Vrijdag 07/10/2022

In de bunker

Washington

The New York Times

William Safire

Dinsdagmorgen om 9.03 uur, terwijl vice-president Dick Cheney naar zijn televisiescherm zat te staren, ontplofte het tweede gekaapte lijnvliegtuig tegen een van de Twin Towers. Op dat moment greep zijn geheimedienstdetachement hem vast en bracht hem in zeven haasten naar het PEOC.

Het President's Emergency Operations Center is een ondergrondse basis die versterkt is om de overdruk van een nucleaire ontploffing te weerstaan. Onderweg naar die koker werd Cheney meegedeeld dat een ander vliegtuig, of een met explosieven beladen helikopter, onderweg was naar het Witte Huis.

In het PEOC werd de vice-president vervoegd door nationaleveiligheidsadviseur Condoleezza Rice en door verkeersminister Norman Mineta. Zij kregen te horen dat van zes commerciële vluchten niets geweten was en dat die dus allemaal potentiële projectielen waren. Een daarvan was naar verluidt gecrasht in Kentucky (dat klopte dus niet), een andere in Pennsylvania.

Volgens een Witte Huis-functionaris maakte de vlucht die vertrok van Dulles (AA-vlucht 77) "een bocht van 360 graden" - hij bedoelt dat het van zijn koers naar het Witte Huis afweek - en stortte om 9.45 uur in het Pentagon te pletter.

Rond die tijd begon het PEOC berichten te krijgen dat vier vluchten over de Atlantische Oceaan koers zetten naar Washington en dat nog een andere op weg was vanuit Korea. Het was niet onmiddellijk duidelijk dat die vluchten niet vijandig waren en geen deel uitmaakten van het terroristische opzet. Amerikaanse gevechtsvliegtuigen Awacs-radarvliegtuigen werden gealarmeerd en het luchtruim ingestuurd.

Een dreigement dat de geheime dienst ontving, werd doorgespeeld aan de agenten bij de president: "Nu is Air Force One aan de beurt." Volgens een hoge functionaris werden daarbij Amerikaanse codewoorden gebruikt waaruit een procedurekennis bleek die het dreigement geloofwaardig maakte. Daarover bestaat trouwens een tweede, officiële bron. Karl Rove, hoofdadviseur van de president, vertelde: "Toen de president zei dat hij zich 'niet door een meute patserige terroristen uit het Witte Huis zou laten weghouden', bracht de geheime dienst hem ervan op de hoogte dat het dreigement formuleringen bevatte die aantoonden dat de terroristen kennis hadden van zijn procedures en verblijfplaats. In het licht van dat specifieke en geloofwaardige dreigement werd besloten dat de president het luchtruim moest kiezen met een escorte van gevechtsvliegtuigen."

Bush maakte aan Cheney zijn intens verlangen duidelijk om onmiddellijk naar Washington terug te keren. De geheime dienst keurde dat ten zeerste af. De vice-president, zelf voormalig minister van Defensie, suggereerde dat Air Force One naar de Offutt-luchtmachtbasis in Nebraska zou vliegen. Dat hoofdkwartier van het Strategisch Luchtcommando (Strategic Air Command) heeft communicatiefaciliteiten waarmee de president de nationaleveiligheidsraad kon samenroepen.

Het meest onrustbarende aan deze onthullingen heeft te maken met de geloofwaardigheid van de 'Nu is Air Force One aan de beurt'-boodschap. Die wordt duidelijk beschreven als een dreigement, geen vriendschappelijke waarschuwing. Maar als dat zo is, waarom stuurden de terroristen dan die boodschap? Meer precies, hoe kwamen zij aan de codewoorden en de knowhow over de transponder waarmee werd vastgesteld dat zij ter kwader trouw zijn?

Die kennis van codewoorden, de plaats waar de president zich bevindt en geheime procedures wijzen erop dat de terroristen misschien wel een mol in het Witte Huis of informanten binnen de geheime dienst, het FBI, de FAA of de CIA hebben. Als dat zo is, is het eerste wat onze oorlog tegen de terreur nodig heeft een contraspion van het Angleton-type.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234