoering dan de houtsnede toeliet: het tijdrovende uitsparen van de tekening in het houtblok maakt plaats voor het veel directere insnijden in het metaal.

Aanvankelijk graveerden ambachtslui de tekeningen die de uitgevers van prenten bij grote meesters bestelden met burijnen op de koperen plaat. Later werd het mogelijk om de tekening door zuren in de plaat te laten bijten, met een lossere lijnvoering tot gevolg.

Toen de kunstenaars al die mogelijkheden ontdekten, gingen ze originele creaties maken, rechtstreeks op de plaat. De techniek werd verfijnd en aangevuld met ontelbare varianten. Die varianten monopoliseerden de drukkunst tot aan de uitvinding, eind achttiende eeuw, van een heel nieuwe techniek: de lithografie of steendruk. De mogelijkheden daarvan waren nagenoeg onbegrensd, zowel qua kleurweergave, als qua formaat.

De twintigste eeuw ziet dan weer het ontstaan van de zeefdruk, waarbij inkt door een zeef op het papier wordt geduwd nadat zij op sommige plaatsen ondoorlaatbaar gemaakt werd.

De prentkunst werd aanvankelijk gebruikt als catalogus: de kunstenaar reproduceerde en verspreidde zo een proeve van zijn werk om een uitgever of mecenas te overhalen een opdracht bij hem te plaatsen. Maar algauw ontdekten de meesters in de grafiek meer dan een mercantiel instrument. Grafiek bood een eigen medium, dat grote verfijning en dus expressie toelaat. Curator Filip Le Roy weet dat met zijn selectie van prenten voor de tentoonstelling Meesterprenten erg goed te illustreren. Tevens toont hij de evolutie van de verschillende technieken en hun specifieke mogelijkheden.

Le Roy putte uit de collectie die Egène Rouir aan het museum van Louvain-la-Neuve schonk. Deze scheikundige kwam op zijn elfde, bij zijn plechtige communie, voor het eerste met gravures in aanraking. Een oom schonk hem L'art de reconnaître les gravures anciennes, een boekje met heel veel prenten, ook van schaars geklede dames. Die laatste vond zijn moeder onbetamelijk voor een jongen, en ze confisqueerde de anthologie nog diezelfde avond. Toen hij ze op zijn vijftiende terugkreeg, begon de jonge Rouir prompt te verzamelen.

Na vele jaren had hij een collectie van vijftig etsen van oude meesters, waar hij zelf 225.000 frank voor had neergeteld. Hij kon de verzameling evenwel voor 5 miljoen van de hand doen, een kapitaal dat prompt nieuwe horizonten opende. Via contacten in Parijs met belangrijke marchants als Prouté en Frapier leerde Rouir de kunstenaars kennen die zij rond zich hadden verzameld, en zo kreeg hij interesse voor hedendaags werk. Uiteindelijk zou zijn collectie 1.700 stukken tellen, waaruit Le Roy er 150 selecteerde voor de expo in De Markten.

Stuk voor stuk zijn het meesterlijke prenten, die zowel qua stijl, sfeer als periode erg uiteenlopen. Er is evengoed werk van Rembrandt van Rijn als van Edouard Manet, Henry Moore en Picasso. Van die laatste is overigens de fantastische serie van 28 toreadores te zien.

Een ander hoogtepunt zijn de Caprichos, een geheel van 80 gravures die Francisco de Goya tussen 1793 en 1797 maakte, en waarin de weerklank van de Franse Revolutie overduidelijk is. In de serie hekelt Goya de geldzucht, het bijgeloof, de macht, de hypocrisie... Hij wilde de reeks uitgeven maar merkte dat ze de aandacht had getrokken van de Inquisitie. Hij vreesde te worden aangeklaagd wegens smaad aan het koningshuis maar wist dat gevaar te neutraliseren door de prenten te verkopen aan niemand minder dan Karel IV zelf. En aldus werd de serie een tweede keer uitgegeven, door de koninklijke chalcografie van Madrid.

Uit de Caprichos werd Op jacht naar tanden geselecteerd, waarin een vrouw de tanden uit de mond van een gehangene wegneemt, met de bedoeling ze in een of ander bezweringsritueel te gebruiken. Het beeld ademt een soort wreedheid, maar Goya bedient er zich niet van om lucht te geven aan zijn donkere fantasieën. Hij grijpt dat tafereel veeleer aan om de dwaasheid van de mens met een haast sardonisch sarcasme te omhullen. Meesterprenten biedt overigens niet alleen een overzicht van zes eeuwen grafische kunst. De bezoeker krijgt er tevens te zien hoe etsen tot stand komen. De studenten van de afdeling Grafiek van de Academie van Anderlecht demonstreren op oude persen verschillende technieken. Ook in de catalogus van de tentoonstelling wordt behoorlijke aandacht besteed aan de technische aspecten van deze kunstvorm.

De verschillende essays die in het werk zijn opgenomen zijn helder geschreven, summier en ook voor een totale leek erg toegankelijk. Spijtig is alleen dat verscheidene briljante prenten, zoals de toreadorserie van Picasso bijvoorbeeld, in de catalogus niet voorkomen.

Meesterprenten, zes eeuwen grafische kunst, De Markten, Oude Graanmarkt 5, 1000 Brussel, dinsdag tot en met zondag 11-18 uur, info: 02/512.34.25. Catalogus: 30 euro

Algauw ontdekten de meesters in de grafiek meer dan een mercantiel instrument. Grafiek bood een eigen medium, dat grote verfijning en expressie mogelijk maakt

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234