Woensdag 28/09/2022

Ik debuteer, dus ik besta

Lize Spit, Charlotte Van den Broeck en Frederik Willem Daem zijn jong en weten wat ze willen: voltijds schrijven, zonder compromissen. De ene heeft net haar debuut op de mensheid losgelaten, de anderen doen dat dit najaar.

Charlotte Van den Broeck

BIO

Geboren in Turnhout in 1991.

Studeerde Germaanse in Gent.

Vervolmaakt zich nu in de Woordkunst aan het Conservatorium van Antwerpen, waar ze ook woont.

Debuteerde begin dit jaar met de dichtbundel Kameleon.

'Het is niet omdat je dichter bent dat je ook romans kunt schrijven'

Eind januari van dit jaar lag Charlotte Van den Broecks eerste poëziebundel Kameleon in de boekhandel. "Iedereen was verbaasd dat ik zo jong als dichteres debuteerde", zegt ze. "Ik stond er zelf ook van te kijken. Als klein meisje had ik niet die allesoverheersende droom om schrijfster te worden. Ik stam niet uit een literair milieu en mijn ouders zijn geen lezers. Mijn bundel staat in de kast in de woonkamer tussen een paar hobbyboeken, naast een oude Herman Brusselmans van papa. (lacht) Kameleon staat daar wel prominent te blinken, want ze zijn heel trots. Ik heb zelf altijd graag gelezen; als kind trok ik wekelijks naar de bib. Pas op mijn twintigste schreef ik bewust mijn eerste gedicht."

Wat was de aanleiding daarvoor?

Charlotte Van den Broeck: "Ik zat in een emotionele periode en las Lamento van Remco Campert. Die poëzie ontroerde me diep. Ik voelde de noodzaak om ook 'iets' te schrijven. Dat 'iets' werd een gedicht. Het voelde zo juist aan dat ik in sneltempo verder bleef dichten. Campert krijgt dit jaar de Prijs der Nederlandse Letteren en ter gelegenheid daarvan mag ik hem op 29 september in De Brakke Grond een gedicht voorlezen dat ik voor hem geschreven heb. Dat vind ik geweldig, want hij heeft mij aan het schrijven gezet."

Hoe heb je ontdekt dat jouw gedichten goed zijn?

"Het heeft lang geduurd voor ik iemand mijn teksten liet lezen. Ik stond wel vrij snel op een podium en kreeg goede respons. Ik zag dat mijn poëzie mensen beroerde. Op een bepaald moment werd ik door uitgeverij De Arbeiderspers op gesprek uitgenodigd. Ik was anderhalf jaar aan het schrijven en had tien gedichten waarover ik tevreden was. Ze vroegen of ik een bundel wou maken. Ik voelde me daar niet echt klaar voor, maar zei toch: 'Ja, natuurlijk!'. (lacht) Ik was tezelfdertijd blij en bang. Ik heb mezelf flink onder druk gezet om die bundel af te werken."

Ben je toen anders beginnen te schrijven?

"Toch wel. Ik vind dat een gedicht goed moet bekken: als ik aan mijn computer zit te schrijven, lees ik mijn verzen luidop. Van zodra ik wist dat ze ook voor het papier bestemd waren, begon ik ze anders te lezen. Ik merkte dat er te veel voegwoorden in stonden en dat gedrukte gedichten niet zo vlot over de tong hoeven te rollen als gesproken gedichten."

Was je bang voor de eerste recensies?

"Toen ik in februari op tournee was met Saint-Amour werd ik gebeld door De Morgen met de vraag of er een foto van mij genomen mocht worden. Op dat moment wist ik dat de eerste recensie in aantocht was. De volgende ochtend stond ik om zes uur aan de brievenbus, op van de zenuwen. (lacht) De kritiek was goed, en ik jubelde: 'Yes, ik heb een goede recensie, vanaf nu mogen ze alles schrijven wat ze maar willen.'"

Wil je voltijds schrijver worden?

"Heel graag. Ik weet dat het niet makkelijk is om daar ook een echte broodwinning uit te halen, maar op een bepaald moment zal het toch moeten gebeuren. Het lijkt mij moeilijk om een andere voltijdse job te combineren met het schrijverschap. Ik heb de mentale ruimte nodig om creatief op papier te kunnen zijn.

"Ik denk erover om als afstudeerproject voor de opleiding Woordkunst een heuse roman te schrijven. Maar het is niet omdat je dichter bent dat je ook romans aankunt. De witruimte van één pagina is een klein universum waar ik alle controle over heb. In een gedicht verander ik de wetten van de taal en heb ik 'macht' over mijn eigen creatie. Ik denk dat een romanschrijver meer afhankelijk is van het verhaal. In een gedicht zit meer van het ik dan in een roman."

Ben je nu aan een volgende bundel aan het werken?

"Nee, ik wil eerst wat ouder worden. Ik ben wel veel aan het schrijven en ik zou zelfs drie bundels willen vullen, maar het zou telkens weer over hetzelfde gaan. Elke twee jaar iets publiceren, lijkt me op dit moment niet haalbaar, omdat ik me niet kan voorstellen dat ik om de twee jaar iets wezenlijks te zeggen heb."

Charlotte Van den Broeck, Kameleon, De Arbeiderspers, 62 p., 18,99 euro.

Lize Spit

BIO

Geboren in 1988.

Groeide op in het Kempische dorp Viersel.

Studeerde scenarioschrijven in Brussel, waar ze nu ook woont.

Won in 2013 de verhalenwedstrijd Write now!

Is voltijds schrijver en debuteert in november met roman Het smelt.

'Dit is het. Lees het. Alles staat erin'

"Over mijn binnenkort te verschijnen boek mag ik niet te veel vertellen", zegt Lize Spit bijna verontschuldigend. "De gloednieuwe uitgeverij waarbij ik getekend heb, wil daar zelf over communiceren als de tijd rijp is." Over die uitgeverij mag Lise ook niets zeggen, maar in boekenland is het een publiek geheim dat er een link is met Toine Donk en Daniël van der Meer, de Amsterdamse wonderjongens achter het literaire tijdschrift Das Magazin.

Hoe zal je roman heten?

Lize Spit: "Het smelt. Deze week hebben we de titel definitief vastgelegd. Bij de meeste uitgevers is maanden op voorhand bekend wat op welk moment zal verschijnen; mijn uitgever volgt zijn unieke, eigenzinnige pad."

Je bent 26 en voltijds professioneel schrijver?

"Ik probeer van het schrijven te leven, al is het geen vetpot. Mijn grote geluk is dat ik geen big spender ben. Als kind was ik al in de ban van het schrijven. Ik hield een dagboek bij en ik heb thuis nog kleine romannetjes liggen die dateren uit mijn kindertijd. Mijn ouders zijn cultuurliefhebbers en stimuleerden van in het begin mijn schrijversambities."

Je bent gediplomeerd scenarioschrijver. Kun je via zo'n cursus leren schrijven?

"Een schrijver is een vakman die altijd technieken nodig heeft, maar er moet ook talent aanwezig zijn. Als beginneling leer je altijd bij van een ervaren iemand. Ik wou niet per se films maken, maar tijdens mijn opleiding moest ik dat wel doen. In een scenario kun je nooit iets uitleggen, waardoor je in beelden leert denken en schrijven. Zo heb ik een aparte blik op de wereld ontwikkeld."

Hoelang heb je aan je debuutroman geschreven?

"Ik ben nogal lang bezig geweest met te bedenken dat ik een debuutroman zou gaan schrijven. (lacht) Ik heb in die periode flarden tekst op papier gezet, maar pas in september vorig jaar ben ik er volop aan beginnen te werken. In 2013 won ik met een kortverhaal een wedstrijd, waardoor plots veel uitgeverijen geïnteresseerd waren. Een literair agent nam me onder zijn vleugels, maar die samenwerking vlotte niet. Zo'n agent organiseert een veiling en de uitgever die het meeste geld op tafel legt, krijgt de rechten. Daar knapte ik op af, omdat ik eigenlijk wel wist waar ik wou terechtkomen. Pas nadat ik afscheid genomen had van die literair agent begon alles te vlotten, omdat er niemand meer stond tussen mijn werk en de persoon die het ging uitgeven."

Was het schrijven een moeizaam proces?

"Die eerste jaren heb ik er hard mee geworsteld, maar de laatste tien maanden waren zeer vruchtbaar. Het is dan ook een dik boek geworden. Ik heb het voorbije jaar keihard gewerkt, waardoor ik de afgelopen weken even op adem moest komen. Ik zat totaal ondergedompeld in mijn romanwereld en schreef op pure adrenaline. Ik sliep drie uur per nacht en vroeg me soms af: 'Waar ben ik toch mee bezig?' Maar dat kon de pret niet drukken."

Kun je een kleine tip van de sluier lichten over de inhoud?

"Een vrouw van dertig rijdt naar haar geboortedorp met een blok ijs in de koffer van haar wagen. Waarom? Langzaamaan komt de lezer dat te weten. Meer kan ik er niet over kwijt. Drie jaar lang was het voor mij duidelijk: ik schrijf geen coming of age-roman, geen typisch debuut. Uiteindelijk is het dat wel geworden. (lacht)

"Mijn boek is nogal persoonlijk. Ik heb lang geprobeerd niet te dicht bij mezelf te blijven, maar na een tijd liet ik dat los en toen viel alles op zijn plaats. Het dorp waarin ik ben opgegroeid, speelt een centrale rol, wat voor mij als consequentie had dat een deur die in werkelijkheid bruin geschilderd was, dat in mijn roman ook moest zijn. Wat niet wil zeggen dat alles wat ik schrijf echt gebeurd is. De belangrijkste eigenschap van mijn personage is dat ze ernaar verlangt gezien te worden."

Geldt dat ook voor jou?

"Misschien wel, al heb ik toch liever dat mijn werk alle aandacht krijgt. Ik vind het gek dat wij nu over dat boek zitten te praten. Ik zou het liever gewoon op tafel leggen en zeggen: 'Dit is het. Lees het. Alles staat erin.'"

Lize Spit, Het smelt, verschijnt in november.

Frederik Willem Daem

BIO

Geboren in 1988.

Brussels ketje.

Studeerde Audiovisuele Kunsten.

Woont sinds kort in Antwerpen.

Startte onlangs samen met journalist Jozefien Van Beek het nieuwe kunstenmagazine Oogst op.

Debuteert in september met verhalenbundel Zelfs de vogels vallen.

'Je moet bullshit accepteren'

Een tijdlang combineerde Frederik Willem Daem een parttimejob met het schrijverschap. "Das Magazin heeft me ontdekt en zij vroegen me om verhalen voor hen te schrijven. Ik kreeg steeds meer deadlines, waardoor ik het schrijven meenam naar het werk, en het werk vervolgens mee naar huis. Op een bepaald moment kon ik niet meer slapen. Ik leed onder mijn perfectionisme, waardoor het me niet lukte los te laten."

Je was aan het afstevenen op een burn-out?

Frederik Willem Daem: "Zo ernstig was het nooit. Ik wilde gewoon niet ontgoochelen. Verschillende uitgevers waren geïnteresseerd in mijn werk. Ik wou dat ze na elk nieuw verhaal nóg meer van mij wouden lezen en zouden denken: die gast móéten we binnenhalen. Die 'bewijsdrang' maakte het op sommige momenten mentaal wat moeilijker. Sinds ik een dik jaar geleden de knoop doorhakte om voltijds schrijver te worden, gaat het veel beter. Ondertussen heb ik Oogst opgericht, geef ik een schrijfworkshop in Muntpunt, verkoop ik af en toe een kortverhaal, schrijf ik in opdracht en heb ik mijn debuut afgewerkt."

Het ultieme doel is: alleen nog verhalen en romans schrijven?

"Het ultieme doel is: doen wat ik graag doe. Dat zal altijd wel iets met schrijven te maken hebben, maar het zal nooit louter schrijven zijn. Het is altijd een kruisbestuiving tussen verschillende kunsten. Ik wil gewoon een manier vinden om alleen maar te hoeven doen wat ik belangrijk vind in het leven. Dat is waarschijnlijk onhaalbaar, want om te kunnen overleven, moet je een minimum aan bullshit accepteren."

Toch ben je goed op weg. En 26 is nog jong.

"Een 26-jarige zal altijd zeggen dat dat niet zo piepjong meer is. (lacht) Waarschijnlijk heb je gelijk. Vaders zeggen: 'Jongen toch, je hebt nog zoveel goede jaren voor de boeg.' Wij denken dan: shit, ik ben alweer vijf goede jaren kwijt. Ik moet dringend in gang schieten."

Straks ligt jouw debuut in alle boekhandels. Hoe belangrijk is dat voor je?

"Dat debuut is een onderdeel van mijn identiteit als schrijver. Het is een eerste noodzakelijke stap die me toelaat de volgende te nemen, en die misschien nieuwe deuren zal openen. Vooruitgang is essentieel. Nu sta ik voor de ontdekking hoe het schrijven van het volgende boek me zal vergaan."

Hoe belangrijk is het dat je debuut wordt uitgegeven door een gerenommeerde uitgeverij als De Bezige Bij?

"Ik ben ongelooflijk blij dat onze wegen elkaar gekruist hebben. Ik heb meer dan een jaar met verschillende uitgeverijen gebabbeld. Alles moest juist zitten en ik wilde het vel van de beer niet verkopen voor hij geschoten was. Ik ken mezelf: chaotisch en perfectionistisch tegelijkertijd. Een slechte combinatie als mensen dingen van je verwachten. Maar met redacteur Suzanne Holtzer klikte het vanaf dag één. Zij voelt mij aan."

Zij was ook de redacteur van Claus en Mulisch.

"Ja, van veel literaire grootheden. Haar immense ervaring stelt me gerust. Elk probleem waarmee ik als schrijver te kampen krijg, heeft zij al dertig keer gezien. Haar opmerkingen zijn bijna altijd juist. Ik voel mij heel erg geprivilegieerd dat ik onder haar begeleiding kan groeien. Zij neemt twijfel weg, en zaait die waar het nodig is. Dat vind ik prachtig."

Ben je bang voor de eerste recensies?

"Van zodra mijn boek gepubliceerd is, is het niet langer alleen van mij en wordt het alsof plots iedereen recht heeft op een mening over mij. Louter op basis van de lectuur van mijn boek, of van een recensie, mogen ze me dan plots een lul of een plezante kerel vinden. Ik heb me daar lang zorgen over gemaakt. Tot Suzanne zei: 'De debuten van Claus en Mulisch werden indertijd door de recensenten met de grond gelijkgemaakt.' Niet die recensies hebben de tand des tijds doorstaan."

Frederik Willem Daem, Zelfs de vogels vallen, De Bezige Bij, 190 p., 19,89 euro, verschijnt op 1 september.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234