Dinsdag 05/07/2022

InterviewAnouk van Kampen

‘Ik ben milder geworden voor België, maar de Belgen mogen dat ook zijn voor hun eigen land’: correspondent Anouk van Kampen

Anouk van Kampen: 'Nederland heeft een ­neiging tot zelf­­over­schatting. Tijdens covid ging men overal in lockdown, maar bij ons werd die ‘intelligent’ genoemd.' Beeld Marjolein van Damme
Anouk van Kampen: 'Nederland heeft een ­neiging tot zelf­­over­schatting. Tijdens covid ging men overal in lockdown, maar bij ons werd die ‘intelligent’ genoemd.'Beeld Marjolein van Damme

De Nederlandse NRC-journalist Anouk van Kampen zegt na vijf jaar haar post als België-correspondent vaarwel. Ze ontdekte een land dat nog altijd kampt met de erfenis van Dutroux en verslaafd is aan zelfbeklag, terwijl het in heel wat zaken net vooruitloopt op Nederland. ‘Belgen mogen soms wat milder zijn voor hun land.’

Jorn Lelong

Een jaar woonde Anouk van Kampen, die pas is afgezwaaid als België-correspondent voor NRC, al in Brussel. Toch had ze halverwege 2018 na een eindeloze reeks telefoontjes, mails en bezoeken aan het gemeentehuis nog steeds geen e-ID-kaart kunnen ophalen, de laatste stap van haar inschrijving in België.

“Ontvangstbevestigingen - ‘We helpen u zo spoedig mogelijk’ - kwamen pas na maanden binnen, afspraken lagen nog eens maanden verder in de toekomst, herinneringen bleven onbeantwoord en ik moest zelfs bij de politie bewijzen waar ik woonde. Intussen was ik maanden onverzekerd”, schrijft ze in een column over een van de grootste clichés over ons land: de kafkaëske bureaucratie.

Het duurde niet lang voor haar opvolger met dezelfde problemen geconfronteerd werd. “Ze vroegen hem om een borgrekening om een huurcontract voor een appartement te kunnen krijgen. Maar om die te openen moest je al een adres opgeven. Ik dacht: daar gaan we weer.”

U schrijft dat dat de verhalen zijn die bij uw Nederlandse vrienden gegarandeerd succes hebben. Net als anekdotes over de 2.313 kunstwerken die de Vlaamse overheid kwijt is of de ‘weeswegen’, de oude provinciewegen die al jaren verwaarloosd worden omdat gewest en gemeenten het niet eens zijn over wie ze moet beheren. Was het lastig om niet meteen in clichés te vervallen?

Van Kampen: “Ja, je ontkomt natuurlijk niet aan een beeldvorming die al over België bestaat. Als je dan een verhaal schrijft over hoe militairen niet meer in hun pantservoertuigen passen na een upgrade, dan merkte ik dat het precies dat soort verhalen waren dat mensen verwachten uit België. Of als ik op de redactie een idee voorstelde over de formatie die lang aansleepte, kwam al snel de opmerking: is dat daar niet altijd het geval? Intussen weten we dat we het op dat vlak in Nederland niet veel beter doen.”

Wist u zelf veel over België toen u hier kwam wonen?

“Nee, niet erg veel. Ik ben half Frans, half Nederlands, dus België was voor mij een doorreisland naar onze vakantiebestemming. Uiteraard was ik al in steden als Brussel en Gent geweest, maar verder was België me relatief onbekend. Dat is ook het voordeel aan een correspondentschap, dat het de mogelijkheid biedt om met een frisse blik ergens te belanden en je te laten verbazen.

“Zo raakte ik meteen onder de indruk van Brussel. Het is misschien geen klassiek mooie stad. Je ziet op sommige plekken de sporen van hoe hele wijken in het verleden met de grond gelijk zijn gemaakt, en het kan er best chaotisch zijn. Maar dat is net een verademing als je uit een land komt waar elke vierkante meter functioneel moet zijn.”

Toen ik in Nederland studeerde, viel het me op hoe onbekend de Belgische cultuur en politiek er eigenlijk zijn. Zelfs in een journalistieke richting wisten er weinig dat Charles Michel (MR) op dat moment premier was.

“Ja, dat klopt. Veel Nederlanders denken dat Elio Di Rupo hier nog steeds premier is. In Nederland volgen we vooral de grootmachten: Frankrijk, Duitsland en vooral de Engelstalige landen, over België wordt een beetje heen gekeken. En als het dan over België gaat, gaat het steevast over die grappige dingen.”

Toch werd u ook al snel geconfronteerd met ernstiger gevolgen van de wanorde en het gebrek aan politieke verantwoordelijkheid die ons land geregeld teisteren. Zoals bij uw verslag van de misstanden bij het slachthuis in Tielt. Een video van Animal Rights bracht aan het licht hoe kreupele varkens er geschopt en geslagen, levend de keel overgesneden of in een bad van 60 graden gelegd werden.

“Ik was amper vier dagen in België toen dit schandaal uitbrak. Het slachthuis werd gesloten, maar de vraag die iedereen zich stelde was hoe deze misstanden zo lang konden gebeuren. Maar toen ik probeerde uit te zoeken wie hier nu verantwoordelijk was, merkte ik dat alle autoriteiten en ministeries elkaar de schuld toeschoven. Het was voor mij zelf nog uitzoeken welke bevoegdheid bij welke regering zat. En ik merkte dat de politieke kabinetten daar gebruik van maakten om een andere overheid de schuld te geven. Ik werd echt van het kastje naar de muur gestuurd. Toen dacht ik: dit wordt nog pittig.”

Wie is Anouk van Kampen?

-Geboren op 12 april 1989
- Studeerde kunstgeschiedenis en cultural analysis aan de Universiteit van Amsterdam
- 2012: Opinieredactie NRC
- 2012-2014: Redacteur nrc.nl
- 2014-2015: Redacteur economie NRC Q
- 2015-2017 Audience Development NRC
- 2017-2022 Correspondent België voor NRC
- 2021: Maker van de podcast De schaduw van Dutroux voor NRC en De Standaard, samen met Gabriella Adèr
- 2022: Freelancejournalist

Het is meteen een van de grootste punten van kritiek dat terugkomt na elk schandaal, of het nu de mondmaskersaga, de gebrekkige hulp na de overstromingen of het PFOS-schandaal is: de politiek verantwoordelijken moeten zelden voor hun job vrezen. Wat dat betreft wordt nog altijd jaloers gekeken naar de politieke deontologie in Nederland. Terecht?

“Ik merk wel dat het hier lastiger is om individuen ter verantwoording te roepen. Dat is wellicht een verschil met Nederland. Politici of overheden maken zich er snel vanaf met: ‘hier gaan wij niet over’, of ‘het ligt aan het systeem’. Dat zie je bijvoorbeeld bij de onderzoekscommissie na de PFOS-affaire. Na maanden onderzoek is de conclusie dat het systeem heeft gefaald, zonder dat er individuele politici verantwoordelijk gehouden worden.

“In Nederland wordt sneller richting individuen gewezen, al gaat het idee steeds minder op dat het een toonbeeld is van politieke verantwoordelijkheid. Ook bij ons leiden schandalen lang niet altijd tot ministers die ontslag nemen. Minister Hugo de Jonge (CDA) mocht aanblijven ondanks een omstreden mondkapjesdeal en bewijzen dat hij zijn privémail gebruikte voor communicatie met ambtenaren, Mark Rutte (VVD) moest opstappen door de toeslagenaffaire maar is inmiddels weer gewoon premier. Het idee dat alles in Nederland beter georganiseerd is, vind ik vaak misplaatst. Maar het leeft wel door, zowel in Nederland als in België.”

Zoals bij de coronapandemie, waar Nederland het virus ging bestrijden met een ‘intelligente lockdown’ en het virus ‘gecontroleerd’ zou laten rondgaan.

“Precies. Nederland heeft vaak een neiging tot zelfoverschatting. Elk land ging in lockdown, maar bij ons werd die ‘intelligent’ genoemd. Daarmee geef je eigenlijk de boodschap dat je het handiger aanpakt dan andere landen. Toch bleek dat de regering op meerdere momenten tijdens de pandemie eigenlijk het virus onderschatte en dat België het er regelmatig beter van afbracht.

“Toen ze in Antwerpen al bijna klaar waren met de boostercampagne dankzij een grootschalige operatie, moest die in Nederland nog grotendeels beginnen. Ik merk wel dat de coronacrisis het beeld van Nederland heeft aangetast. Bij heel wat mensen is nu echt het besef gekomen dat we niet langer dat ‘gidsland’ zijn.”

U zegt eigenlijk: in elk land lopen geregeld dingen verkeerd. Maar in België zien we dat sneller als bewijs dat het hele systeem faalt.

“Ja, mensen zijn feilbaar, en in elk land worden aan de lopende band fouten gemaakt. Na de overstromingen belde ik mijn collega-correspondent in Duitsland op en daar klonk net dezelfde kritiek over hoe de overheid te laat kwam om mensen uit de nood te helpen.

“Maar als dat in België gebeurt, volgt bijna standaard de opmerking: dit kan alleen hier voorvallen. Het is grappig hoe dat aan de kleinste dingen wordt toegevoegd. Zelfs als mijn huisarts me uitlegt hoe ingewikkeld het is om behandelingen vergoed te krijgen, kan dat niet zonder de opmerking: ‘typisch België’. Dat vind ik opvallend. Ik ben in de loop van die vijf jaar zelf milder geworden tegenover België, maar volgens mij mogen Belgen dat zelf soms ook wat zijn.”

Van Kampen: ­‘Belgische politici of overheden ­maken zich er vaak snel van af met: ‘hier gaan wij niet over’, of ‘het ligt aan het systeem.’' Beeld Marjolein van Damme
Van Kampen: ­‘Belgische politici of overheden ­maken zich er vaak snel van af met: ‘hier gaan wij niet over’, of ‘het ligt aan het systeem.’'Beeld Marjolein van Damme

Een zaak die ons zelfbeeld weinig goed heeft gedaan is de zaak-Dutroux. Waarom besloot u er 25 jaar na dato een podcastserie aan te wijden?

“Het was in de eerste plaats voor mezelf een heel levendige herinnering. Eigenlijk is dat het eerste dat ik me kan herinneren over België. Maar daarnaast merkte ik al snel dat ik tijdens mijn verblijf in België regelmatig werd geconfronteerd met de erfenis van Dutroux, bijvoorbeeld in de vele cynische mopjes over kelders. Maar ook telkens als justitie opnieuw in opspraak komt - wat geregeld gebeurt - duurt het nooit lang voor de naam Dutroux valt.”

Het vertrouwen in politie en justitie was voor Dutroux al flink gekelderd. De zaak rond de Bende van Nijvel begin jaren tachtig is nooit opgelost, er waren geruchten dat politici en mensen bij justitie zelf betrokken waren. En in 1991 was er de nooit volledig opgehelderde moord op politicus André Cools (PS). Betekende Dutroux de genadeklap voor ons vertrouwen in de eigen instellingen?

“Het laat zeker nog zijn sporen na. Al snel werd de zaak-Dutroux in binnen- en buitenland symbool van het falen van de Belgische staat. En hoewel er op het vlak van justitie en politie heel wat hervormingen gebeurd zijn sindsdien, is het vertrouwen in die instellingen nog altijd erg laag.”

Nog steeds is onze aanpak van justitie geregeld een mikpunt van kritiek. Zo worden we al jaren op onze vingers getikt voor onze overvolle gevangenissen.

“Dat klopt. Ik denk dat elke correspondent in België wel een dossier heeft gehad over hoe het gevangeniswezen hier nog altijd niet op rolletjes loopt. Tegelijk zie je dat er wel degelijk een evolutie aan de gang is. De huidige minister van Justitie (Vincent Van Quickenborne (Open Vld), red.) trekt heel wat geld uit voor de bouw van kleine detentie- en transitiehuizen, waar 80 procent van de gedetineerden ondergebracht moet worden tegen 2050.

“Het valt me op dat die hervorming weinig aandacht krijgt in België. Wellicht heeft het ermee te maken dat media nogal de neiging hebben om vaker negatieve dingen in beeld te brengen. Maar ik merk ook dat er wat betreft justitie een zeker cynisme heerst. Er werden al jaren zoveel hervormingen aangekondigd, maar daar merkten mensen weinig van. Het zal even nog even duren voor die perceptie verandert.”

In uw afscheidsverhaal noemt u België een land dat bijna geen nationale trots heeft. Tegelijk somt u een resem zaken op waar heel wat landen volgens u van zouden kunnen leren, zoals hoeveel vrouwen in de regering zetelen. Wat heeft u zelf het meest verbaasd hier?

“Wat me verbaasde, is dat de discussie over het koloniaal verleden in België eigenlijk verder staat dan in Nederland. In vijf jaar tijd is het denken daarover echt veranderd. Een parlementaire commissie zoals die in België is opgericht en die onder meer onderzoekt of herstelbetalingen aan de ex-kolonies nodig zijn, blijft in Nederland voorlopig uit. Het is pas sinds de publicatie van het boek Revolusi van David Van Reybrouck (over de onafhankelijkheidsstrijd van de voormalige Nederlandse kolonie Indonesië, red.) dat die discussie echt op gang gekomen is. Ironisch dat we daarvoor een Belg nodig hadden.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234